{
terug terug verder verder

Diversen


Bespiegeling 4e zondag van de advent, juist handelen,                              22-12-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vandaag wilde ik een gedicht voorlezen wat ik tegenkwam en wat zo mooi aansloot bij de vier thema’s van de advent zondagen. En ik zal het gedicht aan het eind ook voorlezen, maar toen ik onderzocht wie het nou geschreven had kwam ik bij de KRO een levensverhaal tegen van haar wat zo mooi past bij juist handelen en bij de lezingen van vandaag, dat ik dat graag wil delen.
De energie die uit dit verhaal spreekt heb ik ook ervaren in deze adventtijd. Het was niet zozeer een stille tijd, meer een tijd van actie en richting geven. Alsof er stappen genomen zijn die heftig en moeilijk waren soms én de goede weg wezen. Alsof we onderscheiden hebben en in zelfvergetelheid de liefde hebben laten zegevieren en nu het juiste kunnen doen. Alsof we niet in afwachting zijn, maar in blijde ver-wachting. Blijde verwachting wat dat Licht dat straks met Kerst weer in en om ons heen geboren wordt, ons gaat brengen, in het volle vertrouwen dat God ons leidt.
Precies zoals in het eerste couplet van het lied wat we als laatste zongen op de advent middag: wat de toekomst brenge moge, mij geleidt des Heren hand, moedig sla ik dus de ogen naar het onbekende land. Leer mij volgen zonder vragen, Vader wat gij doet is goed, leer mij slechts het heden dragen met een rustig kalme moed.
Het verhaal wat ik vond is geschreven alsof Margareta het zelf uitspreekt:

“De kans is groot dat u nog nooit van mij gehoord heeft. In mijn jonge jaren zou ik dat vreselijk gevonden hebben. Ik wilde aandacht. Ik eiste dat ieder rekening met mij hield. Als kind was ik veel te kort gekomen. Mijn echte moeder stierf toen ik zeven was. En de vrouw waarmee mijn vader hertrouwde: laat ik volstaan met te zeggen dat het een uitzonderlijk harteloze vrouw was, althans voor mij. Papa was weg van haar. En ik was niet alleen mijn moeder, maar ook mijn vader kwijt.
Ik was zestien toen ik van huis wegliep. Wanhopig. Met niks. Nou ja, ik had een prachtig lijf. En daar heb ik dus maar gebruik van gemaakt. Ik kreeg een verhouding met een jonge edelman. Hij nam mij bij zich op het kasteel. Maar van trouwen wilde hij niet weten. Hij maakte mij tot een edelvrouw. Met kleren en sieraden waar gewone mensen zich aan vergaapten. En ik genoot. We kregen een kind, een jongen. Maar trouwen? "Dat komt nog wel," zei-die steeds. Ik voelde de jaloerse en afkeurende blikken uit mijn omgeving. Maar trotseerde ze.
En toen was hij dood, mijn minnaar. Omgebracht door daders die nooit zijn gepakt. Het was nota bene zijn eigen hond die hem uiteindelijk heeft gevonden. Mijn wereld stortte in. Waar kon ik heen? Met een jongetje van zes? En toen... - kunt u het zich voorstellen? Toen ben ik met hangende pootjes naar mijn vader teruggekeerd. Ben voor hem en zijn minnares op de knieën gegaan. Heb mij vernederd. En hun enige reactie: "Je komt er nooit meer in!"
Ik weet niet of u ooit zoiets hebt meegemaakt. Of dat u zich kunt voorstellen dat er een eind komt aan uw prettige leventje. Maar als het je wordt afgenomen, realiseer je je: Ik heb niks meer. En daar kwam de vraag..., de vraag die ik u vandaag wil voorleggen: 'Wat heb je tot nu toe met je leven gedaan? En wat ga je er in de toekomst mee doen?' Ik heb serieus overwogen om wraak te nemen, op mijn vader en dat mens naast hem, op de mensen die ik tegen zou komen, op iedereen en de hele wereld. Maar intussen had ik ook onderdak nodig. Voor mij en mijn zoontje. Klopte aan bij kloosterzusters; franciscanessen. De rector hoorde mijn verhaal aan en vroeg: "Wil je zó oud worden? Door van de wraak te leven? Ben je al eens zo iemand tegen gekomen?" "Ja, mijn stiefmoeder." "Dus zo wil jij ook worden?"
En in één klap was het duidelijk. Nee, zo niet. Nooit. Van de ene op de andere dag ging ik boete doen. Vasten, op het overdrevene af. Ik moest dat lijf kwijt dat mij in de weg zat. En ik viel af tot ik nog vel over been was. Mijn geestelijk leidsman zei: "Overdrijf niet. Je doet nu aan de vrome kant, wat je vroeger aan de overspelige kant deed." Die woorden sneden mij door de ziel. Maar ze waren waar. "Wat dan, pater?" "Sloof je uit voor mensen die in de narigheid zitten. Die wachten op een woord of gebaar van hartelijkheid. Je weet uit eigen ervaring wat het is. Bemin die naasten zoals jij destijds bemind had willen worden." En dat ben ik gaan doen. Daar groeide zelfs een hospitaaltje uit. Ik bezocht armen, zieken en hulpbehoevenden. En gebruikte mijn lijf voor een heel andere liefde, de naastenliefde. Zo ben ik oud geworden. En heilig.
Dat is mijn verhaal. Margareta van Cortona is de naam. Geboren in 1247 in Toscane. Soms ziet u in een kerk een beeld van mij. Ik ben te herkennen aan boetewerktuigen en een hond aan mijn voeten. De hond van mijn minnaar. Trouw tot in de dood”.

En dan wil ik graag besluiten met het gedicht van Margareta van Cortona:
Zie mij hier voor U, mijn verlosser;
Ik verlang U te beminnen
Met al de liefde waartoe ik in staat ben.
Ik werp mij in de armen van uw barmhartigheid;
Ik wil mijzelf geheel en al verlaten en vergeten
Om nog slechts aan U te denken,
U nog slechts te beminnen,
Mij nog slechts te laten leiden en besturen door U,
Mijn opperste Goed,
Mijn schat en mijn leven vol zoetheid.
Want zijt Gij niet mijn Heiland,
Het leven waardoor ik leef,
De blijdschap waardoor ik mij verheug,
De schat van mijn ziel, mijn verlosser,
Mijn Bruidegom, mijn God en al?
Amen. Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 3e zondag van de advent, Liefde,                                     15-12-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Nog maar een ruime week en dan vieren wij het grote feest van de geboorte van het Licht.
Vanmorgen is de derde kaars aangestoken op de adventskrans.
Toen onze kinderen nog op de basisschool zaten leerden ze een liedje over het aansteken van de kaarsen en dit liedje geeft heel eenvoudig mooi weer waarom we de kaarsen aansteken en zo toeleven naar het Licht! Elke week brachten zij als kinderen het licht in de kerk en dan werd een kaars van de adventskrans aangestoken en zongen zij de bijbehorende coupletten. Ik laat de tekst graag horen, gewoon om weer even kind te zijn en ons te verwonderen over het feest dat aanstaande is!

𝑯𝒆𝒕 𝒍𝒊𝒆𝒅 𝒗𝒂𝒏 𝒅𝒆 𝒌𝒂𝒂𝒓𝒔𝒆𝒏
Eerste kaars, ik steek je aan,
want het nieuwe licht breekt aan!
De belofte eens gegeven
doet ons allen leven.
Tweede kaars, ga nu je gang,
want het wachten duurt al lang.
Maar wij blijven zeker weten:
God zal ons niet vergeten.
Derde kaars, schenk ons je licht,
God geeft ons een beter zicht.
’t Donker kan niet meer verhullen
wat Gods dag ons gaat onthullen.

Er volgt nog een couplet, dat eigenlijk voor volgende week is, maar ik wil het jullie vandaag niet onthouden:
Vierde kaars, nu jij ook schijnt
zien we hoe de nacht verdwijnt.
Want jouw vlam is ons een teken,
dat de vrede aan zal breken.

En op de Kerstmorgen klinkt het laatste couplet
Grote kaars, ik steek je aan,
want het Licht is opgegaan.
Wie het horen wil, die hore:
de Messias is geboren!

Van harte hoop ik dat er weer kinderen zullen komen in onze kerk en wij dan dit liedje kunnen zingen bij het aansteken van de kaars.

Bij de meditatie hoorden we al woorden over het thema van vandaag: Liefde.
Tijdens de adventsbijeenkomst van vorige week vroeg ik mij ook al af: wat is liefde eigenlijk? En daar hadden we het over menselijke, vaak afhankelijke liefde en onvoorwaardelijke liefde.
Is er eigenlijk wel onvoorwaardelijke liefde mogelijk op aarde? Of is het inherent aan de mens dat wij toch altijd wat terugverwachten van onze acties, onze liefde en ons licht dat we delen op onze wereld.
Ik moest denken aan vele mensen om mij heen.
Ouders die met zoveel geduld en liefde voor hun gehandicapte kind zorgen, altijd maar weer en vaak voorbijgaand aan hun eigen verlangens en behoeften met het simpele argument: het is wat het is.
Liefde van ouders voor een kind dat ontspoort, aan de drank of de drugs raakt. Goedkeuren kunnen ze het niet, maar altijd bereid om de reikende hand uit te steken voor hulp en bijstand.
Liefde voor een partner, zo groot dat die partner de ruimte krijgt om de weg te gaan die het wil gaan, terwijl het de ander zwaar valt.
Een huwelijk dat stand houdt ondanks de gevoelens van verlies om een kind dat niet lang mocht leven en grote uitdagingen in de persoonlijke gezondheid.
Mantelzorgers die het soms jarenlang volhouden zonder morren.
Dat is liefde op aarde in vrijheid, precies zoals de eerste lezing het beschreef: “Want wie een vrij mens geworden is door de gnosis, is door de liefde een dienaar voor hen die nog niet door de vrijheid van de gnosis zijn verhoogd”. Ook Jezus in de evangelielezing stelde zich dienend op. Mensen die zichzelf hebben leren kennen, die in de zoektocht naar de Waarheid (met een hoofdletter) een heel eind gekomen zijn, zijn vrije mensen geworden. Voor hun vreugdegevoel niet meer afhankelijk van goedkeuring door anderen of materiele welstand. Vrije mensen kunnen zich dienend opstellen voor anderen zonder er iets voor terug te verlangen.
Die vrijheid brengt de verantwoordelijkheid met zich mee om de gevolgen van eigen keuzes te accepteren en elkaars vrijheid te respecteren en te beschermen.
Een mens in vrijheid staat achter de keuzes die gemaakt zijn en accepteert de consequenties én respecteert de vrijheid van een ander in liefde. Dat komt in het aardse leven denk ik heel dicht bij onvoorwaardelijke liefde.
Want als we de vrijheid van de ander respecteren en in liefde de ander kunnen accepteren voor wie die is, dan komen we heel dicht bij de boodschap waarvoor Jezus op aarde is gekomen: Heb u naaste lief als u zelf.
Na de thema’s van de eerste twee weken: onderscheidingsvermogen en zelfvergetelheid komt deze stap als een logisch vervolg: door eerst te beseffen wat echte vrijheid is en dan zo vrij te zijn dat wat een ander ook doet, het jouw kern niet meer van slag kan brengen (de zelfvergetelheid) dan volgt automatisch de liefde: Ik zie Gods aangezicht in ieder ander.
Amen. Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 2e zondag van de Advent, zelfvergetelheid            08-12-2024
Als je de 1e(onderscheidingsvermogen) en 2e(zelfvergetelheid) zondag van de Advent naast elkaar legt, dan merk je dat het één niet zonder het ander kan.
Het thema “onderscheidingsvermogen” lijkt vooral gericht te zijn op het verkrijgen van inzicht omtrent de “Waarheid(met een hoofdletter)”. Wat is niet waar en wat is werkelijk Waar. En we noemen het met een hoofdletter omdat het hét slotstuk is van de kennis die wij in vele levens opbouwen.
De goddelijke wet is Waar. En nu er met z’n allen maar achter zien te komen wat dát is.

Gedachten die zijn voortgebracht uit de begeerte naar macht, maar die eer zullen bewijzen aan de Heer der Heerlijkheid en die hun toorn zullen opgeven, zij zullen voor eeuwig beloond worden voor hun nederigheid.

Het thema van “zelfvergetelheid” geeft de neiging te denken dat wij onszelf moeten vergeten. Dat wij helemaal niet aan onszelf moeten denken, maar de lezing nodigt uit tot een nadere beschouwing.

Gedachten die zijn voortgebracht uit begeerte naar macht.
Wat zou dan die “begeerte naar macht” zijn? Als wij emotieloos naar ons ego kijken, kunnen wij constateren dat voor het als mens functioneren in een stoffelijk lichaam het noodzakelijk is om gedrag te vertonen dat er voor zorgt dat wij ons voeden en kleden om te overleven. En veel hangt daarmee samen. Rekening houden met de ander, met de natuur enz. Je moet wel, hoe gering ook, de baas zijn over je eigen handelen en functioneren. De innerlijke drijfveer daartoe zou uitgelegd kunnen worden als “begeerte om iets meester te zijn, om er de baas over te zijn”. En dan komt het: wij slaan door. Wij kunnen ons kennelijk niet beperken tot de meest bescheidene uitdrukking van ons ego.
En dan komen alle lesjes en alle zoektochten en vergissingen op onze lange weg naar die Waarheid naar boven.
En die weg is geplaveid met eerzucht en dwaasheden.

Als je de lezingen van de “Drievoudige verhandeling” leest, kan je dus het onderscheidingsvermogen goed gebruiken om wél op het juiste spoor te komen.
Als je namelijk je toorn opgeeft, dan droogt het teveel aan ego op. Door onderscheidingsvermogen ga je heel veel begrijpen en begrip kan toorn uitdoven. Werken aan het uitdoven van toorn wordt weer makkelijker als we kijken naar de toekomst in de Advent. Volgende week staat namelijk in het teken van de “Liefde”. Bij het opgeven van toorn gaan wij als vanzelf onze weg naar binnen. Dan verbinden wij ons met die grote Liefdekracht die wij God noemen.
Als vanzelf worden wij dan nederig. En dat is de kern van de zelfvergetelheid. Als je in nederigheid werkt, dan meet je de maat niet. Dan geef je alleen maar. Het laatste deel van de drievoudige verhandeling geeft aan dat die stap op elk moment gemaakt kan worden. Het is nooit te laat.
En we doen het samen. Zo vormt ook die tweede zondag van de Advent een heel belangrijke zuil.
Een zuil die deel uitmaakt van de vier zuilen van de tempel van Advent, waarbinnen met het telkens weer aansteken van een bijbehorende kaars van de adventskrans, langzaam het Christuslicht geboren wordt. +Parcival

Bespiegeling 1e zondag van de advent, onderscheidingsvermogen, 01-12-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

We staan aan het begin van een nieuw kerkelijk jaar. En vol verwachting klopt ons hart, dat hoort bij de advent met het sinterklaasfeest en met het kerstfeest dat komen gaat.
Heel eerlijk klopte mijn hart meer benauwd dan vol verwachting bij de leidende gedachte van deze dag: onderscheidingsvermogen. Deze leidende gedachte komt maar liefst drie maal terug door het jaar heen: vandaag, de 6e zondag na driekoningen en de 11e zondag na HDV. En wat moet je dan nog vertellen zonder steeds in herhaling te vervallen.
Onderscheiden doen wij allemaal. Wij zien, ervaren, voelen en merken verschillen op tussen mensen, situaties, emoties in onszelf en om ons heen. We maken onderscheid tussen wat we leuk, aangenaam, verheffend en prettig vinden en wat we als naar, afschuwelijk of ondraaglijk ervaren.
De lezingen maken onderscheid tussen mensen die slapen of dronken zijn en die wakker en nuchter zijn. Dat is allemaal nog vrij duidelijk en overzichtelijk. Het wordt spannender als het minder vanzelfsprekend wordt. Als het onderscheiden niet of minder bewust geschied.
Ik moest denken aan onze oren: wie is zich bewust van wat hij of zij wel of niet hoort? Iemand die naast het spoor woont is zo gewend aan het langsrazen van de treinen dat hij of zij dat geluid uitgefilterd heeft en niet meer hoort. Komen wij daar eenmalig op bezoek, dan horen we al die treinen wél. En net zo hoort iemand die midden in de stad woont, niet meer alle stadse geluiden, maar komen wij uit een dorp eenmalig in de stad dan kan al dat geluid overweldigend klinken.
Voor tieners met een zeer beschermende moeder geldt dat ook een beetje. Als moeder voortdurend allerlei waarschuwingen laat klinken, dan dringt dat niet meer zo goed door in het tiener brein. Ook daar worden die woorden door de gewenning als het ware uitgefilterd.
Pas als onze eigen situatie verandert, beseffen we waar we aan gewend zijn geraakt.
Vaak lees ik dat ook in het plaatselijke krantje. Heel regelmatig schrijft die krant over groepen jongeren, die vanuit school of een kerkgenootschap naar een arm land gaan om daar de mensen bij te staan, iets op te bouwen of kinderen iets te leren. Zonder uitzondering wordt er melding gemaakt van de bewustwording van wat we hier allemaal zo gewoon vinden en wat daar ver te zoeken is: gewoon water uit de kraan, gewoon elektriciteit elk uur van de dag, gewoon winkels waar van alles te koop is. Het blijkt allemaal niet zo gewoon op die plekken. Als de ogen en oren geopend zijn, kan er onderscheid worden gemaakt en het vraagt meestal om uit de eigen comfortzone te stappen om die ogen en oren te kunnen openen.
Misschien is dit ook een beetje zo met onze eigen innerlijke stem, zeg maar de stem van God in ons binnenste. Die is er altijd, alleen zou het zo kunnen zijn dat we zo gewend zijn aan die stem dat we het niet meer horen? Dat het achtergrond gemurmel is geworden? Of misschien geeft die stem wel richting of waarschuwingen die wij als een bange puber niet willen horen en uitgefilterd hebben? De weg die de ziel gekozen heeft is dan misschien wel de weg die uiteindelijk de meeste vreugde geeft, echter het is vaak ook niet de makkelijkste weg. Er is moed, durf en doorzettingsvermogen nodig.
De tweede lezing verwoordt het als volgt: “Gij hebt de onversneden leer van onwetendheid uitgedronken, maar gij kunt die niet verdragen en staat alweer op het punt hem te verwerpen”. Wij hebben geleerd en weten van binnen vaak wat onze weg zou moeten zijn, echter het vraagt wel iets van ons en soms denken we dat niet te kunnen dragen of verdragen en kiezen er voor niet te luisteren, bewust of onbewust.
Eigenlijk is dat waar de beide lezingen over spreken: ze roepen op om niet vast te gaan zitten in bekende situaties en omstandigheden. Ze vragen ons om bewust om te gaan met alles wat we waarnemen en niet in te dommelen en ons mee te laten slepen in de waan van de dag. Ze vragen ons om niet beneveld maar nuchter te blijven. Opmerkzaam te zijn. Moed en doorzettingsvermogen te tonen om uit die comfortzone te stappen en het pad van de ziel te gaan, de weg naar God.
Mogen wij ons, gedragen door de Heilige Geest die we vorige week nog aanriepen om onze onwetendheid te verdrijven, uit onze comfortzones stappen en vol goede moed samen, elkaar steunend en begeleidend de weg gaan naar het Licht.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling Zondag voor de advent, verdrijven van onwetendheid 24-11-2024
Spiegelingen rond het kerkelijk jaar
O Heilige Geest, Levensadem en Vuur van Liefde, wij bidden U, belevendig ons hart met de gloed van de hemelse vlam, opdat wij door Uw kracht, die in ons woont, gelijk de zon mogen stralen om diegenen die in de duisternis van onwetendheid dwalen, te verlichten en tot U te brengen.

Wij stellen ons open voor de hemelse vlam van de Heilige Geest. Je probeert je daar aan over te geven.
Het aardige is dat wij in verbinding met die vlam anderen mogen verlichten die in de duisternis dwalen.
Zij kunnen tot God gebracht worden. “Welnu” zul je misschien denken: Hoe kan ik dat nu doen, terwijl ik zelf nog zo onwetend ben. Het lijkt erop, als je het voorgaande leest dat je niet alles hoeft te weten of te kunnen om iets te faciliteren. Wij kunnen dan wel werken aan onze onwetendheid, maar dat zegt niet dat wij anderen niet kunnen helpen. Als wij ons maar open stellen voor de hemelse vlam van de Heilige Geest.

Wie oren heeft om te horen, luistere. Wat betekent dat eigenlijk? Vorige week werd in de Nag Hammadi lezing gezegd: het Woord gaat van het ene oor naar het andere. Het is de bedoeling dat het woord met een hoofdletter door het fysieke oor binnenkomt en terecht komt in het geestelijk oor. Dát Woord helpt ons om onwetendheid te verdrijven.
Sommige dingen gaan het ene oor in en het andere uit. Sommige dingen worden wel gehoord, maar niet goed verwerkt of begrepen. Maar als iets gehoord woord en de ontvanger heeft de verbinding met God,
dan is het zaad gezaaid op goede grond en het resultaat is een mooie vrucht.
Als je geestelijk oor ontvankelijk is, woord het Woord ontvangen en kan het dienen om de medemens te verlichten. Aan te zetten tot “horen”. Dan wordt de medemens tot “Hem” gebracht.
Deze voorbereiding tot de Advent, maakt ons klaar om volgende week zondag het nieuwe kerkelijk jaar in te gaan. +Parcival

Bespiegeling 25e zondag na Heilige Drievuldigheid, volharding ,       17-11-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

De op een na laatste zondag van het kerkelijk jaar. Volgende week is de laatste zondag een prachtige rode viering toegewijd aan de Heilige Geest met als thema het verdrijven van onwetendheid. En vandaag de voorlopig laatste groene viering met als thema volharding. Dit thema hebben we 4 weken geleden nog gehad en ik heb altijd wat moeite met dat woord: Vol- Hard-ing.
Het voelt aan als iets vol hardheid. Volharting met een “t’ zou eigenlijk veel mooier zijn. Met een vol hart doorgaan. Volharding heeft te maken met de wil om door te gaan. Volharding gaat niet over wát je doet, maar om de motivatie om iets te doen en daar mee door te gaan. Volgens Wiktionary gaat het om: “de wil om waar men mee begonnen is ten einde toe uit te voeren”.
En die wil om door te zetten wordt gevoed door de motivatie en verwachting.
Ik weet niet hoe het jullie vergaat, maar soms begin je aan iets en heb je geen idee hoe dat ten einde toe uit te voeren. Misschien mag ik een voorbeeld van mezelf geven:
Toen ik aangenomen werd als altaardienaar en ik naar het altaar liep wist ik het heel zeker: dit is mijn weg. Niets in mij twijfelde. Ik stond aan het allerprilste begin en ik keek er naar uit. Het bleek een lange weg met een hoop obstakels en uitdagingen. De weg was mooi, was héél mooi én er was het nodige te overwinnen, niet in de laatste plaats het zingen en in het openbaar spreken zoals ik nu doe. Heel regelmatig twijfelde ik of ik wel de juiste persoon was op de juiste plaats. Anderen zongen zo makkelijk en een bespiegeling maken ging anderen zo vlot af, bijna om jaloers op te worden. Wat kon ik toevoegen? Waarom was dit blijkbaar toch mijn weg?
Dat vroeg en vraagt nog steeds om moed en motivatie, om volharding.
Jullie herkennen vast iets uit deze situatie. Je begint aan een opleiding of met het bespelen van een instrument. Een huwelijk is ook zo’n moment. Je weet dat de ander dé partner is waarmee je verder wil samen leven en soms komen er obstakels op de weg. Dan is er een wil en een motivatie nodig om door te gaan, om niet op te geven.
En Jezus zegt in de eerste lezing van vandaag: Wat je zult horen van je ene oor in het andere oor. Tussen het ene oor en het andere zit een massa hersenen, daar zitten essentiële klieren én tenminste twee chakra’s. Het gaat dus niet om alleen om een geluid te horen, het gaat om écht luisteren en interpreteren. Jezus zegt eigenlijk: Luister goed, Luister naar die innerlijke stem, de stem van het Licht. Die stem die jou in de eerste plaats motiveerde om te starten. Luister naar die stem en laat die niet overschreeuwen door de buitenwereld. Niet door conventie, niet door financiën en ook niet door mensen die ons willen beschermen; mensen die onze wanhoop soms zien en het niet aan kunnen zien en ons aanraden om er uit te vluchten. Vlucht niet en luister naar wat er in de stilte tegen ons gezegd wordt.
Luister naar wat we daar horen en schreeuw dát van de daken, zet dát Licht stralend op een standaard en laat het de wereld verlichten.
En als baken in onstabiele tijden worden we aangemoedigd om te waken en te bidden. Waken, dat is onze ogen en onze mind open houden voor alles wat er is, voor de pijn of een tekort, voor ons rugzakje, maar ook voor wat er nog meer is. Voor de Liefde, de genade en de geborgenheid die altijd te vinden is. Zonder oordeel, alleen alert zijn. Registreren.
En bidden, dat is in alle eenvoud praten met God en dat hoeft niet ingewikkeld te zijn. Daar hebben we geen speciale formules voor nodig. God is onze intiemste vriend, God is de diepste bron in ons zelf en in God is geen oordeel. Daar kunnen we alles aan voorleggen, onze diepste angsten, onze overtuigingen, onze vragen en twijfels. En God luistert. En door in alle openheid ook te durven luisteren, kunnen wij horen wat het antwoord is. Soms kunnen het horen als een soort helder horen, we horen dan een stem in ons binnenste. Soms komt de boodschap via een bericht in de krant, via woorden die we lezen of via iemand, heel onverwacht.
Waken, bidden en luisteren kan ons helpen om ongehinderd ons hart op te heffen tot God en de liefde en eenheid daar te ervaren. Dat kan ons de ware vreugde schenken als basis in ons leven, hoe moeilijk de omstandigheden soms ook zijn. Diepe vreugde, die ons niet afgenomen kan worden en die maakt dat we volhouden, volharden in de weg die voor ons ligt.
Moge dat zo zijn,
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 24e zondag na HDV, ontvankelijkheid 10-11-2024
“O God van Licht, geef dat wij met een rein hart en een ontvankelijk gemoed met eerbied Uw heilig Woord mogen ontvangen en U met rechtschapenheid, alle dagen van ons leven, waarachtig mogen dienen.”
Wij naderen het einde van het kerkelijk jaar. Krijgen wij in de eerste helft van het kerkelijk jaar de leringen tot ons, na Pinksteren, begint de tweede helft: het toepassen van het geleerde. In die periode komen heel veel thema’s langs. Op de 24e zondag van het kerkelijk jaar speelt het laatste thema een hoofdrol namelijk “ontvankelijkheid”. De kist met gereedschap is gereed en nu gaat het om het werk. Hoe zijn wij op de beste manier “ontvankelijk”?
Een eerste aanwijzing zouden wij kunnen herkennen in de eerste regel van de zojuist gelezen brief van Paulus aan de Efeziërs: “Ik buig mijn knieën voor de Vader”.
In onze diensten zien wij in het liturgieboekje ook bij diverse onderdelen het woord “knielen” staan.
Wat betekent dat eigenlijk? Het is in feite een geheugensteuntje voor ons: “denk erom: ego loslaten!”. Fysieke handelingen helpen ons in onze bewustwording.
Maar, als het fysiek bezwaarlijk is, kan je ook in gedachten knielen.
Wil je ontvankelijk zijn voor het Woord van de Vader, dan is er voor je ego geen plaats. Dan geef je je over.
Dan word je ontvankelijk voor de invloed van het derde aspect van de Godheid: de Heilige Geest. Een diep in ons brandend vuur dat ons hele wezen vult met Goddelijke energie, die op vele manieren “geestdrift” uitdrukt. Wij worden van binnen en van buiten gevuld. Het dringt overal doorheen. In feite is het de motor van het geestelijk schip dat ons gedurende het traject van vele levens in woeste zeeën voortstuwt, terug naar de bron waar wij vandaan komen en gedurende welke reis wij ons werk doen.
Willen wij die taak goed vervullen, dan moeten wij, in het Licht van de Vader, vervuld worden met de Heilige Geest. Dat zien we gebeuren in de tweede lezing:

“Daarom spreken zij in hun midden van de Christus, de gezalfde, opdat zij die
verdwaald waren mochten terugkeren en Hij hen met balsem zalven zou.
Die balsem is de barmhartigheid van de Vader die erbarmen met hen hebben zal.”

De balsem vertegenwoordigt in feite de Heilige Geest. Het is het door intens gebed mee gevuld.
Op Witte Donderdag worden in onze kerk de Heilige Oliën gewijd. Deze worden gebruikt voor de ziekenzalving, het Heilig Oliesel voor stervenden, de Doop, het Vormsel, de Priesterwijding en de Bisschopsconsecratie. Al in de oudheid werd de zalving gebruikt voor Koningen en Priesters. Olie heeft de eigenschap dat het door je huid heen gaat. Het komt overal.
Het “erbarmen” van de Vader geeft aan wat er in het Confiteor gebeurt. Telkenmale als wij struikelen op onze weg met de vele lessen, stellen wij ons weer open voor “vergeving”. Voor de genade van de Vader, die ons altijd weer de kracht geeft op te staan nadat wij gestruikeld zijn.
Uiteindelijk, terug bij de bron, wordt “onze kruik” verzegeld. Wij verkeren dan in de gemeenschap der Heiligen, zij die volmaaktheid hebben bereikt.
Met “ontvankelijkheid” zijn wij klaar om het kerkelijk jaar af te gaan sluiten en met de eerste zondag van de Advent de rondgang weer te beginnen, langs de spiraal omhoog.
Nieuwe lessen, herhaalde lessen en weer een beetje verder bewustwording ontwikkelen en ernaar proberen te handelen.
Amen +Parcival

Bespiegeling 23e zondag na HDV, toepassen van het geleerde,          03-11-2024
Vandaag al weer de 23e zondag na HDV en Pasen viel dit jaar zo vroeg dat we zelfs de 24e en de 25e zondag na HDV kunnen vieren. Dat komt maar weinig voor. Vandaag draait het om de leidende gedachte: “toepassen van het geleerde”. En eigenlijk gaat het daar de gehele groene periode over: hoe passen we al wat wij kunnen leren van de grote mysteriën die we vieren aan het begin van het kerkelijk jaar toe in ons dagelijks leven. In de lezingen lazen we vandaag twee heel verschillende teksten.
De eerste lezing kwam uit de drievoudige verhandeling. Veel van de gnostische geschriften beschrijven het ontstaan van de schepping. En ieder geschrift doet dat op een eigen manier. In de drievoudige verhandeling waar we vanmorgen uit lazen vloeit eerst de Zoon voort uit de Vader, daarna verschillende Totaliteiten, waarna de Vader zich vanuit de eenheid verder uitbreidt door de manifestatie van eonen. Een van de eonen wordt hier benoemd als Logos. Logos wordt overmoedig waardoor zijn bewustzijn versluiert en in die toestand brengt Logos emanaties voort.
Dan in een Licht-visioen herinnert Logos zich weer het pleroma en vanuit die herinnering aan eenheid brengt Logos nieuwe emanaties voort. Deze twee verschillende emanaties staan symbool voor de dualiteit op aarde. Én de tekst maakt duidelijk dat alles voort komt uit de Vader. Zowel het onbewuste, het duistere als het licht. Het duister dient als spiegel, als hulpmiddel voor bewustwording. En dan worden die drie typen mensen beschreven: Het geestelijke, het psychische en het stoffelijke.
Het geestelijke komt voor uit de manifestatie vanuit het Licht. Het psychische heeft de kern van Licht in zich en kan daarmee als het ware kiezen welke kant het op gaat: naar het duister of naar het Licht. Het stoffelijke zit vast in het onbewuste en fungeert als spiegel. Ook dit menstype komt voort uit de Vader en zal zijn essentie toevoegen aan de uitbreiding van de Vader wanneer het vernietigd wordt door het Licht. Voor mij staat hier wat wij in de akte van geloof uitspreken: Dat allen eens in God zullen opgaan, hoeverre ze voordien ook zijn afgedwaald. Ieder menstype gaat uiteindelijk op in God, welke weg ze ook lopen.
De tweede lezing beschrijft een antwoord van Jezus op de vraag: “Welke werken moeten wij voor God verrichten?” en Jezus antwoordt: “Dit is het werk dat God van u vraagt: te geloven in Degene, die Hij gezonden heeft, want het brood van God daalt uit de hemel neer en geeft leven aan de wereld.”
De kern van wat God van ons vraag is te geloven. Hoe simpel kan het zijn en tegelijkertijd hoe ingewikkeld is dat? We hoeven dus geen marathon te lopen, er wordt van ons niet gevraagd meer te doen dan we aankunnen, we hoeven geen over de top prestaties te leveren of allemaal te zijn als moeder Theresa, nee ons wordt alleen gevraagd te geloven. Simpel toch? Of niet?
Volgens wikipedia is geloof of geloven de aanname of overtuiging dat iets het geval is of iets voor waar houden. En volgens de dikke van Dale is geloven: vast vertrouwen in het bestaan van iem. of iets: geloven in (of: aan) God en het voor waar houden op het gezag van een ander.
Geloof heeft alles te maken met vertrouwen. Wat wij mogen leren van alle grote feesten uit het kerkelijk jaar is het basis vertrouwen wat er onder ligt. Dat basis vertrouwen wat wij straks ook weer uitspreken in onze akte van geloof: Dat allen eens in God zullen opgaan, hoeverre ze voordien ook zijn afgedwaald. Ook Jezus zegt dat in de evangelielezing: “En dit is de wil van Hem die Mij gezonden heeft, dat Ik niets van wat Hij Mij gegeven heeft verloren laat gaan, maar het doe opstaan op de laatste dag”.
Soms raakt dit vertrouwen een beetje zoek en kunnen we twijfelen of er wel een God bestaat. Dat is die psychische mens die een keuze heeft. Sommigen menen zeker te weten dat er geen God bestaat, dat er alleen dit leven is. En ons wordt in heel veel geschriften en zeker ook door Jezus elke keer weer bevestigd dat we mogen vertrouwen. Zekerheid krijgen we niet, daarom heet het ook geloven. Echter velen van ons hebben ergens diep of iets of veel minder diep verborgen een zeker weten, dat niemand ons af kan nemen, dat wij inderdaad terug zullen keren naar het Licht.
Op de momenten dat wij het niet ervaren en het vertrouwen diep verborgen is zijn er gelukkig ook nog de helpers. Als God onbereikbaar is geworden kunnen wij ons richten tot wezens die veel dichter bij de mens staan zoals bijvoorbeeld moeder Maria. Het is niet voor niets dat in heel veel christelijke kerken er een plek is om een kaarsje aan te steken bij Maria. Maria heeft het lijden zelf ervaren als moeder van een heel bijzondere zoon. Veel mensen voelen verwantschap en bidden tot Maria om steun en kracht om net als Maria zelf vol vertrouwen te kunnen zeggen: mij geschiedde naar Uw Wil.
Maria is dan een meer toegankelijke afbeelding van God en indirect spreken we hierdoor ons vertrouwen en geloof uit in God.
Mogen wij in onszelf of met hulp van bevlogen helpers ons geloof levend houden,
Amen. Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 22e zondag na HDV, juist aangewende energie,             27-10-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

De leidende gedachte vandaag is juist handelen en toen ik het collecte gebed las, deed het me wel heel erg aan dat van vorige week denken: Toen was de leidende gedachte volharding en het gebed als volgt: Almachtige God, schepper en schenker van alle goede gaven. Mogen onze harten zó met dankbaarheid tot U vervuld zijn, dat wij U in goede werken mogen dienen, en aan Uw almacht de kracht mogen ontlenen om daarin te volharden.
En nu met de leidende gedachte: Juist aangewende energie: Wij bidden U, o God, de wil van Uw getrouwen zó te sterken, dat zij overvloedig vruchten van goede daden mogen voortbrengen en onvermoeide medewerkers mogen zijn in Uw heilige dienst.
Vandaag ontbreekt de dankbaarheid, maar beide gebeden vragen om te volharden of onvermoeibaar te zijn en goede werken te doen.
We zitten in de groene periode van het jaar. De periode waarbij we al het geleerde van de grote feesten in praktijk proberen te brengen en aangezien we er nu voor de tweede week bij stilstaan, is goede werken doen en daarin volharden een thema dat blijkbaar belangrijk is
Het is ook nogal een opgave: in de evangelielezing zegt Jezus:
Tot u die naar Mij luistert zeg Ik: “Hebt uw vijanden lief, doet wel degenen die u haten, zegent hen die u vervloeken en bidt voor hen die u mishandelen.
De maat die gij ge¬bruikt, zal men ook voor u gebruiken”.
Ik ontmoet heel wat mensen die zeggen ook voor Poetin te bidden of voor Hamas of Israël.
We bidden dan meestal, dat er voor die mensen inzicht komt en er vrede kan ontstaan.
Maar is dat juist aangewende energie?
Wie bepaald wat juist is? Wat als er eerst chaos moet ontstaan? Grote chaos en dan pas kan er iets nieuws beginnen? Moest Jezus ook niet eerst aan het kruis voordat zijn verhaal de wereld in kon? Ook dat gaf grote chaos.
En dit is nog redelijk ver van mijn bed. Wat als de buurman je haat omdat jij toevallig een andere religieuze richting aanhangt en jou daarom treitert met kleine pesterijen?
Zijn we dan ook in staat te bidden voor die persoon? En wat bidden we dan?
Wat is juist?
Wij spreken elke zondag uit dat wij geloven dat God liefde is en kracht en waarheid en Licht.
Als we dat menen en we bidden tegelijkertijd heel specifiek dat iemand of een macht moet veranderen, is dat dan niet tegenstrijdig? Bestaat Gods liefde, kracht en licht alleen in de vrede? En niet in de chaos?
Is juist aangewende energie dan niet vooral het bidden om acceptatie en dat mag gebeuren wat het plan van God met de wereld is?
Maar als we dat doen, moeten we dan maar accepteren dat er gemoord, geplunderd en verkracht wordt? Best ingewikkelde materie vind ik dit. Want wat is juist? En wie bepaald wat juist is?
Wat voor de één goed is, is voor een ander misschien helemaal verkeerd. Kijk maar naar stroom: voor een inductiekookplaat is krachtstroom nodig, maar daar moet je geen koffiezetapparaat op aansluiten, want die brandt door. Dat geldt ook voor mensen. De energie die voor de een prettig is of helend zelfs, kan voor een ander helemaal verkeerd aanvoelen.
Jezus gaf handreikingen hoe wij de mensen om ons heen zouden moeten bejegenen. Vanuit een onvoorwaardelijke Liefde, zonder oordeel.
Hoe snel hebben wij niet een oordeel of zelfs een veroordeling klaar als we naar andere mensen kijken. En hier wordt gevraagd oordeel-loos om te gaan met de mede mens. En dat niet alleen, ongeacht wat de ander gedaan heeft of doet, worden wij gevraagd om ze lief te hebben, te zegenen en voor ze te bidden. Wij worden gevraagd energie aan te wenden om zonder oordeel iedereen lief te hebben. Hier wordt ons gevraagd om emoties te beteugelen, gedachten, overtuigingen en oordelen te laten varen en onze energie aan te wenden om Liefde door te geven. Dat is volgens Jezus juist aangewende energie en dat is heel veel omvattend, het omvat alle niveaus van energie; fysiek, emotioneel, mentaal en spiritueel.
En als we dan teruggaan naar de chaos in de wereld dan wordt volgens Jezus als juist aangewende energie van ons gevraagd om zonder oordeel liefde te sturen naar iedereen. Dus niet vanuit ons oordeel van dit of die is slecht en zou moeten verbeteren, maar zonder oordeel te bidden en liefde, genade en zegen te sturen naar alle partijen die deel uitmaken van de chaos, zonder onderscheid en zonder richting te geven. Dat dát mag gebeuren wat het plan van God met de wereld is.
Vandaag vieren we ook het octaaf van de dag van Raphaël. Van der Stok beschrijft het in de meditatie tijdens de Kingsweek op de dag van Raphaël als volgt: “er ontwikkelt zich een oerbeweging, die elke onvolkomenheid uitwist; lieflijk maar heel krachtig en overtuigend. Raphaël geneest het lijden van de wereld door één mild gebaar”. Hier wordt geen strijd beschreven, maar juist elke onvolkomenheid uitgewist waardoor kan gebeuren wat er gebeuren moet.
En vandaag hebben we in de collecte gebeden ook gebeden voor de Verenigde Naties; ”opdat iedereen groeiend in de kennis van Uw Waarheid, met een oprecht hart mogen werken voor het gemeenschappelijke welzijn”. Ook hier werd liefde en zegen gestuurd naar iedereen, zonder onderscheid, opdat mag gebeuren wat gebeuren moet.
Laten wij ons aansluiten bij deze gebeden en ons eigen stralende licht in de wereld neerzetten als bakens van licht waarmee anderen kunnen zien en waaraan zij hun eigen licht kunnen ontsteken zodat de wereld een zee van zuiver licht wordt.
Amen. Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 21e zondag na HDV, Volharding,                                 20-10-2024
Als we gehoord hebben in de tweede lezing wat er nodig is om “de weg” naar de stad te gaan, komen wij meteen al op de gedachte, dat “onze weg” de weg naar de volmaaktheid is, waarbij Jezus ons getoond heeft hoe je uiteindelijk als Goddelijk Volmaakt mens kan acteren. Op weg naar de stad, wordt dan “Jeruzalem” bedoeld, hetgeen, metafysisch uitgelegd, de hoogste plaats in het menselijk is. Dat je om die weg te volgen, moet volharden, wordt wel duidelijk uit de lezing. En dat we daar het gebed wat we hoorden nodig hebben, is nog duidelijker.

En dan komt in het verhaal van de handelingen van Petrus de naam Lithargoël naar voren en de stad met de “Negen Poorten”. En als je dát leest en daarover gaat nadenken, dan gaat er een wereld voor je open. En voor mij kan ik zeggen, dat dit zóveel met mij doet, dat ik nog lang niet toe ben aan een bespiegeling hierover binnen de tijd dat dit Naarderlicht verschijnt.
Ik hoop dat het mij gegeven is om hier zondagochtend meer over te zeggen.

Het eerste wat gevonden is, is een stuk van Wikipedia, wat intergraal hieronder geplaatst is:

“De Handelingen van Petrus en de Twaalf Apostelen is een christelijk, apocrief geschrift, dat in een Koptische vertaling onderdeel was van de vondst van de Nag Hammadigeschriften in 1945. Er moet een oorspronkelijk Griekse tekst zijn geweest, maar daar is nooit iets van gevonden. Het grootste deel van de bij Nag Hammadi gevonden handschriften behoort tot de gnostische literatuur. In de Handelingen van Petrus en de Twaalf Apostelen ontbreekt ieder gnostisch thema en element.

In de tekst wisselt de verteller van het verhaal meerdere malen van eerste persoon meervoud naar eerste persoon enkelvoud en terug en er zijn ook passages waarbij de derde persoon gehanteerd wordt. Er zijn in de tekst duidelijk tegenstrijdigheden aanwezig. Op het vakgebied is er dan ook de opvatting, dat de basistekst uit de tweede eeuw moet dateren en er daarna nogal wat toevoegingen moeten zijn gedaan. De eindredactie van de tekst zou van begin vierde eeuw dateren.

Het bestaan van deze tekst was tot 1945 volstrekt onbekend. Er is nergens in vroegchristelijke of latere literatuur ooit een verwijzing naar deze tekst aangetroffen. Er zijn in de tekst nauwelijks passages die verwijzen naar of ontleend kunnen worden aan het Nieuwe Testament. Dit heeft tot beschouwingen geleid in welk omgeving de tekst zou kunnen zijn ontstaan.

In de tekst is een Lithargoël, die feitelijk Jezus is en onder meer de rol heeft van een geneesheer die zielen geneest. (ook: symbolische verkoper van een parel die het koninkrijk van God betekent)

In een Koptische tekst uit de zevende eeuw, De kroning van de aartsengel Gabriel wordt Litharkuel genoemd als een van de vijf aartsengelen. In die tekst wordt hij voorgesteld als Ik ben Litharkuel en ik draag een beurs met medicijnen, die de medicijnen van het Leven zijn. Ik genees alle zielen .

In een Koptische kerk uit de zevende eeuw in Faras op de grens van het huidige Egypte en de Soedan is een fresco aanwezig van de aartsengel Gabriel met een inscriptie die begint met De Heer Jezus en Litharkuel.
De vraag is of deze twee bronnen beïnvloed zijn door de tekst van Handelingen van Petrus en de Twaalf Apostelen of dat zij onafhankelijk van dat werk staan. In het laatste geval zou Lithargoël oorspronkelijk de naam van een joodse engel kunnen zijn, die de taak had voor zieken te zorgen.

Essentie van de inhoud(Wikipedia)
Petrus en de apostelen beginnen aan een missie waarvoor Jezus hen had aangewezen. Zij reizen met een schip en een storm doet hen op een eiland met een kleine stad belanden. De naam van de stad is Vesting van het Verduren. Zij ontmoeten daar een andere vreemdeling. Het is iemand die uitroept parels te bezitten. Hij wordt echter door het rijke deel van de bevolking vanwege zijn schamele kledij geminacht. Het arme deel van de bevolking vraagt hem de parel te tonen, zodat zij die in ieder geval kunnen zien. Als antwoord geeft de man, dat zij dan naar zijn stad moeten komen, waar hij de parel niet alleen zal tonen, maar hen die ook voor niets zal geven.

Er volgt dan in de tekst een onduidelijke overgang naar een deel waarin Petrus de parelkoopman de weg vraagt naar die stad en de moeilijkheden van de reis daarheen.

Wij zijn vreemdelingen en dienaren van God. Het is noodzakelijk, dat wij in iedere stad het woord van God op vredige wijze verspreiden. De parelkoopman maakt zich bekend als Lithargoël. Hij vertelt dat niemand in staat is die weg te gaan, behalve degenen die alle bezit opgeven en tijdens de reis vasten.

De koopman noemt enkele gevaren waaronder Wie een kostbaar kostuum draagt, zal door rovers gedood worden; wie water meeneemt, zal door wolven verscheurd worden; wie brood meeneemt, zal door de zwarte honden gedood worden vanwege dat brood.

Als Petrus de hoop uitspreekt, dat Jezus hen daarvoor de kracht geeft, blijkt ook Lithargoël te geloven in de Vader die hem gezonden heeft. Hij geeft hen ook de naam van zijn stad die Negen Poorten is.

De apostelen ontdoen zich van alle bezit, vasten gedurende reis en komen in Negen Poorten aan. Hoewel zij hem aanvankelijk niet herkennen, zien zij daar opnieuw Lithargoël die nu op een geneesheer lijkt.

Bij een tweede keer en pas na een dialoog tussen Lithargoël en Petrus herkennen de apostelen Jezus in Lithargoël. Hij overhandigt de apostelen een zalfdoos en een beurs met medicijnen en draagt hen op terug te keren naar Vesting van het Verduren.

Daar dienen zij aan de armen van de stad alles te geven wat zij nodig hebben tot ik hen iets veel beters geef, waarvan ik al gezegd dat ik het voor niets zal geven. Petrus vraagt zich af waar de apostelen al het eten vandaan zullen halen om de armen te verzorgen. Lithargoël/Jezus antwoordt dat Petrus het niet begrepen heeft en dat onderwijs in zijn naam waardevoller is dan alle rijkdommen.

De beurs met medicijnen wordt overhandigd met de opdracht alle zielen in de stad te genezen die in Zijn naam geloven. Deze keer spreekt Johannes over de onmogelijkheid van deze taak. Jezus antwoordt daarop dat het niet gaat om het genezen met wereldse medicijnen, maar om het genezen van zielsziekten.
Aan het eind van de tekst waarschuwt Jezus de apostelen zeer terughoudend te zijn in hun contact met de rijken in de stad. Daarna verlaat Jezus de apostelen.” (einde Wikipedia).
Wat zouden nu die “Negen Poorten” zijn. Je komt ze ook tegen in de Hindoeïstische stromingen, bij het spel Majongh, waarin elementen van Chinese Filosofie te vinden zijn. Maar ook in moderne verschijnselen waarbij de “Oude Wijsheid” zoveel mogelijk (klinkt een beetje onvriendelijk) “verdoezeld” is, om de mensen die afstand genomen hebben van religie, toch te kunnen bereiken. En dat kan óók een heilig doel zijn.
Als ik, toen ik nog geestelijk verzorger was, in het verpleeghuis sprak over “God” dan gingen diverse mensen met hun hakken in het zand. Als ik het had over het “diepste wezen in jezelf”,en uitlegde dat dat het allerhoogste was, vond iedereen dat prachtig en kon je de mensen wél bereiken. En het gaat natuurlijk om “de Weg” en religie kan daarbij helpen, maar, zoals gezegd, het doel is om in de bewustwording iedereen te bereiken en dan helpt de “verdoezeling”. In de Bhativedanta Vedabase (een online onderzoeksinstrument van o.a. de Hare Krishnabeweging,
Wordt ook weer gesproken over de Goddelijke Volmaaktheid, namelijk Krishna bereiken en Krishna worden. In het universele gedachtegoed in onze kerk past dit ook weer. De leraar, genoemd in de Bhativedanta, Srila Prabhupada, zegt het volgende:

“Wanneer het belichaamde levend wezen zijn natuur beheerst en zich in zijn geest onthecht van alle activiteiten, dan verblijft het blijmoedig in de stad met negen poorten [het materiële lichaam], zonder activiteiten te verrichten of te veroorzaken.
Betekenisverklaring
De belichaamde ziel leeft in de stad met negen poorten. De activiteiten van het lichaam, de figuurlijke stad van het lichaam, worden automatisch uitgevoerd door de bepaalde hoedanigheden van de materiële natuur waardoor het lichaam beïnvloed wordt. Hoewel de ziel zich aan de conditioneringen van het lichaam onderwerpt, kan ze, als ze dat wil, hieraan ontstijgen. Alleen omdat de ziel haar hogere natuur vergeten is, identificeert ze zich met het materiële lichaam en lijdt ze. Door Kṛṣṇa-bewustzijn kan ze haar werkelijke positie weer innemen en ze zal daardoor vrijkomen uit haar belichaming. Vandaar dat iemand die zich op het Kṛṣṇa-bewustzijn toelegt, zich onmiddellijk volkomen afzijdig houdt van lichamelijke activiteiten. Tijdens zo’n beheerst leven, waarin hij andere doeleinden nastreeft, leeft hij in de stad met de negen poorten en is gelukkig. De negen poorten worden als volgt beschreven:
nava-dvāre pure dehī
haṁso lelāyate bahiḥ
vaśī sarvasya lokasya
sthāvarasya carasya ca
‘De Allerhoogste Persoonlijkheid Gods, die in het lichaam van het levend wezen leeft, is de bestuurder van alle levende wezens in het hele universum. Het lichaam heeft negen poorten [twee ogen, twee neusgaten, twee oren, een mond, de anus en het geslachtsdeel]. In de geconditioneerde toestand identificeert het levend wezen zich met het lichaam, maar wanneer het zich met de Heer in zichzelf identificeert, wordt het net zo vrij als de Heer, zelfs al bevindt het zich in het lichaam.’ (Śvetāśvatara Upaniṣad 3.18)
Een Kṛṣṇa-bewust persoon is daarom vrij van zowel de externe als de interne activiteiten van het materiële lichaam.” Einde citaat
Heel interessant is het om dit stuk eens verder te lezen op de site: https://vedabase.io/nl/library/bg/5/13/
Een laatste idee voor dit moment met betrekking tot de Negen Poorten is van een organisatie:”de Wereld van Morgen”. Als je de zaken van die organisatie leest, heb je een typisch voorbeeld van Oude Wijsheid vertaald voor mensen die zich (nog) niet thuis voelen in een religieuze beschouwing. Dit is ook terug te vinden in de “Mindfullness”gedachte.
Hier is over de Negen Poorten het volgende beschreven:
https://dewereldvanmorgen.nl/blog/de-negen-poorten-naar-zijn/

1. Waarden(n)vol leven: belichaam de transformatie die je in de wereld verlangt
Een waarde(n)vol leven. dat is leven vanuit het diepste besef van de onderlinge verbondenheid van alle dingen, waarbij liefde het kompas is dat je richting geeft. Het vraagt om een helder begrip van wat er in je hart leeft, zodat de keuzes die je maakt resoneren met je diepste zelf. Overdenk vragen als “Wie verlang ik te zijn in de wereld?”, “Wat is het dat ik ten diepste waardeer?” en “Wanneer voelt mijn leven vervuld en betekenisvol?” om je te helpen je ware Noorden te vinden. Tegelijkertijd gaat waarde(n)vol leven om het in praktijk brengen van deze innerlijke waarheden in je dagelijks leven, in je interacties met jezelf en anderen, en in je relatie met de wereld om je heen.
2. Onbevangenheid: er is geen bestemming; er is alleen dit moment
Wat gebeurt er wanneer we een spectaculaire screw-up maken? We lachen, kijken langzaam om ons heen in de hoop dat het niemand is opgevallen– of nog beter – doen simpelweg alsof er niets is gebeurd. En de volgende keer doen we nog beter ons best. Hé hallo… mag ik je even wakker schudden? Leren en ontwikkelen doe je niet vanuit stress, dat doe je vanuit je innerlijke aangeboren levenslust. Het is deze energie waarmee we allemaal hebben leren omrollen, kruipen en lopen. En met dezelfde levensenergie kunnen we de problemen op ons pad creatief oplossen. Dus kom uit het epische verhaal van tijd en ruimte, verleden en toekomst, spijt en anticipatie. Volg jouw aangeboren nieuwsgierigheid en ontwikkelingsbereidheid. Spelen is immers de manier waarop de natuur leren ontworpen heeft. Hoe gekker en dwazer hoe beter. Het leert immers het beste een beetje buiten je zo-hoort-het-box =)
3. (Los)laten: wees aanwezig in het hier en nu
Als mens ben je van nature een verhalenverteller (en dat is best wel leuk!) maar deze verhalen kunnen je ook hinderen wanneer je je erdoor laat meeslepen en je afwendt van het huidige moment. We kunnen ons verliezen in het kauwen op onze zorgen, het vooruit- en terugspoelen van de film van ons leven, in plaats van daadwerkelijk te leven. Jouw leven ontvouwt zich echter in dit ene moment, hier en nu. Niet later, niet tijdens de aankomende vakantie die je vooruitziet, niet in de zorgen die je hebt over morgen. Pijn is geen pretje, maar lijden ontstaat wanneer we ons verzetten tegen ongemak, wanneer we angstig zijn voor de angst zelf, wanneer we proberen te ontsnappen of het te voorkomen. In werkelijkheid zijn ‘altijd’ en ‘nooit’ illusies. Er is alleen maar dit moment, het Nu. Het pure leven zelf. En jij hebt de keuze om hier volmondig ‘ja!’ tegen te zeggen. Als je dat zou willen
4. Aandacht: er is geen ‘altijd’ en geen ‘nooit’, er is bewustzijn van het hier en nu
Het bewustzijn dat je belichaamt, stelt je in staat om de anticipatie van de smaak van chocolade te kennen, om de zonsondergang te aanschouwen en om de wereld in haar meest delicate details waar te nemen. Het onthult je de vrijheid van keuze. Jouw aandacht leidt je naar datgene waar je van geniet, datgene wat je verlangt om te verdiepen. Het bied je een greep op je eigen behoeften en belicht de speelruimte die je bezit. Zoals geluiden opkomen en vervagen, zo verschijnen en verdwijnen gedachten en lichamelijke sensaties spontaan, als golven in de oceaan. Dus, begroet elke gedachte en sensatie met een houding van vriendelijkheid en nieuwsgierigheid. Beschouw ze als welkome gasten in de herberg van je bewustzijn.
5. Toelaten: acceptatie is niet iets dat je ‘doet’, het is wat je bent
Toelaten is ‘ja’ zeggen tegen dat wat in je leeft en wat te maken heeft met iets in je leven. Het is voelen wat er door je gedachten is aangeraakt en er niet van weggaan. Probeer ongemakkelijke of onprettige sensaties niet te ‘genezen’, of zelfs maar ‘los te laten’. Ze verlangen ernaar om ontmoet te worden, geëerd te worden, omarmd te worden. Dus adem liefde, warmte en aandacht naar het verwaarloosde en gevoelige deel van jou, en doordrenk het met leven en liefde. Ware vreugde is niet het tegenovergestelde van verdriet of pijn, maar de bereidheid om alles te verwelkomen. Erken wat je voelt. Het is al hier, deel van je huidige ervaring. Behandel het alsof het er altijd zou kunnen zijn (dat vermindert de neiging om het te proberen te verdrijven of te verminderen). Vraag je niet af waarom het nog steeds aanwezig is. Het is er. Dit is jouw realiteit. Wees nieuwsgierig. Ontdek wat je diepste behoefte is en overweeg om deze te delen met anderen. Als mens mogen we leren om alle aspecten van onszelf te aanvaarden en te integreren, inclusief onze gevoelens en emoties. Emoties zijn simpelweg deel van het menselijk leven en horen bij ons. Je mag leren om ze te omarmen door ze simpelweg te laten zijn, zonder er een nieuw verhaal aan vast te knopen. Dit maakt het gemakkelijker om ze los te laten. Emoties zijn altijd tijdelijk en verdwijnen vanzelf als je je niet met hen identificeert.
6. Aangaan: je kunt ‘daar’ alleen komen door ‘hier’ te zijn
We beklimmen de trap één trede per keer, en we lopen een marathon stap voor stap. Toch proberen we vaak emotionele uitdagingen in één keer aan te pakken. Maar ik verzeker je, een maaltijd smaakt ook beter als je het hapje voor hapje eet. Bovendien kun je dan makkelijker pauzeren als het even genoeg is geweest. Het leven nodigt je uit om het stap voor stap aan te gaan. Alles is nu eenmaal eenvoudiger en smakelijker op die manier. Maar vaak zijn we zo gefocust op onze doelen of bestemmingen dat we de reis vergeten en stress ervaren ‘omdat we er nog niet zijn’. Richt je niet op de duizend stappen die je nog moet zetten, de duizend dingen die je nog wilt bereiken. Wees volledig aanwezig in de beleving van deze ene stap. Deze ene stap, die je nu kunt zetten, is doordrenkt van leven en potentieel. Ons lichaam biedt ons, met al zijn ervaringen, talrijke gelegenheden om te leren en te groeien. Gebruik deze ervaringen als katalysator om inzicht te krijgen in jezelf en hoe je je kunt ontwikkelen. Door je ruimte om te leven volgens je waarden stap voor stap uit te breiden, kun je je gemakkelijker richten op het vinden van betekenis en richting in het leven.
7. Flexibiliteit: stotteren en strompelen` is ook perfect
Beschouw jezelf als een televisie die alle zenders kan ontvangen; een wonderlijk apparaat dat in staat is om een oneindige verscheidenheid aan signalen op te pikken en deze te vertalen naar levendige beelden en geluiden. Elk kanaal, elke frequentie brengt een unieke ervaring met zich mee, sommige prettig, andere uitdagend. Je bent een ontvanger van leven, een doorgeefluik van ervaringen die zich in je bewustzijn ontvouwen. Het is niet jouw taak is om te oordelen over wat er wordt uitgezonden. Zoals een televisie geen voorkeur heeft voor een bepaalde zender of programma, hoef jij je niet te hechten aan bepaalde ervaringen of ze te verwerpen. Jij bent als een televisie die alle zenders aankan, het is niet aan jou om te oordelen over wat er geprojecteerd wordt. Op het padloze pad zullen twijfel, teleurstelling en desillusie je metgezellen zijn. Streef er niet naar om perfect te zijn, maar wees gewoon menselijk. We zullen allemaal af en toe vreemde dingen doen, onszelf voor schut zetten, of fouten maken. Stap uit het verhaal dat je jezelf vertelt over wie je zou moeten zijn en neem jezelf wat minder serieus.
8. Gelijkwaardigheid: stop met vergelijken; je bent het leven zelf
Stel je eens voor dat je de inherente goedheid in de mensheid herkent, het natuurlijke verlangen om een helpende hand te bieden. Zie dat mensen in hun kern vertrouwen en samenwerking koesteren. Wanneer je naar de ander kijkt vanuit deze lens, wordt dan de woede van de ander niet een uitnodiging voor een diepere verbinding, een kans om elkaar te vinden in wederzijds respect? En wordt het vragen om hulp niet een uitnodiging aan de ander om hun inherente welwillendheid tot uitdrukking te brengen? Jon Kabat-Zinn, een pionier van mindfulness in het westen, spoorde ons aan om te onderzoeken: “Kijk je naar andere mensen en zie je ze echt, of zie je alleen je gedachten over hen?” In de sfeer van gelijkwaardigheid word je uitgenodigd om je repertoire van interpersoonlijke reacties uit te breiden, met liefde als basis. In dit licht wordt elke ontmoeting een kans op nieuwe verbinding. En kunnen we een leven leiden vanuit een houding van liefde, gelijkheid en respect ten opzichte van de wereld om ons heen.
9. Genieten: het leven mag leuk zijn, jouw lach doet ertoe!
Jij bent uniek. De wijze waarop het leven door jou stroomt is origineel. We zijn allemaal uitdrukkingen van dezelfde oceaan van bewustzijn, en toch zijn we tegelijkertijd unieke uitdrukkingen van diezelfde oceaan. Je voelt de moeiteloosheid, de speelsheid, bijna als een kind dat ongeremd de wereld ontdekt. Het leven is een uitnodiging om te spelen, te ontdekken, te experimenteren en te rusten wanneer jij dat nodig hebt. Deze wereld bestaat, en jij leeft erin! Hoe zou het zijn om te leven zoals jij graag zou willen? Kun je jezelf verrassen en nieuwe, onbekende dingen uitproberen, alleen omdat ze leuk zijn om te doen? Laat de innerlijke ‘spark of joy’ je leiden naar je innerlijke drijfveren, door te luisteren naar het fluisteren van je hart en nieuwe dingen uit te proberen. Verwen jezelf met rustgevende zintuiglijke ervaringen, kies bewust voor activiteiten waarbij je in flow kunt komen en houd van de dingen die je doet op een dag. Want het leven mag leuk zijn en jouw lach doet er toe!

Tot slot
Als je door deze negen poorten bent gegaan, heb je hopelijk ontdekt dat er veel meer in jezelf schuilt dan je dacht. Het non-duale perspectief kan je helpen om de wereld anders te bekijken en jezelf te bevrijden van de beperkingen die je misschien had opgelegd. Door te leven vanuit liefde, aandacht en bewustzijn kun je meer genieten van het leven en meer in harmonie zijn met jezelf en anderen. Laat deze negen poorten een leidraad zijn op je reis, maar wees ook open voor wat het leven je nog meer te bieden heeft. Wees nieuwsgierig, wees avontuurlijk en vooral, wees liefdevol. Want in het eind is het de liefde die ons verbindt, die ons de kracht geeft om door te gaan en die ons doet beseffen dat we allemaal deel uitmaken van dezelfde oceaan van bewustzijn. Einde citaat.

Als je dan alles bekeken en overdacht hebt, en je keert terug naar het thema van komende zondag, “Volharding”, en onze houding om de “weg” naar de “stad” te gaan, waarbij wij bij elke poort (waaronder het gesprek plaats vindt), willen passeren, dan ontdek je eigenlijk één thema wat telkenmale overwonnen moet worden en dat is “angst”. Hoe erg beheerst angst ons ego? Of is het: Hoe groot is de invloed van ons ego op angst. Ook dat is weer iets om flink over na te denken.

Maar wij kunnen geholpen worden, door het gebed van komende zondag uit te spreken:
Almachtige God, schepper en schenker van alle goede gaven. Mogen onze harten zó met dankbaarheid tot U vervuld zijn, dat wij U in goede werken mogen dienen, en aan Uw almacht de kracht mogen ontlenen om daarin te volharden. Door Christus onze Heer.
R. Amen +Parcival

Bespiegeling 20e zondag na HDV, innerlijke vrede                                  13-10-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Zoals jullie inmiddels wel weten zoek ik graag de teksten die gelezen worden na in andere bijbels en deze keer is er voor mij een essentieel verschil tussen de gebruikte Willibrord vertaling en de vertaling vanuit de grondtekst van bijvoorbeeld de staten vertaling. In onze eerste lezing werd gezegd om onze uiterste best te doen om door het geloof de deugd te voeden en door de deugd de kennis te voeden en door de kennis de zelfbeheersing etc.
In de staten vertaling wordt het vertaald als volgt:” voegt bij uw geloof de deugd, bij de deugd de kennis, en bij de kennis matigheid, en bij de matigheid lijdzaamheid en bij de lijdzaamheid godzaligheid en bij de godzaligheid broederlijke liefde en bij de broederlijke liefde, liefde jegens allen.”
De Willibrord vertaling maakt er een soort opeenvolging van: door geloof deugd voeden en daardoor kennis voeden en door kennis de zelfbeheersing voeden enzovoort. Als een soort treintje.
De staten vertaling gaat uit van het geloof als vaste basis, als een hoofdingrediënt voor de kok en voegt daar bij, deugd, kennis, matigheid en alle andere kwaliteiten
Wat hier beschreven wordt is in feite wat wij bij de wieroking van het altaar uitspreken: wij willen in ons ontplooien en dan noemen we alle kwaliteiten. Wat wij dan zeggen is dat wij aan ons geloof de kwaliteiten van de 7 stralen willen toevoegen. En toeval of niet er worden in de beide vertalingen 7 kwaliteiten beschreven. Weer blijkt het getal 7 van essentieel belang, net als bij 7 kleuren van de regenboog of 7 dagen in een week.
Wat heeft deze lange intro nu te maken met onze intentie van vandaag: innerlijke vrede?
Allereerst zou ik eens willen kijken wat innerlijke vrede eigenlijk is. Ik denk dat iedereen wel eens of misschien wel veel vaker een moment heeft meegemaakt waarop er een soort zekerheid, een rust, een vreugde was waarvan je het gevoel had dat niemand je dat kan afnemen. Wat er ook mag gebeuren, dit blijft altijd bij je, een kernwaarde. En de omstandigheden doen er op dat moment helemaal niet toe. Het geeft rust en vrede en zo zou het altijd mogen blijven. Echter na zo’n moment gaat het leven weer gewoon verder, we blijven niet stilstaan en soms kunnen we maar moeilijk die vrede en die rust terugvinden. Die momenten rust en vrede komen denk ik dicht bij innerlijke vrede. Het kenmerk van die momenten is, denk ik, dat er geen strijd is, geen veroordeling en geen afkeuring. Er is berusting of aanvaarding van dat wat er is en dat geeft vreugde.
Dat is ook waar de tweede lezing het over had. Gelukzalig zijn de eenlingen, want zij zullen het koninkrijk vinden. Je zou dit gebeuren (het vinden van het koninkrijk) kunnen omschrijven als het vinden van innerlijke vrede.
Alleen……., dit was het slot van de tweede lezing. Daar ging wel wat aan vooraf: Jezus zegt dat hij gekomen is om verdeeldheid te brengen; “Want er zullen er vijf zijn in één huis; drie zullen zijn tegen twee, en twee tegen drie”. Dit lijkt ver van eenheid, van vrede.
Het getal 5 in één huis is misschien niet lukraak gekozen. Die 5 zou symbool kunnen staan voor de heelheid van de mens met alle 5 de elementen. Als de heelheid wordt gesplitst in 2 en 3 zouden we de twee kunnen zien als de dualiteit en de drie als de eenheid van geest, ziel en lichaam. De dualiteit in ons strijd met de eenheid. Ons kleine ego heeft vaak moeite om dingen van de wereld of van zichzelf te accepteren. O zo vaak hebben we een oordeel of nog sterker een ver-oordeling klaar voor anderen of voor ons eigen handelen of denken. Door alle kwaliteiten van de 7 stralen of de 7 beschreven kwaliteiten vanuit de brief van Petrus te ontwikkelen maken wij een bewustzijnsexpansie door. En niet een van de kwaliteiten is belangrijker dan de ander. Het vraagt van ons om niet te focussen op één specifieke kwaliteit, nog om een bepaalde kwaliteit te negeren. Het vraagt van ons om de aandacht, het begrip, de liefde en het gevoel te richten op alle 7 kwaliteiten in gelijke mate en te proberen meester te worden over alle kwaliteiten. Dan kunnen wij die dualiteit, het oordelen laten opgaan in de eenheid en eenlingen van onszelf maken. In plaats van strijd is er aanvaarding, aanvaarding van wie we zelf zijn en ook van wie de ander is. Onvoorwaardelijke aanvaarding maakt van ons eenlingen. We zijn één, één in onszelf en één met de ander. En dat geeft vrede. Innerlijke vrede.
Amen. Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 19e zondag na HDV,                                                                   06-10-2024
Dag gewijd aan de grote wereldgodsdiensten, in octaaf Michaël en alle engelen, 
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Wat hebben we een prachtige Kingsweek of engelen 10 daagse achter de rug. Het was een hele intense tijd waarbij er naast de zogenaamde “gewone” gebeurtenissen ook nog allerhande bijzondere gebeurtenissen waren. Er was het huwelijk van Ivo en Victoria en we hebben drie mooie retraitemiddagen gehad. Brigitte heeft toen +Pars uitviel op de maandag ‘s-morgens een prime en ‘s-avonds een completen gedaan samen met het lezen van de meditaties. In grote eendracht en met inzet van velen zijn het prachtige dagen geweest.
Nog nagenietend van alle ervaringen valt het niet helemaal mee om de dag erna alweer een bespiegeling te schrijven voor de komende zondag.
Gelukkig voor mij gaat de intentie over het een thema wat we ook al hadden gedurende de Kingsweek: tact en verdraagzaamheid. Voor deze zondag gekoppeld aan de grote wereldgodsdiensten. Tact en verdraagzaamheid noemen wij elke eucharistieviering als kwaliteit van de aartsengel Raphaël als we de kaars wieroken die verbonden is met Raphaël. Gedurende de Kingsweek hebben we stilgestaan bij alle kwaliteiten en alle aartsengelen. Afgelopen zondag tijdens de retraite middag hebben we alle meditaties bij de aartsengelen achter elkaar gelezen en de energieën bij de straalkruizen ervaren en daarna alle gebeden en de coupletten van lied 113 bij de betreffende straalkruizen gelezen en doorvoeld. Er is toen een suggestie gegeven dat beide cycli verschillende evoluties beschrijven in verschillende dimensies. In de meditaties van van der Stok zouden we het kosmologische scheppingsverhaal kunnen horen. De afdaling vanuit het niets van het Licht naar deze aarde, eerst niets, dan afdalend licht, dan beweging, harmonisatie van boven en beneden, kristallisatie in structuur waarna belevendiging van de stof ontstaat die uiteindelijk geordend wordt. En de omgang bij de herdenking van de kerkwijding zouden we kunnen zien als een reis van de menselijke ziel: Door de goddelijke wilskracht ontstaat een vonk van liefde en wijsheid die de oorsprong is van de ziel, die vonk daalt af en draagt door die afdaling de verbinding in zich met het Goddelijke en daarmee de verbinding met de harmonie en de schoonheid. Door kennis te vergaren op alle gebieden is de ziel in staat een ordening aan te brengen en door het astrale, het gevoelsleven te richten op het goddelijke langs de straal van verbinding, is er leven mogelijk ten dienste van God en de medemens, met een uiteindelijke terugkeer naar het middelpunt, de kern, de Bron: de Goddelijke Wilskracht.
De tact en verdraagzaamheid behorend bij het 3e straalkruis wordt in de ene beschrijving omschreven als een beweging, een schone beweging, die elke onvolkomenheid uitwist, een harmoniserende en genezende functie. En in de andere omschrijving wordt gesproken over goedertierenheid zodat wij niet te kort schieten in edelmoedigheid naar anderen.
Als we dan terugkeren naar de intentie van vandaag: de dag gewijd aan de grote wereldgodsdiensten met als ondertitel tact en verdraagzaamheid dan zijn beide omschrijvingen bijzonder toepasbaar. Wat een prachtig droombeeld is het dat Raphaël met een groots gebaar het lijden dat zo vaak veroorzaakt wordt vanuit godsdienstige overtuigingen kan uitwissen en dat wij als mensen daarin bijdragen door onze edelmoedigheid. Ik vrees dat het op wereldniveau bij een droombeeld blijft. Echter op ons kleine menselijke niveau, in ons eigen kleine kringetje is er wel veel mogelijk. Door heel bewust met tact en verdraagzaamheid onszelf en anderen te benaderen ontstaat er een sfeer van vrede.
Verdragen kan lijdzaam zijn, mopperend, echter het kan ook vanuit kracht of vanuit liefde. Verdraagzaamheid leert ons de dingen, die we wel zou willen veranderen, maar waar we geen invloed op hebt, in liefde te accepteren. Ik bezoek een oudere vrouw die regelmatig refereert aan een gebed en het ook daadwerkelijk toe past in haar leven: God grant me the serenity to accept the things I cannot change, the courage to change the things I can and the wisdom to know the difference. Dit gebed vraagt aan God dat we leren de dingen die we niet kunnen veranderen in sereniteit te accepteren, om moed om de dingen die we wel kunnen veranderen ook echt aan te pakken en om het inzicht om het verschil te weten. Tact en verdraagzaamheid is een keuze die we zelf kunnen maken. En elke daad, gebed of gedachte, hoe klein ook, versterkt het veld van vrede over de aarde.
Wat dat betreft ben ik een optimist. Alle kleine beetjes maken samen een groot energetisch veld van tact en verdraagzaamheid over de wereld. Laten wij heel bewust met elkaar dit veld de komende week versterken. Amen Pr. José Versteeg


Bespiegeling 18e zondag na H. Drievuldigheid, 
Christus die Waarheid is.
Onze priester José heeft een prachtige analyse gemaakt van het wezen van de wijdingsommegang die elkaar op 29 september gehouden wordt. De dienstdoende bisschop of eerst-aanwezend priester maakt een ronde langs alle stralenkruisen die in de kerk hangen. Wil je meer weten over de analyse? Kom dan vooral naar de themabijeenkomst die op zondag 29 september om 14.00 begint.

Het thema van de 18e zondag na Heilige Drievuldigheid is “Christus die Waarheid is”. De mens is bezig met een eindeloze zoektocht naar de Waarheid. De Goddelijk volmaakte mens werd vertegenwoordigd door Jezus. Je zou kunnen zeggen dat Hij het grote voorbeeld voor ons is hoe je je als Goddelijk volmaakt mens kan gedragen. De Christus is dan het algemeen principe dat dit vertegenwoordigt. Het geheel is ingepakt in een instituut “Christelijk geloof” . Dit is op zich prima, want wij hebben als mens dikwijls behoefte aan kaders. Echter de weg naar en het vinden van de Goddelijk volmaakte mens is een universeel begrip. Ieder weldenkend mens heeft een innerlijke behoefte naar die zoektocht. Dit overstijgt instituten. Als je die weg naar het diepste wezen in jezelf wilt gaan, kan dat alleen als je ook aan je eigen ontwikkeling werkt. Die ontwikkeling brengt je met vallen en opstaan naar de Waarheid met een hoofdletter.

Je zou kunnen zeggen dat in onze Vrij Katholieke Kerk gewerkt wordt aan de opmaat naar dat universele besef en dat de liturgie een veilige basis vormt waarbinnen wij kunnen werken aan onze ontwikkelingsweg. Die veilige basis is de tempel die wij bouwen, waarvan onze kerkzaal symbool is. Door het meemaken van de rondgang langs de stralenkruizen en de daarbij behorende gebeden worden wij naast getallen, symbolen, edelstenen en menselijke ontwikkelingsaspecten geleid. Bij elk stralenkruis hoort een gebed. Het doel van de rondgang is aangeduid middels het begin gebed van de rondgang.
O God, Wiens wijsheid met kracht en toch met zachtheid alle dingen ordent, zie neer, bidden wij U, op hetgeen Uw dienaren hebben gemaakt en vul dit huis opnieuw met hemelse wijsheid, opdat zij, die U hier dienen, zó vervuld mogen worden met de Geest van Wijsheid en Liefde, dat zij voortdurend werkzaam zullen zijn om Uw volk uit de duisternis van onwetendheid op te heffen naar het licht van Uw heilige Waarheid.
Daartoe dragen wij deze tempel en deze gemeente wederom op aan St.Michaël en Alle Engelen tot de glorie van God en tot volmaking van de mensheid. Door Christus onze Heer.

Door het bijwonen van deze viering, de gebeden en het gezang “Hoog verheven hemels Salem, schoon visioen van Liefde en Vree” herbevestigen wij samen de tempel, onze werkplek, in verbinding met God en met elkaar. Die verbinding vinden wij als wij ons bewust zijn van ons “Hemels Salem”: Jeruzalem. Metafysisch staat Jeruzalem voor een heel hoge plaats in ons bewustzijn. Dát samen tot stand brengen in de viering op de dag van de herdenking van de kerkwijding geeft ons “vleugels” en de samenwerking met de Engelen wordt dan heel voelbaar.
Ik wens je een mooie dag toe. +Parcival

Bespiegeling 17e zondag na HDV, Geestelijke vooruitgang, 1e dag Kingsweek St. Michaël,                                                                                                            22-092024

Dierbare zusters en broeders in Christus,
Vandaag vieren we de eerste Heilige Mis in de Kingsweek of anders gezegd de eerste H. Mis in deze Engelen tiendaagse.
De komende dagen zullen wij elke dag een van de aartsengelen centraal zetten. Elke dag gaan we een stapje verder van straal 1 met aartsengel Michaël via Gabriel, Raphaël, Uriël, Chamaël, Jophiël naar Zadkiël. En vandaag is dus de beurt aan de aartsengel Michaël. De Aartsengel Michaël is voor ons de vertegenwoordiger van de eerste straal die wij benoemen met de kwaliteit sterkte. Die sterkte zou je kunnen vertalen als lichtsterkte. Een lamp van 100W is veel sterker dan een van 25W. Die sterkte wordt bij lampen uitgedrukt in lumen, dat is de eenheid voor lichtstroom. De kwaliteit die wij in ons willen ontplooien, als wij ons richten tot de eerste straal, is ons eigen licht zonder enige belemmering, ongehinderd te laten stromen. Als er veel blokkades zijn zou je kunnen zeggen dat wij stralen als een peertje van 25W, echter als ons lichtlichaam ongehinderd kan schijnen dan zou je kunnen zeggen dat wij ruimschoots een lamp van 100W overstralen. Michaël wordt vaak uitgebeeld met een vlammend zwaard. Het is de grote verdediger van de hemelse engelenscharen. Michaël wordt in de bijbel 5 keer genoemd, drie keer in het boek Daniël, een keer in de brief van Judas en een keer in het boek openbaringen. Alle keren staat Michaël gereed om het goede, om God te verdedigen. Zijn naam betekent: wie is als God?, of: er is niemand als God. Michaël is de verdediger, de strijder voor het Licht, en daarmee ook voor ons licht lichaam.
De evangelielezing die we vandaag lazen is de evangelielezing die in ons lectionarium staat bij de zondag waarop de feestdag van Heilige Michaël en alle engelen wordt gevierd. Waarom deze gekozen is weet ik niet, maar het zou kunnen zijn omdat het gaat over de discussie van de leerlingen wie nou de grootste is in het rijk der hemelen. En de naam van Michaël is: wie is als God? Dus niemand kan de grootste zijn want God is de grootste.
Mattheus geeft aan dat Jezus dan de vergelijking met de kleine kinderen aanhaalt. Wordt als kleine kinderen anders zul je het rijk der hemelen niet binnen gaan. Daarna volgt een wat lugubere passage: “Maar als iemand een van deze kleinen die in Mij geloven, aanleiding tot zonde geeft, zou het beter voor hem zijn als men hem een molensteen om de hals hing en hem liet verdrinken in het diepste van de zee. Wee de wereld omdat zij tot zonde aanleiding geeft! Er moeten wel verleidingen komen, maar wee de mens door wiens toedoen dit geschiedt!” Met recht een pittige uitspraak.
Ik heb er wat vertalingen op na geslagen en de strekking is steeds ongeveer gelijk alleen het woord “zonde” wordt in de vertalingen die direct vanuit de grondtekst vertalen, niet gebruikt: De Naardense bijbel spreekt van “zal laten struikelen” ipv “aanleiding tot zonde geeft”, de Staten vertaling geeft: “wie zo een van deze kleinen die in mij geloven ergert” en de st. James vertaling zegt: “but whoso shall offend one of these little ones” en to offend is dan beledigen of krenken. De strekking is dat als wij een van de kleinen laten struikelen, ergeren of krenken, dan kunnen we beter een molensteen om de nek hangen en verdrinken. Nogal rigoureus. Het wordt een klein beetje beter te begrijpen als we verder lezen in Mattheus, daar staat: “Als je hand of je voet je laat struikelen, hak hem af en werp hem ván je!- want het is beter voor je verminkt of mank het leven binnen te komen, dan met twéé handen of twéé voeten geworpen te worden in het eeuwige vuur. En als je oog je laat struikelen, ruk het uit en werp het ván je!- want het is beter voor je éénogig het leven binnen te komen, dan met twéé ogen geworpen te worden in de gehenna van het vuur!” ( Gehenna verwijst naar het Dal van Hinnom dat vlakbij Jeruzalem ligt. In het Oude Testament was dit de plek waar heidense kindoffers werden gebracht.) .

Ook dit is erg rigoureus maar nu kunnen we wel lezen waaróm we beter onszelf kunnen verminken of verdrinken: namelijk om te voorkomen dat we ten prooi vallen aan het eeuwige vuur. Dat vuur stond voor het domein van de duivel. Wat hier in gezegd wordt is dat, eigenlijk ten koste van alles, voorkomen moet worden dat wij onszelf of een ander zo laten struikelen dat we in het domein van de duivel verstrikt raken. Als we dit proberen te vertalen naar het licht lichaam waar we het net over hadden, dan is onze opdracht om ten koste van alles te voorkomen dat we in onszelf of in anderen de lichtstroom van dat lichtlichaam verstoren of verduisteren. En Michaël met zijn vlammende zwaard die strijd voor gerechtigheid en licht kan ons daarbij tot steun zijn.

Vandaag is het ook de 17e zondag na HDV en de intentie vandaag is geestelijke ontwikkeling. Dit sluit erg goed aan bij wat we in de Engelen tiendaagse vieren. Alle stralen sporen ons aan om bepaalde kwaliteiten te ontplooien: Sterkte, liefde-Wijsheid, Tact en verdraagzaamheid, harmonie, kennis, toewijding en orde. Bij het vervolmaken van die kwaliteiten mogen we ons gesteund weten door de aartsengelen en hoe zuiverder wij die kwaliteiten laten groeien hoe meer wij ons geestelijk ontwikkelen. Geestelijke ontwikkeling kan niet zonder deze kwaliteiten en het focussen op deze kwaliteiten leidt tot geestelijke ontwikkeling. Tijdens deze hele Engelen tiendaagse staan we de eerste zeven dagen stil bij alle opeenvolgende stralen met de bijbehorende kwaliteiten en aartsengelen. De meditaties aan het begin van de dienst beschrijven een ontstaan van lichtvormen als een evolutie.
Elke dag krijgen we de kans onze geestelijke ontwikkeling te ondersteunen door de meditatie te lezen en tot ons door te laten dringen samen met de kwaliteit van de betreffende straal en de aartsengel die die dag centraal staat.
Graag wens ik ons allen een verdiepende Engelen 10-daagse.
Amen
Pr. José Versteeg.

Bespiegeling 16e zondag na HDV, Rechtvaardigheid,                          15-09-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Deze 16e zondag na HDV is de intentie Rechtvaardigheid en gisteren was de start van de jaarlijks terugkerende landelijke Vredesweek. Twee thema’s die heel veel met elkaar te maken hebben.
Vrede en rechtvaardigheid. Is een oorlog ooit rechtvaardig? Is vrede per definitie rechtvaardig? Vrede en rechtvaardigheid hangen heel sterk af van de regels die gelden en welke regels worden dan het belangrijkste: de wettelijke regels, de ethische regels of de spirituele regels? De wettelijke regels zijn vastgelegd net als religieuze regels. Van ethische regels liggen veel minder vast en ik heb begrepen dat er 4 basis principes zijn: 1. respect voor autonomie; 2. weldoen; 3. niet schaden; 4. rechtvaardigheid. De spirituele regels hebben veeleer te maken met actie en reactie, karma en afstemming op bepaalde frequenties. Wie bepaald wanneer welke regels zullen gelden?
Heeft een land het recht zich te verdedigen en bestaat verdedigen dan uit bescherming van het land of aanvallen van een ander land of een andere groep mensen? Of is dat hetzelfde? Kan een aanval de beste bescherming betekenen? Eerlijk gezegd ben ik blij dat ik niet in een regering zit of verantwoordelijk ben voor het welzijn van een heel volk. Dit zijn uiterst ingewikkelde kwesties waarin nooit één waarheid is, maar vele waarheden. Het is vaak al moeilijk genoeg om vrede te bewaren binnen de kringen waarin wij ons bewegen. Binnen de families, de kerkgroeperingen en de voetbal en sportclubs. En binnen in ons zelf? Is daar vrede, is daar rechtvaardigheid? De beide lezingen hebben het over de waarheid en rechtvaardigheid van Gods wetten: wat de mens zaait zal zij oogsten. Zaaien wij licht, dan oogsten wij licht, zaaien wij twijfel dan oogsten wij twijfel. Zaaien wij vrede dan oogsten wij vrede.
Een definitie van rechtvaardigheid luidt dat “iedereen het zijne krijgt”. En ik zou er graag aan toevoegen “en het zijne doet”, want rechtvaardigheid en vrede gaat voor mij over verdeling van rechten en privileges en zeker ook over de verdeling van plichten en de nadelen van het leven in een samenleving. Als Christenen hebben wij een hele duidelijke leidraad. Christus heeft ons een heel belangrijk gebod gegeven: heb uw naaste lief als uzelf. Niet de ander liefhebben ten koste van jezelf of jezelf liefhebben ten koste van de ander, echter je naaste liefhebben als jezelf. De rechten en plichten eerlijk verdelen waardoor ieder in zijn of haar waarde wordt gelaten. Ook je zogenoemde vijanden.
Ik hoorde eens een quote waarvan ik niet meer kan terugvinden van wie die was en die ging als volgt: grant your enemies an honorable retreat. Gun je vijanden een eervolle aftocht, gun ze een uitweg en dan ligt de beslissing bij hen. Als de vijand met opgeheven hoofd het strijdtoneel kan verlaten, dan hoeft er geen rancune te blijven woekeren die weer kan ontploffen. Dan blijft zowel overwinnaar als verliezer zonder gezichtsverlies. Het is dan een erkennen van elkaars capaciteiten en status en dan kan voelen als rechtvaardig en vredig. Dit geldt in het groot, maar ook in het klein. Dat geldt tussen volkeren, tussen sportclubs of topsporters, binnen families en zelfs binnen in onszelf. Het gaat dan om het accepteren van en leren omgaan met alle aspecten van onszelf die we zien als vijandig of als onze donkere kant. Om het accepteren van en leren omgaan met de mensen in onze omgeving mét al hun eigenaardigheden. Dat betekent niet dat we alles maar toe moeten laten en goed moeten vinden, maar wel dat we de rechten en plichten eerlijk verdelen met respect voor elkaar en voor elkaars positie en mogelijkheden.
En van God kregen we er iets heel moois bij: we kregen de zegen mee om deze regels ook van harte uit te voeren.

Waar Christus komt, daar zegent Hij, daar geeft Hij kracht, daar maakt Hij blij; dat waren de eerste regels van het openingslied. En in het offertoriumlied zullen we straks zingen: God roept en wat de mensen scheidt dat zij geen scheiding meer. Want wat er in de wereld woedt, toch is het God die wint. Gods Liefde zal overwinnen; die prachtige vaste basis mag ons de moed geven om standvastig door te gaan met het Christus Licht op aarde te laten stralen. Wij worden gesteund door de leven gevende Geest. Dat vuur dat nooit dooft en alles kan doordringen. Dat vuur dat we met Pinksteren herdenken, dat ons aanvuurt om te blijven geloven in de Liefde met een hoofdletter, ook al lijkt de wereld soms af te glijden naar chaos. Soms moet er eerst chaos ontstaan voor er iets nieuws gecreëerd kan worden. De vriendelijkheid waar we het een aantal weken geleden over hadden kan ons helpen om de vrede te ondersteunen. Een vriendelijk woord heeft meer effect dan een lange, boze tirade en het kost nog niets ook.
De slotwoorden van het slotlied zijn een bede: Blijf ons met Uw Licht bestralen, laat de vrede in ons dalen, dat Uw liefde zegepralen op heel de aard.
Laten wij ons de komende week, de vredesweek aansluiten bij die bede en Christus liefde en licht rijkelijk uitstralen en de wereld inzenden.

Amen Pr. Jose  Versteeg

Bespiegeling, 15e zondag na HDV,
Aangezien de afgelopen week nogal turbulent was, heb ik voor deze week weer een bespiegeling uit 2016 opgezocht. Er zijn de laatste tijd veel nieuwe bezoekers en daar zijn we heel blij mee. Het is fijn als die ook deelgenoot worden van denkbeelden binnen een kerk, waar elke geestelijke zijn of haar eigen specifieke inbreng heeft. Vandaar het stukje “Samen in de dienst”. Samen werken in de dienst is ook een onderdeel van de zoektocht naar de Waarheid oftewel het thema van deze zondag “de werkelijkheid van al wat eeuwig is.”

Samen in de dienst.(2016)

Als wij in onze kerk beginnen met de Eucharistie, is een samenspel met de celebrant, de Priester die de dienst doet, enorm belangrijk. Hiervan maken celebrant, organist, altaarmedewerkers, maar vooral de gemeente deel uit.
Het lijkt misschien niet zo op te vallen, maar de gemeente en de celebrant moeten het echt samen doen. Vooral het “grondvesten van de Tempel” is heel belangrijk. Het brengt ons in de juiste stemming om mee te doen aan de Eucharistie.
Door de wierook van de processie wordt de ruimte gezuiverd. Onze gedachten komen door de zoete geur op een hoger plan te staan. Met de invocatie, “ In de naam van de Vader……. “ opent de celebrant de viering en de gemeente spreekt deze worden in stilte mee uit.
Dan volgt er een zuivering of wijding met de sprengkwast en het gesprenkelde water symboliseert een zuivering, waarbij alle kwade gedachten verdreven worden. Ook hier kan een gemeentelid actief aan meedoen, door in stilte ook te vragen gezuiverd te worden.
Dan komt het grondvesten van de Tempel. In gedachten wordt ons Huis gebouwd en zijn wij beschermd, gezuiverd en klaar om aan het Confiteor te beginnen:”O Heer Gij hebt de mens onsterfelijk geschapen en hem gemaakt tot een beeld van uw eigen eeuwigheid”. Dit deel was vroeger in de oude Roomse kerk onderdeel van de schuldbelijdenis, zoals die bij de biecht werd uitgesproken. (Onze kerk kent wel de biecht, maar die wordt sporadisch afgenomen en is in feite een evaluatie van je leven en het moment waar je nu staat en kijkt uit naar een oplossing voor de toekomst.). Als voorbereiding van de Mis kunnen wij alle dingen die fout gingen de afgelopen periode overdenken en hebben de keuze de Almachtige te vragen om ons te helpen bij een volgende gelegenheid de fout niet weer te maken. Het maken van fouten is onderdeel van onze scholingsweg. Dat hele pakketje fouten of overdenkingen daarover kunnen wij tijdens het uitspreken van het Confiteor in gedachten aanbieden. De kracht zit hem erin dat je in verbinding met je diepste zelf(lees God) ook jezelf kunt vergeven. Maar dankzeggen mag ook.

Met name in een Requiemmis is dit Confiteor enorm belangrijk. Tijdens een requiem zeg ik tegen de kerkgangers, die dikwijls niets van onze kerk of van welke kerk dan ook afweten het volgende:

In een leven zijn dingen heel verkeerd gegaan en dingen heel goed gegaan.
Zo is het ook met onderlinge verhoudingen. Vaak vol emotie gaan wij naar een Requiemmis met allerlei gevoelens. Kort na het begin van de Mis knielt de priester voor het altaar en doet een gebed, het Confiteor, dat iedereen met hem meebidt.

Tijdens dit Confiteor belijdt men alles was fout gegaan is en alles wat goed gegaan is. Eigenlijk hoort men dat al van tevoren te doen, zodat men deze gevoelens in feite op een presenteerblaadje aan kan bieden aan de Allerhoogste. Door de Absolutie die dan volgt krijgt men in feite deze energieën getransformeerd en positief terug. Dit geeft vrede met God, met de overledene en de mensen om ons heen. De woelige golven van de zee die "leven" heet komen tot rust. In die rust en met die vrede zetten wij de dienst voort”.

Diezelfde Absolutie kan net zo’n effect hebben tijdens een gewone Eucharistie, maar ook bijvoorbeeld tijdens een Genezingsdienst. De Liefde van God stelt ons in de gelegenheid om weer voor een situatie te komen waarin wij een fout kunnen maken. Het is aan ons om die fout wel of niet te maken. Mislukt het, dan zal door de Absolutie de kracht gevonden kunnen worden er opnieuw voor te komen tot wij onze les geleerd hebben.
Het telkenmale weer door de Vader met Liefde overeind geholpen worden, leg ik uit als de Genade Gods.

Vergeving krijgen werkt alleen als wij ook vergeving schenken. De zuivering wordt volkomen, als wij ook de mensen om ons heen vergeving schenken. Zowel binnen de Dienst als daarbuiten. Uiteindelijk ontstaat er na de Absolutie een groot samenwerkend geheel., dat gezamenlijk gezuiverd en verlicht verder kan gaan naar de Consecratie. Als dan de communie-uitreiking komt , schept dit een heel grote verbondenheid met God, en de mensen om ons heen die ook Communie krijgen.
Want het ontvangen van de Communie en de innerlijke Vrede die dat oproept, zorgt ervoor dat wij God ook in elkaar herkennen.

Zo zijn wij echt samen op weg. Laten we er een fijne reis van maken.
+Parcival


Bespiegeling, 14e zondag na HDV, Vernieuwing van het hart,                 1-9-2024

Niet al het nieuwe in liturgie en gebeden is een verbetering.
Het gebed van de 14e zondag na H. Drievuldigheid luidt in nieuwere versies:

O God, Gij hebt ons in Uw liefde de mogelijkheid tot heelwording gegeven, opdat wij op ons pad blijven voortgaan. Geef dat wij standvastig alle verleidingen mogen weerstaan en dát pad mogen volgen tot waar het opgaat in Uw heerlijkheid en glorie. Door Christus onze Heer.

In een eerdere versie was het:

Oh God, die ons in uw goedertierenheid de bediening van de verzoening hebt gegeven, opdat wij onze schreden weer op het pad zullen zetten, waarop wij behoren te wandelen, schenk ons, dat wij standvastig alle verleiding weerstaande, dat pad mogen volgen tot waar het eindigt in alle heerlijkheid in U. Door Christus onze Heer. Amen.

Het niet benoemen van “verzoening” bij het vernieuwen van het hart is best jammer.
Uiteindelijk is “heelwording” fantastisch, maar “verzoening” is er een groot onderdeel van.
En dat is even weggevallen in het geheel. Met verzoening met datgene wat je ten diepste beroert en wat zoveel aspecten heeft, zowel naar binnen toe, als naar buiten, werk je enorm aan heelwording.
Dat Liefde daarin een sleutel is, hebben we al vele malen gehoord. Deze bespiegeling wordt een hele korte .Elk extra woord is teveel. Ik wil je vragen er echt eens voor te gaan zitten en de tweede lezing nog eens goed te lezen en dan stil te worden. Het is prachtig.

Bespiegeling, 13e zondag na HDV, goede werken,                                     25-08-2024
Het thema van deze zondag is: “Goede Werken”.
God liefhebben door het verrichten van “goede werken”. Er zijn vele goede werken en één van die werken betreft ceremonieel werk. Soms ga je voor een thema eens zoeken in de oude geschriften die je ooit geproduceerd hebt en waarvan de publicatie lang geleden is. Inmiddels zijn er heel veel mensen in je kerkgemeenschap overgegaan naar een hoger leven en nieuwe mensen zijn weer binnengestroomd. Bij het thema “goede werken” moest ik denken aan Bisschop John Schwarz, (+2009). Hij woonde en werkte in Tulsa in Oklahoma en was een markante en zeer wijze man. Ik mocht in 2009 een maand bij hem logeren en heb daar heel veel van hem geleerd. Waar hij woonde was ook een grote kerkzaal en achter een schot in die zaal stond mijn bed. Een heel aparte ervaring. Slapen in een kerk. Ik heb daar veel geschreven en één van de geschriften was “werken met ritualen”. Ik vind het fijn om mijn gedachten daaromtrent nog een keer met jullie te delen. +Parcival
Tulsa 21 juni 2009
Werken met ritualen.
Ook het Priesterschap is één grote ontdekkingstocht. Heeft een Priester zekerheid in het geloof?
Ik denk dat die zekerheid heel vaak op de proef gesteld wordt. Je wilt dingen realiseren en het komt er niet van. Je raakt teleurgesteld omdat mensen iets niet doen, of juist wel doen, terwijl dat niet zou moeten. Mensen houden zich niet aan afspraken en bij irritatie daardoor, is het handig om eerst naar jezelf te kijken. Oh tsjonge, ik ben net zo!!

Je eigen menselijke tekortkomingen worden regelmatig keihard op een presenteerblaadje voor je naar boven getoverd. Soms ga je er op in, maar vaker loop je er voor weg. Onmacht. Je wilt dingen, maar hebt onvoldoende tijd. Soms terecht, soms onterecht. Soms wíl je ook geen tijd hebben, maar dat “willen” verdoezel je dan gauw, soms ongemerkt. Wij zijn daar heel goed in.
Je hebt ook andere verantwoordingen, zoals werk, gezin en kleinkinderen. Tot zover.

Pfffffft. Je zit met je vrouw op een prachtige plek in de bergen in Zuid-Frankrijk.
Het leven lacht je toe. Ver van al het gedoe, ontdek je dat je op deze plek met een bescheiden pensioentje best lekker zou kunnen leven. Huisje, zwembadje, de kinderen komen regelmatig,
Kerst vieren in Nederland, vrienden ontvangen en voor de lol een klein moestuintje en wat dieren.
Ik moet u zeggen, ik kan genieten van twee soorten vakanties, de spirituele (is meestal hard werken) en de begeerlijke(= lekker eten, zwemmen, wijntje, kerkjes bezoeken enz).
Met ons gezin deden we meestal beiden. Eerste deel spiritueel en vervolgens het andere, 2 aan elkaar geplakt dus.

Je raakt op die mooie plek in Zuid/Frankrijk samen in gesprek. Volgende week weer terug. Weer naar de kerk. Waar doe ik het allemaal voor. Ik mis de kerk niet. Ik mis het rituele niet. Met God inwonend in mij heb ik toch voldoende? Leuk praten met mensen en diepzinnige gesprekken voeren, leveren voor mij voldoende informatie en spiritualiteit op ,om op een prettige manier van het leven te kunnen genieten en verder te komen. En klaar staan voor mensen en ze helpen op hun pad, doe ik toch wel. Al was het al op mijn werk en in mijn leefomgeving.

Nou jongen, denk ik, niet zeuren. Ook de vakantiewereld is een illusie. Want ook in dat franse dorpje krijg je weer dezelfde uitdagingen. Dingen die niet lukken. Je eigen onmacht. De kinderen die toch minder vaak komen als je hoopte. Iedere keer dat zwembad schoonmaken en dan niet te denken aan de slakken die in één nacht met duizenden de oogst van je bescheiden tuintje naar binnen werken. Dat kwaaltje wat je toch niet goed in het Frans kan uitleggen aan de dokter en het Roomse kerkje waar je komt, wat dezelfde problemen heeft als elk kerkgemeenschapje.

We zijn weer terug in Nederland. Ik heb al weer een paar dagen gewerkt en ik ben op weg naar de kerk. Als ik de mensen weer zie, ben ik blij ze weer te zien.
Als ik vervolgens de Mis opdraag, denk ik achteraf: “wat ben ik gelukkig dat ik dit kan en mag doen”. Van binnen voel ik dat het goed is, maar hoe leg ik dit nu uit aan anderen? Ik doe er jaren over om dit uit te vinden en dat is niet overdreven. En uitleggen wat het nut van een rituaal is, is nog veel lastiger. Het is voor het eerst dat ik nu echt een poging ga wagen.
Het is denk ik ook wel één van de vruchten van mijn reis naar Tulsa.

Wat is het nut van werken met ritualen?
Of, wat een buitenstaander zich wel eens afvraagt: ”waarom al die poespas?”
Stel je komt een huis binnen. Het is er bedompt, het stinkt, er hangen overal spinnenwebben. Veel kamers zijn leeg of er ligt oude troep. De bewoner is allang vertrokken. Alles wat je ziet associeer je met iets naars. Er is dan maar één ding wat je wilt, weg wezen. Het voelt helemaal niet goed.

Bij het volgende huis waar je binnen komt, ligt een deurmat voor de deur, welkom. Het huis is netjes aangekleed, er zijn frisse kleuren er staan goed verzorgde spullen, het is alleen jouw smaak niet. De bewoner spreekt een taal die jij niet spreekt. Het blijft bij vriendelijke gebaren. Er
wordt een Cd’tje gedraaid, met muziek waar je niet echt warm van loopt.

Dan kom je bij het volgende huis. Het ruikt heerlijk als je naar binnen stapt. De bewoner heet je hartelijk welkom en je hebt een gevoel dat je hem al heel lang kent. Er is meteen een klik.
Hij loopt je vooruit. Zijn tred heeft iets magisch. Je volgt hem en hebt het gevoel in zijn sfeer te mogen komen.
De smaakvolle meubelen en de kleuren passen erg goed bij elkaar. Er hangen schilderijen aan de muur, waar je helemaal vol van bent. Er hangen ook wat symbolen aan de muur. Een kruis, een kelk, een mooie driehoek. Ze doen iets met je, maar je weet niet wat. Zacht klinkt er muziek waar je helemaal gelukkig van wordt. De blijft er een uurtje en je hebt moeite om weg te komen.

Je gaat naar huis en stapt de deur binnen. Het is wel goed, maar het ruikt hier niet zo lekker als daar. Tjonge, denk je, ik zou ook eens wat aan mijn muren en mij meubilair moeten doen. Ik wou dat ik zo vriendelijk en gastvrij zou kunnen zijn. Mijn verlichting is wel aardig, maar niet zo uitgekiend als bij dat ene geweldige huis.

Vertwijfeld ga je naar bed. Je valt al gauw in een merkwaardig diepe slaap. Je staat in een hal en ziet in de verte een flauw licht branden. Door een bochtige gang loop je er naartoe. In de verte gloeit het licht aantrekkelijk op. Je stapt uiteindelijk een prachtige ruimte binnen met een schitterende koepel.
Eigenlijk is de ruimte een halve koepel. Het lijkt wel allemaal goud. De koepel is boven rond en door het goud begint alles te draaien. Je weet niet meer of je boven of onder bent. De ruimte lijkt oneindig groot. Je bent verbijsterd en blij. Deze serene ruimte is groter dan het universum. Je kan alles denken wat je wilt, maar geen moment dat je aangemoedigd wordt om onzuiver te denken. Je ervaart Ultieme Stilte en Goddelijke eenheid.
Het is dieper dan de zee. Het blijkt een kelk te zijn. Alhoewel hij op zijn kop lijkt te staan, is er geen boven of onder. Hier is alles harmonieus. Ineens hoor je een naargeestig gepiep. Het is net of het hele beeld vervluchtigt.

De wekker loopt af. Er komt een goede vriend van je op bezoek. Je vertelt de droom. Hij luistert geïnteresseerd. Na een tijdje heen en weer praten vraagt hij wat je gisteren hebt meegemaakt.
Je vertelt het verhaal van de huizen. En terwijl je het vertelt wordt alles duidelijk. Je bent op zoek naar je geestelijk huis. Naar de Goddelijke Stilte in jezelf. Om daar te komen moet je werken aan de harmonie in jezelf. Een eindeloze zoektocht op weg naar God. God die in alles is, de Geest van God. Diep in ons hartheiligdom kunnen wij Hem vinden en één worden met hem. Dat is een hele toer.
Diep van binnen zijn wij een prachtige tempel.

De moraal van dit verhaal is, dat alles invloed op ons heeft. Wij worden door heel veel aangeraakt.
De geur van ons innerlijk huis moet lekker zijn. Het moet onze mooie gedachten oproepen, die omhoog stijgen, dus ook in ons diepste afdalen, want er is volgens mij geen hoog en diep.
Er zijn heel veel verschillende geuren voor verschillende stemmingen.
In een rituaal vinden wij die geur terug in de wierook.
De kleuren van het huis moeten je aanspreken. Ze doen je wat. Er zijn heel veel kleuren voor verschillende stemmingen.

De woorden die tot je gesproken worden en die je zelf spreekt, moeten de goede trilling hebben.
Woorden die goed uitgesproken worden, op het goede moment, hebben een lading die je prettig vindt. De zinnen die je hoort en leest roepen ook een verheven gevoel bij je op.
De muziek kan je stimuleren om los te komen van je lagere aardse gedachten. Het kan je in de eeuwigheid voeren en tot vervoering brengen. Als je zingt, wordt er, ook al door de regelmatige diepe ademhaling iets in je geraakt.
De schilderijen zijn een genoegen voor het oog. Ze zijn mooi en je geniet ervan.

De symbolen, het lopen van de gastheer, je ontdekt dat alles invloed op je heeft.
Als je over dit hele verhaal nadenkt, wil je meer weten. Je wilt onderzoeken wat dat gevoel is.
Je gaat vaker op bezoek en begint de woorden te begrijpen. Ze vertellen je iets wat voor jou belangrijk is. Waarom spreken de kleuren je aan? En de bewegingen? En het samen zijn?
Het vraagt om steeds meer onderzoek en beleving van het diepste in je, want je hebt een heel groot verlangen om naar die Goddelijke eenwording toe te werken.

Binnen een rituaal kunnen wij op weg geholpen worden naar dat huis.
Als wij nu kijken naar een rituaal, zoals de Heilige Mis, wordt dit ons allemaal aangereikt.
Alles wat je ziet en hoort en ruikt en voelt, heeft invloed op je. En er zit verdieping in.
Bij het begin van een rituaal is er vaak een processie met wierook. Je wordt afgesloten van de buitenwereld en laat je lagere aardse gedachten vallen, althans, in ieder geval voor een deel.

Het zingen en de orgelmuziek draagt daar ook toe bij. Ga er maar vanuit dat je denken en bewustzijn verschillende lagen hebben. Er zijn eenvoudige en ingewikkelde theorieën over.
Naarmate je gedachten zuiverder worden, ga je ook anders denken.

Alle genoemde elementen die van invloed zijn op je gevoel, zijn verklaarbaar. Er is over nagedacht.
Het is ordelijk binnen het rituaal samengesteld en bedacht.
Men weet wat het doet met een mens. Men weet wat het oproept. Het is een wetenschap die heel ver gaat. En wij realiseren ons dikwijls niet wat het effect is van alles.

In een rituaal, is een route vastgelegd die, als je die volgt, je op een diepere plaats in jezelf brengt. Een stukje verder naar de eenwording met God.

Een heel groot deel van die route heeft de bedoeling je innerlijk te zuiveren. En dat doe je zelf.
Het hoogtepunt van die route is, als je zodanig gezuiverd bent dat je bewust of onbewust iets van de Goddelijke eenheid kan ervaren. Je zit dan best wel hoog in je denk en gevoelsniveau. Dit is gekomen door al de aanrakingen van die genoemde elementen die bij jou zijn binnengekomen.

Is dan alles ook prettig wat je ziet en ervaart? Nee, zeker niet altijd. Want al doe je het samen, het blijft je eigen eenzame weg. Het hangt er ook van af wat je vroeger is aangepraat. Je kunt bijvoorbeeld een hekel hebben aan het kruis. Je kunt dan 2 dingen doen. Niet meer komen, of onderzoeken wat het eigenlijk betekent. Er zijn altijd dingen waar je wat moeite mee hebt.
Het is dus goed aan jezelf de vraag te stellen waarom dat is.

Aan een rituaal is, als het goed is, door de makers heel veel aandacht besteed. Over elk gebaar, elk symbool, elke kleur, de trilling van de woorden, de passende teksten moet veel kennis in huis zijn.
Het moet ook terug te vinden zijn. De route in een rituaal moet duidelijk zijn. Waar dient het toe?
Laat ik het effect wel op mij los? Voel ik mij er veilig bij? Een rituaal moet een voor mensen veilige route zijn.

In een kerk is het rituaal bedoeld om de gemeenschap verder te helpen op zijn ontwikkeling naar de Goddelijke eenheid. Echter het heeft ook groot effect op de voor ons onzichtbare wereld, want wij zien maar heel erg ten dele. Het is ook een samenwerking met de onzichtbare wereld.

Wat een rituaal uiteindelijk met iemand doet is heel individueel. Maar het roept bij iedereen het verlangen naar Goddelijke eenheid op. De uiteindelijke weg naar God dus.

Er ontstaat gevoel, die in kennis wil uitgedrukt worden. Je wilt je gevoel verwoorden en omdat je in een gemeenschap zit, vind je ook gelijkgestemden om hier meer duidelijkheid in te krijgen.
Denken en voelen op één lijn krijgen is een hele toer. Hoe harmonischer we leven hoe beter het gaat. Meestal lukt het niet tijdens één leven.

Ik vergelijk het rituaal wel als een wandeling door een immens kasteel van kennis.
Elke keer tijdens de Eucharistie, gaat er weer een andere deur open en loop ik een nieuwe zaal binnen die mij weer op nieuwe gedachten brengt. Die vragen oproept, of dingen duidelijk maakt.
Dat gebeurt bij een gebaar, symbool, woord, toon van de muziek, preek, enz.
Het is de werking van een rituaal, die je heel veel dingen aanreikt, waardoor je concreet kunt bezig zijn met het pad dat je voor jezelf aanlegt.

Kan je die weg ook volgen buiten een rituaal? Jazeker. De ervaring binnen een rituaal, of de wil om het te ervaren, want je kunt het ook per se niet willen, hangt af van je eigen persoonlijkheid en achtergrond. Er zijn mensen die het idee van een rituaal benauwend vinden. Die zoeken liever de ruimte en de vrijheid. Die zoeken het in contacten met andere mensen.

(Maar als het een geestelijke ondertoon heeft, moet ik denken aan: waar 2 of meer vergaderd zijn, in Mijn Naam, ik ben in hun midden. We steken even een kaarsje aan, wij branden een wierookstokje, hebben verheven gedachten, zijn stil, lezen een mooie tekst, kortom toch een rituaal). Want “Mijn Naam”, is toch weer het diepste wezen in jezelf, noem het God of anders.

Het is volgens mij een spiegeling. De ruimte buiten je zoeken voelt heel ruim aan en kan goed voor je zijn als dat nodig is. Ik doe dat zelf ook heel regelmatig.
Binnen een rituaal openen zich voor mij deuren, door de teksten, muziek, wierook enz., die mij ongelooflijk veel ruimte geven. Het geeft mij in ieder geval heel veel nieuwe inzichten.
Een ruimte die alleen nog maar vergroot wordt als je ook religieuze denkbeelden van andere religies toelaat. Als je die ook binnen de innerlijke consequenties van dat rituaal kan en mag plaatsen, want dat hangt af van welk genootschap je deel uitmaakt.

Het nut van een rituaal is dus in feite, dat je via een gestructureerde lijn langs verschillende zintuigen gedachtenvormen doet ontstaan die je meer inzicht geven in de opening van het Goddelijk bewustzijn in jezelf en die je aangeboden worden als het je lukt om even, voor korte tijd, op een hoger bewustzijnsniveau te staan. Iets, waarvoor bijvoorbeeld onze Eucharistie gemaakt is.

Er zijn vele, ook buitenkerkelijke ritualen. Het moet je passen als een goed stuk kleding.

Pr. Parcival van Gessel.

Bespiegeling, 12e zondag na HDV, Maria Ten Hemelopneming,        18-08-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vanmorgen begonnen we met die prachtige proloog. De schepping van alle vorm vanuit de diepte van de wijsheid, vanuit de moederschoot, de potentie van al dat is.
En straks aan het eind van de dienst horen we in de epiloog dat alles weer terugkeert in die moederschoot, alles keert terug in de stilte van de Al-Ene.
Hoe mooi past dit bij wat we vandaag vieren: Maria Tenhemelopneming. Op het aardse vlak staat het voor de Maria die wij kennen als de moeder van Jezus. Maria werd ten hemel opgenomen. Dat vraagt een actie van twee kanten: een bereidheid van Maria om te worden opgenomen en een actie van de andere kant om haar daadwerkelijk op te nemen. Heel aards kan je het vergelijken met een toelating tot een kerk, een club of zo iets. Er zijn twee partijen nodig. Jij bent bereid lid te worden en de andere partij is bereid om je op te nemen. En ook daarna is nog interactie nodig. Samenwerking. Het besef dat we het altijd samen doen in het leven, niemand kan zonder de ander. Die samenwerking kan gaan in overeenstemming met elkaar en soms met pittige confrontaties; waarbij we mogen beseffen dat die confrontaties ons vaak meer vertellen over ons zelf dan over de ander. De ander is de spiegel van wat er in ons leeft. Samenwerking en conflicten, het reflecteert dat wat er is en alles wat er is, komt voort uit dezelfde bron van Wijsheid, de Bron van Liefde. Een opneming is een besef creëren van eenheid, van eenwording en dat kan gelden voor dit aardse bestaan en voor de tenhemelopneming, de eenwording met de Bron.
Aan de kant van Maria vroeg de Tenhemelopneming om overgave, zelf overgave en dat is zeker niet toevallig ook de intentie van deze 12e zondag na HDV. Zelfovergave is bereidwilligheid, geen voorwaarden vooraf, een openstellen voor dat wat mag komen. Dat had Maria al haar hele leven gedaan en nu op het einde weer.
Vandaag lazen we in de eerste lezing uit de Wijsheid van Jezus Christus. De basis van deze tekst is de tekst van Eugnostus de Gezegende, (codex 3 boek 3). Die tekst is in een christelijk kader geplaatst door uitspraken die er in staan toe te kennen aan Christus en vragen toe te voegen van verschillende apostelen. In de spiritueel-gnostische kringen uit de tijd, vlak na het begin van onze jaartelling, ging het minder om vorm van het verhaal dan om inhoud. Het boek gaat over de schepping van het heelal. Daarbij speelt Sophia als de vrouwelijke kant van God een belangrijke rol.
We mogen ons daarbij realiseren dat er vele verschillende scheppingsverhalen zijn over de gehele wereld. Het zijn altijd verhalen om woorden te geven aan ontzagwekkende gebeurtenissen die ons verstand te boven gaan.
In dit verhaal zou Sophia de wereld geschapen hebben zonder paargenoot en daar spijt van hebben gekregen. Door lichtdruppels in alle mensen uit te zaaien heeft zij geprobeerd haar misstap goed te maken. Christus is hier op aarde gekomen om ons bewust te maken van die lichtdruppels en ze te activeren, op te wekken.
Daardoor kunnen wij ons verenigen met de Bron, die zowel de vormgevende krachten bevat van Sophia als de levengevende krachten van de Heilige Geest, de adem van God.
Een paar weken geleden hoorden we al dat er heel veel verschillende Sophia’s zijn. Maria als wereld moeder is er een van. Maria als moeder van de Zoon van God ook.
De Tenhemelopneming van Maria, de moeder van Jezus kan gezien worden als een symbool voor de Tenhemelopneming van alle vormen geschapen door Sophia als vormgevende kracht. Het is een terugkeren in de diepte van de moederschoot, in de Bron en een enorm besef van eenheid.
En die eenheid kent vele gelaagdheden. Het uiteindelijke opgaan van de ziel in de leegte, terug naar het Al-Ene zou je kunnen zien als de ultieme eenheid. Zo’n ervaring of waarneming van eenheid kan plaatshebben op alle lagen van bewustzijn. Vanaf de hoogste spirituele lagen steeds verder zich manifesterend tot aan het leven wat wij hier op aarde leiden.
Christus heeft ons voorgeleefd hoe wij onder elkaar en met Christus eenheid in liefde kunnen ervaren als het ene lichaam van Christus. Een ervaring die ieder van ons wel eens heeft gevoeld. Het begin van onze eigen Tenhemelopneming.
Laten wij ons voornemen om ons zelf over te geven aan goddelijke leiding en daardoor dit prille begin meer vast vorm te geven.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 11e zondag na HDV, Onderscheidingsvermogen                 11-8-2024
Aanstaande zondag ontvangen 2 mensen in onze kerkgemeente uit handen van een bisschop het Heilig Vormsel.
Een poosje geleden schreef ik hierover het volgende:
“Het Heilig Vormsel kan toegediend worden aan mensen die lid zijn van onze kerk. Het gaat dan (afhankelijk van de ontwikkeling)om kinderen vanaf ongeveer 12 jaar, jongeren en volwassenen. Mocht iemand altaardienaar zijn en wijdingen ontvangen, dan is het een voorwaarde dat men gevormd is.
Degene die het ontvangt, wordt gesterkt in het leven in Christus. Dit heeft tot gevolg dat de ziel krachtiger wordt gemaakt en dat betrokkene het vermogen krijgt zich beter door het lichaam uit te drukken.
Betrokkene biedt zich aan als een ridder/dienaar/lichtdrager in de dienst van Christus.
Als leden van Christus Kerk, die wij ook aanduiden met Zijn Mystiek Lichaam, zal betrokkene verlangen aan de zijde van God te willen staan en zich te meten onder de banier van Christus in de voortdurende twist tussen goed en kwaad. In dit sacrament van het Vormsel geeft de Kerk betrokkene zowel de gelegenheid in dienst te staan van Christus als de kracht om die dienst te vervullen, gelijk de geestelijke mens behoort te doen. Betrokkene wordt aanbevolen Lichtdrager te zijn, Christus Waardig.
Zo zal betrokkene het vuur van Liefde levendig doen opvlammen in de harten van degenen, in wie het nog slechts smeult.
Betrokkene dient er ernstig naar te streven om diens gedachten, woorden en uw daden gelijk te doen zijn als een ‘kind’ van Christus en een ridder/lichtdrager, aan Christus dienst gewijd.
Bij iemand die de inhoud van het Vormsel las kwam de vraag naar boven: “Ben ik wel zuiver genoeg”.
En dat is een vraag die we denk ik allemaal wel over onszelf kunnen stellen. Het Vormsel is een soort bereidheidsverklaring. Wij verklaren te willen streven naar de ontwikkeling van al onze aspecten. Wij kunnen dingen wel en wij kunnen dingen niet. Wij kunnen dingen goed en dingen een beetje. Door de ontwikkeling van onze gaven kunnen we een aanzet geven aan de verbetering wat niet lukt.
Er werd ook gevraagd of je je aan bepaalde regels moet houden. Daar is in onze kerk geen sprake van, maar als je daar een handleiding of een hint in zou willen, kan je geduid worden op de ontwikkeling van “waar ridderschap” en dan in ons geval in Christus dienst.
Er is een spirituele ceremoniële jeugdorganisatie die ook op dit centrum actief is en bedoeld is voor kinderen vanaf 6 jaar en je mag blijven tot je dood. Het heet de Internationale orde van de Tafelronde. Een aantal leden van de kerk, onder wie ikzelf, zijn daar ook lid van.
De ceremoniën zijn van een universeel karakter en gebaseerd op de legendes van Koning Arthur. Een aanrader om eens met je (klein)kinderen te gaan kijken. www.tafelronde.nu
Daar wordt gesproken over de “ware ridder” met de volgende tekst:
“De ware ridder is sterk, moedig, eerlijk. Hoffelijk en zelfbeheerst.
Hij heft nooit de hand op tegen zwakkeren, bevoordeelt zich niet ten koste van anderen, spreekt geen kwaad van afwezigen en is nooit ontrouw aan een vriend.
“Eer” is zijn wachtwoord en “zachtheid” zijn sieraad. Hij is hulpvaardig en toegeeflijk, voornamelijk jegens zwakkeren, zonder vrees in gevaar, vol medelijden voor hem die overwonnen is, vergevende wie hem kwaad doen, vriendelijk voor kinderen en dieren.”
Het zwaard van de ridder staat symbool voor: goede daden.
Als je op weg bent naar de verbinding met Christus diep in je zelf, waarbij je je in het Vormsel aanbiedt als ridder/lichtdienaar, dan is de bovengenoemde tekst wel toepasselijk als je behoefte hebt aan enige richting.
In onze kerk van vrijheid hebben wij gelukkig geen richtlijnen in gedrag en ontwikkeling.
Maar als aandachtspunt in bewustwording en er je uiteindelijk naar gedragen is de riddertekst wel heel bijzonder. Immers, wij zijn mensen van goede wil.
Het thema van vandaag: onderscheidingsvermogen, is daar een goede hulp bij.
En op deze dag gebeurt er niet alleen wat met de kandidaten (Martie en Ellen), maar ook met de andere aanwezigen.
Naast het Vormsel worden aan het begin van de H. Eucharistie Victoria en Ivo toegelaten als lid van onze kerk. Ook dit is een belangrijke aanschakeling en een vreugdevolle gebeurtenis.
Wij wensen Martie, Ellen, Victoria en Ivo heel veel geluk op het pad dat zij zondag betreden.
+Parcival

Bespiegeling 10e zondag na HDV, toewijding,                                         04-08-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vorige week zondag daagde ik jullie en mijzelf uit om de komende week vanuit vriendelijkheid te leven en ik hoor heel graag ervaringen straks bij de koffie. Zelf had ik een mooie ervaring die ik graag wil delen. Al een poosje had ik een vrij stroeve omgang met iemand en ik kwam die persoon weer tegen terwijl hij in een groepje mensen aan het praten was. Ik stak mijn hand op ter begroeting en hij deed hetzelfde. En toen dacht ik aan die vriendelijkheid en ik dacht, kom laat ik hem gewoon met een vriendelijke hand begroeten en ik liep met uitgestrekte hand naar hem toe. Zijn reactie was twee open armen en een warme knuffel. Een totaal onverwacht geschenk dankzij de vriendelijkheid.
Vandaag gaan we na het vertrouwen in onszelf, in onze innerlijke bron en in anderen door met de intentie: Toewijding.

Toewijding is de intentie die wij toekennen aan de aartsengel Jophiël, een van de 7 aartsengelen die wij benoemen en waar wij kaarsen voor aansteken op het altaar. De 7 gouden stralen die we ook bezongen in ons openingslied, die de groei naar het Licht bepalen. Aan elke engel kennen wij een intentie, een kwaliteit toe die wij in onszelf willen ontwikkelen. Gabriël Liefde Wijsheid; Michaël Kracht als in de sterkte van Lichtkracht; Uriël Harmonie; Chamaël kennis; Zadkiël orde; Raphaël tact en verdraagzaamheid en tenslotte Jophiël toewijding.
Over toewijding is heel veel te zeggen. Sommige mensen zijn hun kluppie zeer toegewijd of dat nou een voetbalclub, een schaakclub, een literaire club of een religieuze club is. Toewijding zou je kunnen omschrijven als het tonen van betrokkenheid van binnenuit, trouw, gedienstig en verantwoordelijkheid aanvaardend. Een inzet voor de ander.
En daar raken we meteen aan wat Jezus zegt in de evangelie lezing: Toewijding aan God is niet iets wat je kan doen alsof niet iets wat afgedwongen kan worden ook, het komt van binnen uit. Jezus zegt: “God is geest, en wie Hem aanbidden, moeten Hem in geest en waarheid aanbidden.”
In Geest en in Waarheid aanbidden. Niet beredenerend, niet in opgelegde zinnetjes, maar van binnenuit, vanuit het hart. Lofliederen zingen. Toewijding vraag een hart, een verstand en een geest zonder veroordelingen, zacht en ontvankelijk. Vriendelijk ook. Onvoorwaardelijk.
Vaak gaat toewijding over aanbidding of inzet voor iets of een ander. Toewijding kan ook gaan over inzet, aandacht en focus voor onze eigen al dan niet onbevlekte spiegel, ons eigen innerlijk Licht, voor onze goddelijke bron. Toewijding hieraan vraagt dat wij ons ontdoen van alle vervuilende, belastende en versluierende vormen van energie. Zonder enige veroordeling.
Onvoorwaardelijk, dus zonder voorwaarden.
En juist die laatste toevoeging is erg belangrijk want iemand zijn grootste kracht is ook soms zijn grootste valkuil. Als alle focus, alle energie van iemand in die toewijding naar één bepaald onderwerp gaat, of dit nu zijn of haar eigen innerlijke Licht is of zijn of haar sportkluppie, dan ontspoort de toewijding, dan wordt het een soort verslaving. Dat geldt voor alle kwaliteiten die wij benoemen bij de aartsengelen.
Als iemand altijd alles in balans wil houden, dan mag er nooit chaos ontstaan en juist uit chaos ontstaat nieuw leven.
Als iemand voortdurend nieuwe kennis wil vergaren dan blijft diegene student en wordt die kennis nooit gebruikt ten dienste van anderen.
Vier weken geleden hadden wij de lezing over het bezoeken van gevangenen en zieken, het eten en drinken geven, het kleden van iemand als werken van barmhartigheid, als werken van vriendelijkheid misschien wel. Jezus zei daar: dat wat ge voor iemand gedaan hebt, hebt ge voor mij gedaan.
Toewijding. En ook die kan door slaan. Bijvoorbeeld als er geen kritische vragen meer gesteld mogen worden over doelmatigheid en nut van dat wat er gebeurd.
Een doorgeslagen toewijding aan jezelf leidt tot egoïsme.
Eigenlijk draait alles om dat woord onvoorwaardelijk, want er is altijd een reden achter iemands handelen. Een zogeheten beweegreden, een reden om in beweging te komen. Soms is die reden overduidelijk; echter vaak is het een hele zoektocht wat nou ten diepste de motivatie is voor onze toewijding. Het slotlied beschrijft straks prachtig ons doel: een motivatie vanuit de levensstroom, stil en luisterend naar de Liefdeswil van God die in ons binnenste spreekt. Leven in de geest van God, vriendelijk en barmhartig, liefdevol.
Moge dat zo zijn,
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 9e zondag na HDV, vertrouwen                                     28-07-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

De afgelopen weken hebben we met hulp van de intenties gekeken naar onszelf en hoe wij in de wereld staan. We begonnen met standvastig dienen en kwamen daar tot een inzicht dat dat zou kunnen betekenen een aanmoediging dat we vooral vasthouden aan wie wij werkelijk zijn. Daarna kwam zuiverheid, een intentie die kan betekenen een aanmoediging dat wij ons eigen Licht, onze diepste kern niet versluieren door overtuigingen, emoties en een vasthouden aan materiele zaken, maar zuiver houden. Vorige week kwam de wijsheid om de hoek gluren. Wijsheid IS, het zit in alle dingen en in alles wat we meemaken en ervaren. Kunnen en willen, durven wij die wijsheid aan? Kiezen wij er voor om met open ogen en een open hart die wijsheid te ontvangen en toe te passen?

En dan komt vandaag vertrouwen. In het Nederlands wordt dit begrip omvat door maar één woord: vertrouwen, in het Engels zijn er wel drie woorden: confidence, faith en trust. Waarbij volgens de oxford dictionary confidence vaak wordt gebruikt als omschrijving voor het (vertrouwelijk) een geheim te delen. Faith wordt omschreven als unquestioning confidence, onvoorwaardelijk vertrouwen (in). En tenslotte trust (in) wordt omschreven als strong belief (in) without proof (vertrouwen zonder bewijs).
Er zijn verschillende gezegdes met dat woord vertrouwen:
Bijvoorbeeld: het is makkelijker om iemands vertrouwen te schaden, dan te verkrijgen.
Of: Vertrouwen komt te voet en gaat te paard.
Het kan gaan over goed of te goed van vertrouwen, zelfvertrouwen, niet te vertrouwen en rotsvast vertrouwen.

Vertrouwen in iets wat je niet wetenschappelijk kan bewijzen. Vertrouwen is a matter of the heart. In goed Nederlands: Vertrouwen is een zaak van het hart, het raakt het hart aan.
Als iemands vertrouwen is geschaad, dan doet dat zeer.
In de eerste lezing lazen we een stukje kosmogonie beschreven door Eugnostus de Gezegende en daar, helemaal aan het begin van de schepping wordt al het woord vertrouwen gebruikt.
‘De Zoon des Mensen verenigde zich met Sophia, zijn partner en onthulde een groot man-vrouwelijk Licht’. Een androgyn licht.
‘De mannelijke naam daarvan wordt ‘Verlosser, Verwekker van alle dingen’ genoemd’. Tom fokker gebruikte graag de woorden : de Leven-gevende energie.
‘De vrouwelijke naam wordt ‘Sophia - Al-verwekster’ genoemd’. Volgens de woorden van Tom de Vormgevende energie. En dan volgt in de lezing: ‘Sommigen noemen haar ‘Pistis - vertrouwen’.
Al in het allereerste androgyne licht, nog voor de schepping van de aarde is er al vertrouwen. Vertrouwen is een oerbeginsel in onszelf.
Probeer eens in te voelen wat het met je zou doen als je je zelf- vertrouwen kwijtgeraakt. Dan verdwijnt het vertrouwen in het eigen innerlijke androgyne licht. Je bent niet meer je eigen zelf en het is vaak een hele lange weg terug.
De tweede lezing geeft een handreiking hoe wij het vertrouwen kunnen terugvinden of versterken: ‘De volmaakte Verlosser sprak: “Kom van de verborgenheden tot de voltooiing van het zichtbare, en de sterke uitstraling van het denkvermogen zal jullie onthullen, hoe het vertrouwen in het onzichtbare werd gevonden in het zichtbare’. Hoe het vertrouwen in het onzichtbare werd gevonden in het zichtbare. Onze zichtbare wereld, alle situaties die wij als mens waarnemen met onze eigen zintuigen kunnen het vertrouwen voeden. Door steeds een bevestiging te vinden van ons vertrouwen kan en mag dat vertrouwen in onszelf, in anderen en in onze diepste bron groeien.
Een citaat van Lao-Tse geeft ook een voorbeeld hoe vertrouwen kan groeien:
‘Vriendelijkheid in woorden schept vertrouwen,
vriendelijkheid in denken schept diepzinnigheid,
vriendelijkheid in geven schept liefde.’

Vriendelijkheid, het geeft een levenshouding aan. Misschien is dat nog wel de belangrijkste voorwaarde voor het ervaren van vertrouwen. Vriendelijk in het leven staan, genadig, met een warm hart vanuit Liefde. Het vasthouden aan veroordelingen, aan overtuigingen en emoties en aan materiele zaken blokkeert je eigen licht, maar ook het open kunnen ervaren van dat wat er is. Met zachtheid het leven aanzien schept mogelijkheden voor vertrouwen. En hoe ongrijpbaar vertrouwen in de bron ook kan zijn, dit is een eigen keuze. Het is onze eigen keuze hoe wij omgaan met de dingen die ons overkomen. Waar leggen we de nadruk op, waar focussen we op? En dat gaat over de kleinste dingen, over de alledaagse dingen. Hoe praat je over wat je meemaakt? Want waar het hart vol van is, daar loopt de mond van over. Welke gedachten spoelen de hele dag door je hoofd?
Laten we de komende week ons focussen op vriendelijkheid in al ons handelen, ons denken en ons spreken en dan zien wat er gebeurd.
Ik wens u gezegende ervaringen,
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 2e zondag na HDV, God als Licht,                                     09-06-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vandaag een groene viering. De tweede dit jaar. De eerste was ruim 5 maanden geleden op 14 januari. Groen is zeg maar de normale standaard kleur voor de vieringen en die groene kleur wordt vervangen door wit bij hoogtijdagen en rood bij dagen ter ere van de Heilige Geest. En paars wordt de kleur bij de dagen van bezinning voor de grote feesten van Kerst en Pasen. Ik heb van de week eens gekeken hoeveel groene, zeg maar “normale” zondagen er eigenlijk zijn en dat zijn er 18. Er bleken 20 feestzondagen in het wit te zijn , 5 rode ter ere van de Geest en 9 paarse (waarvan er dan weer twee roze getint zijn). Er zijn dus beduidend meer feestzondagen in wit en rood dan normale groene zondagen.
Het thema van deze dag is God als Licht en gelukkig is dat niet letterlijk want met de verschrikkelijk donkere regenwolken en het weinige zonlicht van de afgelopen 7 maanden zouden we dan moeten concluderen dat Gods aanwezigheid schaars is.
God als Licht. Volgens het eerste hoofdstuk van Genesis was de aarde leeg en Gods Geest zweefde over de wateren en God zei: “er zij licht en er was Licht”.
Licht tegenover de duisternis, dag tegenover de nacht. En God zag dat het goed was. Het begin van de schepping. Zowel het licht als het donker horen bij de schepping en dat is goed, zag God. Licht is eigenlijk een heel speciale energie. Het is namelijk onzichtbaar en het kan reizen met een enorme snelheid. Door die snelheid lijkt het op de relatief kleine aarde waarop wij wonen alsof het niet reist, maar dat het IS. Licht wordt pas zichtbaar als het ergens op valt, als het weerkaatst wordt. Licht manifesteert ook. Zonder licht groeit er niets, zien wij niets en blijft alles stil en donker. Wit licht wordt door een prisma gesplitst in 7 kleuren en kan door een filter veranderen van kleur.
En dan zeggen wij vandaag dat God als Licht is.
En dan vind ik eigenlijk de mooiste vergelijking van wat net beschreven is: Licht wordt pas zichtbaar als het ergens op valt, als het weerkaatst wordt.
God wordt pas zichtbaar als wij als mens het goddelijke Licht dat in ons is weerkaatsen en uitstralen. Gods licht omvat alle kleuren en wij zijn een soort filter. Ieder van ons reflecteert Gods Licht vanuit het bewustzijn, het kanaal dat iemand kan zijn en daardoor draagt ieder van ons zijn of haar speciale goddelijke kleur bij aan het geheel. Allemaal samen zijn wij weer dat Goddelijke witte licht. En er is niet één kleur of tint die belangrijker is dan de andere.
Gods Licht laat ons groeien doordat het licht schijnt op wie wij zijn. En als we het Licht niet verduisteren door er een scherm van afweer voor te zetten zien wij door dat licht, door Gods Licht onze eigen lichte en donkere kanten.
En God zag dat het goed was.
Licht en donker horen bij elkaar. Het gaat er om hoe wij er zelf mee omgaan. Wat voeden wij, waar hechten wij aan?
De laatste zin van de eerste lezing gaf een hele duidelijke aanwijzing hoe wij het scherm van afweer kunnen afbreken en hoe wij om kunnen gaan met onszelf en met onze medemensen: “Wie zijn broeder liefheeft, blijft in het licht”. Liefhebben.
Dat is ook de blijde boodschap die Jezus Christus ons gebracht heeft: God ís Liefde.
Gods Licht zouden we kunnen zien als de draaggolf voor de liefde. Door het Licht kunnen wij zien en daardoor kunnen wij liefhebben. Zonder licht zien wij onszelf niet en ook geen medemens.
Mogen wij onze ogen openen en gevoed door Gods Licht donker én licht zien en de liefde uitdragen in de wereld.
Amen         Pr. Jose Versteeg 

Bespiegeling Corpus Christi                                                                        2-06-2024
Maar de ziel die over rede beschikt, zij, die zich moeite getrooste te zoeken, heeft kennis over God ontvangen. Ze spande zich in met zoeken, waarbij ze haar lichaam afmatte en haar voeten versleet de evangelisten achterna, om de Ondoorgrondelijke te leren kennen. Ze hervond haar dageraad. (Nag Hamaddi)

Enige tijd geleden schreef ik over het “komen uit de bron” en weer terugkeren naar de bron.
Een beweging die eeuwen- en incarnaties lang duurt. Het lijkt op de weg langs een ellips. Er komt een moment dat onze ziel steeds meer gaat zoeken, dat de bladeren van de lotus zich steeds meer openen. Wij verslijten onze lichamen en de blik wordt steeds helderder. Op een zeker moment komen wij terug bij de bron en dan gaat ons het licht op. Wij komen bij de dageraad.

Dit gebeurt als de ware kennis die in ons is, ook getoond wordt. Dan volgt de Goddelijke Eenwording. Wij zijn in het bruidsvertrek en langs de weg van al onze uitdagingen worden wij verenigt met het Christusprincipe.
De Goddelijk volmaakte mens. Dit geeft ons geestelijk voedsel. Dan gaat het licht in ons stralen. Rust van al onze inspanningen valt ons ten deel. Het is een heel karwei, maar aan het eind van dit alles heb je dan ook wat.

Christus, de bruidegom van de ziel, bracht de ziel het Woord in het verborgene. Hij gaf het haar in de mond, opdat zij het als spijze eten zou en legde het Woord als balsem op haar ogen, opdat zij zou kunnen zien met haar bewustzijn (zielenvermogen), en haar verwanten - de zielen der rechtvaardigen - zou herkennen en zich haar wortel (de grote Sofia) zou herinneren.(Nag Hammadi)

Christus, de bruidegom van de ziel geeft het Woord aan ons, het inzicht komt ons als geestelijk voedsel in de mond en wij worden door herinnering verbonden met onze oorsprong.

De Heilige Communie linkt ons aan bovenstaande gedachte. Er kan een tipje van het mysterie worden opgelicht. Het brood als symbool van het geestelijk voedsel, van de bewustwording dat wij op weg zijn naar de verbinding met het oorspronkelijke. Reis door de nacht naar de dageraad.

De wijn, verdund met water, als symbool van de Heilige Geest die in ons actief is. Wijn ook als symbool van het bloed. Niet dat griezelige bloed, maar dat energieke bloed. Symbool van levenskracht. De stuwende kracht achter de raket die op weg is naar een eindeloze verte. Bij elke lering die wij ondergaan en de daarop volgende bewustwording , geeft een klop van het hart die ons weer wat verder in de goede richting stuurt.

Als je er goed over nadenkt heeft die Communie verschillende werkingen. Het versterkt ons gevoel van eenwording met God, eenwording met elkaar en het roept ook het verlangen op naar datgene wat wij lazen in de eerste regel van de eerste lezing: Moge onze ziel het Ondoorgrondelijke leren kennen en de dageraad hervinden.

Bij het Heilig Avondmaal maakte Jezus ons hier bewust van: Neemt en eet allen hiervan, want dit is Mijn Lichaam.
Neemt en drinkt allen hiervan, want dit is Mijn Bloed.
De cirkel is rond. Op Corpus Christi, vandaag dus, wordt deze gebeurtenis nog eens indringend onder de aandacht gebracht.
Ik wens u een goede week van bezinning omtrent dit onderwerp toe.
Pr. Parcival van Gessel.

Bespiegeling Heilige Drievuldigheid,                                                  26-05-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Wat een prachtig Pinksterweekend hadden we vorig weekend. De viering in de tuin op eerste Pinksterdag en de viering bij de landdag. En dan vandaag weer een viering met een heel bijzondere intentie. Heilige Drievuldigheid.
Als ik heel eerlijk ben verlang ik elk jaar rondom deze tijd weer naar een gewone groene viering. Met een intentie die wat makkelijker te vatten is. Vanaf december vieren wij heel veel schitterende feesten met een enorme diepgang. Dat vraagt van ons inzet om te willen en kunnen begrijpen en aanvoelen wat er allemaal gebeurt. En naast het begrijpen en aanvoelen vraagt het ook van ons om het te integreren. Niet alleen innerlijk door ons bewustzijn te transformeren, maar ook in ons lijf en in ons handelen. Dat vraagt om een periode van reflectie, rust, even niet tot het uiterste gaan.
En die periode begint vandaag met de Heilige Drievuldigheid. De Vader, de Zoon en de Heilige Geest, ook wel de Heilige Drie-eenheid genoemd.
Bisschop Gert Jan omschreef dat vorig weekend al als de inerte, onveranderlijke eeuwigdurende cirkel van de Vader. Daaruit ontspringt een emanatie van de Vader, een uitvloeiing die afdaalt en manifesteert, die creëert. De Heilige Geest geeft leven aan wat gecreëerd is en de Zoon schiep de ruimte om terug te keren tot de Vader.
Opnieuw een feest met een enorme diepgang en behoorlijk abstracte begrippen.
Tijdens de Heilige Mis wordt de symboliek van Vader, Zoon en Heilige Geest vaak gebruikt.
We beginnen er elke viering mee: In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. En we maken daarbij een kruisteken. Daarmee tillen we de intentie waarmee we de viering willen vieren op van het aardse alledaagse naar het hemelse. Vanuit ons aardse bestaan, geleid door de Zoon, goed gegrond in de liefde van moeder aarde en begeesterd door de Heilige Geest stemmen wij af op de Bron van Liefde, de oorsprong van al dat is en waarnaar alles weer terugkeert, de alpha en de omega, begin en einde, de Vader.
En bij de wieroking offeren wij geest, ziel en lichamen aan God de Vader, God de Zoon en God de Heilige Geest. Offeren betekent hier aanbieden, in feite ter beschikking stellen vanuit het besef dat onze geest, ziel en lichamen alleen bestaan doordat wij geschapen en bezield zijn door de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
De Heilige Drie-eenheid is de grond onder ons bestaan, wij bestaan in en vanuit deze Drie-eenheid.
Het is net als een poppetje dat je bouwt van lego. Zonder lego steentjes kan je geen fysiek poppetje bouwen. Zonder de Heilige Drievuldigheid bestaan wij niet. Fysiek zijn wij ontstaan uit moeder aarde en ook moeder aarde is een geschapen bezielde vorm vanuit de Bron. Ons bewustzijn is ingeschapen en wordt stukje bij beetje onthuld door alles wat wij meemaken en waar wij ons bewust van worden.
Het dagelijkse besef van de Heilige Drievuldigheid is misschien een beetje vergelijkbaar met het besef wat we hebben van onze beide ouders. In de kindertijd zijn beide ouders hard nodig om ons te beschermen, te leiden en te begeleiden naar volwassenheid. In de volwassenheid zijn ze er tot ze overlijden altijd op de achtergrond. Onze moeder is de bron waaruit wij geboren zijn. Degene die ons samen met onze vader het leven heeft gegeven. En als dat wegvalt kunnen we ons soms een wees voelen. Ontheemd. Ook al waren ze niet meer actief in zorgen voor ons en wij misschien zelfs moesten zorgen voor hen, toch waren zij die basis, die er was sinds we bestonden. Wij bestaan dankzij en uit hen. Zonder hen waren wij er niet.
Zo ook zijn de Vader, de Zoon en de Heilige Geest; drie vormen, drie omschrijvingen van de Ene die Bron van liefde is en zonder dat zijn wij niet.
En dit besef kan tot uitdrukking komen in het maken van een kruisteken over jezelf.
Wij bestaan ( kruisteken maken) in de Naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
De Vader als Bron van liefde van waaruit de Zoon afgedaald is naar deze aarde en de Heilige geest die ons belevendigt en over de aarde gaat in het horizontale vlak.
Net zoals wij erfgenamen zijn van het genetisch materiaal van onze ouders zijn wij ook erfgenamen van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. En een mooi voordeel: over elke materiele erfenis moeten we belasting betalen; echter deze erfenis is vrijgesteld, hier hoeven we geen belasting over te betalen.
En net zoals we op Vader- en Moederdag extra aandacht geven aan onze ouders zo is het vandaag een dag om eens extra stil te staan en lof, eer en dank te brengen aan de Heilige Drievuldigheid.
Moge dit diepe mysterie steeds meer tot ons doordringen elke keer als wij een kruisteken maken,
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling Pinksteren,                                                                     19-05-2024
“Toen het Woord verscheen, dat in de harten woont van wie het uitspreken, dat niet enkel stem is, maar ook lichaam aangenomen heeft, ontstond er grote beroering(verwarring).
De Dwaling was ontredderd, en wist niet wat te doen, ze was bedroefd en jammerde en kwelde zichzelf omdat zij niets wist.
Toen de kennis, die de ondergang is van de Dwaling en al haar uitvloeisels, haar naderde, bleek zij (Dwaling) hol en inhoudsloos.”

Als je dit stukje leest, heb je een grote kans dat je moet denken aan de uitdrukking “valse profeten”.
Iemand kan geroemd worden om zijn kennis en wijsheid. Deze persoon kan gewenst of ongewenst “volgelingen” creëren.
Is die kennis een “dwaling” zoals er in de Nag Hammadi over gesproken wordt?
Je zou zeggen van wel.
Kennis is limitatief. Net zoals er gesproken wordt over Goddelijke Wetten, wordt er ook gesproken over de Waarheid met een hoofdletter.
Als je met je kennis zegt: “zo is het”. Dan is de dwaling mogelijk geboren. Onze overtuigingen kunnen hardnekkig en grappig zijn.
Voorbeelden?
Eentje kennen jullie wellicht wel. Jaren geleden, toen ik in Naarden de H. Mis celebreerde hoorde ik op een zeker moment een prachtig gezang. Geen woorden, maar wel een samenspel van een aantal heel mooie stemmen. Ik dacht echt dat ik engelen hoorde zingen.
Een aantal zondagen hoorde ik steeds die prachtige zang. Door mijn kennis kon ik concluderen dat ik een “helderhorende” waarneming had.
Ik deelde mijn ervaring met wat mensen en iedereen was verrukt.
De ontgoocheling kwam enige tijd later:
De waarheid (met een kleine letter) was, dat het het geluid van de aanslaande cv installatie bleek te zijn. In mijn dwaling nam ik een aantal anderen mee, die het verhaal over de engelenzang misschien op hun beurt ook weer verspreidden.
Een van mijn toen nog kleine zoontjes, ontdekte dat bij een bepaald verkeerslicht het licht altijd op groen sprong als hij met zijn ogen knipperde.
Hij kon dat. Dat was een onderdeel van zijn kennis op dat moment. Hij realiseerde zich pas later dat er een detectielus in het asfalt zat. Aanvankelijk nam hij de andere kinderen mee in dit verhaal.

Kennis kan star zijn, maar ook in beweging vanwege voortschrijdend inzicht. Daar is niets mis mee, maar wij moeten ons wel bewust zijn dat de weg naar de Waarheid met een hoofdletter bijna eindeloos kan zijn. En de opening van die bewustwording vindt plaats met Pinksteren. Ons hart en ons verstand wordt geopend voor het Goddelijk Licht opdat wij mogen aanschouwen dat het om de Waarheid gaat.
Voor dat openstellen is moed nodig en heel veel vertrouwen. En dan kunnen wij “genezingen” verrichten, zoals het in de Nag Hammadi beschreven wordt. En met “genezingen” bedoelen wij “helingen”. “Heel” worden is een verbastering van “heilig” worden.
En dan zijn we bezig om werk te verrichten dat gedragen wordt door het Christuslicht.
En ons daarmee verbinden kunnen wij door in de eenwording met Christus het volgende gebed te zeggen:
“onze Heer Jezus Christus, waarborg voor onze rust, schenk ons een geest van inzicht opdat ook wij wonderen mogen verrichten.“ Amen. +Parcival

Bespiegeling zondag na hemelvaart,                                                      12-05-2024
Dierbare Zusters en Broeders in Christus,

Afgelopen donderdag op Hemelvaartsdag hebben we de paaskaars gedoofd met de woorden: De veertig dagen zijn voorbij; de Heer is ten hemel opgestegen. Deze brandende paaskaars, welke gedurende veertig dagen voor ons het symbool is geweest van Zijn opstandingslichaam, doof ik nu in Zijn naam. Het is een teken dat dit licht de lagere wereld verlaat om op hogere gebieden te blijven voortbestaan. Mogen ook wij in ons hart en met onze gedachten daarheen opgaan om met Hem te verblijven, te allen tijd.
40 dagen geleden bleek het graf leeg toen de beide Maria’s het lichaam wilden gaan verzorgen en verscheen Christus in een niet fysieke vorm aan de leerlingen.
Christus was opgestaan uit de dood en op een of andere manier nog in dit aardse bestaan zichtbaar en voelbaar aanwezig voor Zijn leerlingen
Na 40 dagen op die manier verschenen te zijn geeft Hij zijn zegen aan de leerlingen en wordt omhoog geheven en een wolk onttrekt hem aan het zicht. Twee keer een afscheid en twee keer een bevestiging van Christus zelf dat de Christus energie ons niet daadwerkelijk verlaat, maar dat alleen de vorm, de energie van de aanwezigheid veranderd.
Eerst was Hij gelijk een mens met een fysiek lichaam. Na Zijn sterven en de opstanding sprak Hij de mensen aan in een vorm die niet zozeer gezien werd met de ogen maar meer opgemerkt werd in hun hart, hun gevoelens en het menselijke lagere mentale verstand, nu met de hemelvaart gaat de energie over in een andere vorm die je misschien kan duiden als het hogere mentale waar wij onze gedachten naar toe kunnen opheffen.
Ik weet niet hoe jullie dat ervaren, maar ik geloof niet in toeval en vorige week overkwam mij iets dat mij bezig gehouden heeft. Ik was op bezoek bij iemand en we kregen het over overlijden en opstaan na de dood en die persoon geloofde vast dat je begraven moet worden om op te kunnen staan samen met Jezus op de laatste dag. Een crematie zou het proces van opstaan blokkeren. De dag er na las ik in het plaatselijke krantje een verhaal van een dominee met dezelfde strekking en of de duvel er mee speelde was op de radio een item over opstanding en werd weer die noodzaak van een begraven lichaam genoemd. Want zo zou het in de bijbel staan. In mijn overdenkingen en het lezen na deze berichten trof mij het stukje in de bijbel van de opstanding waar ik eigenlijk nog nooit veel aandacht aan had besteed: het graf was leeg toen de beide Maria’s kwamen. Waarom was het graf leeg? Waar was het lichaam?
De manier waarop velen van ons kijken naar de opstanding en de hemelvaart is een energetische. Het lichaam sterft, de ziel komt los van het lichaam en gaat op naar het licht. Het lichaam was als het ware de tempel van de ziel hier op aarde en is nu niet meer nodig. Het lichaam is niet meer bezield en mag vergaan en of dat nu door natuurlijk verval in een graf of door crematie is, is dan misschien niet zo belangrijk. Maar waarom was het graf van Christus dan leeg?
Ik ben geen theoloog en ik heb hier geen geleerd antwoord op. Zou het zo kunnen zijn dat het lichaam van Christus zo doordrongen/bezield was met de goddelijke energie dat bij het opstaan al die energie overgegaan is naar de vorm die de leerlingen nog 40 dagen begeleidde?
En wat is dan opstaan en hemelvaart voor ons mensen in ons aardse lichaam?
Ieder van ons heeft in zijn of haar leven wel eens een donkere periode meegemaakt. Een periode waar alles zinloos leek of zo zwaar dat we dachten het niet vol te kunnen houden. Een periode waar geen einde aan leek te komen en toch uiteindelijk, staat bijna iedereen weer op uit zo’n periode. We zeggen dan vaak ook dat we zijn opgestaan, veranderd door de situatie en met een andere energie. Een ware opstanding. Want door wat er gebeurd is, is de oude persoon die je was gestorven en er is een nieuwe opgestaan. Wijzer en met een andere energie. En de tweede lezing voegt daar nog een andere dimensie aan toe: Want de plaats waarheen ze hun gedachten verheffen, die plaats is hun wortel, die hen opheft door alle hoogten heen, helemaal tot aan de Vader.
Door alles wat wij meemaken en dat hoeven echt niet alleen ernstige of donkere situaties te zijn, leren wij onze gedachten te verheffen door alle hoogten heen. Er is geen wolk meer die het zicht of de richting blokkeert. Er is een open toegang tot de vader. Zoals er staat in de lezing: “Want zelf zijn zij de Waarheid, en de Vader is in hen, en zij zijn in de Vader. Volmaakt en onafscheidbaar, van de waarlijk Goede”.
Wij zijn in de Vader en de Vader is in ons. Wij zijn in het goddelijke aanwezig en het goddelijke is in ons. Onze oorsprong is goddelijk en dat is in al onze vezels van ons lichaam aanwezig. Het bewustzijn hiervan is vaak versluierd. Wanneer wij leren ons hart en onze gedachten te verheffen dan bereiken wij Zijn aangezicht zoals de lezing dat zo poëtisch omschreef: “Zij bereiken Zijn hoofd, waar hun rust is en hun steun, doordat ze zó dicht bij Hem vertoeven, dat ze zeggen, dat zij door innige omhelzing deelnemen aan Zijn Aangezicht”.
Ik wens ons allen een gezegende Hemelvaart.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 5e zondag na Pasen                                                           5-05-2024
De Heer is eerst gestorven en toen opgestaan’, die dwalen. Want Hij is eerst opgestaan en toen gestorven.
Als iemand zich niet eerst de opstanding verwerft, kan hij niet sterven! Alleen als God in hem gaat leven, kan hij sterven.
Zolang we nog in deze wereld zijn, moeten we alles doen om de opstanding te verwerven, opdat we, als we ons vlees afleggen, in de Rust aangetroffen mogen worden, en niet in het ‘midden’ geraken.
Ook uit andere Naq Hammadi verhalen en oude geschriften vinden we het idee, dat je ons fysieke leven als een “dood zijn” kunnen zien en dat het echte leven te vinden is in de wereld zonder lichaam. De “opstanding” en het “sterven” worden vanuit het beeld van gene zijde gezien.
Een lastige constructie, omdat wij het op een andere manier in ons hoofd hebben zitten.
Vanuit het eeuwige, de toestand van “opgestaan” zijn incarneer je. Velen van ons hangen de gedachte van reïncarnatie aan. Dus, vanuit, zeg maar, “gene zijde” wordt ons heengaan naar een fysiek lichaam als “sterven” gezien.
Die beweging van “gene zijde” naar een incarnatie kan dus alleen plaats vinden als wij “wakker”zijn, lees maar: ons in een toestand van “opgestaan” bevinden. Kennelijk is onze ziel door de “opstanding”, het startpunt, aangeraakt om aan de lange reis naar de verlichting of de volmaaktheid te beginnen. Het punt van waaruit wij ooit zijn voortgekomen en dat dient om onze bijdrage te leveren aan de evolutie.
Met dat plan incarneren wij en dan is het de bedoeling dat wij gaan “leven”. Kortom de reis van veel fysieke levens en hemelse aanwezigheid. Noem het maar, zoals in het Tibetaans Boeddhisme, het rad van “leven en sterven”.
En dat doen we dus alleen als God in ons leeft. En dat lijkt bij ieder mens het geval te zijn.
Veel mensen zijn zich bewust dat er een God is, anderen geloven daar niet in. Maar je kan vooraf aan een incarnatie het plan hebben dat het geloven in een God in deze specifieke fysieke aanwezigheid er niet is. In het Tibetaans Boeddhisme noemen wij de rondgang van leven en sterven het : bardo (overgang).
Een route om verlicht of volmaakt te worden. Het fysieke leven noemen ze dan het “natuurlijk bardo van het leven”, het stervensproces van overgang en het verlaten van het fysieke lichaam noemen ze het “pijnlijk bardo”, dan krijg je, als alles van het fysieke leven verwerkt is, het schitterend bardo van dharmata(je bent een lichtwezen geworden). Daarna krijg je de tussenstaat tot het incarneren in een nieuw fysiek lichaam. Hier worden de plannen en leerdoelen vastgesteld. Dit wordt het “karmisch bardo” genoemd.
Het is dus hard werken. Vanuit het bewustzijn/ onbewustzijn dat die Goddelijke vonk in ons aanwezig is, bewandelen we dat pad.
Volgens de Nag Hammadi moeten we “alles doen om weer in de “opstandingsmodus” te geraken”. Doen we dit niet dan kunnen we in het “midden” geraken. Dan dwalen we.
De Tibetanen en hun bardo-onderricht geven dan ook aan dat wij vanaf onze fysieke geboorte naar het fysieke sterven toe moeten werken. Zoveel mogelijk werken aan ons grote plan. Met vallen en opstaan en ons bewust zijn of worden van die plannen.
Telkenmale evalueren en een zelfbeschouwende houding zorgen voor het uitwerken van de lessen.
Met dát bewust zijn en daar aan werken, zijn wij “christenen” . Werkers aan de goddelijke volmaaktheid, zoals Jezus ons toonde hoe wij Christus worden.
Aanstaande donderdag is het Hemelvaartdag. Toen kwam Jezus in die dimensie terecht waar incarneren niet meer nodig is. Amen
+Parcival

Bespiegeling 4e zondag na Pasen,                                                             28-04-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vandaag is het al weer de 4e zondag na Pasen. In de tijd tussen Pasen en Hemelvaart verschijnt Christus heel regelmatig in de geest aan de leerlingen en onderwijst hen nog steeds. In deze tijd kunnen zijn leerlingen nog vragen stellen en proberen te begrijpen wat er nu eigenlijk gebeurd is allemaal. Dat geeft ook ons de gelegenheid te proberen te bevatten hoe het Paasmysterie dit jaar voor ons uitwerkt. Elk jaar opnieuw vieren we deze tijd en elk jaar opnieuw maken we een groei door, vallen ons nieuwe facetten op van het hele Paasmysterie.
Vandaag lazen in de eerste lezing: “Maar God wekte Hem uit de doden op en gedurende vele dagen verscheen Hij aan degenen die Hem van Galilea naar Jeruzalem hadden vergezeld”. Jezus begon zijn openbare leven in Galilea en het eindigde in Jerusalem. Metafysisch betekent Galilea de energie van het leven en Jerusalem het bewustzijn van spirituele vrede. Jezus verzamelde en onderwees zijn leerlingen te beginnen in Galilea, vanuit het leven, vanuit het aardse leven naar Jerusalem, naar een leven in het bewustzijn van spirituele vrede, van eeuwige vrede. Degene die Hem hadden vergezeld, die met Hem mee waren gegaan in die ontwikkeling getuigen van deze eeuwige vrede, deze oneindige liefde. Ook wij zijn door Jezus onderwezen en hebben hem kunnen vergezellen in de ontwikkeling van een bewustzijn gericht op het aardse naar een leven in het bewustzijn van spirituele vrede. Daar hadden we het vorige week ook al over. Onze getuigenis naar de wereld toe.
Door Zijn leven, sterven en verrijzenis is ook onze opstanding in het bewustzijn van eeuwige vrede mogelijk. Daarmee worden, zoals de tweede lezing het beschreef: “de dingen van beneden gelijk aan de dingen van boven, en de dingen van buiten aan de dingen van binnen”.
Dit klinkt heel abstract en wordt wat begrijpelijker als we het vertalen naar hoe onze gezichten er uit zien.
Het wordt eindelijk mooi weer en als die zon weer eens schijnt, ga dan eens op een terrasje zitten en kijk eens naar de gezichten van de mensen die langskomen. Heel vaak kan je aan de gezichtsuitdrukking van iemand al zien of het in zijn of haar binnenste rustig of onrustig is. Of iemand meer een mopperaar is die overal de moeilijkheden ziet of juist meer een optimist die de kansen ziet. En je kan heel goed zien of iemand vrede heeft met de situatie waarin hij of zij zich bevindt.
Zoals het binnen in een persoon al dan niet strijdt, zo is dat aan de buitenkant meestal te zien. En zoals iemand afgestemd is op boven, straalt hij of zij het hier beneden uit.
Christus heeft zich geopenbaard in symbolen en afbeeldingen om binnen en buiten, boven en beneden te verenigen. Door de symbolen en afbeeldingen groeit ons bewustzijn van de vereniging van de schijnbare uitersten, groeit ons bewustzijn van eeuwige vrede, van oneindige liefde, genade en vergeving. En daarvan mogen wij getuigen. Niet door groots openbaar optreden, maar door werkelijk te zijn wie wij ten diepste Zijn en dat ongehinderd uit te stralen.
En die symbolen en afbeeldingen waarin Christus zich openbaart zijn er vele. Onze Heilige Mis staat er bol van en ook al onze sacramenten zijn symbolen die behulpzaam zijn om te groeien. Echter ook hier zit het ook en vooral in het kleine. In de basis.
Hoe kijk je iemand aan, hoe ga je met mensen om, wat dwingt jouw respect af, het staat allemaal symbool voor wat er zich in je diepste binnenste afspeelt.
Mogen wij ons speciaal in deze tijd geïnspireerd en gelouterd weten door Christus, die net als aan de leerlingen, aan ons verschijnt. Soms in de geest en altijd in onze medemens.
Moge dat zo zijn,
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 3e zondag na Pasen                                                          21-04-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vandaag wil ik beginnen met slechts drie woordjes uit de lezingen: “Vrede zij u”.
Om heel eerlijk te zijn werd ik een beetje moedeloos toen ik die woorden las.
Hoezo vrede, waar vrede?
In het midden oosten, in oost Europa, Haïti, Soedan en op nog veel meer plekken is er onrust, is er oorlog. En in ons eigen land: treinconducteurs die belaagd worden, dronken automobilisten die kinderen op de fiets doodrijden, handhavers van de wet die belaagd worden met vuurwerk zo zwaar als bommen, antisemitisme dat oplaait, politici die permanent bewaking nodig hebben en als je je fiets niet met twee sloten op slot zet dan vraag je er om dat ie gejat wordt.
Hoezo vrede? Waar vrede?
Opstandig kan ik er soms van worden. Waarom geen respect voor anderen? Voor andermans eigendommen? Voor andermans ideologieën?
Dromen kan ik soms van het beeld dat in Jesaja wordt voorgespiegeld; Jesaja 11:6-10
Te gast zal zijn een wolf bij een schaap, een panter vlijt zich neer bij een bokje;
kalf, leeuwenwelp en mestvee tezamen: een kleine jongen zal ze drijven.
Jonge koe en berin weiden met elkaar, tezamen vlijen zich hun jongen neer;
een leeuw: als het rundvee vreet hij stro. Een zuigeling zal zich vermaken
bij het hol van een adder, bij het licht-gat van een gifslang steekt een gespeend kind zijn hand uit.
Ze zullen geen kwaad doen en geen verderf stichten op heel de berg van mijn heiligdom, want vervuld zal het land zijn van kennis van de Ene, zoals wateren die de zee overdekken.

Was dat maar waar: Zij zullen geen kwaad doen en geen verderf stichten. Want vervuld zal het land zijn van de kennis van de Ene.
We hebben Pasen gevierd en gedurende 50 dagen tot aan Pinksteren herdenken wij de gebeurtenissen van Pasen. Zijn lijden, Zijn dood en Zijn verrijzenis. De in eerste instantie gruwelijke omstandigheden van lijden, gekruisigd worden en sterven met mensen om Hem heen die de spot met Hem drijven, hebben geleid tot het vrijmaken van De Weg voor ons. Door zijn sterven en wederopstanding is ook voor ons de weg vrij naar God, naar de goddelijke vonk in ons. Ook onze geest is toegankelijk gemaakt voor het begrijpen van de geschriften.
Vreugde en blijdschap brachten die Paasdagen, Zalig Pasen, de Heer is waarlijk opgestaan, en wij mét Hem. Wij kregen en krijgen deel aan de kennis van de Ene.

En in de wereld…? gaat de ellende gewoon door?
Hoe past onze vrede, ons Pasen hier in? Hoe en waar zit voor ons en de wereld die vrede?
Het zijn vragen waar ik niet direct een antwoord op heb.
Wel heeft Jezus Christus in Zijn leven op aarde laten zien dat alles draait om Liefde, genade en vergeving en in de eerste lezing lazen we: ”Alle naturen, alle vormen en alle schepselen bestaan in en met elkaar. Alle vormen, alle naturen bestaan in en met elkaar. Wij bestaan in en met alles om ons heen. Dat betekent ook dat als een deel verandert het geheel mee verandert. Alles bestaat uit energie en frequenties en die frequenties beïnvloeden elkaar. Ze kunnen elkaar versterken en dempen. Wat met Pasen in de wereld is gebracht is de frequentie van oneindige liefde, genade en vergeving. En doordat wij bestaan in en met alles om ons heen, beïnvloeden wij de frequentie in en om ons heen door ons bewustzijn van het Paasmysterie.
De Verlosser zei in de eerste lezing: “Als jullie moedeloos zijn, vat toch moed tegenover de verschillende vormen van de natuur”. Op de momenten dat wij soms moedeloos of opstandig worden kunnen wij ons herijken op dat Paasmysterie. Opnieuw bewust worden van de kracht van onze eigen frequentie, die we in kunnen zetten in uitstraling, gebed en gedachten.
Jezus zei tegen zijn leerlingen: “Te beginnen met Jeruzalem, moet gij van dit alles getuigen.”
Dat is ook onze opdracht: laten wij in onze uitstraling, in onze gebeden en gedachten getuigen in deze wereld van de oneindige liefde, de genade en de vergeving. We kunnen klein beginnen bij onszelf. Tenslotte beginnen de leerlingen ook in Jerusalem, wat in de metafysische betekenis het bewustzijn van de geestelijke vrede is. Ook zij beginnen met hun eigen bewustzijn van geestelijk vrede. En vanuit die vrede kan onze getuigenis de wereld in te beginnen bij onze familie en kennissenkring.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 2e zondag na Pasen,                                                             14-04-2024
“Ontvangt de Heilige Geest. Van wie gij de zonden vergeeft, hun zijn zij vergeven en van wie gij de zonden niet vergeeft, hun zijn ze niet vergeven.”
Laten wij eens beginnen met een aantal frases die wij lazen in de bespiegeling van afgelopen augustus.

Het in ons groeiende besef dat wij tot in eeuwigheid verblijven onder de bescherming van Gods liefderijke voorzienigheid, is het vertrouwen dat in ons kan opbloeien. Door dit besef kunnen wij stappen zetten die wij misschien nooit zouden durven zetten. Maar welke stappen moeten wij dan zetten?

“Samen met anderen is kennelijk het toverwoord”.
Voor het werkelijke “samen” kunnen wij een mooi startmoment bedenken. De Heilige Communie nuttigen in de Heilige Mis!. Na de consecratie, de uitstorting van het allerhoogste, mede ontstaan door het offeren van onze geest, ziel en lichaam, nuttigen wij de Heilige Hostie. In heel eenvoudige bewoordingen gezegd: wij vieren de eenwording met God en met elkaar.

Datgene wat diep in ons woont, verbindt zich met datgene wat diep in de ander woont. Een grote lichtende, positieve wereldhelende kracht. Díe eensgezindheid die dan ontstaat kunnen wij samen in de wereld brengen.

Als wij ons dat bewust worden, is partijdigheid en ijdelheid niet nodig.
Op dat moment let je niet meer zo op eigen belang en “acht je de ander in ootmoed hoger dan jezelf”.

Hoe kan je dat nu zien? Door het diepe gevoel van eenwording ga je God in de ander herkennen. Je kijkt door de streken van een ander heen en kan iets heel moois aanschouwen. Door met onze lagere “ogen” te kijken, mag je schouwen in het hogere van de ander. Met de gedachte van “eenwording” in je achterhoofd, zal de ander dat ook bij jou doen.

Het woord “ootmoed” is dan op zijn plaats. Nederig zijn. Maar dan niet in de zin van kruiperigheid en slaafsheid, maar je bewust zijn van je nietigheid. Wij komen uit de zelfde bron en zijn op weg terug naar die bron.

Vanuit het niets gaan wij uiteindelijk weer op in het niets, het grote Goddelijke geheim. Door even “niets” te zijn, raken we een stukje toekomst aan dat heilig is. Eenwording met God en met elkaar als één grote symfonie.
En dan lijkt dit bovenstaande verhaal misschien wel heel onbereikbaar en hoogdravend, maar het tegendeel is waar. Onbewust werken wij hier allang aan. Wij hebben namelijk een grote behoefte als bovenomschreven. Als wij daadwerkelijk de gezindheid willen zien zoals
die hoort te zijn, moeten wij de gezindheid toelaten zoals Christus Jezus die had.

Dit hele verhaal is een opmaat naar datgene wat ieder mens ten diepste bezielt: een beter mens worden.
Dat kan een innerlijke constatering oproepen: “ik ben niet goed genoeg”.

Welnu er is een menselijk streven om volmaakt te worden. In de bijbel wordt ook gezegd: “weest volmaakt, zoals ook uw hemelse Vader volmaakt is”.

Nou, aan volmaakt “zijn” gaat één klein dingetje vooraf: volmaakt “wórden”. We zijn dus als mens op weg. We zijn aan het “worden”.

Lesjes leren dus. Tot je het lesje kent en het je “eigen” hebt gemaakt. Nadat je het je eigen hebt gemaakt verandert het lesje in een instrument dat je kan gebruiken.

Als je lesje niet helemaal lukt, kan je met mededogen en soms met een lach er naar kijken. Het mislukken van een lesje kan je ook een rotgevoel geven. Het kan consequenties hebben waardoor je gaat lijden. Een foute adviseur kan dan zeggen: “dat is je straf”. Het zijn díe adviseurs, die vanuit sommige kerkelijke principes het woord “zonde” naar mijn beleving een verkeerde intentie meegeven. “Beheersing der gelovigen” is lange tijd en soms nog een belangrijke doelstelling geweest van diverse kerkelijke richtingen en valt onder de categorie “onjuist aangewende kerkelijke macht”.
Ik hoor wel eens gezegd worden: “zonden bestaan niet”. Ook in onze VKK kringen wordt dat wel gezegd. Maar waarom gebruiken wij dat woord dan wèl in de absolutie?

Er komt, terwijl ik dit schrijf zomaar een zinnetje in mij op: vergeef mij de haperingen in mijn groeiproces. “zonden” is een verzamelnaam waaraan door onderscheidenlijke instellingen verschillende ladingen toegekend worden. Binnen de VKK voel ik zelf het meest voor de “haperingen in het groeiproces. Maar gelukkig zijn“ wij als individu vrij om er een eigen interpretatie aan te geven.

Als wij bovenstaand stuk tot ons laten doordringen dan krijgen de woorden: “Ontvangt de Heilige Geest. Van wie gij de zonden vergeeft, hun zijn zij vergeven en van wie gij de zonden niet vergeeft, hun zijn ze niet vergeven”, een bijzondere lading. Deze opdracht krijgt een priester ook bij de wijding.
Het geeft een bijzondere verantwoording.
Iemand zijn zonden vergeven voor wat deze een ander aangedaan heeft, is nog wel te doen.
Maar iemand vergeven voor wat hij joù aangedaan heeft, wordt al weer lastiger.

Daarvoor is het begrijpen van je medemens soms noodzakelijk. Maar ook het bij ons aanwezige liefde-aspect speelt een grote rol. Hoever is dat dan bij jou in ontwikkeling?
Maar dan komt het hulpaanbod: “”ontvang de Heilige Geest”. Oftewel: het is je gegeven om in verbinding met God te werken. En dat brengt je innerlijk op een heel ander plan. Dan kan je op een andere manier naar iemand kijken. Dan wordt alles heel transparant. En dát is precies hoe engelen ook werken. Die doen wat ze doen moeten. Het liefst in samenwerking met ons. Als God ons vergeeft wordt ons telkenmale de hand gereikt om na de val weer op te staan. Met als bijzondere traktatie dat wij ons kunstje net zo lang oefenen tot we niet meer vallen. Die gedachte “schuurt” wel, maar met wrijving slijp je een diamant.

En iemand nièt helpen weer op te staan nodigt uit onszelf eens goed te beschouwen. Wie zijn wij wel dat we dat besluit kunnen nemen. Iedereen heeft het recht ten volle geholpen te worden tijdens de haperingen in het groeiproces.
Als wij ons dat bewust zijn en daar aan werken, ontstaat de ruimte om samen op pad te gaan langs die steile berg waar we uiteindelijk op de top de volmaaktheid bereiken. Onderweg gevoed met het geestelijk brood en gelaafd met de wijn, die als het bloed van Christus ons vanuit het hart op stuwt naar de eenwording met God. Laten wij aan de slag gaan. Er is nog een hoop te doen.
+Parcival

Bespiegeling beloken Pasen,                                                                    07-04-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Op weg naar de goede vrijdag viering vorige week reed                    ik door de polder omdat de A1 volledig dicht zat. Ik werd verrast met een werkelijk schitterende wolkenlucht en bijna geen verkeer op de weg en luisterde ik naar een verhaal van de rooms katholieke bisschop Liesen over twee strofen van het evangelie van Johannes: Johannes 19, vers 26 en 27. De strofen gaan over goede vrijdag, echter wat er hier verteld wordt heeft alles te maken met Pasen, met het één worden van het vergankelijke en het onvergankelijke. Met het vrijmaken van de weg van de mens naar het goddelijke. Jezus hangt op het moment dat hier beschreven wordt aan het kruis en zijn moeder en een leerling staan onder het kruis en ik gebruik hier de vertaling van de Naardense bijbel. De tekst gaat als volgt:
“Als dan Jezus zijn moeder aanziet en bij haar staande de leerling die hij (het meest) heeft liefgehad,
zegt hij tot zijn moeder: vrouwe, zie: uw zoon! Vervolgens zegt hij tot de leerling: zie: je moeder!
-en vanaf dat uur neemt de leerling haar bij zich op”.
Hier vallen vooral de benamingen van de twee personen op: Zoon en vrouwe.
Jezus noemt zijn moeder hier Vrouwe, geen mama of moeder maar Vrouwe daarmee refereert Hij naar Vrouwe Sion wat in het oude testament gebruikt wordt als een personificatie voor de stad van God of voor het uitverkoren volk. Een stad of een volk in eenheid met een hoog bewustzijn. En Maria wordt hier dus neergezet als moeder van Jezus én als symbool voor het volk of de stad van God, misschien mogen we hier ook zeggen als wereldmoeder. En zijn leerling krijgt te horen: “zie; je moeder” én de leerling neemt haar bij zich. Hij is geen eenling, geen leerling meer, maar staat nu als “zoon” symbool voor alle mensen die in Christus geloven. In de lezing van stille zaterdag lazen we tot twee keer toe: Hij kwam tot de Zijne en de Zijnen aanvaardden Hem niet. Deze “zoon” aanvaardt wél en herstelt daarmee de eenheid tussen de wereld en het hoger bewustzijn. De gebrokenheid tussen het vergankelijke en het onvergankelijke wordt opgeheven. De twee worden één. De zoon (het vergankelijke) neemt de moeder (het onvergankelijke) bij zich op.
En dan lezen we in de eerste lezing van vandaag: “het Woord heeft Hij tot de zonen van Israël gezonden”. Ook hier worden niet letterlijk de jongens uit het volk van Israël bedoeld. Israël is de naam die Jacob kreeg bij de zegening door de engel met wie hij gevochten had in de nacht. Het staat symbool voor de strijdende ziel die ontdekt dat ons lichaam goddelijk én werelds is. En dat het leven vanuit de innerlijk kracht en het innerlijke weten uiteindelijk tot uitdrukking komt in het uiterlijke handelen vanuit liefde.
Hiermee zegt Petrus dat hij nu beseft dat de boodschap van Christus er was en is voor iedereen die in de boodschap van liefde van Christus kan geloven en die bereid is om spiritueel bewust te worden dat een mens twee naturen in zich verenigd heeft. Een goddelijke natuur en de materiele menselijke natuur.
De tweede lezing gaat ook over dit diepe Paasmysterie. In de lezing sprak de geestelijke Jezus tot de verzamelde mensen: “Jullie moeten weten dat alle mensen die op aarde geboren zijn, vanaf de grondvesting van de wereld tot nu toe, stof zijn. Zoekend naar God, wie Hij is en hoe Hij is, hebben zij Hem niet gevonden. Hun speculaties hebben de waarheid niet bereikt”. Ook hier wordt weer benoemd de gebrokenheid tussen het vergankelijke en het onvergankelijke. En de lezing gaat verder: “Ze zijn het dus niet met elkaar eens. Zij komen van mensen. Maar ik, die gekomen ben vanuit het onbegrensde licht, ik ben hier, want ik ben degene die het licht kent, zodat ik met jullie kan spreken over de juiste aard van de waarheid”.
Pasen gaat over het besef, de bewustwording dat wij wezens zijn met een fysiek lichaam en een innerlijke goddelijke kern en dat die twee een eenheid vormen, geen gebrokenheid.
Pasen betekent letterlijk: voorbij gaan. Toen de Israëlieten uit Egypte wilden wegtrekken had God hen geboden bloed van een 1 jarig lam op de deurkozijnen te smeren. En waar dat bloed zichtbaar was daar ging God aan voorbij. Overal waar de kozijnen niet op die manier getekend waren zou God alle eerstgeborenen van zowel mensen als dieren vonnissen. Dit vroeg van de Israëlieten een grenzeloos vertrouwen. En precies dit feest ter gedachtenis van de uittocht transformeert Jezus naar het feest van het brood en wijn, naar de Heilige Eucharistie. Het feest waarbij wij, door het brood en de wijn te delen, deelnemen aan het lichaam en bloed van Christus. Waardoor wij allemaal samen één lichaam vormen in Christus. Een lichaam in de verrezen Christus. Het fysieke lichaam kan sterven, echter onze goddelijk wezen leeft altijd voort. Met Pasen gedenken wij dat Christus waarlijk is opgestaan en dat wij zullen volgen.

Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling Pasen,                                                                                   31-03-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vandaag vieren we het indrukwekkende feest van de verrijzenis en de opstanding van Christus Jezus.
Als alternatief voor de lezingen van vandaag waren er lezingen over de verhandeling over de opstanding en in het begeleidende voorwoord stond iets wat ik jullie niet wilde onthouden.
Ieder mens wordt geboren uit een vrouw en ontwikkeld zich in de baarmoeder van die vrouw veilig omgeven en gevoed door de placenta. Na de geboorte komt de placenta los van de baarmoeder, wordt als nageboorte geboren en heeft haar functie verloren.
De parallel werd doorgetrokken naar ons lichaam en het geestelijke lichaam. Het geestelijk lichaam mag groeien in en gevoed door ons aardse lichaam als een soort placenta. Ons lichaam als placenta leeft in de baarmoeder die je de Heilige Geest, Maria of misschien wel Sophia zou kunnen noemen. Ons aardse lichaam is als placenta de voedingsbodem en de beschermende omgeving voor het geestelijk lichaam. Alles wat het aardse lichaam meemaakt in het leven, alle lichamelijke plezieren en ongemakken, alle vreugdevolle en verdrietige emoties, alle geestelijke verheffing en teleurstellingen alles voedt en onderhoud het geestelijk lichaam zonder enige veroordeling. De oordelen en veroordelen zijn er wel, echter ze bestaan in onze perceptie, in ons aardse bewustzijn in het lagere mentale gebied. Dat aardse bewustzijn is een deel van ons totale leven en het is het licht van het geestelijk lichaam dat gaat stralen indien wij in dit leven kunnen aanvaarden, dat wat er was, dat wat er is en dat wat er zijn zal.
Daar heeft Paulus het over in zijn brief aan de Corinthiërs: “wat gezaaid wordt in vergankelijkheid, verrijst in onvergankelijkheid”. Ons aardse lichaam is gezaaid in vergankelijkheid, en het geeft ruimte aan het verrijzen van het onvergankelijke lichaam. Ons lichaam als placenta is vergankelijk, het dient haar doel en verliest haar functie als het geestelijk lichaam opnieuw verrijst, opnieuw geboren wordt.
Op deze manier bekeken is ons lichaam met alle zintuigelijke waarnemingen en ons verstand een verfijnd instrument dat gedurende ons hele leven informatie of bewustzijn creëert voor het geestelijk lichaam dat daardoor steeds stralender aanwezig zal zijn. Elke stap of handeling in ons leven is voeding voor het geestelijk leven.
Welke voeding wij geven, welke stappen wij nemen, daar zijn we vrij in. Daar hadden we het twee weken geleden al over: wie of wat staat er bij ons aan het roer, wie of wat bepaald onze agenda. Dat is de voeding die wij geven.
Jezus heeft ons in zijn leven voorgeleefd hoe wij om kunnen gaan met alles wat wij tegenkomen. Waarop wij onze agenda’s of ons roer kunnen afstemmen. Hij keek en leefde buiten de gebaande paden, zijn enige leefregel was liefde voor God en de medemens.
En dat bracht hem meer dan eens in conflict met de gevestigde orde. Toch hield hij vol, vanuit liefde voor de mensheid en voor zijn Vader. Hij hield vol tot op de dood op het kruis. Hij gaf alles voor de liefde en dat maakte dat hij op kon staan in een geestelijk lichaam.
Tijdens de Heilige Mis bidt de priester in het consecratie gebed: “O Zoon Gods, die heden tegenwoordig zijt op duizenden altaren en toch één en ondeelbaar zijt, ten teken van Uw groot offer breken wij Dit Uw lichaam”. Afgelopen zondag tijdens de mis op palmzondag drong deze uitspraak diep in mij door. Wat wordt hier eigenlijk bedoeld? Het offer dat hier bedoeld wordt is volgens Leadbeater de neerdaling van de Logos in de stof. De hostie wordt in twee gebroken om de verdeling voor te stellen van het ongeopenbaarde en het geopenbaarde, van het vergankelijke en het onvergankelijke, van geest en van stof. Christus is door zijn kruisoffer op goede vrijdag voor ons de weg geweest die de gebrokenheid tussen onvergankelijkheid en vergankelijkheid heeft hersteld. Zijn verrijzenis opende de weg naar de eenheid. En door te delen in Zijn Lichaam en Bloed lopen wij elke week weer een stukje verder op die weg.
Dat is wat wij vandaag vieren. De verrijzenis van Christus. En door zijn grote voorbeeld is het ook voor ons mogelijk die weg te gaan. De weg van oneindige liefde voor God, voor de medemens en voor onszelf. Met vallen en opstaan, vol vertrouwen aanvaardend wie wij werkelijk zijn en wetend dat er altijd een dragende steunende kracht aanwezig is om ons bij te staan.
Moge dat zo zijn,
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling Palmzondag                                                                        24-03-2024
Jezus rijdt op een ezelinnetje Jeruzalem binnen. Jeruzalem dat metafysisch staat voor een heel hoge plaats in het bewustzijn. Dat ezeltje is geen eigendom. Het is geleend. Het is de steun die Jezus nodig heeft in de weg die hij gaat. Hij zoekt iemand die niet koppig maar standvastig is. Liefdevol en heel gevoelig. Zo is een ezel. Dikwijls niet begrepen.
De ezelin en Jezus moeten elkaar begrijpen. Het tweetal geeft ook “eenvoud” aan. Dat het ezeltje geleend is, geeft aan dat voor “koningschap” bezit niet nodig is. Een echte koning heeft geen edel dier zoals een paard nodig. En de mensen langs de weg? Ze gooien hun mantels op de weg. Symbolisch creëren ze hiermee heilige ruimte voor transformatie . Ze strooien ook palmtakken als symbool van overwinning.
Innerlijk staan de juichende mensen open om het “koningschap” in zich te laten groeien. Het Hosanna
drukt vreugde uit, maar ook verlangen om “gered” te worden.
In de euforie van de binnenkomst in dat hoge bewustzijn maak je het verlangen naar transformatie prominent aanwezig. Maar als nog niet genoeg ontwikkeld wezen larderen wij dat al gauw met allerlei aardse elementen. Elementen die al gauw meer behelzen dan een “geleend ezelinnetje”. Verlangen is niet genoeg. We zullen stappen moeten zetten. Jezus kon kiezen tussen wereldlijk Koningschap en geestelijk Koningschap. Al gauw na de intocht werd duidelijk dat de mensen rekenden op een wereldlijk koningschap. Het werd een geestelijk koningschap. Ondanks de verlangde transformatie, sloeg de stemming al gauw om in wereldse elementen. Geen paleis, geen paard, geen fysiek aanwezige heerser. Voor die innerlijke transformatie moet je de stap gaan maken om in die heilige ruimte van het hoge bewustzijn te gaan verkeren. En de intocht van Jezus geeft de weg aan die we moeten gaan. Bij iedere stap naar de volmaaktheid verlies je langzaam aan het aardse huis en haard. En bij jezelf bouw je, om die weg te gaan standvastigheid op.
Je wordt steeds meer liefdevol en je bent in vele opzichten tot steun. En dan staat ook de deur van die “heilige ruimte” open. Grappig is dat. Dus eigenlijk begon Jezus op de ezelin en je zou kunnen zeggen dat wij de ezelin moeten worden om de weg naar die volmaaktheid te kunnen gaan.
En te proberen dát in gang te zetten is zeker niet dom, maar zal door velen niet worden begrepen.
+Parcival

De Stille Week.
Pasen is het feest van de geestelijke wedergeboorte. In ons kerkelijk jaar ėėn van de belangrijkste vieringen. Als mens zijn wij aan het werk en door vallen en opstaan bezig aan onze weg naar de Goddelijke Volmaaktheid. Anders gezegd: wij volgen allemaal een diep verlangen naar eenwording met God. Op de een of andere manier is dit ergens begonnen. Wij willen allemaal een "beter" mens worden. Kennelijk vinden wij onszelf dus niet goed genoeg. Wat is "beter"? Wat zijn onze voorbeelden? Verdraagzaamheid, liefde, het begrijpen van onze medemens, vrede stichten, onderscheidingsvermogen. Dit zijn naast vele anderen allemaal eigenschappen die wij in onszelf willen ontwikkelen.
Op deze weg is Jezus ons voorgegaan. Hij is als zoon van God voor ons het voorbeeld van persoonlijke uitdrukking van het Goddelijk volmaakt mensprincipe. Een voorbeeld dat wij met vallen en opstaan proberen te volgen. Een heel lange weg en het is voorstelbaar dat wij in één leven dit niet kunnen redden. Verreweg de meesten in onze kerkgemeenschap geloven dan ook in reïncarnatie. Voor het bereiken van Goddelijke Volmaaktheid is een lange reeks van levens nodig. Om te leren ultieme kwaliteiten in onszelf te ontwikkelen, moeten wij vaak offers brengen. Liefde betrachten, bijvoorbeeld, is leuk naar mensen toe die wij aardig vinden. Maar als het iemand betreft die ons wat aangedaan heeft wordt het al gauw wat minder.
Liefde en offers brengen ons nader tot elkaar. Nader tot elkaar komen betekent God steeds mee tussen ons in en bij ons vinden. Wij leren God inwonend in ons en in de ander herkennen.
Het is hierom, dat het Heilig Avondmaal gehouden werd. Het is hierom dat wij het in de kerk nog steeds vieren. Het brood staat voor het geestelijk brood. Door dit samen te eten vieren en gedenken wij de eenwording met elkaar en met God.

Jezus stond voor de Goddelijke principes.
Als je stand wilt houden om deze principes te handhaven, wordt je vaak niet meer begrepen en kom je helemaal alleen te staan. Je volgt dan je eigen eenzame weg. En lijden valt je ten deel. Vallen, opstaan, vallen, opstaan en tenslotte val je niet meer.
Levens lang werken wij eraan om te ontsnappen aan het rad van leven en dood.
Jezus werd niet meer begrepen, hij werd verraden en men ontkende hem.

Om dat ultieme offer te brengen zoals hij dat deed, is zoveel moed en vertrouwen nodig, dat dat alleen kan als je alle fasen van ontwikkeling doorlopen hebt. Je bent dan in staat om je aan God over te geven. De eenzaamheid en de angst is dan zo groot, dat het ondraaglijk is.
In vroeger jaren en ook nu nog begeren mensen het om als martelaar de geschiedenisboeken in te gaan. Er werd zelfs geprovoceerd om maar martelaar te kunnen worden. Men meende dan Jezus na te volgen. Echter, de eenzaamheid van de hof van Getsemane was zo groot, dat niemand dat aan kan. "Laat deze beker aan mij voorbij gaan, maar niet mijn wil, maar de uwe geschiede". Volledige overgave was het thema.
Als elk begeren verdwenen is, kan men ook niet meer in een lichaam leven. De kruisiging vindt dan plaats. Het opgeven van de gehele persoonlijkheid. Het kruis staat symbool voor het gevoelsbewustzijn. Het verticale deel symboliseert de Goddelijke doorstroming van Goddelijk leven. Het horizontale deel staat voor de kracht van de menselijke begrenzing, het lichamelijke.
Na het sterven aan het kruis volgt de grote Stilte. Stilte met een hoofdletter is dieper dan de zee, er is geen grens aan, Het is onpeilbaar. De Stilte kunnen wij soms voelen voorzover het voor ons als individuele sterveling dragelijk is. Als de Stilte onpeilbaar diep is, brengt het vanuit het duister nieuwe creativiteit voort. Er ontstaat nieuw Licht. Dit Licht is Goddelijk en Heiligmakend. Het is de opstanding. De verrijzenis. De dood is overwonnen. Het is dan Pasen.

De gebeurtenissen die hierboven geschetst zijn, vormen in onze kerk de "Stille Week". Elk jaar weer keert dit terug. Elk jaar kunnen wij in de kerkdiensten die gehouden worden ons bezinnen op de gang die Jezus ging. Wij kunnen in dit licht onze eigen weg zien en werken aan de Goddelijke Vervolmaking in ons.
Stapje, voor stapje. Bij een goede bezinning en het bijwonen van de diensten kunnen wij heel veel leren en stappen zetten op ons eeuwig leerproces.

De kerkdiensten worden gehouden op Witte Donderdag, Goede Vrijdag, Stille Zaterdag en Pasen.
Op Witte donderdag gedenken wij 's-ochtends de instelling van het Heilig Sacrament, het Heilig Avondmaal. 's-Avonds vindt de ontluistering van het altaar plaats. De geopende tabernakel staat dan symbool voor de leegte en de eenzaamheid in de Hof van Gethsemané. Op Goede Vrijdag vindt de verering van het Kruis plaat en op zaterdagavond is het Stille Zaterdag. Hier wordt 's-avonds de ceremonie van de Wijding van het Vuur gehouden. Een prachtige dienst waar het nieuwe leven vanuit vele kaarsen opvlamt. Op zondag is het dan Pasen. +Parcival

Bespiegeling 5e zondag quadragesima, nederigheid,                               17-03-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Goedemorgen allemaal. Vandaag is de 5e zondag van de quadragesima en het thema is Nederigheid. Nederigheid roept heel vaak een negatieve associatie op met kruiperigheid maar dat is niet wat nu bedoeld wordt. Vandaag gaat het specifiek over onze houding ten opzichte van anderen en misschien ook wel hoe we naar onszelf handelen. Heel bewust of misschien vanuit een soort routine zijn we vanmorgen opgestaan om hier heen te gaan. Een kleine beslissing misschien nog of het de fiets of de auto zou worden en daarna op weg gegaan. En wat we vanmiddag en de rest van de week doen, het staat vaak al ruim van te voren in de agenda. Soms lijkt het of we ons leven volledig kunnen plannen en het is ook wel prettig om niet al te veel verrassingen te hebben, want dat geeft zo makkelijk stress.
Wij staan aan het roer van ons leven. Denken we soms.
En alle planningen gaan uit van wat we nu over onszelf weten. Ze zijn gebaseerd op mentale besluiten en overtuigingen, op bestaande emoties en fysieke en geestelijke gesteldheid. En terwijl ik dit opschreef kwam een stuk tekst uit een lied op: you don’t know what you have got till it’s gone. Je weet niet wat je hebt tot het verdwenen is. En dat is vaak maar al te waar. In het lied gaat het over een relatie die stuk gelopen is. Maar dit is veel breder te trekken. In mijn omgeving waren de afgelopen tijd twee mensen die in heel korte tijd iets aan hun ogen kregen. Ze dreigden binnen een paar weken blind te worden. Daar gaat je agenda met alle planningen. Je hele leven staat op de kop. Gelukkig konden beide geopereerd worden en hebben ze hun zicht behouden, maar toch. Als je niets meer ziet, dan zie je dus ook niets meer. Geen vormen meer, maar ook geen licht. Nooit meer licht zien. En ik vond die 4 maanden donkere wolken en eindeloze regen al zo lang. Nooit meer licht is akelig lang. Pas als je beseft dat het kan verdwijnen, besef je de waarde van wat je hebt.
Van de week was ik herstellende van koorts en hoestbuien. En ook daaraan moest ik denken bij ons thema. Een virus is een wezen wat wij alleen met een elektronen microscoop kunnen zien. Zelfs als er een miljard bij elkaar zitten, dan nog kunnen wij ze niet met het blote oog zien. En zo’n kleine David had de grote Goliath, die ik als mens toch moet zijn in de ogen van zo’n klein wezen, binnen twee dagen volledig in zijn macht. Mijn lijf danste naar de pijpen van het virus tot mijn immuunsysteem zodanig op sterkte was dat het virus verwijderd kon worden. Hoe prachtig werkt zo’n lichaam toch. Én hoe kwetsbaar is het. Vaak beseffen wij onze gezondheid pas als hapert. Ook dat maakt nederig. Alle onderdelen van het lichaam zijn even belangrijk en dragen bij aan een prachtig harmonieus geheel. Mijn agenda werd wel noodgedwongen leeggemaakt om mezelf de kans te geven te herstellen. Hoezo denken wij aan het roer te staan?
Wie of wat stáát er eigenlijk aan het roer? Het toeval? God misschien?
Hoe laten wij ons leiden, wat bepaald welke koers we varen? Wat bepaald wat er in onze agenda komt of juist niet?
In het collectegebed wat we de hele quadragesima bidden staat: “Wees met ons, Heer, bij al onze handelingen, en sta ons voortdurend bij, opdat wij in al onze daden, begonnen, voortgezet en beëindigd in U, Uw heilige Naam mogen verheerlijken”.
Wij vragen God om onze daden zo te richten dat wij in ons handelen Gods Naam verheerlijken.
De leidraad voor ons handelen en dus ook voor de invulling van onze agenda is de verheerlijking van God’s Naam. En God’s Naam mag je misschien wel vertalen als Liefde met een hoofdletter.
De leidraad van ons handelen is de Liefde.
En de eerste lezing gaf heel duidelijk aan dat het voor élk handelen geldt. Onafhankelijk van beroep of maatschappelijke positie.
En het handelen is ten dienste van de verheerlijking van de Liefde.
De farizeeër in de evangelielezing verheerlijkte alleen zichzelf en dat is dus niet de bedoeling. De nederigheid zit in het besef dat wij allen samen een prachtige harmonieuze eenheid vormen. Nederigheid is een teken dat we begrijpen dat we allemaal veel mogelijkheden hebben en er maar een paar kennen. Nederig zijn betekent erkennen dat we deel uit maken van een kracht, die we misschien Heilige Geest mogen noemen, die altijd en in ieder aanwezig is. We erkennen daarin dat we een kracht zijn op zichzelf, én net zo belangrijk als elk ander wezen.
Net zoals een lichaam een sublieme samenwerkende eenheid is ten dienste van het grote geheel, vormen wij allen een eenheid ten dienste van de Liefde. En niemand is daarin belangrijker of beter dan de ander. Ieder draagt zijn of haar waardevolle steentje bij. Laat ons dat nederig beseffen en buigen voor de onbaatzuchtigheid van de Liefde. Namasté.
Amen. Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling, derde zondag van de quadragesima                                    3-03-2024
Tja, daar stonden ze dan, die farizeeërs. In de metafysisch bijbelwoordenboek vertegenwoordigen ze de starre letter, de starre leer. Er wordt wel gezegd dat juist de mensen die in deze doelgroep vallen hun heimelijke verlangens hebben. Zij willen stiekem altijd iets wat zij niet kunnen krijgen en dan vooral vanwege de controle in hun eigen milieu. Het verlangen loopt hen net een pas vooruit. Verlangen is het zoeken naar geluk. En het uiteindelijke geluk manifesteert zich in Volmaaktheid. Alleen zijn de wegen daarnaartoe dikwijls ondoorgrondelijk en worden soms als een zondige weg beschouwt. Maar ja, wie oordeelt er over wat zondig is en wat niet?
Je zou kunnen zeggen dat het heimelijke verlangen wat de farizeeërs uitdrukken zich manifesteert in die overspelige vrouw.
Is die vrouw de spiegel die hen voorgehouden wordt? De fysieke uitdrukking van het onbereikbare onbewuste verlangen? Een zoektocht naar geluk? En is die wens naar dat geluk een roep om uiteindelijk in het Licht te komen?
De taak van Jezus is in dat geval tweeledig. Hij beschermt het fysieke en het spirituele.
Of liever, hij heft de tegenstelling op.
Hij beschermt de vrouw opdat ze bewust en ongeschonden uit dit avontuur komt.
Hij beschermt de farizeeërs door de steniging te voorkomen. Want met die stenen gooien ze hun spiegel stuk. En in de stukken van de spiegel zie je jezelf wellicht honderd keer in plaats van één keer. Oei!
En dan nog dat bijzondere gegeven van “schrijven in het zand”.
Het Licht der wereld, het Levende Water maakt een bewuste verbinding met de aarde, het zand. Van Geest in materie.
Het zand is representatief voor het rationele denken. Het water staat voor het irrationele, het gevoel.

In het Oude Testament: Jeremia 17:13 staat:
“O HERE, Israëls Verwachting! allen, die U verlaten, zullen beschaamd worden; en die van mij afwijken, zullen in de aarde geschreven worden; want zij verlaten den HERE, den Springader van het levende waters.” “Die van Mij afwijken, zullen in de aarde geschreven worden.”
Je zou kunnen zeggen dat met het schrijven van de namen in het zand, de farizeeërs gewaarschuwd worden. “Pas op, want je verbreekt de verbinding met de Geest.” Jezus verbreekt de verbinding niet, maar hij geeft inzicht.
De oudsten vertrekken het eerste, ze hebben het meeste gezag, maar zijn ook het meeste beladen.
Zij geven het voorbeeld aan de jongsten, die even later vertrekken.
Jezus lost het probleem op door het zand(het denken) en het water(het voelen), te verbinden en dan zie je dat volmaakte harmonie ontstaat. Weer een manier om vrede te stichten.
+Parcival

Bespiegeling, tweede zondag van de quadragesima                       25-02-2024
Geen Bespiegeling.
Telkenmale als ik in de loop van het jaar deze teksten lees, vind ik het eigenlijk niet aanvullend hier nog iets over te zeggen. Na de lezingen zullen wij in de kerk op de plaats van de overweging enige momenten in stilte verkeren.

+Parcival

Bespiegeling, aswoensdag / eerste zondag van de quadragesima      18-02-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vandaag is de eerste zondag van de quadragesima, de 40 dagen tijd. De leidende gedachte deze week is zelfonderzoek .
De 40 dagen tijd was zeker vroeger ook een vastentijd. In de vastentijd was het de bedoeling om te versoberen, geen alcohol, koek en snoep, geen vlees op vrijdag en heel vroeger ook echt minder consumeren. Het daadwerkelijke vasten is een zuiveren van het fysieke lichaam. Tegenwoordig zijn er weinig mensen meer die vasten in de strikte vorm, maar er zijn wel veel initiatieven om in die 40 dagen jezelf iets te ontzeggen, zo had de EO een paar jaar geleden een programma 40 dagen zonder seks, meer bekend zijn 40 dagen zonder roken of zonder alcohol, het nieuwste wat ik gevonden heb is 40 dagen zonder multimedia. Hierbij komt ook wilskracht en eerlijk zelfonderzoek om de hoek kijken.
En dat kan gaan over heel verschillende niveaus; je kan jezelf eerlijk onderzoeken op lichamelijke begeerten, je verslaving aan koffie of zoetigheid of die sigaret, alles puur gericht op het lichamelijke. Maar het kan ook een emotionele begeerte zijn, bijvoorbeeld een verslaving aan aandacht op wat voor manier dan ook verkregen en zonder die aandacht besta jij niet meer. Of een meer mentale versie, dat je alleen mensen echt wil ontmoeten die dezelfde overtuiging hebben als jij, je kan niet meer denken buiten je eigen gedachtepatronen. Of je leeft alleen nog maar de rol die je speelt, bijvoorbeeld een musicus. Als die musicus zijn gehoor kwijt raakt en hij raakt daardoor zichzelf kwijt, dan bestaat de musicus niet meer, maar daarmee ook de persoon niet meer.
De beide lezingen roepen op tot zelfonderzoek wat weer leidt naar meer zelfkennis. In het evangelie der waarheid wordt beschreven dat iemand, die onwetend was en tot kennis komt zichzelf kan zuiveren van veel vormigheid naar eenheid en van duister naar licht. In de tweede lezing wordt gesproken over het Levende Boek van de Levenden: Niemand was in staat dit boek op te nemen, omdat beschikt was dat wie het nemen zou dit met de dood zou bekopen. Jezus was in staat dit Boek te openen en daardoor hebben ook wij toegang tot het ware Leven.
We worden aangespoord tot zelfonderzoek, om de aandacht te vestigen op wat nog niet helemaal goed gaat en beter kan in en met onszelf. Het is de bedoeling onszelf te spiegelen aan anderen en niet om als een rechter jezelf te veroordelen en op te sluiten. Niemand is perfect, echter we kunnen misschien wel anders met situaties omgaan, met meer respect voor onszelf, voor elkaar en voor de natuur.
Onze weg is een leerweg, die we samen met anderen lopen. Door onze eigen aardigheden, de mooie kwaliteiten en de mindere eigenschappen te herkennen en te erkennen, worden we steeds bewuster. En bewust worden leidt tot een vergroot bewust ZIJN.
Zelfkennis zonder gevoelens van zelf veroordeling laat ons schitteren als een prachtige diamant. Eigenlijk zijn wij allemaal ruwe diamanten, heel waardevol en met een prachtige potentie, maar een diamant kan pas schitteren als hij geslepen wordt. Zelf onderzoek is het slijpingsproces. Elk facet dat geslepen wordt kost energie en doet misschien een beetje pijn omdat het ruwe vlak afgeschuurd wordt, maar wat er tevoorschijn komt is uiteindelijk een schitterend sieraad.
De spiegel die vaak gebruikt wordt als symbool bij zelfonderzoek is ook heel aansprekend: wat zie je, wat wíl je zien en wat kán je zien in die spiegel?
Men zegt wel eens dat je aan de hond het karakter van de baas kan zien en dat zou wel eens voor het hele natuurleven kunnen gelden. Dus als je wílt kijken naar de planten en dieren om je heen en wilt zien wat ze je brengen dan kunnen ook zij heel goed een aanleiding zijn tot zelfonderzoek.
Het thema roept op om jezelf te onderzoeken. Te onderzoeken: wie ben ik nou werkelijk? Ben ik die verslaving? Ben ik die rol die ik speel? Of is er meer? De komende veertig dagen worden wij opgeroepen naar onszelf te kijken. En het niet bij kijken alleen te laten. Het vinden van onharmonische elementen bij zelfbeschouwing is slechts het begin. Zelfonderzoek alleen is niet genoeg, daarna komt de aanvaarding, het in genade zien naar jezelf en anderen. Pas als je jezelf kan schouwen én in Liefde aanvaarden kan het Licht in jezelf gaan schijnen. De thema’s de komende weken werken daar ook aan: volgende week: de beheersing van de spraak (niet alleen naar anderen toe, maar ook wat je tegen jezelf zegt), daardoor ontstaat inzicht ( het thema van week 3) en met de Geestelijke verkwikking (week 4) kan er oprechte nederigheid (week 5) ontstaan.
In de Heilige Mis zijn er diverse momenten, waarbij we ondersteuning krijgen om onszelf in Liefde te zien. Vooral het confiteor biedt de mogelijkheid om wat we gezien hebben in onszelf, wat niet in het beeld van de Liefde van Christus past, om dat op te dragen en door de kracht van de absolutie wordt God’s harmonie in ons hersteld.
Ik wens ons allen een goede voorbereidingstijd naar Pasen toe.
Amen. Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling Quinquagesima, de Heilige Geest als vuur van de Liefde     11-02-2024
Vrienden,

De Heilige Geest als vuur van de Liefde.
Bij vuur hebben we allemaal wel een voorstelling. Vuur geeft warmte. Vuur zuivert. Vuur verteert. Vuur transformeert. Zonder vuur kunnen we niet leven. Als de zon niet zou schijnen, is het leven op aarde niet mogelijk.
Deze vergelijking kunnen we doortrekken naar het Vuur van de Liefde. De Heilige Geest. Ook dit Vuur kan zuiveren, verteren en transformeren. Zonder dit Vuur, kunnen wij niet leven.
Vóór de vastentijd, hebben we rode zondagen om ons voor te bereiden. Een soort grote schoonmaak voordat het grote werk begint. In de natuur ziet u hetzelfde. Het heeft flink gewaaid. De laatste dode takjes zijn van de bomen af, zodat de bomen alle energie kunnen gebruiken voor het nieuwe leven wat ontluikt.
In ons kan hetzelfde gebeuren. Heel dicht bij huis: de grote schoonmaak. Spullen opruimen. Het oude stof de deur uit.
Een stapje verder: misschien merkt u dat u wat prikkelbaarder bent. Of sneller emotioneel. Of gehaast… Ook emoties kunnen in deze tijd van het kerkelijk jaar flink opgeschud worden. Dat zou je ook als een schoonmaak kunnen zien.
Wat betekent dit voor ons geestelijk leven?
Daarvoor wil ik u eerst meenemen naar vorige week. Maria Lichtmis. De ziel die het Christuskind opdraagt aan God. Oftewel: Maria, die ons in haar armen vol liefde opdraagt aan God. Onze innerlijke mens werd voorgesteld aan God. Er vond een ontmoeting plaats. Met God in ons. Een openbaring. Heel even loste de vertroebeling op en hadden we een heldere blik op de Waarheid.
Dat was een moment. Maar wel een moment wat een verlangen in onze Ziel heeft geplant. Die vertroebeling die even weg was, komt in ons aardse leven ook zo weer terug. Dan kunnen we het niet meer zo goed zien.
Om die vertroebeling steeds verder weg te poetsen, hebben we de Heilige Geest nodig. Haar vuurkracht. Om alles wat sterfelijk en donker is te verteren.
Bij binnenkomst hebben we gezongen: “Kom Heilige Geest, vervul mij gans”.
Dat is nogal wat… De Heilige Geest kan de boel goed opschudden! Tijdens een Heilige Mis, gewijd aan de Heilige Geest, gaan de dingen vaak anders dan gepland. Zo kan de Heilige Geest, als u Haar uitnodigt, andere dingen bewerkstelligen dan u verwacht. Er valt niet te onderhandelen over wat u wèl en wat u liever niet wilt. Durft u te vertrouwen?
Wij nemen de Geestelijke zaken waar via onze aardse zintuigen en ons aardse brein. In de evangelielezing van vandaag, waren de arbeiders die het langst hadden gewerkt ontstemd. Zij hadden meer uren gedraaid dan degenen die het laatst kwamen, maar kregen precies hetzelfde uitbetaald. Dat is een heel aardse reactie. De persoonlijkheid denkt zo. Die vindt het niet eerlijk. Zo projecteren wij vaak de wetten die wij mensen hebben gemaakt, op de Goddelijke Wet. Heel voorstelbaar, maar het is maar de vraag of dit juist is.
De wijngaard, die je mag vergelijken met het Koninkrijk van God, is voor iedereen. Het maakt niet uit wanneer je komt. Ieder mag werken naar vermogen en iedereen wordt gewaardeerd.
Zo ook de Liefde. We hebben een prachtige lezing over de Liefde gehoord.
Wij mensen kunnen liefhebben. Meestal vindt je iemand sympathiek, wat kan groeien naar liefde. Of je vindt iets mooi en ontwikkelt er liefde voor. Kortom: onze liefde ontstaat als een reactie op iets. Toch lijkt de liefde die in de lezing werd bezongen, van een andere orde.
God is Liefde. Wij zijn Liefde. Dat horen we regelmatig, maar wat betekent het? Wij mensen ontwikkelen liefde als reactie op iets. God’s Liefde is niet de reactie op iets. God is Liefde. En omdat deze Liefde zo groots is, zijn wij er uit ontstaan. U bent de reactie, het gevolg van Gods Liefde.
Daarom bent u Zijn Geliefde Zoon, of Dochter. Al voordat u geboren vent. U was al geliefd voordat u bestond…
Dat zingen we straks ook in het slotgezang: “Gij hebt mij lief o God, nog voor de eerste glansen.”
Het einde van het lied zingt: “O mocht mijns levens offerand mijn wederliefd doen blijken”
Wij hoeven ons leven niet te leven om de Liefde van God te verdienen. Zo werkt de Goddelijke Wet niet. Wij mogen leven na leven, steeds meer aardse en sterfelijke zaken wegpoetsen, zodat we God kunnen liefhebben zoals Hij ons liefheeft.
Daarvoor hebben wij de vuurkracht van de Heilige Geest nodig. Het “Kom Heilige Geest, vervul mij gans”
Om leven na leven steeds een beetje meer van onze aardse en sterfelijke zaken te zuiveren. Zodat we een heldere blik op de Waarheid krijgen.
Dan, zoals in de lezing staat, zien wij niet meer door een spiegel in een duistere rede, maar van aangezicht tot aangezicht.

Nu ben ik slechts ten dele, maar dan zal ik ten volle kennen, zoals ik zelf gekend ben.

Amen. Pr. Marion Lunshof

Bespiegeling Sexagesima, Verheerlijking van onze Heer (Maria Lichtmis) 4-02-2024
Lieve vrienden,
Met de brandende zuilen en de daarbij behorende intenties hebben wij in de advent de pilaren gebouwd voor de tempel, die zó opvlamde, dat het nieuwe Licht kon ontbranden. Het Licht van de opvlammende Christus in ons.
Wij kregen bewust of onbewust van binnenuit een beeld, een gedachte, een gevoel, met welke intentie dit ontvlamde Licht het komende kerkelijk jaar de wereld in zou schijnen. Een beeld waar wij naar mochten kijken, en in welk Licht wij ons de afgelopen tijd meer en meer bewust werden van wat wij de wereld zouden willen geven. En dat beeld is nooit klaar, maar het houdt ons voortdurend bezig. Wat kunnen wij betekenen in de wereld en hoe word ik daar mee geholpen? Op dát moment groeien wij naar een soort eenwording toe. Christus in ons en Christus mét ons.
In de ceremonie met Maria Lichtmis in de kerk, zoals wij dit vandaag, 4 februari, beleven, is het altaar leeg, alleen de hoofdkaarsen staan er en ze zijn gedoofd. Het frontaal, de doek aan de voorzijde van het altaar is paars.
In stilte komt de geestelijkheid paars gekleed binnen en de kaarsen worden gewijd en uitgedeeld. Dan gaat de geestelijkheid onder een gezang de kerkzaal uit.
Het altaar wordt voorzien van bloemen en extra kaarsen en het frontaal verandert van paars in wit. Dan worden de kaarsen aan gestoken.
Vervolgens komt de geestelijkheid met de monstrans waarin het Heilig Sacrament aanwezig is, in wit gekleed in processie weer binnen.
Dan vangt de H. Eucharistie aan.

Jezus werd in de Tempel opgedragen en Simeon ging voor in de dienst. Jezus kreeg zijn levensbestemming mee.
En wat doen wij met Maria Lichtmis?
Het lijkt wel of wij in de periode dat het frontaal en de gewaden nog paars zijn, wij de adventsperiode weer even beleven, na het aansteken van de kaarsen is het Nieuwe Licht tot volle wasdom gekomen en keken wij eerst nog een beetje náár het Nieuwe Licht, bij het binnentreden van de geestelijkheid met het Heilig Sacrament, treden wij onze eigen tempel binnen en worden wij één met het Nieuwe Licht. Op dat moment en tijdens het verloop van de dienst, zijn wij klaar om, ieder op zijn eigen manier en naar eigen vermogen , de inwijdingsweg naar Pasen te gaan.
En dan is het interessant om datgene wat Simeon tegen Maria zei, in ons eigen perspectief te plaatsen
En Simeon zegende Hem en zijn ouders en zei tegen zijn moeder Maria: “Ik heb goed nieuws over dit kind voor u.”
“Goed nieuws heer?” vroeg Maria. “Ja” antwoordde Simeon.
“Luister, Hij is voorbestemd om velen in Israël ten val te brengen, maar ook om velen te laten opstaan. Hij zal een teken zijn, dat verzet oproept.
Door uw eigen hart zal een zwaard van verdriet gaan, opdat de gedachten die in de harten van velen leven openbaar worden.”
Mede namens ons allen wensen wij ons veel sterkte en inspiratie op deze weg.
+Parcival

Bespiegeling Verheerlijking van onze Heer, Septuagesima                     28-01-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Zijn jullie ook wel eens een berg opgelopen? Zo’n hoge berg waar je op een gegeven moment zelfs beetje adem te kort komt, omdat de zuurstof verzadiging daar lager is dan in ons eigen kikkerlandje?
Een berg oplopen kost moeite, soms veel moeite en kan ook frustrerend zijn. In het begin zijn het paadjes door groene weides waar je door heen loopt. En op een gegeven moment vermindert het groen steeds meer en loop je vooral over steile harde rotsachtige grond. Je loopt de berg op en onder het lopen zie je alleen die rotsachtige weg, want je moet nog goed uitkijken waar je loopt ook. Het is bijna alsof je een muur voor je hebt. Hoe ver nog; en komt er een eind aan? En dan, af en toe, is er ruimte om je eens om te draaien. Overweldigend kan dat zijn. Ben ik al zo hoog geklommen? Wat is dat dorpje klein geworden, wat een uitzicht. Stil, kan je daarvan worden.
Gaandeweg, terwijl je dacht voortdurend tegen een muur op te lopen ben je toch ver gevorderd op de weg naar boven.
Dit kunnen we ook overdrachtelijk zien. Wij lopen onze weg door het leven en soms gaat het heerlijk over grazige weiden. Soms ook lijkt het alsof we voortdurend over een steile weg met rotsblokken lopen en het is zo ingewikkeld om hier mee om te gaan. Als we blijven dóórlopen zien we alleen rotsblokken, die muur. Echter als we af en toe pauze nemen, even op adem komen en ons omdraaien, beseffen we dat we werkelijk een berg beklommen hebben. Metafysisch betekent een berg beklimmen het verhogen van het bewustzijn.
Op onze weg door het leven vergaren wij wijsheid en het is goed om af en toe stil te staan bij wat we nu eigenlijk vergaard hebben. Ons bewust te worden van ons eigen bewustzijn. Ons eigen BEWUSTE ZIJN. Kijk eens achterom en kijk naar de weg die je afgelegd hebt. Soms liep die weg soepel over een malse alpenwei en soms waren er blokkades. Als we terugkijken kunnen we zien dat we soms even gehinderd werd om door te lopen. En van deze afstand, van bovenaf wordt alles gerelativeerd. Op dat moment was er misschien woede, frustratie en nu kunnen we zien dat die gebeurtenis, een gebeurtenis was. Niets meer en niets minder. We worden niet meer overspoeld door de emoties en overtuigingen die er toen waren. De gebeurtenis is niet weg, het is een deel van ons pad én het beheerst ons niet meer.
Deze bewustwording helpt ons om, als we ons pad verder vervolgen, anders te kijken naar de obstakels die we tegenkomen. Dát is groeien in bewustzijn. Zien wát die obstakels eigenlijk zijn en er meester over worden. Ze niet negeren of bagatelliseren, maar ze ten volle ervaren en aanvaarden en daarmee je eigen-wijsheid te laten groeien.
Om uiteindelijk ons ware licht te zien.
Jezus gaat samen met drie leerlingen ook de berg op. De leerlingen zijn Petrus, Johannes en Jacobus. Misschien niet toevallig, die drie namen: Petrus betekent rots en Johannes genade en barmhartigheid van God. Jacobus heeft als betekenis houder van de hiel of God zal beschermen. De hiel of achilleshiel is de zwakke kant of zwakke plek van iets. De hielen lichten betekent weggaan, vluchten. Iemand die de hiel vasthoudt zorgt dat we niet vluchten of weggaan en beschermt de zwakke plek. Jezus ging de berg op met Petrus: met vaste grond onder de voeten, je zou ook kunnen zeggen dat Hij goed gegrond was. Met Johannes. Wat we zouden kunnen vertalen in: met het besef van de genade en barmhartigheid van God, bewust van Gods immer aanwezige genade en barmhartigheid. En met het bewustzijn dat onze achilleshiel, onze zwakste plek altijd beschermd is, dat we nooit hoeven te vluchten, voor niemand, niet voor anderen én niet voor onszelf.
En boven op de berg in een staat van verhoogd bewustzijn werd het ware wezen van Christus zichtbaar en begon te stralen als de zon.
Met de doop sprak God: “Dit is mijn Zoon” en nu spreekt God opnieuw: “Dit is mijn geliefde Zoon, in wie ik mijn welbehagen heb; Luistert naar Hem”. We worden opgeroepen om te luisteren naar Christus, te luisteren naar de diepste stem in ons.
Volgens Leadbeater is deze transfiguratie, die hier beschreven wordt, voor ieder van ons weggelegd.
Als de mens wordt getransfigureerd, komen we te staan voor de God die in ons is; van aangezicht tot aangezicht. In momenten van helder bewustzijn beseffen we dat alle tobberijen slechts tijdelijk zijn. Dat wij in ons diepste wezen onsterfelijke stralende Lichtwezens zijn en de stem van God kunnen horen. En dat kan de kracht geven om, ondanks tegenslagen en duisternis om ons heen, zelf het Licht uit te dragen in deze wereld. Waarlijk volgelingen te zijn van Christus en lichtpuntjes te brengen in de duisternis.
Bisschop Vreede heeft in zijn boekje morgengebeden een prachtig gebed voor deze week: Oh Here God, Die ons uit de duisternis geroepen hebt tot uw wonderbaar Licht. Geef ons de kracht om als Uw heilig volk, als Uw koninklijk priesterdom, Uw boodschap te verkondigen.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 3e zondag na Driekoningen, doop van onze Heer                 21-01-2024
De doop van onze Heer wordt dit jaar gevierd op zondag 21 januari 2024.

"Ik moet door U gedoopt worden en niet andersom" was het antwoord van Johannes op verzoek van Jezus. Jezus geeft hem aan dat hij, Johannes, de gerechtigheid de kans moet geven om vervuld te worden.
De omgekeerde wereld? Jezus komt bij Johannes aan de oever van de Jordaan om gedoopt te worden met het water.
Johannes begrijpt er niets van. Jezus is zo verheven en dan moet hij, Johannes, Jezus dopen. Eigenlijk grappig dat iemand als Johannes kennelijk niet weet waar hij bezig mee is. Of is het een vraag van de schrijver van het verhaal?

Het verhaal geeft aan dat iedereen zijn eigen unieke weg moet gaan.
Dat je in iedere incarnatie weer door de zuiveringen heen moet om verder te kunnen.
Het water is zeer zuiverend. Wij mogen niet uitmaken wat goed is voor de ander. Dopen in dit geval is een soort universeel recht, wat in allerlei vormen in allerlei religies terug te vinden is.
Het kan opdragen zijn, dopen, zegenen, maar alles is gericht op een nieuwe kans en een nieuw leven dat iemand aanvangt. Maar het kan ook een nieuwe periode zijn in een leven.

De Jordaan staat metafysisch voor de gedachtestroom die van hoofd naar voeten stroomt.
De Jordaan is hemelsbreed 170 km lang en heeft een werkelijke lengte van ongeveer 300 kilometer.
Hij ontstaat door het sneeuwwater van de berg Hermon en loop via het meer van Tiberias en eindigt tenslotte in de Dode Zee.

Die Dode Zee intrigeert. Er is geen uitgang en dus is er een enorme zoutophoging. Zout
conserveert. Is het dan de plek waar wij vertoeven in alles wat was? In ons verleden?
“zie niet om”, werd er in het verhaal van Lot verteld toen zij wegtrokken uit het gebied van Sodom en Gomorra. De vrouw van Lot zag wel om en veranderde in een zoutpilaar. Je gaat vast zitten in je verleden. Dat moeten we los laten om onszelf een kans te geven in beweging te blijven. Het negatieve achter laten en het positieve in beweging laten zijn.

Die beweging, die energie, vinden we terug in het verhaal van Johannes de Doper.
Na de doop met het water, komt de uitstorting van het vuur. Met dit vuur, deze energie, kreeg Jezus de kans om het verleden los te laten en in volle energie zijn taak te gaan vervullen.
De Dode Zee met het zout kreeg geen kans.
“zie hier mijn Zoon, in wie ik welbehagen heb”, zo sprak God. Dit roept een verlangen op.
Een verlangen om contact te krijgen met het diepste in ons. Een verlangen dat om loutering en
energie vraagt. Op zo’n dag van de Doop van onze Heer, kunnen wij met deze energie weer een stap voorwaarts zetten in onze grote zoektocht naar God diep in ons.
+ Parcival

Bespiegeling 2e zondag na Driekoningen,                                                  14-01-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

De eerste lezing van vandaag is genomen uit een brief van de apostel Paulus aan de christenen van Kolossse. Paulus schreef de brief vanuit de gevangenis en zonder dat hij de mensen persoonlijk kende. Hij had gehoord dat de christenen in Kolosse zich bezighielden met een dwaalleer, die inhield dat de onmetelijke afstand tussen de onzichtbare God en de mens overbrugd moest worden door allerlei geestelijke middelaars. Het was voor hen ondenkbaar dat Christus de volkomen vereniging met God kon schenken. Om in contact te komen met de volheid van God moesten wereldgeesten, heerschappijen en machten worden vereerd en dan konden ze door riten en ascese van hun stoffelijkheid worden bevrijd. Paulus legt hen uit dat Christus het hoofd is van alle heerschappijen en machten en dat Hij het hoofd is van het gehele lichaam en dat wij ín Hem reeds deel hebben aan de Volheid.
Het gehele lichaam van Christus wordt benoemd als zijn gemeente, het is een gemeenschap.
Het kenmerk van een gemeenschap is dat een groep mensen bij elkaar hoort, eenzelfde basis heeft.
Wij zijn een christen gemeenschap, als zusters en broeders in Christus zijn wij één familie, één gemeenschap ín Christus.
In de eerste lezing lazen we: “Hij heeft ons ontrukt aan het domein van de duisternis en overgebracht naar het koninkrijk van zijn geliefde Zoon”. Ik neem er altijd graag andere vertalingen bij en in de Naardense bijbel lezen we hier: “Hij heeft ons ontrukt aan het gezag van de duisternis en overgebracht naar het koninkrijk van de Zoon van Zijn liefde”.
Het koninkrijk van de Zoon van Zijn Liefde is voor mij echt iets anders dan het koninkrijk van Zijn geliefde Zoon. Het eerste geeft aan dat er liefde was en er een Zoon ontstond, die op aarde een koninkrijk van die Liefde vestigde. Het tweede, de geliefde Zoon geeft aan dat God Zijn Zoon liefheeft.
De gemeenschap waarover de lezing spreekt gaat juist over het koninkrijk van Liefde dat op aarde gevestigd werd, geopenbaard werd door de komst van Christus.
En wij, als kinderen van God leven in dat koninkrijk van Liefde. Ons geboorterecht is dat wij mogen leven in dat koninkrijk van liefde, verenigd met de eengeboren Zoon van God, Christus. Volgens Paulus is Christus het hoofd van het gehele lichaam en hebben wij ín Hem reeds deel aan de Volheid. Wij zijn deel van die volheid, van dat koninkrijk van Liefde.
Dat is onze basis van gemeenschap. Alleen beseffen we dat niet altijd. Soms denken wij net als de mensen in Kolosse dat er veel voor nodig is om deze gemeenschap te ervaren, bewust te worden. Dat we er dingen voor moeten laten of juist moeten doen.
En dan krijgen we een voorbeeld in de evangelielezing.
De hoofdman is er van overtuigd, gelooft er heilig in dat Jezus zijn knecht kan genezen en dat Hij niet eens echt fysiek bij de knecht aanwezig hoeft te zijn. Nee, hij zegt: “een woord van U is voldoende om mijn knecht te doen genezen”. De kracht van een woord, van gedachten, van gebed wordt hier beschreven. Want de knecht geneest.
Geloof, meer is er niet nodig. Minder trouwens ook niet. Geloof als basis. Innerlijk zeker weten en daarop vertrouwen. Volledige overgave aan dit geloof in het rijk van Liefde, waar wij deel van uit maken. Het is om ons heen, binnen in ons, soms zonder dat wij het beseffen. Zoals een vis in het water zwemt, het water door zich heen laat stromen en zich afvraagt hoe hij het water kan ervaren.
Liefde, dat is wat het Licht, dat met Kerst opnieuw ter wereld kwam, ons wil leren. Liefde, eindeloze onvoorwaardelijke liefde. In elke gemeenschap zijn er mensen waar anderen zich over verbazen, zich aan ergeren, die ze willen mijden en er zijn mensen met wie ze graag optrekken, die ze willen om armen, die ze het liefst veel om zich heen hebben. Én allemaal samen vormen wij dat lichaam van Christus, dat koninkrijk van Liefde. Allemaal samen, niemand uitgezonderd, ieder met zijn of haar eigen-aardigheden. Juist door onze verschillen kunnen we elkaar spiegelen, leren en vooruithelpen om ons geloof te versterken. Dat geldt ook voor onze innerlijke wereld. Deze innerlijk wereld is een weerspiegeling van de uiterlijke wereld en een gemeenschap op zichzelf. Ook in onszelf is soms een strijd gaande, zijn er gedachten, handelingen of uiterlijkheden die we niet aangenaam vinden van onszelf, die we liever mijden. En ook daar geldt deze regel dat het héle lichaam, óns hele lichaam één koninkrijk van Liefde is. En ons lichaam bestaat uit het fysieke, het emotionele, het mentale en alle spirituele of astrale lichamen. Dat lichaam mogen we onvoorwaardelijk lief hebben. Want dat is wat we hoorden: “Hij heeft ons ontrukt aan het gezag van de duisternis en overgebracht naar het koninkrijk van de Zoon van Zijn liefde”.
In een oud Engels liturgieboekje vond ik een geloofsbelijdenis die nu geschrapt is, maar die heel erg goed hierbij aansluit en waarmee ik graag wil besluiten:
We place our trust in God, the holy and all-glorious Trinity, Who dwelleth in the Spirit of man.
We place our trust in Christ, the lord of love and wisdom, first among many brethren, Who leadeth us to the glory of the Father and is Himself the Way, the Truth and the Life.
We place our trust in the Law of Good which rules the world; we strive towards the ancient narrow path that leads to life eternal; we know that we serve our Master best when we serve our brother man. So shall His power rest upon us and peace for ever more.
Amen. Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling Driekoningen,                                                                       07-01-2024
Dierbare zusters en broeders in Christus,

In de voorbereiding voor deze bespiegeling zat ik mij af te vragen wat ik over het thema van vandaag zou kunnen zeggen. Drie wijzen of koningen die een ster volgen. Het lijkt bijna een sprookje. En sprookjes hebben vaak een diepere betekenis. Toen schoot mij de ster te binnen van de eindzegen: Aan het einde wordt gezegd: Moge die vrede ons omzweven, die kracht ons opheffen, tot wij staan waar de Ene Inwijder wordt aangeroepen en wij zijn ster zien stralen. Daar gaat het over het Licht met een hoofdletter. Het Licht waar wij allen naar op weg zijn, dat altijd aanwezig is, maar dat we niet altijd kunnen zien. Daarom bidden we ook aan het begin: mogen de Heiligen ons het Licht doen zien. Wij zijn op zoek naar én volgers van dit Licht. Als wij nou die wijze mensen zijn in het sprookje en wij zien een ster die een bijzondere betekenis lijkt te hebben wat voor karaktereigenschappen hebben wij dan nodig om die ster te gaan volgen?
Allereerst moesten de wijzen de ster waar kunnen nemen. Dat betekent dat ze bereid zijn, open staan om wáár te nemen. Een ster is alleen zichtbaar in het donker en de meeste mensen slapen als het donker is. Deze mensen denken en handelen dus niet als de meerderheid, ze zijn in staat buiten de gebaande paden om te handelen. Je zou ook kunnen zeggen dat ze bereid zijn de duisternis of hun eigen duisternis te zien, waardoor het mogelijk wordt om het Licht te zien. In het verhaal zien ze deze ster en hun bewustzijn vertelt hen dat dit een bijzondere ster is, die ergens voor staat. Dus naast dat ze open staan voor gebeurtenissen hebben ze ook bewustzijn dat dit niet zomaar een ster is. Diep van binnen “weten” ze dat dit iets bijzonders is. Ze negeren hun innerlijk “weten” niet. En dan komt er een wil om die ster te volgen. En daar is moed voor nodig. Ze wisten door de stand van de sterren dat het om een geboorte van een koning ging, maar waar? En wie? En over hoeveel tijd? En hoe ver weg? Dat wisten ze niet. Ik denk dat heel veel mensen om hen heen ze voor gek hebben verklaard: wie volgt er nu een ster, terwijl je niet weet wanneer en waar het eindpunt is? Daar is moed en zelfvertrouwen voor nodig. Zelfvertrouwen in je intuïtie dat je het bij het rechte eind hebt, soms tegen de algemene opinie in. En moed om als erkend wijs mens met waarschijnlijk een voorbeeld functie op weg te gaan met niets anders dan een ster als leidraad. Ik kan me zo voorstellen dat er dan een lange weg volgt. Ze zien de ster en volgen nog steeds, maar hoe lang is de weg? En blijft die ster schijnen? Dat vraagt volharding. En dan op een gegeven moment zien ze de ster niet meer en kloppen aan bij Koning Herodes. Soms is het ineens duister op de weg en heb je anderen nodig, die je de weg kunnen wijzen. Dat is helemaal geen schande, het is eerder een teken van kracht om te zien dat het voor jou op dat moment zo duister is, dat je het zelf niet meer ziet. Dan zijn er altijd anderen die je kunnen helpen om weer terug te komen op de goede weg en het Licht weer te zien schijnen. Zo ook bij de wijze mensen. Herodes weet het zelf ook niet, maar vraagt alle geleerden uit zijn koninkrijk en samen komen ze er uit en de wijzen gaan weer op pad en zie: de ster gaat weer voor hen uit.
Uiteindelijk komen ze dan bij de stal. De ster geeft duidelijk aan dat ze daar moeten zijn. Dan zou heel gemakkelijk een deceptie kunnen volgen: is dít nu waar ze zolang voor op weg geweest zijn? Dat het een pasgeborene zou zijn dat wisten ze, maar in een stal en bij zulke eenvoudige mensen? En wederom blijkt dat het wijze mensen zijn; ze herkennen ondanks alle omstandigheden het stalende Licht in het Kind. Zij kijken door alle uiterlijk schijn heen en zien dat dit het Licht is waar de ster ze naar toe heeft geleid en ze geven het kind hun kostbare gaven. Goud, mirre en wierook. Goud als vaste stof zou het lichaam kunnen symboliseren, de mirre als vloeibaar goud het tussen stadium tussen vast en vluchtig als symbool voor de ziel en de wierook als zuivere geurstof als symbool voor de geest. Daarmee offeren de wijze mensen hun lichaam, ziel en geest voor het Licht. Als symbolen voor lichaam, ziel en geest zou het wellicht ook hout, olie en tabak kunnen zijn geweest. Waarom is er gekozen voor de meest waardevolle materialen? Wellicht om extra te benadrukken dat het Licht het allerhoogste offer waard is.
Mogen wij in onze zoektocht naar het Licht de openheid vinden om te zien, de wil en de moed om op weg te gaan, de volharding om door te gaan, de kracht om hulp te vragen als het nodig is en het bewustzijn om het Licht te herkennen door alle uiterlijke schijn heen. Om dan, gesterkt door dit Licht, anderen te kunnen helpen en zo zelf sterretjes worden die de weg wijzen.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling Kerstmis                                                                                   25-12-2023
Dierbare zusters en broeders,

Vandaag vieren we het wonderschone feest van de geboorte van het kindje Jezus. En dat kindje staat symbool voor het levend geworden woord. In de geboorte van dit kind Jezus is Gods onvoorwaardelijke liefde zichtbaar geworden in een mens op onze aarde. Wat een geschenk, om stil van te worden. Het vervult mij elk jaar weer met grote dankbaarheid dat we dit feest van Licht mogen vieren. Dit feest kan ook als symbool worden gezien voor ons eigen innerlijk licht. Elk jaar opnieuw krijgen we de gelegenheid het licht in ons zichtbaarder te maken zodat ook ons eigen innerlijk licht steeds meer werkelijkheid mag worden.
Maria en Jozef waren voor de volkstelling op weg van Nazareth in Galilea naar Bethlehem in Judea.
Metafysisch betekent Nazareth in het Hebreeuws, vertakking of spruit en Galilea is ziele energie of kracht van leven. Bethlehem betekent dan huis van brood en Judea lofzang aan Jehova.
Metafysisch gezien vertrokken Maria en Jozef dus vanuit de landstreek van ziele energie, die vol is van kracht van leven. Je zou kunnen zeggen ze vertrokken vanuit de levenskracht voor de ziel met een nieuwe vertakking, een nieuwe spruit al aanwezig in Maria naar de landstreek van lofzang, van eer brengen aan de God van de voorvaderen, om te eindigen in Bethlehem, het huis van brood. Het huis waar voeding is, waar voedsel vorm krijgt. Daar wordt Jezus geboren.
Als we dit vertalen naar ons innerlijk Licht, dan wordt vanuit de levenskracht voor de ziel opnieuw een licht geboren dat in het land van aanbidding manifest wordt, zichtbaar wordt, gevoed wordt.
Elk jaar opnieuw mogen wij beseffen dat ons Licht aangeraakt wordt door het oerlicht en dat het steeds meer manifest mag worden in deze wereld.
Maria brengt haar kindje ter wereld, het Woord, de levenskracht wordt zichtbaar op aarde in een kleine baby. Een baby die nog ontvankelijk is, zonder oordeel en volledig afhankelijk van de omgeving.
En Maria doet wat elke moeder zou willen doen: ze gaat dit jonge leven voeden. De baby wordt gevoed met de melk van de moeder. Het Woord, de Zoon voortgekomen uit de Vader wordt gevoed en groeit door de voeding van de Moeder die je ook Sophia, Wijsheid of Heilige Geest mag noemen.
Ook ons innerlijk licht heeft die voeding nodig. Een vlammetje dooft bij een tekort aan voeding. Daar weten de 5 meisjes die op de bruidegom wachtten, in de parabel van Jezus, maar al te veel van. Hun lichtjes gingen uit en toen de bruidegom uiteindelijk kwam, mochten zij niet binnen op het bruiloftsfeest. Terwijl de 5 meisjes, die reserve olie mee hadden genomen, wél de bruidegom konden begroeten en zich aan het bruiloftsmaal kon voeden.
Staan wij toe dat wij gevoed worden? Zorgen wij zelf voor voldoende reserve olie of zien wij de voeding soms niet eens meer staan en verduistert daardoor ons licht?
Moedermelk is in eerste instantie wat doorzichtig, transparant alsof het nog manifest moet worden en hoe meer het gaat stromen hoe witter het wordt. De kleur wit omvat alle kleuren in zichzelf. Baby Jezus wordt met liefde gevoed met alle kleuren vanuit de Moeder en daardoor kan het kind opgroeien in wijsheid; zoveel wijsheid dat Hij op 12 jarige leeftijd al de mensen in de synagoge versteld doet staan.
Hoe kunnen wij ons licht voeden?
Dat kan door onze ogen en ons hart toe te staan om zonder voorbehoud, zonder wantrouwen te openen. Te openen voor de zegeningen die overal in de wereld te zien en te ervaren zijn. Zegeningen zijn te ervaren in onze directe omgeving, in de mensen om ons heen. In onze eigen groei, hoe klein de stapjes soms ook lijken. Zegeningen kunnen gevoeld worden in het lichaam, in hoe het lichaam reageert op een situatie. Een bekend gezegde is: tel uw zegeningen. Het is afkomstig van een klein gedichtje, dat ik jullie niet wil onthouden:
Tel uw zegeningen, tel ze één voor één,
Tel ze, tel ze alle, en vergeet er geen.
Tel ze, tel ze alle, noem ze één voor één,
En ge ziet Gods liefde dan door alles heen.
Als wij beginnen met het tellen van alle zegeningen, elke dag, dan willen we er niet meer mee stoppen, het zijn er zo veel. Het geeft zoveel vreugde. Dan groeit ons licht, want alles wat gevoed wordt, groeit.
En zegeningen komen, net als de liefde, in vele vormen. Niet altijd worden ze ervaren als lief en aardig, de zegening kan ook zitten in chaos of tegenwind. Echter hoe meer wij ze leren herkennen en daardoor hoe meer wij onszelf leren kennen, hoe vreugdevoller we worden en hoe stralender ons licht wordt. Laten we samen het Licht, waarvan we vieren dat het vandaag opnieuw geboren wordt, mogen verspreiden en zichtbaar maken in de wereld.
Moge deze kerst en het hele komende jaar het Licht zich via ons allemaal verspreiden in de wereld.
Zalig Kerstfeest.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 4e zondag van de advent, juist handelen,                              24-12-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Deze dienst staat in het teken van stilte en bezinning. Ook Maria zoekt op dit moment een plek om haar kind ter wereld te brengen. Een kind aan Maria aangekondigd door een engel en na de eerste schrik kon Maria zeggen “mij geschiedde naar Uw wil.” En als we het hebben over juist handelen dan is dit een zeer juiste handeling geweest. Toch wist zij niet wáár zij JA op zei. Wij weten nu dat de geboorte van dat kind de wereld heeft veranderd, maar Maria weet dat niet. Er is haar door een engel een boodschap gebracht dat ze zwanger zou worden en ze ís zwanger geworden. En nu is de geboorte aanstaande. En ze is nog onderweg ook, geen thuisbevalling voor haar. Ik kan me zo voorstellen dat zij nog meer dan elke andere moeder benieuwd is naar het kind en wat er volgt op de geboorte; er zijn grote verwachtingen gewekt. Gaat het ook uitkomen?
Maria heeft door alles heen haar vertrouwen in God en de boodschap behouden en steeds juist gehandeld. Hoe haar omgeving heeft gereageerd weten we alleen van twee personen: Jozef is bij haar gebleven, ondanks dat het een grote schande was in die tijd om voor het huwelijk zwanger te geraken, omdat ook hij een boodschap van een engel kreeg dat het kind inderdaad verwekt is door de Heilige Geest en Elisabeth reageert vanuit vreugde en geloof en spreekt de woorden die uiteindelijk voor ons in het wees gegroet terecht zijn gekomen: gezegend zijt gij onder de vrouwen en gezegend is de vrucht van uw schoot.
En wat zouden wij doen? Stel dat onze zus, dochter of nicht ons komt vertellen dat ze een boodschap heeft gekregen van een engel dat ze zwanger zal worden van de zoon van God. Hoe handelen wij? Kinderen die spelen met een “vriendje” terwijl er verder niemand in de kamer is, worden maar al te vaak verteld dat het niet waar is, er is geen extra wezen in de kamer. En dat alleen maar omdat die ouder het zelf niet kan zien of misschien niet méér kan zien. Een medium, dat berichten vanuit de spirituele wereld doorgeeft, wordt nog steeds met de nodige argwaan bekeken. En onze eigen ervaringen? Voelen wij ons vrij om te delen wat we ervaren van de ongeziene wereld? En als er gedeeld wordt, hoe kijken wij er dan tegen aan? Voelen we weerstand? Dit kan niet waar zijn, het bestaat gewoon niet. Redeneren we het weg? Of is er misschien wel jaloezie? Waarom ervaart hij of zij wel zoveel en ik merk niets? Denken we dat de ander een aansteller is of overdrijft? Vertrouwen we wat de ander waarneemt?
Hoe handelen wij? Handelen is actief reageren op iets dat we meemaken. En juist handelen is dan een handelen dat gericht is op het hoogste goed voor anderen en voor onszelf. Dat geldt uiteraard op alle niveaus zowel materieel, emotioneel, mentaal als spiritueel. Materieel is uit te meten in financiële waardes, emotioneel en mentaal is misschien nog te meten en in kaart te brengen met allerlei psychologische testen, maar spiritueel is er geen “meetlat”. Wie bepaalt wat waar is en wat juist handelen is in het ongeziene?
Dat heeft heel veel te maken met onze ontvankelijkheid, hoe open of versluierd is ons waarnemen, ons innerlijk licht of onze intuïtie. Kunnen wij oordeel loos vanuit onvoorwaardelijke liefde de ander of een situatie schouwen en ondersteunen?
Graag wil ik terug komen bij mijn stelling: Stel dat onze zus, dochter of nicht ons komt vertellen dat ze een boodschap heeft gekregen van een engel dat ze zwanger zal worden van de zoon van God.
Laten we een moment stilte nemen om voor onszelf eens te overpeinzen hóe wij zouden reageren en wat ons motiveert om op díe manier te handelen.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 3e zondag van de advent, Gaudete,                                    17-12-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,
Misschien mag ik jullie vandaag eens meenemen in een bepaalde fictieve situatie.
Twee mensen trouwen met elkaar omdat het op dat moment de beste stap lijkt. Niet perse omdat er veel liefde in het spel is, maar meer vanwege allerlei andere omstandigheden. En omdat het zo gaat wordt er ook een kind geboren. Eigenlijk hadden geen van beide vooraf nagedacht over de zorgbehoefte van dat kind en het gaf toch wel veel onrust en verstoring van de dagelijkse routine. Toch zorgden ze er voor zoals zij dachten dat het paste bij de situatie, vooral door het te negeren en er niet te veel aandacht aan te geven. Het kind hunkerde naar liefde en voelde onbewust dat het eigenlijk niet welkom was.
In zo een situatie kunnen er twee uitersten ontstaan: een kind trekt zich terug en probeert door heel veel meegaandheid toch liefde te verdienen van de ouders of een kind gaat in de weerspannigheid. Wordt tegendraads. Ik zal laten zien dat ik er ben, ik laat mij niet klein krijgen. Op school kan zo’n kind brutaal worden en andere kinderen gaan treiteren, pesten. Het gaat anderen angst aanjagen en voelt hoe het daardoor aanzien krijgt. Het wordt gezien, niemand kijkt meer over of om hem heen. Erkenning. Het groeit op de angst van anderen. Als dit zich voortzet op de middelbare school en in het latere leven, dan wordt het iemand die aanzien en macht afdwingt door represailles, het wordt een alleenheerser met jaknikkers om hem heen. Deze mensen hebben de macht van de angst begrepen en gebruiken deze kennis om anderen te controleren.
Ik denk dat ieder van ons in zijn of haar leven een situatie kent of gekend heeft waarbij die angst voor de macht van een ander een rol speelt of speelde.
En hoe kunnen wij daar mee omgaan?
De reden waarom iemand de angst kan gebruiken om macht te verkrijgen over anderen is heel simpel omdat er angst zit in iedere mens.
De oplossing is daardoor ook heel simpel: indien niemand meer angst had, heeft de alleenheerser letterlijk geen grond meer om op te staan. Angst was immers de basis waarop zijn rijk was gebouwd.
Alleen dat is een utopie. Een mens ként angst en dat is nog nuttig ook in bepaalde situaties.
Wat kunnen wij als mens dan wel? Wij kunnen naar binnen keren en met het onderscheidingsvermogen, waar we het de eerste zondag van de advent over hadden, onze angsten onder ogen zien en ons bewust worden van het nut, de noodzaak en de invloed van die angsten. Daarmee groeit er een staat van acceptatie, begrip en liefde voor onszelf. Ons eigen Licht wordt niet meer versluiert door die angst en kan gaan stralen en verbinding zoeken met anderen die ook hun Licht uitstralen. Samen ontstaat er een macht van Licht en mensen in de buurt zullen aangestoken worden door die geur van de geestelijke liefde zoals de tweede lezing het zo mooi beschreef. Het worden vrije mensen, want zij kennen en accepteren zichzelf en kunnen daardoor dienaren zijn voor anderen op de weg naar het Licht.
Daarbij is het wel belangrijk te realiseren dat Liefde in vele vormen verschijnt. Liefde is niet per definitie altijd lief en aardig. Liefde kan ook chaos en turbulentie brengen net zoals Jezus in zijn tijd de bestaande wereld op zijn kop zette en chaos bracht in de gevestigde orde. Het is aan ons om onszelf te schouwen in elke situatie: wat maakt dat een bepaalde situatie ons zo blij, vreugdevol of juist verdrietig en angstig maakt. Iets in ons resoneert op de gebeurtenissen om ons heen en dát te doorgronden geeft gnosis, zelfkennis. Hoe meer we bewust meemaken en doorgronden, hoe groter onze zelfkennis wordt.
Het leren kennen van het Zelf verandert onze frequentie, onze vibratie. En elke nieuw ontwikkelde frequentie kan weer gelijkende frequenties aantrekken en daarmee nieuwe situaties creëren om van te leren, waardoor we eindeloos kunnen doorgroeien in bewustwording van onszelf.
Dit proces vindt plaats in ieder van ons. Dat betekent, dat we ieder die wij ontmoeten dankbaar mogen zijn. Elke ontmoeting, of die nu aangenaam ervaren wordt of niet, geeft beide partijen de kans om te groeien in bewustwording en het licht steeds verder te ontsluieren.
Door dienstbaar te zijn aan het Goddelijke in de ander, ben je ook dienstbaar aan het Goddelijke in jezelf. Dienstbaar aan het Leven, het Licht en de Liefde.
Dat maakt de Hindoe begroeting Namasté ook zo mooi; Namasté betekent: Ik groet de God in jou. Of: De God in mij groet de God in jou.
Het houdt de aandacht bij het Goddelijke, bij iedere ontmoeting in elke situatie.
Gaudete!! Wat een vreugde.
Amen. Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling tweede zondag van de advent, zelfvergetelheid,              10-12-2023
“Gedachten die zijn voortgebracht uit de begeerte naar macht, maar die eer zullen bewijzen aan de Heer der Heerlijkheid en die hun toorn zullen opgeven, zij zullen voor eeuwig beloond worden voor hun nederigheid.”

Hoe eenvoudig kan het zijn? Gedachten die voortgebracht zijn in ons groeiproces, maar die gelouterd worden door bewustwording van het Hogere in ons doen het lagere in ons vergeten.
Zelfvergetelheid. Het vergeten, het opzij zetten van ons lagere zelf als wij ons werk in de wereld doen geeft bijzondere en soms ook onverwachte resultaten. Niet een mooi resultaat voor jezelf, maar een nuttig resultaat voor iets anders. En dat “iets anders” kan van alles zijn.
Een mens, een dier, een organisatie een bouwwerk of het ,milieu. Een oneindige variëteit van “iets anders”.
Het thema van het afgelopen jaar, wat ik regelmatig onder de aandacht bracht en nog breng is “bewustwording”. Het wordt niet met name genoemd onder alle leerthema’s die elk jaar weer de revue passeren.
“Bewustwording” gevolgd door “helder inzicht” is eigenlijk een telkenmale “ontwaken”.
Anderen “bewust maken” klinkt mooi, maar het kan al gauw een verfijnde uitvoering zijn van “anderen jouw ideeën” aanpraten. Anderen helpen “bewust te worden” terwijl je zelf op dat moment in de stroom van zelfvergetelheid zit, helpt de ander om een eigen “helder inzicht” te ontwikkelen. Er ontstaat in dát gesprek een sfeer van communiceren waarbij je beiden soms een gevoel hebt dat het net is of “je er niet bent”. Dat zijn fijne en ook heel eerlijke momenten. Dan voer je een gesprek met z’n drieën. Want zo’n gesprek zou je Goddelijk geïnspireerd kunnen worden.
Nu ik dit net schreef kwam er een stemmetje in mij op: ”nou, nou, je gebruikt wel heel grote woorden”. En dat overdenkende realiseer ik mij dat er ineens incarnaties langs waaien waarin wij verkeerden in het nietige ‘aardwormschap’.
Tegenwoordig mogen wij het zeggen: ”God is overal, God zit diep in ons. God is inwonend.
Dus zo gauw wij een klein vonkje van Gods aanwezigheid in ons laten opvlammen, kan je al spreken van Goddelijk geïnspireerd zijn. Het is zo heerlijk dichtbij.
Als je je dát bewust wordt, maak je al een begin aan de weg naar de ontsnapping van de begeerte naar macht.
Weer dat woord bewust. Bewustwording is een smeermiddel. Zonder bewustwording bereik je geen vrede. En in de huidige tijd, waarin “vrede” verder weg lijkt dan ooit, kan je bidden om vrede, maar aangezien wij die vrede zelf zullen moeten maken, is de stap naar bewustwording de eerste stap. Misschien lopen wij wel op de feiten vooruit als wij bidden om vrede, zonder eerst te bidden voor “bewustwording”.
Het één kan ook niet zonder het ander. Je kunt wel bidden om bewustwording die leidt tot vrede.
Voor het zuiverste resultaat is de houding van “zelfvergetelheid” in onze acties essentieel en
het draagt dus bij tot de oprichting van die Koninklijke tempel van Advent die door het ontvlammen van de lichtende zuilen ontstaat. Een mooie opmaat naar het thema van de volgende week. Liefde.
“Gedachten die zijn voortgebracht uit de begeerte naar macht, maar die eer zullen bewijzen aan de Heer der Heerlijkheid en die hun toorn zullen opgeven, zij zullen voor eeuwig beloond worden voor hun nederigheid”.
Amen +Parcival.

Bespiegeling eerste zondag van de advent, onderscheidingsvermogen, 03-12-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

In het kader van het thema van vandaag; onderscheidingsvermogen neem ik jullie graag mee naar een situatie afgelopen zondagmiddag bij ons thuis. Mijn echtgenoot en ik stonden voor het keuken raam en keken naar buiten naar een boerderij zo’n 400 meter verderop en er ontstond het volgende gesprek: “Hé, wat zijn die 5 witte vlekken daar bij de boerderij? Daar zal toch niet iets gedumpt zijn? Nee, ik zie die vlekken bewegen, het zijn grote vogels volgens mij. Ik kan het niet echt goed zien, maar zouden het de ooievaars zijn van dit voorjaar? Nee, dan zou je toch ook zwarte randen moeten zien? Wacht, ik pak mijn fototoestel, dan kunnen we inzoomen. Ik nam een foto en we bekeken die samen. “Kijk nou uit, het zijn zilverreigers, maar tussen die zilverreigers lopen ook nog 8 gewone reigers, kijk maar als ik nog verder inzoom. Die zie je niet eens met het blote oog. Ze vallen weg tegen alle andere structuren.“
Dit gebeurt zo vaak in ons leven. Als we vluchtig kijken, dan zien we weinig. Als we wat meer tijd nemen, dan vallen ons dingen op en als we echt de tijd nemen om te schouwen, dan kunnen we dingen zien die er voorheen niet leken te zijn.
Soms lopen de agenda’s zo vol dat we rennend door het leven gaan, van de ene afspraak naar de andere in de hoop dat we onderweg niets vergeten zijn. Een focus op alles wat moet.
Vandaag worden we opgeroepen ook af en toe stil te staan en te schouwen. Onderscheid te maken tussen wat onze eigen weg is en wat we denken dat anderen van ons verwachten. Even stil te staan en te luisteren naar de stille stem in ons binnenste.
We gaan deze adventsperiode op weg naar verstilling om ruimte maken voor de ontvangst van het Licht. Om straks met kerstmis samen met de engelen het nieuwe Licht jubelend binnen te halen. Mag het een tijd van stilte zijn om in onszelf de witte, de zwarte en alle andere kleuren vlekken te onderscheiden en ze liefdevol te accepteren. Door vol genade en vergeving onszelf te ont-vangen, ontvankelijk te zijn daarvoor, zijn we ook in staat onze medemensen te ontvangen, gewoon om wie ze zijn.
Dat het zo mag zijn
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling zondag voor advent, verdrijven van onwetendheid,           26-11-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vonden jullie de lezingen van vandaag ook zo lastig? Ik heb er wel een poosje op zitten kauwen.
Als we de eerste lezing lezen als een soort toekomstvoorspelling dan staan ons aardbevingen, bloedvergieten en donder te wachten met de vernietiging van de goden. En zij die niet volkomen geworden zijn in de Onverwekte Vader, zullen nooit het ‘Rijk van de gnosis’ binnengaan. Terwijl wij belijden in onze akte van geloof dat allen eens in God zullen opgaan hoeverre zij voordien ook zijn afgedwaald….. Misschien is deze tekst niet bedoeld om zo letterlijk te lezen.
Jaldabaoth is in dit verhaal de heerser over de mensheid. De mensheid met zijn vorm op deze aarde is geschapen in dualiteit met een goddelijke vonk. Wij ervaren goed en kwaad, licht en donker, boven en beneden, verleden, heden en toekomst. Ervaringen van uitersten in emotie, in zintuiglijke waarnemingen, in ervaringen van tijd en in het oordelen vanuit ons verstand. De chaos, waar over gesproken wordt, ontstaat als er geen besef, geen bewustzijn is van deze dualiteit en de goddelijke vonk. Iemand die het leven alleen als lief en aardig en licht wil ervaren sluit de ogen voor de duistere zijde van het menszijn en iemand die zich puur focust op het materiele in de wereld, zal nooit de liefde en het erbarmen tussen de mensen kunnen waarnemen. Het lief, aardig en licht willen zijn of juist de focus op het materiele wordt een soort god of afgod van onwetendheid waar naartoe geleefd wordt. Onze fysieke zintuigen (dat zijn de ogen, de oren, de smaak en het voelen) en ons brein, ons verstand zijn geconditioneerd dingen te ervaren en te interpreteren zoals we het geleerd hebben en het kan heel lastig zijn om over deze grenzen heen te kijken. Van deze mensen die niet bewustzijn van het leven in dualiteit en de goddelijke vonk, wordt in deze lezing gezegd dat ze niet “volkomen” zijn en van hen wordt gezegd dat zij nooit het rijk van de gnosis binnen zullen gaan. En logisch beredeneerd klopt dat ook. Als we de dualiteit en de goddelijke kern in de mens niet onder ogen zien en maar naar één kant blijven kijken, dan blijft de chaos bestaan en dan zullen we onszelf nooit leren kennen en gaan we dus ook het Rijk van de gnosis (het rijk van de zelfkennis) niet binnen. Althans niet in dit leven.
Maar dan komt Sophia (en Sophia staat voor de wijsheid) en zij, de wijsheid, verdrijft de goden van onwetendheid uit de chaos en werpt ze samen met Jaldabaoth (de heerser van de dualiteit) in de afgrond. Ze zullen uitgewist worden door hun eigen geschapen ongerechtigheid. Hier worden dan niet mensen bedoeld die in de afgrond worden geworpen, maar de afgoden die de mensen in zichzelf geschapen hebben door hun focus op bijvoorbeeld het materiele. Als wijsheid of het Licht komt, dan is het gedaan met de onwetendheid. Dan is er inzicht, bewustzijn en kan het Licht gaan schijnen. Eigenlijk is de ontvankelijkheid waar we het vorige week over hadden de basis hiervoor. Buiten de gebaande paden durven wandelen, met een niet bevoor-oordeelde blik mensen tegemoet treden en dat wat we niet verwachten verwelkomen en onderzoeken. Daarmee vernietigen we onze starheid en vooroordelen (de goden van de onwetendheid) en worden we ontvankelijk voor het Licht dat inzicht, wijsheid geeft dat letterlijk de duisternis zal uitwissen. Wij zien de wereld, de ander en onszelf zoals we ZIJN (en dan ZIJN met een hoofdletter, het WEZEN der dingen). Dat geeft ruimte om terug te keren naar onze wortel. En dan is die tweede lezing niet zo vreemd meer. God is in alles, dus ook in de beschreven (schijnbare) tegenstrijdigheden. Die tegenstrijdigheden zijn er alleen als wij ons laten bepalen door ons verstand. God laat zich niet in hokjes opsluiten, God is overal. Ook in de schijnbare tegenstellingen in deze tekst. Wij moeten God niet zoeken op een bepaalde plaats, het Licht verschijnt overal en in vele gedaantes. En dat wordt zichtbaar als wij ontvankelijk durven zijn.
Deze rode zondag is toegewijd aan de Heilige Geest. En precies deze geest vuurt ons aan en geeft levenskracht om vanuit liefde ontvankelijk te zijn voor dat wat er is. Om met de nieuwsgierige openheid van een kind de wereld en onszelf te schouwen en in verwondering God te danken.
Mogen wij, aangevuurd door de Geest, de komende week op weg naar de advent, onze ontvankelijkheid oefenen en ruimte maken voor de ontvangst van het Licht.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 24e zondag na HDV, ontvankelijkheid,                              19-11-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

We zijn aangekomen bij de laatste groene zondag van het kerkelijk jaar. Volgende week is een rode zondag waar we aangevuurd door de Heilige Geest de onwetendheid verdrijven om ons klaar te maken voor de advent, de tijd van verwachting voor de geboorte van ons innerlijk Licht.
Het thema van deze dienst is ontvankelijkheid. Ont-vangen zou je kunnen omschrijven als actief niet-vangen net zoals met ont-mantelen: doel bewust de mantel er af halen of ont-dekken: het dek er af halen. Vángen is heel bewust je richten naar iets wat een ander je aanreikt om dat te pakken. Bijvoorbeeld jij gooit een bal naar mij en ik vang de bal. Een bewuste actie gericht op één specifiek ding. Ontvangen is dan met open handen alles wat aankomt willen accepteren, zonder ons naar iets specifieks te richten. Mensen ontvangen is iedereen welkom heten ongeacht ons eigen oordeel over iemand.
Het betekent dat we openstaan voor het ónvoorziene, het nieuwe, iets dat compleet anders kan zijn dan wijzelf denken te zijn en dat daarom ook niet met het eigen begripsvermogen meteen begrepen kan worden.
Juist die openheid, die ontvankelijkheid maakt dat we oog krijgen voor dat wat we niet kennen. Als we altijd veilig hetzelfde rondje wandelen, dan weten we de weg en komen we altijd dezelfde dingen tegen. Wat nou als we eens de andere kant opwandelen en er een ontdekkingstocht buiten de gebaande paden van maken? Ontvankelijk zijn houdt dus een omdraaiing in van de wijze waarop wij ons vaak verhouden tot de dingen: van een directieve gerichtheid, van het precies weten waar we ons wel en niet in begeven naar een spontaan open staan voor alles wat er komen gaat. We zouden dat ook kunnen zien als nieuwsgierigheid van kinderen voor dat wat er simpelweg is.
Ontvankelijk zijn is openstaan zonder invulling en zonder angst. Ware ontvankelijkheid vraagt om barmhartigheid en tolerantie naar anderen en naar jezelf.
Tijdens de heilige mis, werken we er naar toe ontvankelijk te worden voor het mysterie van de transsubstantiatie. Dat gebeurd door de opbouw van de hele liturgie met alle symboliek en rituelen. Tijdens de heilige Mis lezen we vaak uit de gnostische geschriften en de lijfspreuk van de Gnosis is: ken u zelve. Ken u zelve betekent ontvankelijk zijn voor alles van wie of wat we zijn, zowel in het donker als in het licht, in het klein en in het groot. Om onszelf te kennen moeten we ontvankelijk zijn, open staan voor wie we werkelijk zijn, niets meer en niets minder.

Voor mij zit de ontvankelijkheid van de eerste lezing in de eerste 4 woorden: ik buig mijn knieën. Wat de Paulus hier aangeeft, is dat hij zichzelf klein maakt om de grootsheid en de leiding van God te ervaren. Het ego doet er niet toe, dat wordt letterlijk klein gemaakt, dat is ontvankelijkheid. In ons hart ruimte maken voor Gods leiding, Hem in stilte te vragen ons leven te sturen en daar open voor staan. Dan kunnen we de liefde ervaren. De goddelijke liefdesenergie is overal aanwezig, maar alleen wie kan ontvangen, wie ontvankelijk is, kan daadwerkelijk die liefde ervaren en uitdragen.

Wat houdt ons dan tegen om die liefde, om dat licht van Christus in ons te ontvangen en te laten groeien?
Vaak is het de angst. Wat gaan we tegenkomen als we onszelf openstellen, als we ons hart openen? We kunnen dan dingen tegenkomen die we nooit eerder zijn tegengekomen en dat kan verwarring geven. Wat brengt de ander en wat moeten we daar dan mee? Wat brengt de situatie en hoe reageer ik daar op? En wat gaan we zien van onszelf? Vooral dat laatste is misschien wel het meest confronterend. Er is moed voor nodig en een rotsvast vertrouwen in juist die liefde, in het licht van Christus om zonder oordeel, ontvankelijk, de ander, de situatie en onszelf te schouwen. Paulus spreekt dat vertrouwen als zegenbede en vertroosting uit in de eerste strofen van de brief die hij schreef aan de Efeziërs. Die brief waaruit de eerste lezing genomen is. Het mag ook voor ons een troost en een richtingwijzer zijn. Dit zijn de woorden van Paulus:
“Genade voor u en vrede van God, onze Vader, en de Heer, Jezus Christus!
Gezegend zij God, de Vader van Jezus Christus, onze Heer!
Met Christus in de hemelen geeft Hij ons alle zegen van de Geest.
Ja, in Hem heeft Hij ons uitverkoren al voor de grondlegging der wereld om geheiligd en gereinigd voor hem te staan. In liefde heeft Hij ons voorbestemd Zijn kinderen te worden door Jezus Christus. Zo was het welbehagen van Zijn wil. Tot lof van de heerlijkheid van Zijn genade heeft Hij ons begenadigd in de Geliefde, Jezus Christus.”
Mogen wij gezegend door de Geest en begenadigd door God, het vertrouwen ervaren en de moed opbrengen om oprecht ontvankelijk te zijn voor Gods leiding, voor de ander en voor onszelf.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 23e zondag na HDV, toepassen van het geleerde 12-november-2023
Soms gebeurt het dat de lezingen zo duidelijk zijn, dat je er niets meer aan toe te voegen hebt.
Vandaag is dat geval en dat komt goed uit. Ik ben op het ogenblik erg druk met kerkactiviteiten.
Huisbezoeken, 2 lezingen voorbereiden voor Zwolle en Bloemendaal, de cursus van de Stichting Lumen helemaal vernieuwen inclusief de studie die er voor nodig is en een workshop voorbereiden die ik op 24 en 25 november geef voor de opleiding van de kerk. En dan heb ik samen met Alice een boek geschreven over een bijzondere stervensbegeleiding. En dat boek is nu in proefdruk verschenen. Heel spannend.

Dus mijn verhaal is wat kort. Als je de Nag Hammadi leest over de stoffelijken, psychischen en geestelijken, dan zal menigeen misschien ongewild toch denken: “maar wat ben ik dan? “
Zelf hou ik niet van onderscheidingen. Je zou al gauw de neiging hebben om je beter of minder dan de ander te voelen. De pop-up van de vraag “maar wat ben ik dan” is altijd een ego-pop-up.
Al weer bijna oninteressant zou je zeggen. Heer boeddha ontving twee leerlingen en die streden om het feit wie verder was op weg naar de verlichting.
Boeddha antwoordde: ”die man, die daar dronken in de goot ligt”.
Om je heen kijken en vergelijken is dus nutteloos en leidt tot discriminatie.

Als ik een metafoor bedenk, dan valt mijn gedachte op een oplaadbatterij. Het ingrediënt om op te laden is aanwezig. De energie komt erin en het groeit. Elke batterij geeft dezelfde hoeveelheid energie af. Maar de ene is verder gevuld dan de ander. Het is diezelfde hoeveelheid energie die ons gelijk maakt en vanuit dát perspectief kun je het onderscheidenlijke vergeten. God is blij met elke batterij waar energie ingestoken is. Hij geeft dezelfde energie af. Als de batterij aan het eind van de rit leeg is, zijn wij weer teruggekeerd naar de bron.
God is de energie. Wij bedenken dat de ene batterij verder gevuld is dan de ander. Van buitenaf merk je daar helemaal niets van. Bescheidenheid in deze is dus wat ons betreft op zijn plaats.
Als wij dan onze lessen leren, geeft het sprankeling als wij het geleerde gaan toepassen. Oprah Winfrey kon in haar shows prachtig uitleggen wat ze allemaal kon doen tegen overgewicht. Achter de schermen at ze vóór een uitzending door de spanning bijna een halve doos Mars leeg. Op een zeker ogenblik maakt ze dat bekend en voelde zich in de strijd tegen het overgewicht behoorlijk mislukt. Ze zei: ”I talked the talk, but didn’t walk the walk”. Soms is het beter te vertellen wat je tot stand gebracht hebt, dan vol enthousiasme te verkondigen wat je gaat doen. Mooie praatjes dus.
Maar toepassen van het geleerde in de Nag Hammadi gaat vooral om geestelijke ontwikkeling.
Het is goed om wat je leert in de geest ook te proberen toe te passen.
Amen. +Parcival

Bespiegeling 22e zondag na HDV, juist aangewende energie 
Octaaf van Allerheiligen
                                                                                                                       4-11-2023

Almachtige God, Die Uw dienaren in het mystieke lichaam van Uw Zoon, Christus, in één gemeenschap hebt verbonden. Mogen wij, in navolging van Uw gezegende heiligen, de goddelijke deugden in ons zelf zó ontwikke¬len, dat wij eenmaal die onuitsprekelijke vreugde zullen ervaren, die Gij bereid hebt aan diegenen, die u oprecht liefhebben.

Zo gaat het gebed van Allerheiligen. Aanstaande zondag, vieren wij de octaaf van Allerheiligen. Op 1 november was er een prachtige verstilde viering in Naarden.
Wij waren met z’n drieën, maar voller met ongeziene aanwezigheid kon de kerk niet zijn. Er hing in de verstilling een sfeer die je kan verwijzen naar onze eigen oorsprong, toen wij nog in de bron waren. Toen onze fysieke levens nog moesten beginnen. Een gebied waar je in één mystiek lichaam met Christus verbonden bent.
Een route van ontelbaar veel incarnaties waar je alles wat goed is verliest en weer gaat opbouwen. Een tijdelijk versluieren van het witte gewaad en waarbij het Lam in de nevelen verblijft. Je zou hiermee kunnen zeggen dat ook wij die Heiligen zijn. Wij hebben alleen een karweitje te verrichten. Volmaakt mens worden op aarde. Er naar toe groeien dat wij uiteindelijk volmaakt worden. Een goddelijk volmaakt mens die net zo als ons grote voorbeeld Jezus acteert.
Elk leven weer zijn er thema’s waar wij mee moeten dealen. Thema’s waar wij ons van bewust moeten worden en waar wij aan moeten werken. Thema’s die ook vanwege dat wij er mee tobben ook weer anderen raken, die er kennelijk ook iets mee moeten. Een ingewikkeld verhaal, maar dat het ook anderen raakt, betekent dat wij er als mensen met elkaar voor staan. In de oorlogsgebieden in de wereld zien wij die strijd, die momenteel aan ons een beetje voorbij gaat. Maar is dat zo?
Gaat het aan ons voorbij? Ik zal je zeggen: voor mij is het een grote les. Ik heb een militaire en politieachtergrond. Ik zat er heel dicht bij. Ik móest oordelen in situaties. Inschatten wie er in een tweestrijd gelijk heeft. En soms er letterlijk tussen springen. Het is natuurlijk ook een beetje conditionering, maar bij onrecht heb ik nog steeds de neiging om te paard te springen en er achter aan te gaan. Maar wat nu ook gebeurt, is, dat je stil valt.
Het paard weigert. Staat verstart te kijken. De ridder die erop zit, vertrouwt zijn paard en denkt na. Wie heeft er eigenlijk gelijk? Wat gebeurt er in je dat je, om wat voor reden dan ook voor het principe “oog om oog en tand om tand” gaat?
Bij een gekreukte mantel ga je de plooien glad strijken. Ik stel, mij, nu ik dit schrijf voor, dat de ridder aankomt bij het slagveld. De strijders zien hem aan komen en hij springt van zijn paard, gooit zijn mantel op de grond en begint rustig al biddend de plooien glad te strijken. Zo zouden de strijders ook de plooien van hun geschil moeten glad strijken. Het deed iets.
Met verbazing wordt er gekeken en er valt een stilte op het strijdtoneel. De ridder springt weer op zijn paard en spreekt. Hij en zijn paar stralen, geven licht. Het zijn niet meer zijn woorden, maar van God. Het gebeurt gewoon. Er daalt een wolk van bewustwording op de strijders neer en ze gooien hun wapens weg en gaan naar huis. Een krachtig gebed vermag veel.

Het geheim van de ridder is, dat hij niet gaat strijden, maar stil wordt. Hij verbindt zich met het mysterie van Christus. Door het gebed en het veelvoud ervan van de anderen, daalt uiteindelijk die wolk van bewustwording neer. Uiteindelijk prikkelt het al die individuen en men zal in dit leven diep gaan nadenken en verwerken.
En als wij niet bidden? Als niemand zou bidden? Tja, ik zou het maar niet proberen. Zou het waar zijn? Zou het waar zijn, dat als je als heilige aan de zijlijn zonder dat je het merkt, door gebed in het oog van de orkaan gaat zitten met datzelfde gebed? En vandaaruit het haatvuur dooft? Nou, wie zal het zeggen.
In het oog van de orkaan lijkt oordelen onmogelijk. Wellicht is dit jaar de boodschap van Allerheiligen wel: “bidden en niet oordelen”. (trouwens, waar oordelen wij over? Wij worden op allerlei mogelijke manieren met informatie belazerd en misleid). Laat achterwege te bespreken wie er gelijk heeft en hoe iets ontstaan is. Niets oog om oog, tand om tand. Geen eerwraak. Geen ontplofte ego-consequenties. Bidden dat iedereen aangeraakt gaat worden met zijn eigen heiligheid en dat men zich bewust wordt van de eenwording met Christus.
Ik merk dat het verhaal van de ridder zo als het in mij opborrelde, voor nu even genoeg is. Ik betrap mij op een heel diepe zucht. Ik lees het gebed na en kan niet nalaten even een kaars aan te steken.

“Almachtige God, Die Uw dienaren in het mystieke lichaam van Uw Zoon, Christus, in één gemeenschap hebt verbonden. Mogen wij, in navolging van Uw gezegende heiligen, de goddelijke deugden in ons zelf zó ontwikke¬len, dat wij eenmaal die onuitsprekelijke vreugde zullen ervaren, die Gij bereid hebt aan diegenen, die u oprecht liefhebben”. Amen. +Parcival

Bespiegeling 21e zondag na HDV, volharding, octaaf Aartsengel Raphaël 29-10-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

De eerste lezing sprak van boze geesten in de lucht en wereldbeheersers van deze duisternis.
Bij vluchtig lezen resoneert dat enorm met wat er in de wereld om ons heen gebeurt. Er vliegen raketten als boze geesten door de lucht en er zijn heersers die er op uit zijn om hele groepen mensen te laten verdwijnen. Afschuwelijke beelden die op het netvlies blijven branden. En wat kunnen wij hiermee? Is er hier ook een opdracht voor ons?

We zeggen heel vaak zo boven, zo beneden en zo buiten, zo binnen. Als we die lijn doortrekken dan is het oorlog en destructie buiten en zou dat kunnen betekenen dat het ook oorlog en destructie binnen in ons is? We hebben net een enorme coronacrises achter de rug en we horen om ons heen mensen die langdurige klachten hebben en chaos in hun leven ervaren na een corona infectie en vooral jong volwassenen die psychologische klachten hebben ontwikkeld door de afzonderingen die verplicht waren. Het is voor veel mensen binnen én buiten chaos en onrust. Waar vinden we de vrede weer, het vertrouwen dat na elke duisternis toch de zon weer kan schijnen?
En in deze turbulente tijd is het thema van vandaag: volharding en vieren we vandaag het octaaf van de Heilige aartsengel Raphaël, de engel van tact, verdraagzaamheid en heling.
De eerste lezing vertelt ons om goed voorbereid te zijn: doe de wapenuitrusting aan voor je op weg gaat. Dat is dan wel de wapenuitrusting van God en die bestaat uit verschillende delen. Allereerst zegt de lezing ons dat wij moeten staan met de lendenen omgord met de waarheid. Ik moest denken aan het gebed dat de priester uitspreekt bij het omdoen van de singel: bind mij aan u O Christus, met de banden van liefde en de gordel van reinheid, opdat uw Licht in mij tot werking komt. De lendenen omgord met waarheid betekent een aansporing dat we ons leven niet baseren op leugens, maar op onze eigen waarheid. Vervolgens worden we gevraagd ons te bekleden met het harnas der gerech¬tigheid. De functie van een harnas is bescherming en de bescherming bestaat dus uit recht doen, gerechtigheid laten zegevieren, recht door zee zijn. De voeten worden geschoeid met ijver voor het evangelie van de vrede; letterlijk op weg gaan, de weg betreden met de voeten om vrede te bewerkstelligen. En het advies is om daarbij het grote schild van het geloof te hanteren, waarmee we alle brandende pijlen van de boze kunnen doven. Het schild van het geloof is het rotsvaste vertrouwen in de grote Liefde, het Licht van God. Weten dat we nooit alleen lopen op onze weg, Christus loopt altijd met ons mee.
Het laatste advies was: Neemt ook de helm van het heil en het zwaard van de Geest, dat is: het Woord Gods. Alleen zó voorbereid zijn we in staat te volharden in de strijd. En welke strijd gaat het dan om?
De eerste lezing zegt: Want onze strijd gaat níet tegen vlees en bloed, maar tegen de heerschappijen, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van deze duisternis, tegen de boze geesten in de lucht. Met deze machten en wereldbeheersers worden de krachten bedoeld die ons afhouden van onze innerlijke weg; onze weg naar binnen, naar de innerlijke vrede waar we het vorige week over hadden. De wapenuitrusting van God helpt ons om standvastig te blijven te blijven zoeken naar die innerlijke vrede. Dat zoeken kunnen we alleen samen met anderen doen. We zullen dat straks ook in het offertorium gezang bezingen. Door met anderen samen te zoeken kunnen we elkaar spiegelen en bijschaven tot we ons schitterende lichtlichaam kunnen laten stralen en anderen en de wereld op weg helpen. Want als die kosmische wet: zo boven, zo beneden en zo binnen, zo buiten klopt, dan versterkt het vinden van de innerlijke vrede ook de vrede in de wereld.
Jezus stuurt in de evangelie lezing zijn leerlingen op weg om de wereld te ondersteunen door hen de macht te geven om onreine geesten uit te drijven en alle ziekten en kwalen te genezen.
Niet om hen aanzien te geven en het ego te strelen, om ze op een voetstuk te plaatsen, maar juist om hun eigen ik, hun eigen ego te verliezen en in de dienst aan de wereld, uit naam van Christus het ware leven te vinden.

Dat is ook onze instelling bij de dienst van heling. Daar bidden we dat in de naam van Christus en onder aanroeping van de aartsengel Raphaël en niet te vergeten onze Heilige Vrouwe alle kwaad wordt verdreven opdat mensen gereinigd worden om het sacrament van het Heilig oliesel te ontvangen en daarmee heling en innerlijke vrede te ervaren.
Het uitdragen van vrede ervaar ik ook in alle oproepen om te bidden voor de vrede in de wereld. Intentie is hierbij bepalend en waar twee of meer mensen in de naam van God bijeen zijn daar is God in hun midden heeft Jezus zelf gezegd. Als er duizenden mensen volharden in het bidden voor vrede over de hele wereld dan zet dat een golf van vredes energie in beweging. Een golf die steeds sterker wordt waardoor op een gegeven moment de stemming wel moet omslaan. Door ons moedig te blijven inzetten voor innerlijke vrede gaat deze vrede zich afspiegelen in de wereld. Dat kan niet anders, dat is de kosmische wet.

De boodschap van de tweede lezing is een hele positieve. De volharding loont: de weg is bereid en begaanbaar en Jezus is ons lichtend voorbeeld geweest. Nu wordt onze niet versagende inzet gevraagd.

Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 20e zondag na HDV, Christus, Innerlijke vrede,              22-10-2023
Vrienden,

Aan het begin van deze cyclus van Heilige Drievuldigheid hebben we het al gehad over God als Vrede. We hebben toen geconstateerd dat in onze duale wereld; vrede de afwezigheid van iets inhoudt. Vrede als afwezigheid van oorlog.
De vrede van God houdt de aanwezigheid van iets in. De aanwezigheid van het besef van je goddelijke kern bijvoorbeeld, je goddelijke afkomst…
Nu breiden we dit thema uit naar ons eigen innerlijk.
Mensen denken over het algemeen dat er pas vrede kan zijn als we allemaal dezelfde mening hebben, hetzelfde geloof aanhangen, als we het met elkaar eens zijn. Ook al zou dat zo zijn, (wat bijna onmogelijk is) dan nog kun je niet van vrede spreken. Het betekent namelijk dat je niet kan verdragen dat er anders denkenden zijn. In naam van de vrede moeten die dan uitgedreven, bekeerd of zelfs uitgeroeid worden. En dat heeft vrij weinig met vrede te maken.
Vrede op aarde kan pas ontstaan, als we onze medemensen toestaan ánders te zijn. Als iedereen zijn unieke eigenheid mag ontplooien. Deze unieke eigenheid is Heilig.
Waaròm deze unieke eigenheid Heilig is, wordt misschien duidelijker als we kijken naar het scheppingsverhaal volgens de Egyptische traditie. Volgens deze traditie wordt de wereld op elk moment opnieuw geschapen. Alles komt voort uit één Bron. Dus in alles kun je de Goddelijkheid zien. In alle manifestaties brengt de Bron een aspect van zichzelf tot expressie. Dit maakt de hele natuur, de hele Kosmos Heilig.
De unieke eigenheid van alle dingen, dus ook van ieder mens, is een gelaat of een deel van de Bron. In die zin zijn we deel van de Kosmos, deel van de natuur, deel van de Bron. En dus Heilig.
Dit deelgenootschap, deze eenheid, gaat verloren als we deze unieke eigenheid ontkennen, of vervangen door een beeld wat niet met deze eigenheid samenvalt. Hierdoor ontstaat ontheiliging, vervreemding en afscheiding. En dat staat haaks op Eenheid en Vrede. Als we hier goed van doordrongen zijn, begrijpen we wellicht waarom het zo belangrijk is dat iedereen anders mag zijn en zijn/haar unieke eigenheid kan ontplooien. Dat we vrede sluiten met het idee dat onze medemensen ànders mogen zijn. We respecteren dan de unieke eigenheid van ieder mens.
Net zo belangrijk is het, dat we vrede sluiten met onszelf. Dat we onze Goddelijke Kern, onze eigen unieke eigenheid, respecteren en kans geven te ontplooien. Wanneer we deze ontkennen, of vervangen door een beeld wat hier niet mee samenvalt, ontheiligen we ons zelf. Er ontstaat dan vervreemding en afscheiding in ons eigen innerlijk.
In het evangelie van Thomas lazen we dat Jezus het vuur en het zwaard komt brengen. Verder dat er verdeeldheid zal zijn in het huis. Twee tegen drie en drie tegen twee.
Dat klinkt niet erg vredig. Maar zoals we gewend zijn, staat het bol van symbooltaal.
Het huis mogen we zien als het symbool van het innerlijk. Er is een afscheiding tussen de persoonlijkheid; de 2; en de Christusnatuur, de 3. We zouden het kunnen uitleggen als verdeeldheid in onszelf. En als we hier licht op werpen, als we ons innerlijk weten; de stem van ons hart de ruimte willen geven, dan kan dit een flinke strijd in ons oproepen. In die zin brengt onze innerlijke Christus het vuur en het zwaard als Hij in ons opstaat.
In dit proces van vrede sluiten in ons eigen innerlijk, komen we een berg tegen. Een berg van fundamentalistische waarheden. Normen, waarden, de massieve weerstand van de persoonlijkheid, dogma’s, de ballast van het denken, uiterlijk weten… Ik denk dat iedereen wel dingen op kan noemen waar deze berg voor jezelf uit bestaat.
Maar wanneer we de twee tot één maken, zoals in de tweede lezing genoemd werd, dan kunnen we zeggen: “Berg ga weg”’.
Dus als we de eenheid in onszelf herstellen, is deze berg niet meer onverzettelijk. Het hindert de stem van het hart, ons innerlijk weten niet meer om te spreken. De persoonlijkheid staat in dienst van de innerlijke Christus. We hebben vrede gesloten. Innerlijke vrede.
Jezus zegt in de tweede lezing: Gelukzalig zijn jullie eenlingen en uitverkorenen van de Vader.
Een eenling is iemand die de afgescheidenheid in zichzelf heeft opgeheven. Er is eenheid in de persoonlijke natuur en de Christusnatuur. Een eenling is innerlijk vrij, trouw aan de bewogenheid van het Hart.
Er is een kosmische wet: zo binnen zo buiten. Wanneer je de eenheid in jezelf herstelt, herstel je ook weer de eenheid met de Kosmos. Je voelt je weer deel van de Bron. Deel van de schepping. En dat wordt ook wel “De Geliefde van de Vader” genoemd.
De uitverkorenen van de Vader, heeft de klank van predestinatieleer. Alsof iemand anders bepaalt of je uitverkoren bent of niet.
Volgens de gnostiek mogen we dit anders interpreteren. Uitverkoren mag je lezen als “uit de massa komend”. Uit de waan van de dualiteit. De massa van normen, waarden, dogma’s etc.
“Uitverkorene van de Vader” worden is dan het resultaat van het proces wat je met jezelf aangaat om innerlijke vrede te bereiken.
Innerlijke vrede is iets waar we allemaal naar op zoek zijn. Maar vaak denken we dat we dit in de materie moeten zoeken. Als we maar genoeg geld hebben, succesvol zijn, bezit hebben…
In de eerste lezing werd ons al gezegd: “Let erop dat jullie niemand misleiden door te zeggen “Zie hier” of “Zie daar” want de Zoon des Mensen verblijft in jullie binnenste”.
Innerlijke vrede is niet in de wereld te vinden, maar alleen door de weg naar binnen te gaan. Dat is een proces wat we zelf aan moeten gaan, maar waar we wel anderen bij nodig hebben. Onze medemensen zijn onze spiegels en onze hulp. Een ander kan je net op iets wijzen wat je zelf niet kan zien. Waar je blinde vlekken in hebt. Of met uit woorden uit de tweede lezing te spreken: met jouw berg van weerstand. En op onze beurt kunnen we ook anderen helpen. Zo lang we respectvol naar de ander kijken en hem/haar toestaan ánders te zijn dan jezelf.
Samen kunnen we bergen verzetten.
Moge het zo zijn. Pr. Marion Lunshof

Bespiegeling 19e zondag na HDV, Christus, Takt en verdraagzaamheid, 15-10-2023
Dag der wereldgodsdiensten.
Vandaag is het de dag der wereldgodsdiensten. Eigenlijk een dag die het universeel religieus besef aanraakt. In het gebed van deze dag wordt benadrukt dat de Christus in ons niet zozeer persoonlijk, maar als begrip gezien wordt. Welke godsdienst wij ook belijden.
Wij streven naar het vinden van het goddelijk volmaakt mensprincipe in onszelf en bij elkaar.
En dit is zeker grensoverschrijdend en het vinden van dat principe en de erkenning dat het in ieder van ons zit, bij wie en waar ook ter wereld, schept een band. Eeuwenlang hebben
leiders van godsdienst in woord, geschrift en daad elkaar bestreden en vooral de verschillen benadrukt en met het vingertje gewezen wat bij de andere godsdienst fout is of verwerpelijk.
Wat is dat toch! Het grote verschil tussen discussie of een opbouwend gesprek, een goed samenzijn. Je wordt er moe van als je denkt aan de energie die verspild wordt om elkaar te bestrijden.
En hoe actueel is dit thema heden ten dage.

En hoe aardig is het dan om te kijken wat je samen gemeenschappelijk hebt. Het vinden van de grootste gemene deler.
Het lijkt veel fijner om in het gesprek samen en ieder voor zich weer een beetje verder te komen in het vinden van de Goddelijke wijsheid. Deze dag, is de dag om dit besef even door te laten dringen. En je kan het zien met betrekking tot de wereldgodsdiensten, maar beter nog is het misschien om te beginnen met elkaar.

Er zijn 4 lezingen die bij deze dag horen. Ik toon ze alle 4. Het lezen van alle 4 de geschriften doet wat met je.
Wellicht ten overvloede moet gezegd worden dat de naam “Allah” niet alleen binnen de Islam gebruikt wordt maar ook in het Christendom in de Arabische wereld.

Afdalen;
God in jezelf vinden;
Je bewust zijn van de bron, datgene waar wij vandaan komen en waar wij naartoe gaan;
De ontwikkeling van ons kosmisch bewustzijn;

Deze 4 elementen vinden we in de 4 geschriften terug. En dat maakt het hele gegeven tot “mens zijn”.
+Parcival

Bespiegeling 18e zondag na HDV, Christus, Die de Waarheid is,          08-10-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,
Wat een prachtige Kingsweek hebben we vorige week afgesloten. De vrouwelijke energie van Sophia was vreugdevol aanwezig en inspireerde tot mooie ervaringen. En vandaag gaan wij weer verder met de groene periode in het kerkelijk jaar.
Elke zondag lezen we woorden uit de bijbel of uit de Nag Hammadi geschriften en het is mijn gewoonte om dan ook de stukken tekst vóór en na het deel te lezen dat er in ons boek terecht is gekomen. En als het een lezing uit de bijbel is, dan het liefst de tekst uit de Staten bijbel of de Naardense bijbel. Die vertalingen proberen zo nauwkeurig mogelijk de oorspronkelijke tekst te volgen. Andere vertalingen interpreteren vaak de tekst om er een meer begrijpelijke zin van te maken en voor mij verdwijnt er dan vaak een stuk betekenis. De tekst wordt vlakker, de diepte verdwijnt en daarmee ook een stuk van de waarheid die gezegd wilde worden.
Vandaag is het de 18e zondag na Heilige Drievuldigheid met als thema: Christus, die de waarheid is. En in de evangelielezing stond een zin die ik opgezocht heb in 4 vertalingen omdat ik ook daar ruimte zocht voor een andere uitleg, maar overal stond precies hetzelfde: “Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand komt tot de Vader dan door mij”.
Ik ben priester in een christelijke kerk en de eerste zin betekent heel veel voor mij. Voor mij en waarschijnlijk voor ieder van jullie ook, is Christus de weg geweest al mijn hele leven. De woorden en daden van Christus voelen heel diep van binnen als waarheid en ze geven letterlijk leven aan mijn bestaan. Christus is voor mij inderdaad de waarheid. Tot zover geen problemen. En dan volgt de zin waarin ik verdieping zocht in andere vertalingen. “Niemand komt tot de Vader dan door mij”. Wat wordt hier precies bedoeld? Welke waarheid gaat het hier om? Of wiens waarheid gaat het hier om? Degene die Christus volgen worden christenen genoemd. Het kan toch niet zo zijn dat hier bedoeld wordt dat alleen christenen (dus degene die Christus volgen) kunnen komen tot wat wij “de Vader” of God noemen en verder niemand anders? Wat is hier waarheid?
Ik geloof niet zo erg, dat er maar een selecte groep uitverkorenen zou zijn die terug kan keren naar de God. Misschien verschilt het aantal levens op aarde, maar wij zeggen niet voor niets in de akte van geloof dat “allen eens in God zullen opgaan hoe verre zij voordien ook zijn afgedwaald”.
Het stemt echter wel tot nadenken. Het staat wel in de bijbel als woorden, die Jezus Christus gezegd zou hebben. Wat kan hier bedoeld zijn? En dan is het heel behulpzaam om de teksten rondom dit stuk te lezen. Hoofdstuk 13 van het evangelie van Johannes gaat over het laatste avondmaal. Jezus wast de voeten van al zijn leerlingen en leert ze daarmee dienstbaarheid en nederigheid. Daarna stuurt hij Judas weg om te doen wat die moest doen, namelijk Jezus verraden. Ook Judas moest zijn weg gaan. En dan zegt hij zijn leerlingen dat zij hem nog niet kunnen volgen. Pas als hij is heengegaan, zullen de leerlingen in staat zijn hem te volgen.
En dan volgt dit evangelie wat we vandaag gelezen hebben. Het heengaan van Jezus bestaat uit die onvoorwaardelijke liefdes daad van goede vrijdag. Zijn bereidheid het plan van God te volgen en alles, maar dan ook alle gehechtheid aan aardse zaken los te laten. Zich volledig over te geven aan de weg, die voor hem ligt. Die volledige overgave, die weg van volledige loskomen van alle gehechtheid die hier als voorwaarde wordt genoemd om hem te kunnen volgen, zou je kunnen vergelijken met het vrij maken van ons innerlijk Licht. Het licht van de Godsvonk, die wij allemaal in ons dragen en dat zo vaak versluierd raakt door ons handelen of denken. Allemaal, of we nu christen zijn of niet hebben wij dat innerlijke licht. Wij in onze kerk hebben Christus als voorbeeld, als waarheid, maar er zijn ook andere wegen om alle gehechtheid los te laten en het innerlijke Licht te laten schijnen. Liefde is hier het centrale woord, God de bron van alle leven liefhebben en onze naaste als onszelf.
Misschien is dat wel de waarheid die hier bedoeld wordt. Dat iedereen tot God, ofwel tot de bron, kan komen als hij of zij bereid is lief te hebben, onvoorwaardelijk zichzelf te schouwen én zichzelf en de naaste liefdevol en genadevol te omarmen. Zodat alle schaduw van duisternis neutraliseert en geen gewicht meer heeft. Dat is die geestelijke vooruitgang, die we vorige week bespraken. Die geestelijke vooruitgang, die wij kunnen bereiken door ons de kwaliteiten van de aartsengelen eigen te maken. Dan kan ons innerlijk licht stralen en zijn wij vrouwelijk en mannelijk, donker en licht in evenwicht.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 17e zondag na HDV, geestelijke vooruitgang                        01-10-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vandaag de laatste Heilige Mis van deze Kingsweek of engelen tiendaagse.
10 dagen lang hebben we ons ondergedompeld in de energieën van de engelen en hebben getracht deze energieën dieper te doorgronden. En wat prachtig dat deze dag precies samenvalt met het thema van de 17e zondag na HDV: geestelijke vooruitgang. Elke Kingsweek en uiteraard ook elk kerkelijk jaar krijgen wij de kans de mysteriën dieper te doorgronden en ons bewustzijn te laten groeien. De eerste lezing wordt bijna elk jaar gelezen en toch ontdekte ik dit jaar weer iets anders dan de andere jaren. Deze lezing beschrijft heel veel van de kwaliteiten die wij toedichten aan de aartsengelen, die wij benoemen bij de kaarsen op het altaar. Ons streven mag zijn om meester te worden over deze kwaliteiten. Ze te herkennen in ons dagelijks leven en ze genadig en vol compassie toe te passen in ons handelen en denken.
De lezing begon met:
“Mijn zoon, vergaar voor jezelf onderricht en lering.
Vlucht er niet voor weg, maar accepteer met vreugde wat jou wordt geleerd.
En als je ergens in wordt opgeleid, doe het dan goed.
Je zult een kroon van kennis en ontwikkeling vlechten voor je innerlijke gids.
Sla de heilige lering als een mantel om”.
Hierbij zou je kunnen denken aan de kwaliteit van de 5e straal van de aartsengel Chamaël: kennis.
Dan komt de volgende zin:
“Maak je zelf edelmoedig door goed gedrag. Meet je gestrengheid van discipline aan”.
Hierbij zou je kunnen denken aan de aartsengel van de 7e straal Zadkiël , met als kwaliteit: orde, in zekere zin is dat ook discipline.
We gingen verder met: “Oordeel jezelf als een wijze rechter. Verwaarloos mijn leringen niet en zorg dat je niet onwetend wordt, opdat je niemand op een dwaalweg leidt”.
Er is geen aartsengel beschreven met een weegschaal of als rechter, maar toen ik dit las moest ik denken aan de aartsengel Uriël met de kwaliteit van de 4e straal: harmonie en schoonheid en zo boven zo beneden, geen dwaalwegen, alles wat beneden aanwezig is, is ook boven aanwezig.
Daarna kwam: “Ontloop je innerlijke godheid en wijsheid niet, want hij die je onderricht, houdt veel van je”.
Hierbij past heel goed de kwaliteit van de 2e straal van de aartsengel Gabriël: liefde en wijsheid.
De volgende zin was: “Hij zal je een gepaste ingetogenheid opleggen”.
Raphaël is de aartsengel van de 3e straal met als kwaliteit tact en verdraagzaamheid. Eerst luisteren met een liefdevol hart en dan handelen vanuit compassie.
Daarna kwam de zin: “Verjaag de dierlijke (materiële) aanleg in je en sta lage gedachten niet toe in je binnen te dringen”.
De aarstengel van de eerste straal is Michaël met als kwaliteit kracht of macht. Michaël is de aanvoerder van het leger engelen dat strijdt tegen de gevallen engelen. Met alle kracht en macht die in hem is, strijdt hij voor de juiste weg.
En als laatste zin lazen we:
“Want het zal je betamen de weg te kennen die ik leer”.
Devotie of toewijding is de weg van God volgen met heel ons hart , geheel ons verstand en geheel onze ziel en dat is de kwaliteit van de aarts engel Jophiel van de 6e straal.
In heel andere bewoordingen staat in deze wijze les van Sylvanus de geestelijke vooruitgang die wij kunnen bereiken door ons de kwaliteiten van de aartsengelen eigen te maken.
Laten wij de genoemde kwaliteiten een paar ogenblikken in stilte diep in ons laten doordringen, in elke vezel van ons wezen, zodat we ze als het ware uitstralen door te Zijn. Dan kan de absolverende macht van het transcendente mysterie steeds meer in bevredigende mate naar beneden komen, zoals het in de meditatie beschreven werd.
Amen.

Bespiegeling 16e zondag na HDV, Rechtvaardigheid , Raphaël,             24-09-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,
Vandaag is het de derde dag van de Kingsweek of engelen 10 daagse. De dag van Raphaël. Daarom begonnen we met het hele moeilijke maar qua tekst zo prachtige lied van Raphaël. En lazen we het 12e hoofdstuk van het boek Tobit helemaal. Het verhaal in het Boek van Tobit speelt zich af in de 8e eeuw voor Christus, maar het boek zelf werd waarschijnlijk geschreven rond 200 voor Christus in de diaspora, ergens in Egypte of Mesopotamië. Er is geen Hebreeuwse tekst bekend van het verhaal en het is een apocrief boek. Het is een verzonnen, nogal sprookjesachtig verhaal, vol onjuistheden over geschiedenis en aardrijkskunde. Het boek heeft echter een rijke boodschap, die tot nadenken stemt.
Het verhaal gaat over vertrouwen in God en het danken van God ondanks tegenslagen. Het gaat over de kracht en het verhoren van het gebed. En ook over met respect omgaan met alle mensen of die mensen nu tot je eigen gemeenschap behoren of niet. En dat past precies bij de eigenschappen die wij noemen bij Raphaël: tact en verdraagzaamheid. Best lastige eigenschappen om meester over te worden. Tactvol handelen vraagt om een houding van compassie naar de situatie. Vanuit oprechte liefde met respect voor iedereen handelen. Geen vijanden maken, niemand verslaan of slaaf maken en niet ten koste van iemand handelen. Onszelf en de ander verdragen en accepteren voordat we handelen. Geen makkelijke opgave.
En het troostende van dit verhaal van Tobit en Tobias is dat wij als mens niet alleen staan. Tobias gaat op pad en krijgt bijstand van een gids, die zich op het eind bekend maakt als Raphaël. Deze Raphaël gaat met Tobias mee op reis, is zijn reis genoot. Het is een wijze reisgenoot én Tobias luistert. Als zijn reisgenoot zegt dat hij delen van de gevangen vis moet bewaren als geneesmiddel, dan doet Tobias dat. Hij luistert en handelt naar de raad die hij krijgt, ook al kent hij dit geneesmiddel niet en weet hij ook de uitkomst van het verhaal niet. Dat is vertrouwen. En dat vertrouwen zorgt in dit verhaal voor heling voor alle partijen. Alle hobbels en kwalen worden gladgestreken en genezen. Er straalt weer licht waar duisternis was. En de reactie van Tobit en Tobias is dankbaarheid. Tobias geeft de helft van wat hij verworven heeft weg aan zijn gids en het volgende hoofdstuk in het boek Tobit, hoofdstuk 13 is een compleet lof en dank lied voor God.
Dit verhaal kunnen en mogen we doortrekken naar onszelf. Ook wij lopen niet alleen. Als we het willen en kunnen accepteren is er hulp voor iedereen. Soms in de vorm van een engel in mensgedaante, die een poos met ons oploopt. Soms gevoeld als een kracht die ons draagt in een moeilijke periode, bij een lastige opdracht of als we denken niet verder te kunnen. Soms is er een kleine herinnering aan de hulp die gegeven wordt: je ziet een vlinder of een libel vliegen en weet dat je steun krijgt. Of je ziet een engel in de vorm van een wolk of een boom. Dan wéten we. Dan ervaren we dat licht dat altijd straalt. Dat licht straalt altijd, alleen kunnen wij het soms niet zien, omdat het soms achter een wolk hangt. Een wolk die ontstaat omdat wij vaak niet vanuit onvoorwaardelijke liefde kunnen handelen.
Het stralende licht werkt helend, het komt tot ons en verlicht onze weg.
En daar mogen wij dankbaar voor zijn. Het spreekwoord zegt: in nood leert men bidden. En vaak is dat ook zo. Als het tegen zit vragen we om hulp en bijstand én dat is goed. God zegt in de bijbel: klopt en u zal worden opengedaan. Ook Bartimeüs wordt genezen in de evangelielezing, omdat hij blijft roepen naar Jezus. En er wordt vaak gezegd, dat de engelen niet uit zichzelf de mensheid helpen. Dat we ze wel moeten vrágen om hulp. Echter, laten we dan ook niet vergeten net als Tobit en Tobias te danken voor alle hulp die we krijgen.
De heling is ook een kracht die wij toekennen aan Raphaël; de helende kracht. Helen is niet hetzelfde als genezen. Helen is de situatie waarin je bent, in liefde ervaren en aanvaarden, ook als er geen genezing mogelijk is. Straks na de dienst doen we speciaal op deze dag van Raphaël een dienst van heling en kunnen dan de helende kracht opnieuw ervaren.
Moge het eeuwige licht, dat ons altijd om schijnt, voor ons zichtbaar worden en blijven op onze weg door het leven.
Amen Pr. Jose Versteeg
egeling 12e zondag na HDV, zelfovergave 27-08-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,
Hebben jullie dat ook wel eens? Dat je een brief, een mail of een kaart wilt schrijven aan iemand die het heel moeilijk heeft. Omdat hij of zij een partner verloren heeft en moeite heeft het leven weer op te pakken of omdat er een ongeneeslijke ziekte is geconstateerd en de begrenzing van het leven in zicht komt, of misschien omdat iemand door allerlei omstandigheden zichzelf is kwijtgeraakt. Je zou iets willen schrijven dat troost of ondersteuning geeft, maar wat? Voorbeelden van andere kaarten of via internet lijken nooit te voldoen. Je hikt en hikt, wat doe ik nou? Toch maar niet schrijven dan? Dan kan ik ook niets fout schrijven, het kan zo pijnlijk zijn. En op een gegeven moment ga je zitten en denk je eigenlijk nergens meer aan, alleen aan degene aan wie je gaat schrijven. Je vergeet alle ingewikkelde zinsconstructies, alles wat je verzonnen had dat misschien passend zou kunnen zijn en de woorden rollen zo uit je pen of van het toetsenbord. Je hebt jezelf overgegeven aan de liefde die jou bindt met deze persoon. Dat is overgave. En dat is waar het vandaag over gaat.
Je zou het met het verschieten van kleur door alle feestdagen tussendoor bijna vergeten, maar we zitten in de groene periode van het kerkelijk jaar. De periode waarin we ons bezinnen hoe we de grote gebeurtenissen van begin het jaar in ons leven kunnen toepassen en uitstralen. En na toewijding en vorige week onderscheidingsvermogen is het vandaag zelfovergave. Wij worden opgeroepen tot zelfovergave. Omdat het een Engelse viering is keek ik ook even hoe het thema heet in het Engels en dat was self-dedication. De meest gebruikte vertaling voor dedication is toewijding. Dat is hetzelfde thema van twee weken geleden, alleen gebruikt het Engels daar dan het woord devotion. Dedication is jezelf toewijden aan iets. Zoals in: She was dedicated to her work: zij was toegewijd aan haar werk. Self-dedication is dan jezelf toewijden aan jezelf. En is dit dan een vorm van egoïsme? Toewijding aan jezelf? Nee zeker niet. Toewijding aan jezelf is je leven zo inrichten dat je eigen Licht en kracht mogen bloeien en stralen en juist daarmee werk je ten dienste van de mensheid. Ik weet niet waarom er in het Nederlands zelfovergave van is gemaakt, maar we zullen ook eens kijken naar dat woord.
Waar worden wij toe opgeroepen bij zelfovergave? Om ons over te geven aan iets? Of gaat het om overgave van iets? Of misschien wel allebei? In beide lezingen worden wij opgeroepen om te luisteren naar diegene die ons roept en als wij luisteren komen wij in rust. Jezus Christus verblijft in de geest en de waarheid van het moederschap hoorden we. En moederschap is: geborgenheid geven, het zorgen voor, het onvoorwaardelijk accepteren van dat wat er is. En wij mogen ons compleet overgeven aan, ons toewijden aan deze eenheid; Zoon des mensen, een vader en een moeder tegelijk. Dat is self-dedication, een toewijding aan ons diepste zelf, onze bron.
En dat vraagt van ons zelfovergave van iets. De overgave van “ons kleine ego centraal stellen”. De overgave van alles onder controle willen houden en willen kunnen regelen en naar onze hand zetten. De overgave van onze eigen overtuigingen en dwang gedachten. Dat vraagt van ons om onszelf te accepteren, onszelf niet mooier en ook niet slechter te voelen en voor te doen dan we zijn. Echt alles in ons accepteren, de dingen die we liever niet zouden zien én ons eigen lichtwezen, onze zuiverheid. Van een moeder kunnen we het begrijpen en accepteren dat die van haar kind blijft houden, wat het kind ook uitspookt. Kunnen wij aanvaarden dat God ons als een moeder onvoorwaardelijk liefheeft en accepteert, wat wij ook uitspoken op deze aarde? En als wij dat van een moeder en van God kunnen aanvaarden, kunnen we dat dan ook van onszelf en van onze medemens aanvaarden? Want mét dat aanvaarden komt de transformatie. Dan is er geen veroordeling meer en transformeert dat kleine ego naar het zuivere lichtwezen dat wij zijn. Licht en donker, mannelijk en vrouwelijk in balans, verenigd door Zijn kennis in woord en vrede zoals het gezegd werd in de tweede lezing.
Mogen wij die vrede en aanvaarding ervaren en ons geborgen weten in Christus handen. Net als de ziel van Maria bij haar ten hemelopneming zoals dat werd uitgebeeld op de Russische icoon, die we vorige week noemden.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 11e zondag na HDV, Maria ten hemelopneming                 20-08-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,
Een vrouwelijk hoogfeest vandaag: Maria ten hemel opneming. Er is een verschil tussen ten hemel opnemen en hemelvaart; Jezus Christus is zelfstandig ten hemel gevaren en Maria is ten hemel opgenomen. Vandaar dat we na Pasen Hemelvaartsdag van Christus vieren en vandaag de ten hemel opneming van Maria vieren. Volgens het vrij recente dogma uit 1950 vanuit de room katholieke kerk zou ze met lichaam en ziel ten hemel zijn opgenomen. In de bijbel is er geen enkel bericht over een ten hemel opneming. Heel veel schilderijen uit de 15e of 16e eeuw over de gebeurtenis laten Maria zien in haar traditionele rode kleed met blauwe mantel omringd door engelen. Ze wordt als het ware omhoog gedragen naar God of naar Christus. In de orthodoxe kerk wordt het feest “Maria ten hemelopneming” , de ontslaping van Maria genoemd. En een prachtig Russische icoon door Feofan de Griek (ca. 1340 - ca. 1410) van de Ontslapenis van de Moeder Gods, laat een beeld zien van Maria op een doodsbed omringd door apostelen terwijl boven haar de Christus is afgebeeld, die op zijn hand een ingebakerd kindje draagt. Dat kindje verbeeld dan de ziel van Maria, gedragen door Christus naar de hemel. Wat een mooi beeld is dat: Maria, die zelf het kindje Jezus gedragen heeft in haar schoot en in haar armen gedragen, getroost en gevoed heeft wordt nu door diezelfde zoon opgenomen, op handen gedragen naar de hemel. Letterlijk op handen gedragen. Geen grote strijdwagen, geen tromgeroffel, neen, op handen gedragen, liefdevol gekoesterd. Zachte (misschien wel vrouwelijk te noemen) krachten dragen haar.
Ik kan me zo voorstellen dat er veel mensen zijn over de hele wereld die met dit beeld voor ogen een kaarsje aansteken bij het Maria altaar. Maria staat voor zachtheid, liefdevolle aandacht, koesterende armen. Maria als heel toegankelijk symbool van de onvoorwaardelijke liefde die Christus ons voorleefde. Wie heeft er niet ooit gezien of meegemaakt dat een kind letterlijk van de grond wordt opgetild met liefdevolle handen om het te troosten en te koesteren en dat het dan in de lucht wordt geheven waardoor het weer kan schaterlachen en alle leed vergeten is. Dat is wat wij als mensen soms zo hard nodig hebben. Iemand met een luisterend oor, iemand met een schouder om op uit te huilen, iemand die een arm om je heen legt en een poosje met je meeloopt. De koestering van een moeder en Maria mag daarin ons voorbeeld zijn.
Vorig jaar heb ik ook al eens het gedicht van Henriëtte Roland Holst voorgelezen over de zachte krachten en vandaag wil ik dat graag weer doen:

Henriëtte Roland Holst
(1869-1952)
De zachte krachten zullen zeker winnen
in ’t eind – dit hoor ik als een innig fluistren
in mij: zoo ’t zweeg zou alle licht verduistren
alle warmte zou verstarren van binnen.
De machten die de liefde nog omkluistren
zal zij, allengs voortschrijdend, overwinnen,
dan kan de groote zaligheid beginnen
die w’als onze harten aandachtig luistren
in alle teederheden ruischen hooren
als in kleine schelpen de groote zee.
Liefde is de zin van ’t leven der planeten
en mensche’ en diere’. Er is niets wat kan storen
’t stijgen tot haar. Dit is het zeekre weten:
naar volmaakte Liefde stijgt alles mee.
Maria was de moeder Gods. Zij liep de hele weg mee met Jezus, ze was er bij als Zijn moeder en wist ondanks alle onzekerheden op haar weg, God te loven vanuit haar hart. Al bij het eerste verbijsterende bericht van de aartsengel Gabriël zong zij het Magnificat. En op het eind van haar leven was Christus er om haar op te nemen. Haar zuivere ziel als een ingebakerd kind terug naar de Bron. Mogen wij onze ziel louteren en zuiveren door lofzangen te zingen voor God en zoveel mogelijk aandacht te geven aan elkaar. Vergeving voor onszelf en voor anderen, genadig onszelf en elkaar benaderen vanuit onvoorwaardelijke liefde, zodat ook onze ziel op handen gedragen mag worden, terug naar de Bron. Moge dat zo zijn,
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 10e zondag na HDV, toewijding,                                          13-08-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,
Lang, heel lang geleden, leefden er eens: zo beginnen de meeste sprookjes. En de gebeurtenis die meteen bij mij naar boven kwam bij het thema toewijding is niet echt een sprookje maar voor mijn gevoel wel heel lang geleden, echter nog steeds levend in mijn herinnering. Ik was nog een tiener ergens aan het eind van de middelbare school, 16 of 17 en ik zou een dagje meelopen met een nichtje van mij dat werkte in de gehandicapte zorg. De afdeling waar ik terecht kwam was een afdeling met een stuk of 8 zwaar gehandicapte jongens. Allen in een volwassen lichaam met de reacties van een peuter voor zover er reactie waren. Eén jongen vooral is mij bij gebleven. Hij was zwaar spastisch, lag op een speciaal voor hem gemaakt bed, kon niet spreken, alleen lachen of boos kijken. Mijn nichtje was zijn lievelingsverzorgster. Als zij er was lag hij de hele tijd te glimlachen. Ik was er bij toen zij hem ging wassen en dat deed zij zo liefdevol, dat hij zelfs in staat was iets te ontspannen uit zijn verkramping. Ik zag een toewijding van haar, die je eigenlijk alleen ziet bij een moeder voor haar kind, volledig belangeloos. Tuurlijk het was haar werk, maar wat ik zag was zuivere toewijding. Niet omdat het moest of omdat ze er voor betaald werd, maar van binnenuit en mede daardoor was hij ook heel toegewijd aan haar, op zijn manier. Vredig, hij kreeg ruimte te zijn wie hij was mét alle beperkingen en hij gaf haar de ruimte om te doen wat moest gebeuren.
Toewijding. Als beschrijving wat toewijding betekent vond ik: Het tonen van betrokkenheid van binnenuit, de 'intense, trouwe, dienstige en verantwoordelijkheid aanvaardende inzet voor de ander en wat deze als een (wenselijk) goed ervaart'.
En daar raken we meteen aan het verhaaltje van net én aan wat Jezus zegt in de tweede lezing: Toewijding aan God is niet iets wat je kan faken, niet iets wat afgedwongen kan worden ook. Jezus zegt: “God is geest, en wie Hem aanbidden, moeten Hem in geest en waarheid aanbidden.”
In Geest en in Waarheid aanbidden. Niet beredenerend, niet in opgelegde zinnetjes, maar van binnenuit, vanuit het hart.
In het offertorium lied (dat we zo meteen zullen uitspreken omdat de melodie te lastig was om zonder orgel te zingen) mogen wij mét de zoon van Hanna vragen dat wij ontvankelijk mogen zijn om God in Geest en Waarheid te dienen net als Samuel. Met oren die Gods woord horen, met een hart dat klopt gedreven door de wil van God, vol vertrouwen en ogen die waarheden kunnen zien.
Toewijding vraagt een hart, verstand en geest zonder veroordelingen, zacht en ontvankelijk. Onvoorwaardelijk. Precies zoals Gods toewijding aan de mens. Zijn Licht en Liefde zijn er onvoorwaardelijk voor iedereen, altijd beschikbaar voor wie het wil ervaren.
Graag wil ik eindigen met een oud soefi lied. Het is eigenlijk een gebed en ik heb het weer geleerd van Eleonore. Het staat ingelijst boven op mijn boekenkastje.
Let Thy wish become my desire,
Let Thy will become my deed,
Let Thy word become my speech beloved,
and let Thy love become my creed,
Let my plant bring forth Thy flowers,
Let my fruits produce Thy seed,
Let my heart become Thy lute, beloved
And my body Thy flute of reed.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 9e zondag na HDV, vertrouwen,                                           6-08-2023
Het thema van deze zondag en deze week is “vertrouwen”.
Het in ons groeiende besef dat wij tot in eeuwigheid verblijven onder de bescherming van Gods liefderijke voorzienigheid, is het vertrouwen dat in ons kan opbloeien. Door dit besef kunnen wij stappen zetten die wij misschien nooit zouden durven zetten. Maar welke stappen moeten wij dan zetten?
Als wij het verhaal van de apostel Paulus lezen, vraagt hij om groei in een viertal heel belangrijke aspecten.

Maak mijn vreugde volkomen door uw eenheid van denken, uw eenheid in de liefde, uw saamhorigheid en eensgezindheid.

“Samen met anderen is kennelijk het toverwoord”.
Voor het werkelijke “samen” kunnen wij een mooi startmoment bedenken. De Heilige Communie nuttigen in de Heilige Mis!. Na de consecratie, de uitstorting van het allerhoogste, mede ontstaan door het offeren van onze geest, ziel en lichaam, nuttigen wij de Heilige Hostie. In heel eenvoudige bewoordingen gezegd: wij vieren de eenwording met God en met elkaar.

Datgene wat diep in ons woont, verbindt zich met datgene wat diep in de ander woont. Een grote lichtende, positieve wereldhelende kracht. Díe eensgezindheid die dan ontstaat kunnen wij samen in de wereld brengen.

Als wij ons dat bewust worden, is partijdigheid en ijdelheid niet nodig.
Op dat moment let je niet meer zo op eigen belang en “acht je de ander in ootmoed hoger dan jezelf”.

Hoe kan je dat nu zien? Door het diepe gevoel van eenwording ga je God in de ander herkennen. Je kijkt door de streken van een ander heen en kan iets heel moois aanschouwen. Door met onze lagere “ogen” te kijken, mag je schouwen in het hogere van de ander. Met de gedachte van “eenwording” in je achterhoofd, zal de ander dat ook bij jou doen.

Het woord “ootmoed” is dan op zijn plaats. Nederig zijn. Maar dan niet in de zin van kruiperigheid en slaafsheid, maar je bewust zijn van je nietigheid. Wij komen uit de zelfde bron en zijn op weg terug naar die bron.

Vanuit het niets gaan wij uiteindelijk weer op in het niets, het grote Goddelijke geheim. Door even “niets” te zijn, raken we een stukje toekomst aan dat heilig is. Eenwording met God en met elkaar als één grote symfonie.
En dan lijkt dit bovenstaande verhaal misschien wel heel onbereikbaar en hoogdravend, maar het tegendeel is waar. Onbewust werken wij hier allang aan. Wij hebben namelijk een grote behoefte als bovenomschreven. Als wij daadwerkelijk de gezindheid willen zien zoals
die hoort te zijn, moeten wij de gezindheid toelaten zoals Christus Jezus die had.

Hij, die bestond in goddelijke majesteit heeft zichzelf ontledigd en is aan de mensen gelijk geworden en gehoorzaam tot de dood.
De goddelijke majesteit is zo onnoembaar groot en licht, dat wij dit in een stoffelijk lichaam niet kunnen aanschouwen. Wij zouden erdoor verzengen. Dus om af te dalen en zich als sterfelijk mens te kunnen manifesteren werd Jezus ontledigd. Hij werd leeggemaakt van datgene wat voor ons te groot is.

Dit hele verhaal is een opmaat naar datgene wat ieder mens ten diepste bezielt: een beter mens worden.
Dat kan een innerlijke constatering oproepen: “ik ben niet goed genoeg”.

Welnu er is een menselijk streven om volmaakt te worden. In de bijbel wordt ook gezegd: “weest volmaakt, zoals ook uw hemelse Vader volmaakt is”.

Nou, aan volmaakt “zijn” gaat één klein dingetje vooraf: volmaakt “wórden”. We zijn dus als mens op weg. We zijn aan het “worden”.

Lesjes leren dus. Tot je het lesje kent en het je “eigen” hebt gemaakt. Nadat je het je eigen hebt gemaakt verandert het lesje in een instrument dat je kan gebruiken.

Als je lesje niet helemaal lukt, kan je met mededogen en soms met een lach er naar kijken. Het mislukken van een lesje kan je ook een rotgevoel geven. Het kan consequenties hebben waardoor je gaat lijden. Een foute adviseur kan dan zeggen: “dat is je straf”. Het zijn díe adviseurs, die vanuit sommige kerkelijke principes het woord “zonde” naar mijn beleving een verkeerde intentie meegeven. “Beheersing der gelovigen” is lange tijd en soms nog een belangrijke doelstelling geweest van diverse kerkelijke richtingen en valt onder de categorie “onjuist aangewende kerkelijke macht”.
Ik hoor wel eens gezegd worden: “zonden bestaan niet”. Ook in onze VKK kringen wordt dat wel gezegd. Maar waarom gebruiken wij dat woord dan wèl in de absolutie?

Er komt, terwijl ik dit schrijf zomaar een zinnetje in mij op: vergeef mij de haperingen in mijn groeiproces. “zonden” is een verzamelnaam waaraan door onderscheidenlijke instellingen verschillende ladingen toegekend worden. Binnen de VKK voel ik zelf het meest voor de “haperingen in het groeiproces. Maar gelukkig zijn “wij als individu vrij om er een eigen interpretatie aan te geven.
Heb vertrouwen. En dat brengt ons weer naar het begin van het verhaal.
Als wij de eensgezindheid kunnen opbrengen die ons afleidt van partijzucht en ijdelheid, ontstaat de ruimte om samen op pad te gaan langs die steile berg waar we uiteindelijk op de top de volmaaktheid bereiken. Onderweg gevoed met het geestelijk brood en gelaafd met de wijn, die als het bloed van Christus ons vanuit het hart op stuwt naar de eenwording met God. +Parcival

Bespiegeling 8e zondag na HDV, wijsheid,                                      30-07-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,
Hebben jullie ook wel eens ervaren dat je in de ogen van een pasgeboren kindje kijkt en daar een wijsheid in ziet die je niet voor mogelijk had gehouden? Of de wijsheid gezien in de ogen van een koe die precies weet hoe zij haar kalfjes moet zogen, leren en beschermen. Een heel duidelijk bewijs dat wijsheid totaal niet afhankelijk is van kennis. Wijsheid is een begrip en geen gegeven. Vaak wordt er heel verheven over de wijsheid gesproken als iets onbereikbaars. Echter ons hoog en laag denken, bereikbaar of onbereikbaar ontstaat omdat wij onszelf als “laag” inschatten en daardoor heb je als het ware een ‘lift’ nodig om omhoog te gaan naar die wijsheid. Goed beschouwd kan dit worden gezien als ego-denken. We plaatsen onszelf op een ladder die van laag naar hoog loopt op een van de onderste sporten. Sommige mensen zullen dan streven om sporten omhoog te gaan, sommige zullen overtuigd zijn dat zij toch echt een paar sporten boven anderen staan en weer anderen zien de bovenste sporten als onbereikbaar en gebruiken dat als excuus om niet verder te ontwikkelen.
We kunnen ook om-denken: De energie van ons en alle andere spirituele energie is overal aanwezig en wij zijn er een deel van. Het is een eenheid en wij kunnen zonder problemen in die eenheid aanwezig zijn. Maar dat moet je wel willen.
Net zoals Salomo in het boek de wijsheid van Salomo. God is zo blij met Salomo, dat hij mag vragen wat hij wil en hij zal het ontvangen. En Salomo vraagt geen materiele rijkdom, maar wijsheid en hij krijgt het ook.
Dat geldt ook voor ons. Willen wij in wijsheid zijn, dan moeten we dat ook echt willen én de consequenties daarvan willen aanvaarden. Dat kan betekenen dat ons denken en wereldbeeld op z’n kop gaat.
Ik las een mooi verhaal over een bedelaar en een koning en de vraag wie nou de belangrijkste is in rangorde? Beiden zijn mensen en beiden zijn zielen. Beiden zijn op aarde gekomen om ervaringen mee te maken. Beiden hebben hun uniekheid en hun nut. De bedelaar kan de koning leren om zonder belemmeringen te leven en openlijk te durven vragen om steun. De bedelaar kan de koning het systeem in het land laten zien, wat de mens tot bedelaar gemaakt heeft. De bedelaar kan de koning laten zien, dat wijsheid en inzicht gevraagd worden van de leider en dat rangorde onnodig, maar samenwerking nodig is. Want rangorde is gebaseerd op het menselijk vakjes denken en niet op de stroming van de liefdevolle energie. Het verhaaltje had het niet over wat de koning de bedelaar kan leren. Misschien leuk om bij de koffie straks daar eens over na te denken. En wie heeft er nu de hogere rangorde? Wie voedt wie? Het motto hierbij zou kunnen zijn: “ontmoet elkaar en vraag u af, wat de ander u kan leren.”
Dat vraagt van ons een open hart en open mind. Als de hart energie zonder opgelegde gedachten of overtuigingen kan stromen dan treden wij in contact met andere energetische wezens en de omgeving. En dat kan een beeld geven wat er zich in ons en in onze omgeving afspeelt zonder dat er geoordeeld of veroordeeld wordt. Dat geeft jouw eigen waarheid weer. Dat betekent meteen dat ieder zijn eigen waarheid heeft afhankelijk van wat iemand meemaakt en wat er in zijn of haar rugzakje zit.
De wijsheid is níet afhankelijk van het individu, onze wijsheid wel. Die wordt ingeperkt door onze gedachten patronen, emoties en overtuigingen en wordt onze waarheid.
Welke aspecten en karaktertrekken worden door ons volledig gebruikt en ingezet? En welke worden onderdrukt of misbruikt? Durven wij te zijn die wij waarlijk zijn? Durven wij onze waarheid te tonen aan onszelf en aan onze omgeving? Te tonen zonder onderdrukking en in liefdevolle openheid en wijsheid?
Het is aan ons om te ontdekken welke waarde wij schenken aan ons leven en ervaringen waarmee wij onze eigen belevingswereld creëren. Als wij ons bewust worden dat elke willekeurige handeling die wij doen een effect heeft op ons zelf, op anderen en de omgeving, dan weten we ook dat wij onlosmakelijk verbonden zijn in zichtbare en onzichtbare verbintenissen. Elke actie, gedachte of overtuiging van ons creëert een reactie.
Hoe bezien wij onszelf, en daarmee de ander? Geven wij het een expliciete waarde, met een hiërarchie in belangrijkheid of is onze “waarde zonder oordeel” voldoende voor ons? Willen en durven wij onze eigen waarheid uit te spreken en te tonen, ook als het tegen de geldende mentaliteit ingaat? Zoals bijvoorbeeld Hildegard von Bingen die, terwijl ze abdis was, ging dansen in de vollemaan. En in die tijd werd dat gezien als een heksenpraktijk, dat ging volledig tegen de regels van de kerk in. En toch deed ze het, omdat het haar waarheid was.
Laten wij de komende week heel bewust ons hart openstellen, zonder terughoudendheid, met de openheid van een kind en de wil en de moed van een volwassene om de eigen waarheid te ontdekken, te beleven en te tonen.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 7e zondag na HDV, Reinheid                                          23-07-2023
Vrienden,
Vandaag is de 7e zondag na Heilige Drievuldigheid. Alle zondagen na Heilige Drievuldigheid hebben een leidende gedachte. Een thema of vaardigheid, waar we mee mogen oefenen.
Deze week is de leidende gedachte Reinheid of Zuiverheid. En het is een rode dienst, een dienst gewijd is aan de Heilige Geest.
Reinheid roept de associatie op van schoonmaken, vuil wegpoetsen… Misschien ook reinheidswetten, zoals we die binnen verschillende culturen kennen. Als je je daar niet aan houdt, ben je “onrein”. En dat is iets waar je niet graag mee geassocieerd wordt.
Als we naar het collectegebed en de lezingen van vandaag kijken, komt er een andere betekenis van Reinheid en Zuiverheid naar voren.
In het Collectegebed hebben we de Heilige Geest gebeden ons kracht te geven om ons hart zo zuiver mogelijk te houden.
Een zuiver hart is heel iets anders dan uiterlijke schoonheid of reinheidswetten.
Het woord “zuiveren” kun je vertalen als: “Iets in zijn oorspronkelijke staat terugbrengen”.
We bidden de Heilige Geest ons kracht te geven om tot onze oorspronkelijke staat terug te keren…
De eerste lezing van vandaag begint meteen met een oproep: “Mijn zoon (of dochter), keer van nu af aan terug tot je goddelijke natuur”
Onze oorspronkelijke staat is Goddelijk… Onze 1e natuur is Goddelijk. Wij zijn eerst geboren uit God. We hebben een vonk van Goddelijke Liefde, Licht en Vrede in ons.
Hier op aarde kregen we een lichaam en een persoonlijkheid. En gaandeweg ons leven, vergeten we onze oorsprong. We verpandden ons hart aan de wereld. Aan de zekerheid van een baan, geld op de bankrekening, meer spullen verzamelen…. Ieder kan voor zichzelf invullen wat van toepassing is.
Misschien is “het vergeten van onze oorsprong” wat abstract om te begrijpen. Maar stel je voor dat je je kind een game geeft. Het leert er mee spelen en raakt helemaal in de ban van de game. In plaats van een half uurtje per dag is hij er niet meer achter weg te slaan. Het is een game waar je dingen kan kopen voor het spel zelf. Een huis, meubels, een mooie auto. En op een gegeven moment is hij alleen maar met de game bezig. Hij vergeet vrienden te maken, buiten te spelen, gezellig aan tafel te zitten, schoolwerk te maken. Soms vergeet hij zelfs te eten en gaat hij de hele nacht door. Als je hem vraagt waar hij mee bezig is, zegt hij: ik heb een mooie auto gekocht. En ik wil het volgende level halen, want dan kan ik een vakantiehuisje kopen etc. Hij heeft afspraken met vrienden in de game… Heel zijn leven zit in die game.
Als ouder of goede vriend wijs je hem erop dat de game niet zijn leven is. Je wil graag dat hij erop uit gaat, vrienden maakt, zich ontwikkelt tot een volwassene die vol in het leven staat.
Ik kan me zo voorstellen dat de Goddelijke Wereld ons op die manier wil wakker schudden. Het aardse, materiële leven is niet de werkelijkheid! Keer terug naar je Goddelijke Natuur!
Er is niets mis met een goede baan, geld verdienen en jezelf omringen met mooie spullen… Zo lang je maar weet wie je bent. Zo lang je niet uit het oog verliest wat werkelijk belangrijk is.
Om te kunnen zien wat werkelijk belangrijk is, heb je een zuiver hart nodig. In de evangelielezing zegt Jezus: “Zij zijn niet van de wereld, zoals Ik niet van de wereld ben. Wijd hen U toe in de Waarheid”
Johannes schrijft in het Grieks. Waarheid in het Grieks is het woord A-lètheia. Als je dit letterlijk vertaalt, staat er: zonder sluiers.
Wij hebben nogal wat sluiers waardoorheen wij proberen waar te nemen. Oordelen, overtuigingen, wetten, normen en waarden. Allemaal sluiers. En onze eigen obstakels. Angsten, boosheid, hebzucht, jaloezie… om maar een paar voorbeelden te noemen. U kunt zelf vast nog meer bedenken.
Al deze dingen verhinderen onze blik op wat werkelijk belangrijk is. Het lawaai van de wereld overschreeuwt de innerlijke stem van ons werkelijke Zelf.
Om belemmeringen en obstakels op te ruimen, mogen we de Heilige Geest om hulp vragen. Er is moed voor nodig om los te laten, om te veranderen. Er zijn voorbeelden van mensen die dit in het extreme doen. Al hun bezittingen weggeven en in een klooster gaan wonen. Of zonder middelen met een bedelnap in de hand rondtrekken. Maar dit is niet de enige manier om los te komen van wereldse zaken.
In de evangelielezing lazen we dat Jezus zei: “Ik bid niet dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart voor de overmacht van het kwaad”.
We hoeven niet uit de wereld weg. Jezus vraagt God ons te beschermen tegen het kwaad. Het kwaad kun je vertalen als je oorsprong vergeten en je helemaal richten op aardse zaken. Zoals het kind in het voorbeeld zich helemaal heeft gericht op zijn computerspel.
Zuiveren, schoonmaken, opruimen… Het mag ook van binnen uit, midden in de wereld. Door het Goddelijke in je Zelf en om je heen standvastig te dienen. Wanneer je je oorsprong kent en er naar streeft hier trouw aan te blijven, gaat je innerlijk licht steeds meer schijnen. Het licht straalt naar buiten, dwars door de sluiers en neemt onzuiverheden mee. En wanneer ons innerlijk Licht helderder wordt, worden we ook ontvankelijk voor de Wijsheid. Wijsheid om te kunnen zien en horen wat werkelijk belangrijk is.
Wanneer obstakels uit de weg geruimd zijn, kan de liefde gemakkelijker stromen en ontvangen worden. Dan maken we ons eigen leven, maar ook de wereld zo veel mooier.
Moge de Heilige Geest ons kracht geven onze harten zo veel mogelijk te zuiveren, zodat we de wereld mooier kunnen maken.
Amen Pr. Marion Lunshof

Bespiegeling 6e zondag na HDV, Standvastig dienen                         16-07-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Toen ik het thema zag voor vandaag moest ik meteen aan onze kerk denken. Wat wordt er hier eigenlijk standvastig gediend. Zelfs in de hitte worden er diensten opgedragen door priesters en misdienaars in elke kerk en ook de gemeenteleden nemen de moeite om elke week weer hier te komen, warmte en kou, regen en zonneschijn trotserend. Dat mag best standvastig genoemd worden.
En waarom zijn wij hier nu zo bijeen?
Als ik het jullie persoonlijk zou vragen krijg ik waarschijnlijk net zo veel redenen als er nu mensen zijn in de kerk.
Een van de redenen zou kunnen zijn: ik wil dienen, ik wil God en de mensheid dienen in mijn leven.
De eerste lezing van vandaag geeft een hoop aanwijzingen hóe je dienstbaar zou kunnen zijn. En de eerste zin gaf de basis aan van waaruit we kunnen dienen: “wijdt uzelf aan God toe als een levende, heilige offergave; dat is de geestelijke eredienst die u past. Uw liefde moet on¬geveinsd zijn”. Vertaald in gewoon Nederlands betekent dat dat we van harte hier zijn, dat dienen ons met vreugde vervult. Dat het dienen geen moeten is, maar een vrije wil ingegeven vanuit onze diepste kern, vanuit ons hart, vanuit een verlangen om onze liefde te delen waardoor het steeds stralender kan worden.
In de tweede lezing geeft Jezus voorbeelden van dienen. En hij beschrijft daar ook een visioen waarbij de Koning de schapen van de bokken scheidt. De mensen die niet gediend hebben worden vergeleken met de bokken en ze worden gescheiden van de mensen die wel gediend hebben, die de schapen worden genoemd.
Hebben jullie je ook wel eens afgevraagd waarom de bokken nou de slechteriken zijn en de schapen de goede? Omdat ik dat mezelf vaak heb afgevraagd ben ik op zoek gegaan naar verklaringen. En een voor mij plausibele verklaring gaf aan dat het voort zou komen uit het feit dat bokken in de kudde de leiding nemen en de andere dieren dreigen te overheersen. In het boek Ezechiel spreekt God over de rammen en de bokken en ik citeer: “Aan de rammen en de bokken: is het niet voldoende dat u de beste weide afgraast? Moet u dan nog wat er overblijft met uw hoeven vertrappen? Is het niet voldoende dat u het helderste water drinkt, moet u dan nog de rest met uw poten bevuilen…’? (Ez. 34:17-19).
Bokken zijn in de kudde niet sociaal dienend. De herder (als symbool voor de Christus) is degene die de schapen leidt naar grazige weiden en zorgt voor de kudde. De bokken dienen alleen zichzelf. De schapen zijn degenen die luisteren naar het Woord van de herder. Zij zijn degene die de zorg delen en als groep voor elkaar zorgdragen. Dat kan omdat de herder vrede brengt, rust in de kudde en de schapen vertrouwen op hun herder. Wij kunnen onszelf vergelijken met die schapen. Als wij luisteren naar het Woord en vertrouwen op Christus als richting gever aan onze weg dan kunnen we een rust en een vrede voelen van binnenuit. Een vrede die onafhankelijk is van welke omstandigheid dan ook.
Voor mij komt dit heel dicht bij het thema van vorige week: God als vrede. Als er vrede is in je hart, innerlijke vrede, dan is de liefde onvoorwaardelijk of ongeveinsd zoals in de eerste lezing. En die innerlijke vrede vinden we door te vertrouwen dat God Liefde ís. Dat wij gebouwd zijn met bouwstenen van onvoorwaardelijke liefde en dat het slechts onze onharmonische gedachtenvormen zijn die die de Liefde versluieren, verduisteren of inperken. Het openingslied en straks ook het offertorium lied spreken daar ook van: dat de liefde van God er altijd is en dat wij kunnen leven vanuit die Liefde en daardoor in vrede om kunnen gaan met alles wat ons overkomt. In liefde kunnen dienen. Het slotlied zal dat nog eens bevestigen: God zij met u tot wij u wederzien en moog’ het eeuwige licht u omschijnen.
Vaak gebruiken wij die woorden als iemand is overgegaan, echter het geldt voor elke dag. Mogen wij met God onze weg wandelen, omschenen door het eeuwige licht.
Vanuit die vredige basis is standvastig dienen, een dienen vanuit onvoorwaardelijke liefde met respect voor jezelf, de ander en God.
Moge dat zo zijn,
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 2e zondag na HDV God als Licht,                                          18-06-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Na maanden van zware bewolking, lage temperaturen en heel veel regen was hij daar eindelijk: de zon. Wat waren we daar aan toe. Meer licht, meer warmte en eindelijk begonnen de plantjes in de (moes)tuin te groeien. En nu een maand later hoor ik al heel wat mensen zich afvragen of het niet wat minder kan. Zonlicht. Zo zalig en zo noodzakelijk echter ook zo ongemakkelijk soms. Zonlicht kan ongenadig zijn: heb je wel eens een foto proberen te maken van mensen in de felle zon? Alle scherpe lijntjes zijn te zien, elke schaduw van een groef of plooi in de huid toont zich ongehinderd. Zonkracht kan verbrandingen geven en bossen in de fik zetten. Zonlicht kan verblindend werken, zoveel licht kan een oog niet verwerken. En in deze periode van elke dag een stralende hete zon is het thema van deze week God als Licht. Dit is de eerste zondag van de groene periode (als liturgische kleur) die nu aanbreekt. De eerste 4 groene zondagen herijken we het beeld wat wij hebben van God. Wat wij van God kunnen waarnemen en ervaren verandert met de tijd. Vooral tijdens de tijdspanne waarin we het Paasmysterie vieren kan ons bewustzijn enorm groeien. En met het gegroeide bewustzijn verandert ook het beeld, dat wij hebben van God. Vandaag bezinnen we ons op het beeld: God als Licht. De komende drie zondagen zijn de thema’s: God als heerser van engelen, God als Liefde en God als vrede. Telkens een andere invalshoek om God te bezien.
God als Licht. Licht dat ons kan overweldigen, Licht dat haarscherp al onze schaduwen laat zien. Licht dat ons leven geeft, Licht dat ons diepe vreugde geeft, hartverwarmend.
In de kerk werken we heel veel met het Licht als symbool voor God. Het altaar is gericht naar het oosten, de plek waar de zon elke dag opnieuw aan de horizon verschijnt.
De 7 kaarsen op het altaar zijn verbonden met de 7 kleuren van de regenboog, die tezamen één wit licht vormen. En ons streven is om in onszelf en anderen ALLE kleuren van het Licht te zien en hun krachten en eigenschappen, hun frequentie te accepteren, te integreren en uit te stralen.
Van onze zeer gewaarde priester Tom Fokker leerde ik ooit dat de ouwel zonlicht is in vaste vorm en de druivensap zonlicht in vloeibare vorm. Bij de communie krijgen wij de levengevende energie van de zon binnen. De transsubstantiatie is dan de transformatie van het pure zonlicht in het zuivere licht van Christus.
Dit zijn allemaal beschrijvingen van licht buiten ons. Licht dat wij waarnemen met onze zintuigen.
En in de evangelielezing begint Jezus ook zijn zin met: “nog een kleine tijdsspanne is het licht bij u”; Op dat moment vertelt Jezus de leerlingen dat hij nog maar kort bij hen zal zijn, echter hij gaat verder met: “wandelt zolang ge het licht hebt, opdat duisternis u niet in bezit neemt”; Daar zegt hij niet wandel met dat licht, ofwel wandel met Jezus, maar WANDEL zolang ge licht hebt. Ofwel beweeg vooruit, ontwikkel je bewustzijn zolang je het licht hebt. Want als het donker wordt, weet je niet waar je heen gaat. Dit is geen licht meer buiten de mens, maar ín de mens. En Jezus gaat verder: “gelooft in het licht opdat ge zonen-en-dochters van het licht wordt!” Hij zegt hier: Heb geloof in het licht opdat je kinderen van het licht wordt. Niet kinderen mét een licht, als een lampion, maar kinderen van Licht. Hier worden wij opgeroepen om te geloven in het Licht van Christus in onszelf en dat zo aan te wakkeren, dat wij dat licht gaan uitstralen in de wereld en kinderen van licht worden.
Vorige week zondag hadden we het hier ook al over: Dat de wederkomst niet iets is wat we moeten verwachten buiten ons, een Messias die terugkeert op aarde of zo iets, maar een transformatie van binnen uit. En elke keer dat wij ter communie gaan of het sacrament aanbidden is een moment om te beseffen dat wij dat Licht van Christus in ons kunnen laten stralen en dat wij dan levende uitdragers van dat Licht zijn.
We belijden vaak dat God in ons is en wij in God. Als wij geloven dat God Licht is, dan zijn wij in het Licht en is het Licht in ons. En die ervaring kan ons laten stralen, zodat wij een koesterend zonnetje worden voor onze medemensen en de natuur. Moge dat zo zijn.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling Corpus Christi                                                                       11-06-2023
Introductie vóór de dienst.:
Op deze morgen wil ik jullie een vrouw voorstellen: zij is voor velen een onbekende en toch heeft de Kerk veel aan haar te danken, omdat zij door haar grote ijver heeft bijgedragen tot de invoering dit hoogfeest “Corpus Domini” of Corpus Christi. Het gaat over Juliana van Cornillon.
Juliana werd geboren in Luik en werd al op 5 jarige leeftijd als wees opgenomen in het klooster van de zusters Augustinessen in Mont- Cornillon. In dat klooster groeide ze op tot spirituele rijpheid. Juliana had een diep gevoel voor de tegenwoordigheid van Christus, die ze intensief ervoer in de Eucharistie en dikwijls mediteerde zij in stilte over Jezus’ woorden: Zie Ik ben met u alle dagen tot aan de voleinding der wereld. Vanaf haar zestiende jaar had ze diverse keren steeds hetzelfde visioen tijdens de eucharistische aanbidding: van een heldere volle maan met diametraal daar doorheen een donkere streep. God deed haar de betekenis begrijpen: de maan symboliseert het leven van de Kerk op aarde, de donkere lijn staat voor het ontbreken van een liturgisch feest. Juliana hield deze openbaring ongeveer twintig jaar lang geheim. Toen vertrouwde zij haar geheim toe aan twee andere vrouwen, een kluizenaar en een zuster van het klooster Mont-Cornillon. De drie vrouwen vormden samen een ‘geestelijke verbond’ voor de verering van het allerheiligste Sacrament. Zij wendden zich tot een kanunnik in Luik, om hulp. Hij zou zich oriënteren bij theologen en geestelijken over wat de drie vrouwen zo ter harte ging. De bisschop van Luik zelf accepteerde na aanvankelijke aarzeling het voorstel van Juliana en stelde in 1246 voor het eerst het hoogfeest van Sacramentsdag voor zijn diocees in. Jacobus Pantaléon van Troyes had als aartsdiaken van Luik Juliana leren kennen en was Sacramentsdag gaan waarderen. In 1261 werd hij Paus Urbanus IV. En drie jaar later schreef hij Sacramentsdag voor als verplicht feest voor de hele Kerk op de tweede donderdag na Pinksteren.
Er is vandaag geen organist, maar gezien de ontstaansgeschiedenis van dit feest vond ik dat eigenlijk wel mooi. Laten wij in meditatieve rust onze deelname in het Lichaam van Christus beseffen en de ontzagwekkende kracht ervan diep in ons ervaren.

Dierbare zusters en broeders in Christus,
Om de meditatieve intentie niet te veel te verstoren zal ik slechts een korte bespiegeling houden met daarna een korte meditatieve stilte.
“Telkens als gij dit brood eet en de beker drinkt, verkondigt gij de dood des Heren, totdat Hij wederkomt.” In de traditionele kerken wordt deze zin eigenlijk altijd uitgelegd als een verwachting dat Christus terugkomt op aarde en dat wij tot die tijd, als een voorbereiding voor die terugkomst, het sacrament van de eucharistie hebben gekregen. Vandaag zou ik het eens anders willen bekijken. Wij zíjn het lichaam van Christus, ieder op zijn of haar eigen wijze, met ieder zijn of haar eigen-wijsheid. Allemaal even waardevol. Ons diepste wezen en bron van onze wijsheid is onze godsvonk. Als we dit in vol bewustzijn tot ons laten doordringen én er naar handelen, dan verkondigen wij de dood des Heren.
Of zoals de tweede lezing het zegt: dan kruisigen wij mét Jezus de wereld. Dan verbreken wij alle verbindingen, alle gehechtheid met en aan het materiële. Telkens als wij ter communie gaan en het brood en de wijn, het lichaam van Christus, in ons opnemen, verkondigen wij de dood des Heren. Wij verkondigen daarmee dat Jezus als voorbeeld zich los heeft gemaakt van alle gebondenheid en in volledige vrijheid zijn aardse leven heeft gegeven om de weg vrij te maken voor ons naar ons diepste wezen, naar God. De wederkomst is dan niet iets wat we moeten verwachten buiten ons, een messias die terugkeert op aarde of zo iets, maar een transformatie van binnen uit. De wederkomst wordt dan het besef dat wij zélf het Licht van Christus kunnen zijn. Elke keer dat wij ter communie gaan of het sacrament aanbidden is een moment om te beseffen dat wij dat Licht van Christus in ons kunnen laten stralen en dan worden wij levende uitdragers van dat Licht.
Laten wij alle ballast in ons, die dit bewustzijn verhindert, opdragen aan God opdat het getransformeerd mag worden in Liefde en Licht en wij als stralende zonnen het Christus Licht uitdragen in onze wereld.
Moge dit zo zijn,
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling H. Drievuldigheidsdag                                                    4-06-2023
Lieve mensen,
Zoals je wel weet, lukt het niet altijd. Komende zaterdag geef ik een lezing voor de Internationale Theosofische vereniging over ‘De genezingsdienst binnen de VKK en de samenwerking met de Engelen’. Dat verhaal wat ik daar ga vertellen dwarrelt in mijn hoofd en is aan het groeien. Het lukt gewoon niet om het thema van Heilige Drievuldigheidsdag tegelijkertijd ook te laten opborrelen.
Daarom nog een keer de bespiegeling van 2 jaar geleden.

De afgelopen zondag (23 mei 2023) ventileerde ik in de kerk dat een bespiegeling maken over de Heilige Drievuldigheid best een hele kluif is.
Al mediterende, zoekende en lezende kwam ik in één grote kolk van gedachten en overwegingen terecht.
Eén ding wist ik zeker. Het moest over drieledigheid gaan.
Hierbij presenteer ik een deel een zoektocht, die nog lang niet ten einde is.

In onze westerse wereld waar het duale denken nog immer heel sterk aanwezig is, wordt de roep om triniteit oftewel drieledigheid steeds groter. Het wordt beschouwd als de weg naar het hart.

Staan wij als mensen met onze denkbeelden vaak tegenover elkaar, de gezamenlijkheid ontstaat als er een derde kracht mede actief wordt.
Drieledigheid kan een belangrijke stap zijn naar harmonie. En harmonie leidt tot vooruitgang.
Er is heel veel te verzinnen op het gebied van drieledigheid: ik noem er een aantal:

Denken, voelen en willen.
Vader, Zoon en Heilige Geest.
Geest, Ziel en Lichaam
Liefde, wijsheid en kracht
Liefde, haat en begrijpen.
Wij zullen het in deze bespiegeling de eerste twee aandacht geven.

Denken, voelen en willen.
Laten wij het begrip “denken, voelen en willen” even bij de horens nemen. Denken=intelligentie, leidend tot wetenschap.
Voelen is=intuïtieve ontwikkeling leidend tot innerlijk inzicht.
Willen=de drang tot uitvoeren van het samenspel van denken en voelen, de spirituele component..

Denken en voelen zijn in onze levensthema’s in dualiteit. Zij zijn het een heel leven lang, vaak niet met elkaar eens. Ze strijden. Je zou dat het menselijk drama kunnen noemen. Pas aan het eind van het leven bij het sterven, bij de overgang, smelten ze samen en kan je letterlijk de geest geven. In het spirituele gebied.

Denken en voelen kan ook onderling tussen mensen een lastig punt zijn. Een voorbeeld? De wetenschapsmens en de intuïtiemens kunnen een harde dopper aan elkaar hebben. Ze kunnen zich behoorlijk aan elkaar irriteren. Maar hoe kunnen ze nu samen heel productief worden? De kracht ligt hier in het gezamenlijk onderzoek, waarbij wetenschap en intuïtie elkaar versterken en zich verenigen. Dan ontstaat er dus een triniteit. De kracht van het gezamenlijk onderzoek ontstaat door het willen.

Vader, Zoon en Heilige Geest.
Wat is dan de kracht in het begrip van de drieledigheid in “Vader, Zoon en Heilige Geest?
Die kracht kunnen wij
Levengevende energie,
Vormgevende energie en
Liefdegevende energie noemen.
Uit deze kracht ontstaat “schepping”.
De levengevende energie, de goddelijke kracht wordt vertegenwoordigd door wat wij “God de Vader” noemen.
De vormgevende kracht, waar alles uit voortkomt, kunnen wij God de Heilige Geest noemen (de Moeder, wijsheid).
In de RKK catechese wordt gezegd: “De wijsheid is wat de Heilige Geest in ons bewerkt zodat we alle dingen met de ogen van God zien.”
Nu doen wij in onze VKK kringen niet echt aan catechese omdat wij vrijheid van denken en ontwikkeling belangrijker vinden dan leerstellingen, maar de ontluiking van de Wijsheid in ons diepste innerlijk, raakt wel aan wat er in die RKK catechese gezegd wordt.

In het evangelie van de Hebreeën wordt de Wijsheid, voorgesteld als Heilige Geest, die “Moeder” genoemd wordt. Zij geeft inzicht, is bron van inspiratie en bepaalt waar de profeet zijn werk moet doen. Zojuist greep Moeder de Heilige Geest Jezus bij zijn haar en zette hem neer op de top van de berg Tabor.
Als wij even terug gaan naar de strekking van de Hebreeën, kunnen wij het volgende vinden:

Dankzij de Geest kan een mens een nieuw leven aanvangen, waardoor hij geleidelijk dichter bij zijn bestemming komt. In de laatste fase is zijn opdracht te rusten en te heersen. En dan staat er: Hij die zoekt zal niet rusten voordat hij gevonden heeft; en hij die gevonden heeft zal zich verwonderen. Hij die zich verwondert zal heersen en hij die heerst zal rust vinden. Hij is dan onkwetsbaar geworden voor de kwade machten die hem nu beheersen.

Hoe pril de verbinding met je inwonende God ook mag zijn, die verbinding herkent zich door een innerlijk Goddelijk geïnspireerd enthousiasme om liefdekracht uit te zenden. In voelen, denken en handelen. Ahaa daar heb je hem weer. Drieledigheid.

Veel mensen die zich bewust zijn van een inwonende God, die zich door innerlijke ontwikkeling steeds meer openbaart (het verhaal van de Hebreeën), hebben aan de gedachte van “God de Heilige Geest” als energie genoeg.
Ik werd getroffen door het credo van de Syrisch orthodoxe kerk.
Ik noem twee fragmenten:
Hij heeft het vlees aangenomen door de Heilige Geest uit de Maagd Maria, de moeder van God.
En het fragment:
Wij geloven in één Heilige Geest die de levenschenkende Heer van alles is en voortkomt.

In mijn verhaal betoog ik dat de Heilige Geest de moeder is.
Maar in de Syrisch orthodoxe kerk wordt dan ook gezegd dat er één Heilige Geest is, de levenschenkende Heer. Ooit was bij de eerste oorspronkelijkje Christelijke kerk in Antiogië ook de gedachte dat de Heilige Geest een vrouw is. Hoe daar nu tegenaan gekeken wordt is mij nog niet duidelijk.

Maar is de Heilige Geest nu de levenschenkende Heer of de vormgevende moeder? Voorlopig denk ik dat het beiden is.
Grappigerwijs moet ik denken aan het fenomeen van de wandelende tak.

Ooit als kind kreeg ik er eentje, maar in korte tijd liep er heel veel in mijn kamer rond. De wandelende tak heeft het namelijk het vermogen om zich zonder kracht van buiten af voort te planten. Man en vrouw tegelijk.
Dan zou je dus kunnen concluderen dat God de Heilige Geest als energie leven geeft als Heer en daarna vorm geeft als Moeder, waaruit dan de Christus, de liefdekoning wordt voortgebracht. Jezus en Maria waren dan tijdens hun incarnatie de representanten van die gedachte.

En dan hebben wij als derde van de Heilige Drievuldigheid :
De liefdegevende kracht God de Zoon. Het Goddelijk volmaakte mensbeeld.
In de Engelse versie van ons Credo staat dat “al zijn zonen een maal zijn voeten zullen bereiken, hoever zij voordien ook zijn afgedwaald.”
Wie zijn dan die zonen?
In het evangelie van de Hebreeën kan “een ieder die de Geest bezit een Zoon genoemd worden, maar Jezus is een zoon met een speciale missie. Wij hebben het niet alleen over de Zoon van God, maar ook over de mensenzoon.

Een ieder die de Geest bezit kan een zoon genoemd worden. Ik vertaal maar even: , een ieder die Goddelijk geïnspireerd raakt en lerende is Goddelijk geïnspireerd te handelen. En dit Goddelijk geïnspireerd handelen kunnen wij “Liefde” noemen met een hoofdletter L. Als je daarmee bezig bent, bezit je de Geest en ben je een zoon.

Wij hebben nu de leven gevende Vader, die de vormgevende Heilige Geest bevrucht, waaruit de Zoon voortkomt.
De voorlopige conclusie van mijn verhaal? De gedachte van Heilige Drievuldigheid kan ons uiteindelijk terugbrengen naar dat ene punt, de eenheid, de bron, de Goddelijke oorsprong. . En dan wordt het dankgebed in de Nag Hamadi ineens heel duidelijk.

De dankzegging van de mens bestaat maar uit één ding: dat wij u kennen. Wij kennen u, o, licht dat inzicht brengt; o, leven van leven. Wij kennen u, o, moederschoot van ieder zaad. Wij kennen u, o, moederschoot, zwanger door de aard van de Vader.
Ik wil besluiten met het gebed van vandaag:
Almachtige God, in ons waarachtig geloof hebt Gij ons gegeven de heerlijkheid van de eeuwige Drievuldigheid te erkennen en door de kracht van de Goddelijke majesteit de eenheid te aanbidden. Mogen wij getrouw blijven aan dit inzicht en steeds tegen afdwaling beschermd zijn. Gij, Die leeft en heerst, één God in alle eeuwen der eeuwen. Amen

(in 1992 is er in trouw een interessant stuk verschenen van Anny Matty over Moeder de Heilige Geest die verdonkeremaand is: https://www.trouw.nl/es-b0dab939) + Parcival van Gessel.

Bespiegeling Pinksteren                                                                           28-05-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vandaag vieren we het Pinksterfeest. Het Pinksterfeest is onder veel niet-Christenen en zelfs bij een heel aantal Christenen een tamelijk onbekend feest. Het is dan ook geen feest voor beginners. Het is een feest voor mensen die het Paasfeest en de hemelvaart willen doorgronden en de weg willen gaan naar God.
Het Pinksterfeest, ook wel pentacosta genoemd, wordt gevierd 49 dagen na Pasen, de 50e dag als we de paasdag zelf meetellen. 49 is 7x7 het heilige getal van het volkomene, de voltooiing. Vandaag vieren we de voltooiing van Pasen. De Joden kenden in de tijd van Jezus drie opgangs feesten waarbij ze geacht werden als pelgrim naar Jerusalem te gaan. Het waren alle drie oorspronkelijk oogstfeesten, die later verbonden werden aan gebeurtenissen van het volk Israël. Twee van de drie feesten zijn uiteindelijk als het ware overgenomen en getransformeerd door de kerk. Het Pesach feest, wat oorspronkelijk het feest was voor de eerstelingen van de Gerstoogst werd verbonden aan de uittocht uit Egypte en werd uiteindelijk voor de kerk het Paasfeest van de opstanding van Christus.
Het Sjawoeot of wekenfeest vond plaats precies 7 weken na Pesach. Het was het oogstfeest van de tarwe en werd gelinkt aan de viering van de schenking van de 10 geboden aan Mozes. Na 3 maanden in de woestijn, na de uittocht, kreeg Mozes op de berg Sinaï de Tora uitgelegd en kreeg de opdracht de 10 geboden te geven aan het volk van Israël. En die gebeurtenis werd centraal gesteld bij het wekenfeest.
Eén van de Hebreeuwse namen van het Wekenfeest is Atsèrèt, en dat betekent ‘afsluiting, voltooiing’. Op het Wekenfeest wordt de voltooiing van de uittocht uit Egypte gevierd. Op de berg Sinaï sloot God met Israël zijn verbond en gaf Hij de Tora en de 10 geboden als wegwijzers ten leven. Het wekenfeest werd in de nieuwe kerk het Pinksterfeest, het feest van de gave van de Geest, de Geest die de wet, of de Tora in de harten van de gelovigen schrijft. Het wekenfeest werd precies 7 weken na het Pesachfeest gevierd. Vandaar dat ons Pinksterfeest 49 dagen na Pasen gevierd wordt.
De beschrijving die we vandaag lazen als eerste lezing was uit de Handelingen van de apostelen. Daar wordt de energie van de Heilige Geest beschreven als vurige tongen waardoor de leerlingen de moed kregen én het vermogen hadden om voor iedereen verstaanbaar het Woord van God te verkondigen. Geen vrees meer, maar vertrouwen.
Als we de evangelie lezingen er bij pakken dan lezen we verschillende beschrijvingen van het gebeuren. Verschillende aspecten van het werk van de Geest. Bij Lucas lezen we dat Jezus verscheen aan de apostelen en hun geest toegankelijk maakte voor het begrijpen van de geschriften. Zoiets als God deed op de berg Sinaï met Mozes. De Heilige Geest die wijsheid schenkt, toegang geeft om de geschriften werkelijk te begrijpen en te kunnen toepassen. Het evangelie van Mattheus spreekt niet over de Geest. Wel zegt Jezus dat Hem alle macht is gegeven in de hemel en op aarde en beloofd hij de apostelen: “ik ben met u alle dagen tot de voleinding der wereld”.
De evangelist Marcus omschrijft het in zijn evangelie als: “de leerlingen trokken er op uit om overal te prediken en de Heer werkte met hen mee en schonk kracht aan hun woord door de tekenen die het vergezelde”. De tekenen die het vergezelde waren de wonderen die de apostelen verrichtten. Het aspect van de Heilige Geest dat kracht, genezing en inzicht schenkt. In het evangelie volgens Johannes verschijnt Jezus aan de apostelen en zegt: “vrede zij u, zoals de Vader mij gezonden heeft zo zend ik u. Na deze woorden blies hij over hen en zei: ontvangt de Heilige Geest. Aan wie ge de zonden vergeeft, zijn ze vergeven”. Het aspect van de Heilige Geest dat genade schenkt.
Elke keer een ander aspect van de Geest, echter elk aspect gaat over een onstuitbare beweging van binnen uit om het Licht, de Liefde en de genade te brengen onder de mensen.
Het ontvangen van de Heilige Geest geeft de ondersteuning, de draagkracht en de aansporing om de weg te gaan die vrijgekomen was op goede vrijdag, gesymboliseerd door het scheuren van de voorhang. Een weg naar het hoogste zelf, naar God. En de tweede lezing beschrijft waarmee die weg is geplaveid als we op weg gaan gedragen door de Heilige Geest:
Leven dat leven schenkt; Gelukzaligheid die gelukzaligheid schenkt; Kennis die kennis verschaft;
Goedheid die goedheid schenkt; Ontferming die ontferming en redding biedt; Genade die genadig is.
Daarmee wordt het onvatbare Licht van Christus uitgedeeld aan de wereld.
Christus is als leraar, als leidsman die weg gegaan, zodat de leerlingen Hem konden volgen. En door het doorgeven al meer dan 2000 jaar van de mystieke en gnostische teksten en alle handelingen kunnen ook wij die weg gaan.
Mogen wij speciaal vandaag het vuur, de kracht, de gelukzaligheid en de genade van de Heilige Geest in ons opnemen om daarmee onstuitbaar het Licht van Liefde van Christus uit te dragen over de wereld.

Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling zondag na hemelvaart,                                                       21-05-2023
Dierbare Zusters en Broeders in Christus,

Vorige week hebben we het gehad over woorden, woorden die nodig zijn om met elkaar te communiceren. En hoe lastig dat soms kan zijn, omdat woorden altijd het gebeuren begrenzen en plaatsen in deze wereld. Afgelopen donderdag vierden we het feest van de hemelvaart en als er één feest is in het kerkelijk jaar wat eigenlijk onbeschrijflijk is met woorden, dan is het wel de hemelvaart. Wat is die hemelvaart? Op goede vrijdag ruim 40 dagen geleden herdachten we dat Jezus gestorven is. Hij werd in een graf gelegd en de mens Jezus werd onzichtbaar. De leerlingen waren ontroostbaar en ook angstig. Dit hadden ze niet verwacht. Hoe nu verder? Op de derde dag was het graf geopend en bleek het leeg. Geen lichaam meer. Echter Christus verscheen, niet als een fysiek lichaam, maar wel in een zodanige vorm dat mensen Hem herkenden aan zijn uitspraken of handelingen. Na het eerste ongeloof waren de leerlingen toch wel gerustgesteld. Christus was niet weg, hun leraar bleef bij hen en gaf hen Zijn vrede en zegen. En dan afgelopen donderdag. De vorm waarin Christus was verschenen verdwijnt en weer zijn de leerlingen op zichzelf teruggeworpen. Jezus heeft volgens het evangelie van Lucas wel tegen de leerlingen gezegd, vlak voor Zijn hemelvaart: “Gij zijt getuigen geweest van mijn leven. Daarom zend Ik tot u wat door mijn Vader beloofd is; blijft dus in de stad, tot gij uit den hoge met kracht zult zijn toegerust”. En dat is wat de leerlingen deden. Terug naar Jerusalem, naar de bovenzaal. Wachten, bidden en danken. In de bijbel wordt beschreven dat het 10 dagen duurde. Het getal 10 is het getal van de goddelijke ordening, van het voltooide. Het geeft het einde van een cyclus aan. 10 is een krachtig getal dat gekoppeld is aan het bereiken van een nieuw geestelijk niveau. En dan zijn zij klaar om de Heilige Geest te ontvangen. Dat vieren we volgende week met Pinksteren.
Maar nu vandaag: wat is die hemelvaart. De beide lezingen geven er woorden aan. De Zoon van God pre-existeerde in de bovenwereld als zaad der waarheid voordat dit wereldbestel zijn beslag had gekregen. Best wel lastige zin. Echter een paar weken geleden hoorden we al: zo boven zo beneden en zo binnen zo buiten. Wat in de bovenwereld al bestond vóór onze wereld werd geschapen, bestaat ook in ons binnenste omdat wij zijn voortgekomen uit die bovenwereld. Heel plastisch vergelijkbaar met ons eigen menselijke ontstaan. Uit de voor ons onzichtbare zaadcel van een man en eicel van een vrouw werden wij gevormd. De basis van beide wezens, man en vrouw zit in elke cel van ons lichaam en die basis is afkomstig uit die twee onzichtbare cellen waaruit uiteindelijk ons eigen zichtbare lichaam groeide. Zo is onze ziel, die dit lichaam als het ware aangetrokken heeft, ooit ontstaan in die bovenwereld vanuit God. Door die basis is de ziel een manifestatie van God. En dat zegt ook de tweede lezing: “Want zelf zijn zij de Waarheid, en de Vader is in hen, en zij zijn in de Vader”. God de Vader is in ons en wij zijn in de Vader. God is in elke frequentie van ons bestaan aanwezig en met elke energievorm van ons bestaan zijn wij in God aanwezig.
Mijn overweging is dat het volle besef van deze waarheid de hemelvaart is. De hemelvaart is niet alleen beseffen in de mind en het weten, maar vanuit het hart en het gevoel, vanuit de intuïtie weten en leven in en vanuit die onvoorwaardelijke liefde die Christus ons geleerd heeft. Daarom is de hemelvaart van Christus voor ons versluiert, we zien hem verdwijnen in een wolk. De wolk is ons eigen onvermogen om dezelfde weg te gaan. De weg is geopend met het scheuren van de voorhang en Christus heeft ons de woorden en handelingen geleerd om die weg ook daadwerkelijk te gaan. Laten wij ons keer op keer voornemen om weer óp te staan nadat we gestruikeld zijn. Wetend dat Gods Liefde onvoorwaardelijk is en de Heilige Geest ons draagt om te volharden op onze weg in het plan van God, op weg naar onze eigen hemelvaart.
Amen                                          Pr. Jose Versteeg 

Bespiegeling Hemelvaart,                                                                  18-05-2023
Ik heb tot jullie gezegd wat ik te zeggen heb. Nu zal ik echter opstijgen naar die plaats waar ik vandaan gekomen ben.
Want jullie hebben me, toen ik mij haastte te gaan, verworpen en in plaats van mij te vergezellen, hebben jullie mij vervolgd

In de Nag Hammadi neemt de “waarheid” altijd een belangrijke plaats in.
Zoals we gelezen hebben levert de ontwikkelde wijsheid een voldaan gevoel op. Het nodigt ook uit om bij het ontdekken dat iets toch anders is dan wij altijd zeker wisten, een blokje om te gaan.
En dat vooral als iets ons niet uit komt.
Je kunt uit deze twee geschriften distilleren dat het “blokje omgaan” fnuikend is voor onze weg naar het allerhoogste, de weg naar de Waarheid.
Ontkennen, tegen beter weten in, is een “blokje omgaan”. In menselijke begrippen en ervaringen kan de gewone waarheid al pijn doen. Het aanzien van de waarheid kan ons flink last veroorzaken. Verdriet wat we niet willen, verlies van geliefden of het niet kunnen omgaan met onmacht. Afstand houden van je authentieke zelf omdat je je te kwetsbaar voelt.

En misschien is dat authentieke zelf wel de sleutel. Als we werkelijk durven te tonen wie we eigenlijk zijn, heb we de kans om vervolgd te worden. En dat “vervolgd” worden kunnen we alleen doorstaan op het moment dat wij los komen van onze fysieke beperkingen. Als wij onze onbewuste verbinding met God manifest laten worden.
Maar waarom worden we dan vervolgd?

Je zou kunnen veronderstellen dat als je je authentieke zelf toont aan de “ander, dat deze een spiegel voorgehouden wordt. In ons diepere wezen lijken wij namelijk verdraait veel op elkaar. En als die “ander” in de spiegel kijkt en geconfronteerd wordt met je authentieke zelf kan dat wel eens te heftig zijn.
(Wij weten precies wat wij voelen als ons “een spiegel” wordt voorgehouden; De eerste reactie is dikwijls : ontkennen, Wegwezen!!, stuk maken zelfs, de boodschapper pijn doen)
Die “ander” gaat een “blokje om”.
Het gaat allemaal ten gunste keren als wij in plaats van de spiegel te breken, deze gaan oppoetsen.
Ontluikend inzicht.

Op het moment dat wij zover zijn dat wij ons herkennen in de eenwording met het Goddelijk volmaakt mensprincipe, de Christus, worden wij verlicht, komen wij in een wolk van licht en gaan naar die plaats die je getoond wordt als je daar aan toe bent.
Als wij door die wolk van licht heen kunnen kijken, accepteren we de spiegel. Is de ander niet meer je opponent, maar datgene wat jij ook bent.

Bij de Hemelvaart van Jezus mochten de aanwezigen door die wolk van licht heen kijken.
Kregen ze hun authentieke zelf te zien.
Werden zij zich bewust van de “heerlijkheid die hem wacht”. Deze bewustwording maakte dat zij gereed waren om de Heilige Geest te ontvangen met Pinksteren en het Woord te gaan verkondigen. +Parcival

Bespiegeling 5e zondag na Pasen,                                                    14-05-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Waarom geven wij namen aan dingen? Meestal om er met anderen over te kunnen praten. Echter, Filippus ziet daarin een gevaar. Wij geven namen aan dingen en zijn daardoor aan het vergankelijke gaan denken zegt Filippus in de eerste lezing. Daardoor denken we niet meer aan het onvergankelijke, maar aan het vergankelijke.
In hetzelfde evangelie van Filippus staat ook de zin:” De waarheid is niet naakt in de wereld gekomen, maar in symbolen en afbeeldingen; anders zou zij - de wereld - haar - de waarheid - niet kunnen ontvangen”. De waarheid is als een afbeelding in de wereld gekomen voor ons om het te kunnen ontvangen, te kunnen begrijpen. En aangezien wij nog steeds taal nodig hebben om met elkaar te communiceren hebben wij nog steeds namen nodig om over iets te kunnen praten. Wat zou het heerlijk zijn als we bewust in de energie konden communiceren. Ik merk het regelmatig in mijn praktijk dat er energetisch iets gebeurd met of rondom de client en dan probeer ik dat in woorden te vertalen, zodat ze ook begrijpen kunnen wat ze ervaren, maar wat schieten woorden dan te kort. Ook als wij overweldigd worden door een prachtige natuur op een berg of in een bos, ook dan schieten vaak woorden te kort om uit te drukken wat we ervaren. Hoe mooi zou het zijn als we dan onze indrukken energetisch over konden brengen aan een ander zonder woorden, gewoon wat er was of wat er is. Helaas is dat nog niet mogelijk en moeten we het met woorden doen. Ook Maria Magdalena liep hier tegenaan. Zij had een ontmoeting gehad met de opgestane Christus en was er vol van en vertrouwde er volledig op dat wat zij ervaren had echt Christus was, geen twijfel mogelijk. Echter toen ze de ervaring in woorden ging vertellen aan de leerlingen schoten de woorden te kort om haar ervaring over te brengen en zij werd niet geloofd. De woorden herinnerden aan vergankelijke dingen en het onvergankelijke wat Maria ervaren had was niet in namen of woorden uit te drukken.
Soms lukt het wél om de energie, de diepere betekenis als het ware te voelen door middel van het woord. Ik heb een keer op de TV het Onze Vader in het Aramees horen zingen en de tranen liepen over mijn wangen. Het waren woorden die gezongen werden en ik beheers de taal niet, maar de betekenis van de woorden drongen diep in mij door. Je kan dat ook met een schilderij hebben of een icoon. Het beeld is voor je ogen vrij duidelijk, maar de intentie die er in gelegd is, kan je ervaren met heel andere zintuigen.
Zo moet het ook gegaan zijn met de leerlingen. Christus verscheen aan de leerlingen en stuurt ze op weg. Hij stuurt ze op weg om Het Woord te gaan verkondigen mét woorden en handelingen. Als de leerlingen alleen woorden hadden gesproken zonder de lading er achter door te geven en zonder er naar te handelen, dan hadden wij hier 2000 jaar later niet in deze kerk gezeten. Het was de energie, de betekenis, de waarheid, de Heilige Geest áchter de woorden die de leerlingen óver wisten te brengen in wat ze vertelden en wat ze deden. Dat maakt dat Gods Woord vanaf het begin al ruim 2000 jaar door de kerken en geloofsgroeperingen wordt doorgegeven. Vertrouwend op God en in volledige overgave aan de weg die God wijst, zijn mensen op weg gegaan om Gods Liefde door te geven aan volgende generaties, ook aan ons.
Mogen ook wij begeesterd door de Heilige Geest en vertrouwend op God onze leidsman, de weg gaan van de verkondiging in het groot en in het klein. Laten wij in ons handelen en spreken uitdrukken dat ook wij leerlingen van Jezus zijn.
Moge dat zo zijn,
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 4e zondag na Pasen                                                       07-05-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Vandaag begon de tweede lezing met de zin: De Heer voltrok alles in één mysterie: doopsel, zalving, eucharistie, verlossing en bruidsvertrek. En ook in de eerste lezing was sprake van doop, verlossing en bruidsvertrek. Het Griekse woord mysterium is hetzelfde als het Latijnse woord sacramentum, wat geloofsgeheim betekend. En dat is hoe wij deze gebeurtenissen noemen: sacramenten. Onze kerk kent 7 sacramenten. Het sacrament van de doop, de Heilige Eucharistie ( ofwel de eerste communie), het Heilig Vormsel, het huwelijk, de biecht of het sacrament van verzoening, de ziekenzalving en de priesterwijding. Persoonlijk vind ik het wel een opmerkelijk feitje dat het in de Rooms Katholieke kerk niet mogelijk is om alle 7 sacramenten te ontvangen en in onze kerk wel. Een priester mag daar tenslotte niet trouwen. Er over nadenkend vroeg ik me af of dat zo zou zijn omdat 7 een heilig getal is en hier op aarde niemand heilig kan zijn? Dat je in RK kerk slechts 6 sacramenten kan ontvangen omdat we op weg zijn naar volmaaktheid, naar heiligheid, maar dat we het op aarde niet kunnen bereiken? Zou kunnen.
Volgens wikipedia is een sacrament en nu citeer ik letterlijk: “een gewijde handeling in het christendom waardoor God komt tot de mens. In die zin is een sacrament tegen gesteld aan gebed en offer, waarin de mens nadert tot God. Een sacrament is geldig, indien de juiste vorm, stof en intentie aanwezig waren bij de verrichting ervan. De werking van het sacrament is afhankelijk van de staat waarin de ontvanger verkeert”. Einde citaat.
In de sacramenten komt God heel dicht bij de mens en dat kan ons helpen zuiverder te zijn in ons onvoorwaardelijke offer en gebed waardoor wij dichter/ nader tot God komen. Wij geloven dat bij het sterven van Jezus, toen het voorhangsel scheurde, er voorgoed zicht was op de weg naar God. Die weg is niet meer versluierd. Dan kunnen de dingen van boven gelijk worden aan de dingen van beneden en de dingen van buiten aan de dingen van binnen. Een stukje verderop in het evangelie van Filippus staat: “Ga naar je kamer en sluit de deur achter je en bidt tot de Vader die in het verborgene is. Dat wil zeggen die in ons aller innerlijk is. Want dat wat binnen in ons is, dat is het pleroma. Voorbij dat is er binnen niets meer. Het is waarvan men zegt: “wat boven ons is” “. Daarmee wordt eigenlijk gezegd dat het binnenste gelijk is aan “boven” en dat we dat “boven”, ofwel het binnenste, hier beneden op aarde kunnen ervaren. Boven wordt gelijk aan beneden en binnen gelijk aan buiten.
In de sacramenten komt de goddelijke of Christus energie tot ons en verheft ons zodat wij nog zuiverder ons offer en gebed aan God kunnen opdragen, waardoor we steeds meer ontvankelijk worden voor de goddelijke energie die tot ons komt in de sacramenten. Het is een opwaartse spiraal.
Vier van de 7 sacramenten, de doop, het vormsel, het huwelijk en de priesterwijding kan je maar één keer in een leven ontvangen, de andere drie kan je meerdere of zelfs vele keren ontvangen. Elke zondag vieren we de Heilige Eucharistie en delen wij in het lichaam en bloed van Christus. Sterker nog: doordat we de heilige hostie innemen, integreren we de Christus energie met onze eigen energie, wordt onze energie opgeheven en worden we steeds meer één met die Christus energie: zo boven, zo beneden. Het sacrament van de biecht of het sacrament van verzoening zou je ook het sacrament van verlossing kunnen noemen. Door bewust te biechten, te belijden dat we iets fout gedaan hebben en de intentie uit te spreken om recht te doen wat mis is gegaan kan de absolutie als verlossend ervaren worden. Verlossing van schuldgevoelens, van schaamte; als een bevrijding. Ons confiteor met de daarop volgende absolutie zou je kunnen zien als een afgeslankte vorm van het sacrament van de biecht. De misstappen worden niet hardop uitgesproken, maar in stilte in jezelf en indien het oprecht gebeurd met de intentie om niet weer diezelfde misstappen te doen of met de intentie om iets recht te zetten, ook dan kan de absolutie bevrijdend, verlossend werken. Het laatste sacrament wat we vaker kunnen ontvangen is het sacrament van de ziekenzalving. Ook straks na de dienst is er weer een mogelijkheid om dat te ontvangen. Het kleine rituaal begint met een zuivering om het sacrament goed te kunnen ontvangen en de zalving met de heilige ziekenolie dringt diep door in het lichaam ter ondersteuning van de heling. En velen hebben ervaren hoe diep die heling door kan werken.
Sacramenten zijn hele krachtige rituele vormen van handelingen die ons gegeven zijn ter ondersteuning van onze groei.
Van onze kant kunnen wij er aan meewerken door ons ontvankelijk op te stellen voor de aangeboden energie en die energie weer in te zetten voor offering, gebed en dienst aan de medemens.

Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 3e zondag na Pasen                                                30 april 2023
Lieve mensen,
Wij zijn alweer op de 3e zondag na Pasen beland. Was de verrijzenis nog redelijk aards,
In de weken na Pasen gaan we elke zondag een stukje hoger het mysterie in. Jezus verscheen bij Emmaüs bij de discipelen aan tafel en beloofde inzage te geven in de geschriften. Het was een verschijning in de sfeer waar de “hemelse mensen” vertoeven.

Wij hebben het 2 zondagen geleden over de Zoon van God gehad. Is het “de” zoon van God of was Jezus “een” zoon van God, in theosofische terminologie een uitgezonden Meester die ons voorhield hoe een Goddelijk volmaakt mens acteert.
Nog een zondag later gaf Jezus de discipelen de verbinding met de Heilige Geest door over hen heen te blazen en te zeggen “Van wie gij de zonden vergeeft, hun zijn zij vergeven en van wie gij de zonden niet vergeeft, hun zijn ze niet vergeven.” De discipelen werden verbonden met God de Heilige Geest. Weer een stapje hoger dus. God onze Heer heeft hier een naam. Een uitdrukking van zijn beeltenis, omdat dat voor ons aardse mensen niet te bevatten is.

Wij noemen Hem God omdat dat in ons aardse zintuigelijke nog te pakken is.
God is voor ons als een Koning. Hij is de volmaakte mens. Zijn koninkrijk is de wereld en zijn troon is ons hart. Als wij hem trouw dienen en zijn goede helpers zijn geworden, zullen wij hem vinden. Het is, zeg maar, een werkzaam gegeven. Maar nu komen wij in het gebied daarboven. Dat is verwoord in de eerste alinea van de Nag Hammadi die wij vandaag gelezen hebben:
Maar ongetwijfeld zal iemand tegen zijn naaste zeggen: “Wie kan aan iemand een naam geven die eerder dan hijzelf bestond, alsof nakomelingen niet een naam krijgen van hen die hun het leven schonken?”
Wat we voor alles moeten doen is hierop mediteren: “Wat is de naam?”
De Naam van degene die er in de oorsprong is, is er en is er niet. Het is een enorm energiegebied dat alles omvat. Voor ons volstrekt onbegrijpelijk en teveel om aan te kunnen.
Als wij er in zouden mogen schouwen, zouden we een pilletje nodig hebben. Het is te veel, te groots, ons denken verzengend kan je zeggen. Gelukkig mogen wij schouwen naar wat wij aan kunnen.
Het gaat ons vermogen om het te kunnen aanbidden te boven. Het is zo groots, dat als je het zou kunnen aanbidden, je jezelf verliest in de omvang. Je merkt het niet dat het er is. Zou dat “Rust” zijn?
Zijn eigen Plaats van Rust dan is zijn Volheid, het pleroma.
Voor zover in de Bijbelse en Nag Hammadigeschriften waren er 3 personen die kennis droegen van deze plek. Jezus, Judas en Thomas, de tweelingbroer van Jezus.

“Daarom heb jij nu, mijn broeder Thomas, het voor de mensen verborgene gezien. Dat isdatgene waaraan zij aanstoot nemen, omdat zij het niet kennen.”

Onbekend maakt onbemind zou je kunnen zeggen. Dat verborgene geloof je niet als je het zou mogen schouwen. Het gaat je begrip zover te boven dat het je irriteert.
Mensen die de boodschap van het verborgene verkondigen, het uitleggen, worden dikwijls vervolgd.
Wat zou nu de boodschap van dit hele verhaal zijn? Beklim de ladder van louter goedheid, maar hoed je ervoor om te grote stappen te nemen, want dan glij je weer een stuk naar beneden.
Je kunt de wereld pas schouwen als je boven bent en eerder niet.
Afgelopen zondag heb ik in mijn predicatie een verhaal verteld dat ongeveer de strekking van bovenstaand verhaal heeft. Maar de materie is zo ingewikkeld en allesomvattend dat ik hoop dat het nog te begrijpen is. In ieder geval nodigt het uit tot een verblijf op de “plaats van Rust”
+Parcival

Bespiegeling 2e zondag quadragesima                                                 5-3-2023
Als wij de weg van de Goddelijke Liefde en de Wijsheid willen gaan, moeten wij ons gaan voorbereiden op de geestelijke wedergeboorte en dit telkenmale weer gaan herhalen.
Wij moeten ons dan gaan inleven in de persoon Jezus, de ver¬persoonlijking van het Goddelijke, de volmaakte mens, het universele Godsbegrip.
Jezus van wie vele kerkgenootschappen zeggen dat hij gestorven is voor onze zonden en van wie wij juist zeggen dat hij ons de weg getoond heeft die wij ook moeten gaan, totdat wij uitein¬delijk zijn voeten bereikt hebben. De kruisiging wordt dan gezien in het licht van het opgeven van de gehele persoonlijkheid.
De Quadragesimatijd vangt aan op Aswoensdag, waar wij het verleden en alle roem verbranden, teneinde de komende tijd, 5 zondagen, te beleven.
Quadragesima stelt ons in de gelegenheid om in de juiste stemming te komen voor de reis naar de geestelijke wederge¬boorte die plaats zal vinden in de Stille week.
Als wij ons geestelijk voorbereiden op die Stille Week, zijn er 5 intenties aangegeven om over na te denken en ons in te leven.
Zelfonderzoek, beheersing der tong, inzicht-mensenkennis-het begrijpen van onze medemensen, geestelijke verkwikking en nederigheid.

Op 5 maart was het de 2e zondag van quadragesima (Beheersing der tong)
Onze priester Rob van Roggen(+2002) schreef het volgende en daar kan ik mij helemaal in vinden.
Wij moeten leren ons spraakvermogen te beheersen. Maar daar houdt het niet mee op. Ook wat wij niet zeggen, maar wel voelen of denken, moeten wij leren beheersen.
En het zijn juist onze gedachten en emoties die wij zo moeilijk onder controle kunnen krijgen. Toch is het van groot belang dat onze gedachten en gevoelens zuiver zijn en niet gekleurd door negatieve elementen zoals zelfzucht, hebzucht, zelfmedelijden, boosheid, arrogantie, ijdelheid etc. Iedereen kan dit rijtje voor zichzelf invullen.
Het woord “beheersing” vind ik niet zo gelukkig gekozen. Daaronder versta ik: onder controle houden en vooral zorgen dat anderen het niet merken. Dat kan natuurlijk nooit de bedoeling zijn van deze oefening. Wij moeten de overtuiging van binnenuit hebben, dat voor deze negatieve elementen in onszelf geen plaats is, dat zij ons belemmeren in onze spirituele groei. Dan hoeven wij ze niet te beheersen, maar dan lossen ze “vanzelf” op.

Het gebed van die zondag gaat als volgt:
O God, die de mens het spraakvermogen heeft geschonken waarmee wij U loven, geef dat onze harten zó met liefde en wijsheid vervuld mogen zijn, dat wij van niemand kwaadspreken en Uw heilige naam verheerlijken. Door Christus onze Heer.
R. Amen.

“Kwaadspreken van niemand”. “Een vals beeld vormen van iemand ?” een mooi thema. En dat kan je mooi koppelen aan het thema wat ik voel voor 2023: “bewustwording” .
Hoe vaak gebeurt het niet dat wij oordelen over iemand, terwijl wij maar een klein stukje van de informatie hebben. Getriggerd door misschien wel een gerucht, die door verspreiding in je eigen hoofd werkelijkheid lijkt te worden. “Kan wat ik over iemand of tegen iemand zeg, de ander beschadigen?”. Is de kennis die ik heb eenzijdig ingesproken? Ineens moet ik aan Judas denken. Heel lang verguisd, in ieder geval op het Christelijk schooltje waar ik zat. Tot je je realiseert dat hij een sleutelfunctie had in de weg die Jezus en wij allen werkelijk moeten gaan.
In de tweede wereldoorlog hadden we NSB-ers, landverraders worden ze genoemd. Maar er waren ook NSB-ers die op listige wijze de bezetter misleidden en mensen konden redden en erge dingen voorkomen! Als je dat misleiden goed doet, zonder dat het opvalt, leg het dan maar eens uit als je na de bezetting vervolgd wordt.

Als je eenmaal weet dat een misvatting zo geboren is, dan neig je er wel naar om je tong te beheersen. En we hebben er de middelen voor. We hebben tanden om op je tong te bijten.
En dan klinkt dit alles mooi, maar we spreken regelmatig kwaad, bewust en vooral onbewust. Ons dát bewust worden draagt bij aan verandering van onszelf, de ander en de wereld. Wij vragen in het gebed om vervuld te zijn van Liefde en Wijsheid. “Wijsheid” helpt ons om terdege de zaken van alle kanten te bekijken. “Liefde” helpt ons om compassie te tonen en niet alleen dát. Het helpt ons om ons te sterken om ook naar iemand toe te kunnen stappen en “sorry” te zeggen. Allemaal misschien best wel lastig, maar oefenen baart kunst.
Ik hoop dat wij door ons over dit thema te bezinnen de “Kunst” baren om weer met z’n allen een stapje verder te komen.

Aan het einde van de periode van Quadragesima vieren wij Passiezondag, welke dag in het teken van de nederigheid staat.
Nederigheid is bijzonder gepast, omdat op ons niveau geeste¬lijke groei gemakkelijk kan leiden tot hoogmoed. Door de geestelijke groei kan men zich beter gaan voelen. Er kan zich een gevoel voor (vals) Koningschap ontwikkelen of een gevoel van diepe nederigheid voor een ieder waardoor men waarlijk kiest voor de moeilijke weg, de keus voor de geestelijke wedergeboorte, zoals Jezus die ook gegaan is.
Op Palmpasen ontstaat die keus: of we gaan in een schijnwereld leven en laten ons bejubelen met uiterlijkheden en valse schijn, of we nemen die moeilijke weg.
Wat wij in onze eenvoud doen is ons inleven hoe Jezus die weg onderging. Een vorm van inleven die ons helpt om verder te komen op de weg. Bezinnen is prachtig maar praktiseren is heel wat moeilijker. Toch is in dit geval het aloude spreekwoord van bijzondere toepassing: "bezint eer ge begint". Waar dat mogelijk is kunnen wij intenties in de praktijk proberen te brengen. Een moeilijke maar uiteindelijk vreugdevolle weg.
+Parcival

Bespiegeling 1e zondag quadragesima                                                    26-02-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Afgelopen woensdag is de quadragesima begonnen, in deze liturgisch paarse periode bereiden wij ons door bezinning en inkeer voor op het grote Paasfeest. De sporen van het feestgedruis van het carnaval, wat er aan vooraf gaat, waren wat langer zichtbaar in de straten door de staking van de vuilnisophalers, maar inmiddels zijn de straten schoon geveegd. Vroeger heette deze tijd in de rooms katholieke kringen de vastentijd. En nog steeds zijn er mensen, inmiddels ook in protestantse kringen, die een vorm van vasten beoefenen. En het vasten kan dan bestaan uit een zich onthouden van bepaalde genotsmiddelen, eten of drinken of minder gemakzuchtig zijn door de fiets te pakken ipv de auto als het mogelijk is. Er zijn ook mensen die de vastentijd aangrijpen om juist dingen wél te doen: meer aandacht voor anderen en voor de natuur, meer delen. Ik denk dat wat we mogelijk ook doen, de motivatie er achter óm het te doen het belangrijkste is.
En dan komt het thema van vandaag om de hoek kijken: zelfonderzoek.
Wat motiveert ons om de dingen te doen die we doen? Waarom zitten jullie in de kerk op een vrije zondag? Waarom sta ik nu hier? Sommige handelingen zijn gewoontes geworden en die doen we zonder nadenken. Hoe leuk is het om eens een tijd er wel over na te denken? Gewoon kijken, schouwen, zoals een kind vol verwondering de wereld in zich op kan nemen. Kinderen kunnen nog zo heerlijk huppelend door het leven gaan, willen graag ervaren dat modder zacht is en regen nat zonder zich druk te maken over vuile kleren en schoenen die gepoetst moeten worden. Kunnen wij eigenlijk nog wel zo onbevangen naar onszelf kijken? Of zitten onze gevormde en opgelegde gedachten ons in de weg? Onze gedachten worden vaak gestuurd door hoe we tot nu toe het leven ervaren en beleefd hebben. Gedachtekracht is heel sterk. We zullen straks zingen over gedachten; dat het lichamen zijn met een adem en vleugels. Gedachtekracht straal je ook uit en dat reikt ver. Kijk maar eens naar iemand die erg nors in het leven staat en snel negatief denkt: die straalt de somberheid uit. En je ziet het zo als iemand erg goed in zijn hum is en positief denkt, daar straalt blijheid vanaf. Waar we met onze gedachten en overtuigingen mee bezig zijn, dat stralen we uit als een soort zender. Toen ik dit schreef hoorde ik een liedje: everywhere you go, you always take the weather with you. En er is een ander liedje in het Engels: hello goodmorning , how are you? How is your weather today? Je humeur, je uitstraling beschreven als het weer, somber of zonnig en we neemt het altijd met ons mee, waar we ook gaan. En het beïnvloedt onze daden. We kunnen die gedachtekracht ook positief inzetten bijvoorbeeld bij de Wereldgebedsdag komende vrijdag 3 maart. Samen bidden voor heelheid/eenheid in de wereld. In het collecte gebed hebben we gebeden dat wij door eerlijk zelfonderzoek onze tekortkomingen doorzien en deze verbeteren. Eerlijk zelfonderzoek vraagt moed om naar werkelijk alles wat er bij onszelf aanwezig is te willen en kunnen kijken, het licht én het donker te zien in onszelf. En het verbeteren van de tekortkomingen bestaat er dan uit dat we met liefde alles zien. Dat is wat Jezus Christus ons heeft voorgeleefd. Liefde en geen veroordelingen. Niet de gedachten en emoties die we niet zo leuk vinden wegstoppen en verbergen in het donker, dat ze er niet mogen zijn, maar ze allen met een open blik bekijken en accepteren dat het een deel van ons leven is; in liefde, vanuit barmhartigheid. Dan schijnt het licht in de duisternis en kan de duisternis het wél aannemen. Dat licht is ons innerlijk licht, dat voluit mag stralen. Daardoor kan de vrede neer dalen in ons hart en kunnen wij de alledaagse uitdagingen zien in het licht van Gods wijsheid.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling Quinquagesima                                                                        19-02-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Twee weken geleden hebben wij ons samen met Jezus opgedragen aan God in de tempel en vorige week zijn wij geheiligd/ gelouterd door de Geest om vandaag het vuur van de liefde te kunnen ervaren. Vandaag op de dag van quinquagesima, 50 dagen voor Pasen lezen we over Sophia en over Maria Magdalena en over zwanger worden door de genade die we elkaar mededelen. Allemaal vrouwelijk aspecten. Aspecten van delen, één worden, genade geven, iets laten groeien, iets geboren laten worden. En precies over 100 dagen, 50 dagen na Pasen is het Hoogfeest van Pinksteren, de neerdaling van de Heilige Geest over de apostelen, zodat ze naar buiten treden en de leringen van Christus openbaar maken. Een typisch mannelijke aspect. Naar buiten treden, gaan staan voor wie je bent en wat je te vertellen hebt. Het één kan niet zonder het andere. Precies midden in deze twee gebeurtenissen valt Pasen. De ultieme uiting van oneindige onvoorwaardelijke liefde. Christus die zich zelf vanuit liefde geeft, die alle gehechtheid loslaat, waardoor er voor ons zicht komt op de weg naar God gesymboliseerd door de voorhang die middendoor scheurt.
Het Christusbewustzijn laat het Licht overal schijnen omdat er geen verborgen duisternis is. Duister en Licht zijn voor Hem gelijk. Dat is het verhaal van de blinde in de eerste lezing. Wie niet naar zijn eigen donker wil kijken houdt het donker verborgen en blijft een blinde. Wie echter met het Licht wil schijnen in het donker, ziet waar er nog verborgen donker is. En krijgt de kans zijn eigen donker te aanschouwen en te accepteren. Licht en donker zijn beide aanwezig en van gelijke waarde. Licht wordt wel gezien als het mannelijke en donker als het vrouwelijke, denk maar aan het yin-yang symbool.
Als het mannelijke en het vrouwelijke beide aanwezig mogen zijn en volledig geaccepteerd kunnen worden kan er een zwangerschap ontstaan en een prachtige vrucht voortgebracht worden. En dan bedoel ik niet man en vrouw als mens, maar de mannelijke en vrouwelijke aspecten en die zijn aanwezig zowel in de man als in de vrouw. Deze aspecten zitten in ieder van ons, zijn aanwezig in een relatie tussen mensen, maar ook in een organisatie als onze kerk. Als er een gelijkwaardigheid is tussen de mannelijke en vrouwelijk aspecten kan er een vereniging plaatsvinden in het heilig bruidsvertrek.
En dat heeft niets met ons mannelijke of vrouwelijk geslacht te maken. Voor ieder van ons is het belangrijk om het mannelijke en het vrouwelijke aspect ofwel het licht en het donker in ons de ruimte te geven. Ze de mogelijkheid te geven om als het ware elkaar te kussen. Daarmee leert het mannelijke eenheid te brengen in het naar buiten tredende en het vrouwelijke naar buiten te treden in de eenheid vorming. Ieder vanuit de eigen kwaliteit met respect voor de andere kwaliteit.
Daarvoor is vertrouwen nodig én Liefde lazen we in de tweede lezing. Vertrouwen om te ontvangen en liefhebben om echt te kunnen geven.

Eén zinnetje uit de evangelie lezing intrigeerde mij in het bijzonder: “Want als iemand niet uit liefde geeft, heeft hij zelf niets aan wat hij gegeven heeft”. Is dat dan niet onze opdracht: geven om niet, offeren van geest, ziel en lichamen zonder er iets voor terug te verwachten? Dat is toch juist de bedoeling, dat we niets terug verwachten, dat we er zelf niets aan over houden? En hier wordt gezegd dat wie niet uit liefde geeft, hij er zelf niets aan heeft. Wat zou hier dan bedoeld worden? Wie niet uit liefde geeft heeft een andere motivatie om te geven. Een motivatie ons ingegeven door ons aardse denkvermogen. Die motivatie kleeft als het ware aan wat gegeven wordt, er ontstaat een verbinding en dat wat geschonken wordt blijft iets wat gebonden is aan de gever. De gever dient zich los te maken van het gegevene, zodat dit volledig naar de ontvanger kan gaan. Die er de meeste vreugde aan beleeft als hij/zij voelt/weet, dat de gift vanuit liefde is, onbaatzuchtig. Het 'loon' van de gever is dan vreugde om de vreugde van de ontvanger.
Als wij door de Heilige Geest met het vuur van de liefde ons denkvermogen louteren tot een hoger denkvermogen dan kunnen wij schenken in liefde. En als wij schenken in liefde, met onvoorwaardelijke liefde, dan brengen wij vreugde en vrede in datgene wat geschonken wordt en dat blijft aanwezig, want alleen de liefde leeft onverminderd voort, zo zingen we straks. Met liefde geven verhoogt de innerlijke vreugde zowel van ontvanger als van gever. Dat is niet iets wat we vanuit het ego willen, maar wat automatisch gebeurd. Gedeelde vreugd is dubbele vreugd en laat de liefde stromen over de wereld. En daar heeft ook de gever wat aan.
Moge dat zo zijn,
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling sexagesima,                                                                12-02-2023
In de Nag Hammadi staat geschreven: Ieder die de Waarheid lief heeft, heeft de Heilige Geest ontvangen: immers de Waarheid is de mond van de Vader en de Heilige Geest is Zijn tong.

In het gebed vragen wij God de Heilige Geest om onze gevoelens en gedachten te richten, te heiligen en te leiden in overeenstemming meert Zijn wetten.

Vaak zijn die teksten zodanig, dat wij ons er eigenlijk bewust van worden dat wij nog een zeer lange weg te gaan hebben. Soms is het bijna ontmoedigend. Maar deze zondag met de Heilige Geest als Heiligmaker geeft hoop.

Het vinden van de ultieme Waarheid, die met een hoofdletter dus, is een lange weg.
De Waarheid is de uiteindelijke zekere uitkomst van een zoekweg die geplaveid is met voorwaardelijke hypotheses. Als wij ons realiseren dat al onze veronderstellingen, hoe goed onderbouwd ook, toch aan verandering onderhevig kunnen zijn en die gedachte accepteren, accepteren we de voorwaardelijkheid en kunnen wij onze weg vervolgen. Als je die gedachte omarmt, heb je het uiteindelijke resultaat, de Waarheid met een hoofdletter lief. Die koester je en die omarm je.

Op dat moment accepteer je het bestaan van de Goddelijke wetten en naar vermogen ga je daarnaar leven.

Ieder die de Waarheid lief heeft, heeft de Heilige Geest ontvangen. Als men stil wordt en zich daarop in stelt, begint het vanzelf te stromen. Omringd met de wens onze gevoelens en gedachten te richten en te heiligen en geborgd met de wens door Zijn bescherming rein te zijn, kunnen we met de tong van de Vader spreken.

En het aardige is, dat het gebeurt in de taal die diegene verstaat die de boodschap ontvangt. En als die boodschap doorgegeven wordt, gebeurt dat met de bezieling van de Heilige Geest en zal ook de externe ontvanger het begrijpen.

Als wij ons innerlijk weten aanraken, “weten” we. Maar zo gauw wij dit koppelen aan ons denkvermogen, liggen de vervormingen op de loer. Ons denkvermogen daagt ons uit om te spreken, of te schrijven, om onze gedachten onder woorden te brengen. Het is goed als wij ons dat dus realiseren. Is het dan beter om te zwijgen?

Volgens het Boek der Vaderen wel: “Mijn leven lang bevond ik mij in de kring der wijzen en ik vond niets beters voor een mens dan zwijgen. Niet het leren is het voornaamste, maar het doen. Op weg gaan dus, de Waarheid liefhebbend. +Parcival

Bespiegeling Opdracht van de Heer in de tempel, 5e zondag na driekoningen, standvastigheid en vlijt en septuagesima,                                              05-02-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Wat een feestdag vandaag. Een waar lichtfeest.
Het licht geboren uit Maria werd herkent door de drie wijzen, gezien door de herders en bejubeld door de engelen. Het licht dat symbool kan staan voor ons innerlijk licht dat in de openbaarheid mocht komen met kerstmis is nu terug in de tempel om opgedragen te worden aan de Allerhoogste. We hebben de monstrans binnen gedragen met in een stalenkrans HET symbool van het Licht en het leven van Christus, de Heilige Hostie en het verwelkomt met onze eigen brandende lichtjes. Wij stonden klaar om de bruidegom te verwelkomen en welkom te heten in deze tempel, die symbool mag staan voor onze eigen tempel. Dit Maria lichtmis feest is niet alleen een uiterlijk feest van licht, het staat symbool voor wat er bij ons innerlijk mag gebeuren. Ons innerlijk Licht is geboren en bevind zich in onze tempel en in ons leven kunnen wij het voeden, koesteren en laten schijnen voor anderen. Wij kunnen het opdragen aan God net zoals Jezus door Maria werd opgedragen aan God in de tempel. En net zoals wij het Christus licht binnendroegen in de monstrans zo mogen ook wij ons innerlijk licht opnieuw verwelkomen in onze tempel. En in de viering ontvangen wij voeding, voeding voor het licht. Ieder op een eigen manier, in woorden, gebed, gevoel en in de Heilige Communie.

De eerste lezing van vandaag kwam uit het boek van de profeet Ezechiël.
Ezechiël betekent: God is krachtig en metafysische is de betekenis:
Dát in ons dat op de Heilige Geest vertrouwt en ons aanmoedigt om ons volledige vertrouwen in God te stellen. Dat God de hoeder van onze geestelijke gedachten mag worden.
Ezechiël had een machtig visioen. In de bijbel wordt het in wel 8 hoofdstukken beschreven. Ezechiël krijgt een beeld hoe de tempel van God gebouwd moet worden. Zeer nauwkeurig worden de maten en afstand en de hele opbouw van alle gebouwen en altaren, trappen, de muren, de poorten en vensters beschreven. Het is letterlijk een bouwtekening die gegeven wordt. En halverwege in hoofdstuk 43 staat het stuk over de weg naar het oosten. Vanuit het oosten kwam de heerlijkheid des Heren binnen met een overweldigend licht dat straalde over de hele wereld. En daarna werd de poort symbolisch gesloten. Het Licht is binnen in het Heilige der Heilige om er niet meer uit te gaan, om er eeuwig te verblijven. En dat geldt ook voor ons. Ons innerlijk licht is aanwezig in het heilige der heilige van onze eigen tempel en zal nooit verdwijnen. Het mag van daaruit stralen over de wereld. Het is misschien mooi om er eens bij stil te staan waar in het lichaam we dat licht kunnen ervaren.

Ezechiël was een profeet en zijn leven werd gekenmerkt door de boodschappen die hij ontving en doorgaf aan het volk van Israël. Hij was vol vertrouwen dat wat hij hoorde en zag boodschappen waren van de Allerhoogste en dat het zijn opdracht was die te verkondigen. Hij droeg zijn leven hier aan op. Zijn wij in staat net als Ezechiël onze levens op te dragen aan God en vol vertrouwen het pad te lopen?

Maria was bevallen, nu ruim een maand geleden en een vrouw in die tijd werd als onrein beschouwd tot 40 dagen na de bevalling. Na 40 dagen ging zij naar de tempel om gereinigd te worden en elke eerstgeboren zoon werd dan opgedragen in de tempel aan God. Dit gebruik stamde uit de tijd van de uittocht uit Egypte. Als dank aan God voor de bevrijding uit de slavernij in Egypte had Mozes voorgeschreven dat elke eerstgeboren zoon aan God moest worden opgedragen. Maria heeft haar pad tot nu toe vol overgave gelopen. En hoorde 40 dagen na de bevalling, bij het opdragen van haar eerstgeborene, opnieuw hoe bijzonder haar zoon was. Simeon vertelde het haar, dat hoorden we in de evangelie lezing.

Ook deze Simeon was een man met vertrouwen in God. Hij had een gods¬spraak ontvangen van de Heilige Geest dat de dood hem niet zou treffen, voordat hij de Gezalfde des Heren zou hebben aanschouwd. Ingegeven door een intuïtie of je zou ook kunnen zeggen: gestuurd door de Heilige Geest gaat hij naar de tempel. Hij kon niet weten hoe de gezalfde des Heren er uit zou zien. Was het een man, een kind, groot, klein? Het blijkt een baby van 40 dagen oud te zijn en Simeon is in staat daarin de Gezalfde te herkennen. De naam Simeon betekent: hij die luistert en gehoorzaamt. Simeon heeft geluisterd naar de Geest en is gehoorzaam naar de tempel gegaan en wist daardoor de Gezalfde te herkennen en dat openbaar te maken aan de aanwezigen.

Luisteren en gehoorzamen, zowel Maria als Ezechiël als Simeon hebben geluisterd én gehoorzaamd.
Om te kunnen luisteren naar goddelijke boodschappen moeten we zelf onze mond houden, niets verkondigen of invullen. Onze eigen gedachten en woordenstroom stopzetten. En als we dan iets horen of voelen van een boodschap, dan wordt van ons gevraagd daarop te vertrouwen en er naar te handelen. Ieder die zich opdraagt aan God geeft aan dat hij of zij een kanaal voor God wil zijn ofwel de handen en voeten van God wil worden.
Dat is niet altijd eenvoudig. Soms slaat de twijfel toe. En als wij twijfelen, zijn we dan slecht van vertrouwen? Eerlijk gezegd denk ik van niet. Ik denk dat voor spirituele groei twijfel noodzakelijk is. Alleen door te twijfelen kunnen keuzes gemaakt worden en nieuwe stappen gezet op het spirituele pad. Wie meent de waarheid in pacht te hebben maakt geen keuzes meer. Zo iemand herhaalt steeds zijn of haar vaste waarheid, zonder daar vraagtekens bij te zetten. Ik denk niet dat je daar iets van leert. Twijfel geeft juist die ontvankelijke blik om te onderzoeken. Luisterde ik wel onbevangen? Of stuurde ik mijn horen een bepaalde kant op en luisterde ik heel selectief? Hoorde ik alleen wat ik wílde horen? Gehoorzamen aan een leuke boodschap is niet zo lastig, maar als je onheil moet profeteren zoals Ezechiël of zoals Maria te horen krijgt dat je zwanger zal worden van Gods Zoon, dan is gehoorzamen een opgave die vertrouwen vraagt.

En juist dat vertrouwen wordt vandaag opnieuw gegrondvest. Opnieuw is het Licht, ons innerlijke Licht binnen gebracht in de tempel hier en in onze eigen tempel en is het aangeschakeld aan het schitterende Christus Licht en opgedragen aan God. Ons licht mag stralen en verlicht de weg die wij gaan, zodat wij vol vertrouwen verder kunnen aan ons werk ten dienste van God en de medemens.
Moge dat zo zijn.
Amen Pr. Jose Versteeg

Overweging 4e zondag na Driekoningen.                                          29-01-2023
Broeders en Zusters,

In het Epistel van vandaag hebben we gelezen uit het gnostische Nag Hammadi geschrift “het Evangelie van Thomas”. In dat Evangelie spreekt Jezus rechtstreeks tot ons in korte zinnen of alinea’s. Het Evangelie zou mogelijk zelfs ouder kunnen zijn dan de canonieke Evangeliën. Het mooie van Thomas is dat het geen dualistisch geschrift “pur sang” is. Het geeft vooral steeds aanwijzingen hoe wij de twee aspecten van het menselijk bestaan, lichaam en ziel, kunnen verbinden om ons zo te kunnen verenigen met God. In Thomas Logion 106 zegt Jezus dan ook heel veelzeggend:

“Als jullie de twee één maakt, zul je een zoon van de mens worden”.
Als we die twee aspecten van ons één maken dan zijn we pas echt een waarachtig mens! De essentie van Thomas is de fundamentele gelijkheid van het wezen van de mens met het wezen van God. Een tweede aspect van de gnostiek is kennis van het ware zelf, van zelfkennis. De Gnostiek leert dat zelfkennis ook Godskennis is. Zelfkennis is een ervaarbaar inzicht, men kan daarmee Godskennis ervaren.
In de tijd van Jezus staat het Jodendom, wat van oudsher sterk gericht is op handelen in de wereld, onder de invloed van het Platonisme. Die filosofie is gekant tegen de materie en het lichamelijke. De aarde wordt beschouwd als een soort tussenstation naar het verwerven van de eeuwige zaligheid in het hiernamaals. Men zou zich eigenlijk geheel uit de wereld moeten terugtrekken om alvast een voorschot te kunnen nemen op het louter geestelijk bestaan na de dood. Jezus komt tegen deze houding in het geweer en zegt:
“Want niemand steekt een lamp aan en zet die onder de korenmaat.
Noch zet hij hem op een verborgen plek; maar hij plaatst hem op de standaard, zodat allen, die binnenkomen en weggaan, zijn licht zullen zien”.

Wat zegt Jezus hier eigenlijk? “als je de lamp van je ziel hebt aangestoken, dan verberg je die toch niet, dan laat je die toch in de wereld stralen”. Oftewel: straal in de wereld, wees door je voorbeeld een baken van licht voor je medemensen. Werk in de wereld! Jezus roept op tot handelen. Om in de wereld een instrument van God te zijn, om de boodschap van Licht uit te dragen!

In het Evangelie van vandaag zegt Jezus: “Ge zult bedroeft zijn, maar uw droefenis zal in vreugde verkeren. Een korte tijd en ge ziet Mij niet meer, en nog een korte tijd en ge zult Mij zien”. Jezus doelt hier op Zijn lijden en sterven en uiteraard op Zijn Opstanding. Natuurlijk zullen Zijn leerlingen diep bedroefd zijn als Hij is gestorven, maar later zullen zij de impact hiervan begrijpen en inzien dat Zijn dood en verrijzenis noodzakelijk waren om de wereld te helpen. Dan zullen ze blij zijn en grote vreugde ervaren, die niet meer kan worden afgenomen. Die volkomen vreugde heeft zich vanaf dan definitief in het hart van de leerlingen genesteld en kan door hun steeds opnieuw worden gebruikt om de boodschap van Christus, met alle enthousiasme < en dat is hier bijna letterlijk bedoeld “in God zijn”> in wereld uit te dragen.
Als je die definitieve vreugde in je hebt, kan er alleen maar sprake zijn van Liefde voor alles en iedereen. De boodschap van zowel het Epistel en het Evangelie van vandaag is de oproep om steeds en met volharding als instrumenten van God in de wereld te werken, juist omdat zoals het evangelie zegt “wij vrienden van Jezus Christus zijn geworden “.

Graag zou ik, omdat de woorden zo mooi en inspirerend zijn, nogmaals het collectegebed van vandaag willen aanhalen, maar nu in het Nederlands (vandaag Engelse dienst in Naarden):

“Almachtige Vader, wij bidden dat wij kalm en standvastig mogen zijn, opdat wij de tegenslagen van het leven moedig en opgewekt tegemoet mogen treden en steeds met blijdschap ons hart tot U mogen opheffen; Gij, Die de volheid van onze vreugde zijt. Door Christus onze Heer”.

Amen. Priester Gerard Jansen.

Bespiegeling 3e zondag na driekoningen, oprechtheid en beheersing van de tong
                                                                                                                      22-01-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus,

Een paar weken geleden kwam Pars de sacristie binnen en ik weet niet precies meer zijn exacte woorden, maar hij vroeg aan een aanwezige of die nog gejokt had vandaag. En ook al was het niet bewust zo bedoeld, toch zette het ons toen aan het denken over wat wel en niet jokken is en het is bij mij een beetje blijven sudderen. Tot ik deze week keek wat het thema was voor de bespiegeling op deze zondag. Geheel in het verlengde van de overpeinzingen over jokken is het thema: oprechtheid en beheersing van de tong.
Op-Recht-Heid.
Óp is het tegenovergestelde van neer, het is een beweging omhoog of vooruit. Recht kan het tegenovergestelde zijn van on-recht of van krom. En misschien is onrecht ook wel iets dat krom is. En de herkomst van Heid is volgens wiktionary van het Protogermaans *khaidus « eer, waardigheid van ». Het woord is echter tot achtervoegsel geworden en heeft daarbij zijn oorspronkelijke betekenis verloren (www.wiktionary.org).
Oprechtheid, wat is dat eigenlijk? Is het niet jokken, niet liegen? In de negatieve vorm? In de zin van iets niet doen? Of is het recht doen? In de positieve vorm, een eigen actie? Maar wanneer lieg je en wanneer doe je recht?
Deze week ontving ik een Engelse tekst van Brittin Oakman en toeval bestaat niet volgens mij, deze tekst begint met: Ik loog.

"I lied and said I was busy.
I was busy;
but not in a way most people understand.
I was busy taking deeper breaths.
I was busy silencing irrational thoughts.
I was busy calming a racing heart.
I was busy telling myself I am okay.
Sometimes, this is my busy -
and I will not apologize for it."
Brittin Oakman Poetry

Wat is liegen? Wat is recht doen? Tegen mijn cliënten zeg ik vaak dat het zwaarste en meest confronterende werk dat je kan doen, is het werken aan jezelf, zoals het in deze tekst beschreven wordt.

Afgelopen week was de week van gebed voor de eenheid die wereldwijd wordt gevierd. Het wereldwijde thema is dit jaar Doe goed, zoek recht n.a.v. Jesaja 1 vers 17 in de woorden volgens de Naardense bijbel: Leert goed te doen, zoekt het recht, weerstaat een verdrukker; doet recht aan de wees, verdedigt de weduwe! Deze bede gaat over recht, recht zoeken en recht doen, oprechtheid.
Een hele belangrijke boodschap, juist in deze roerige tijd!
In ons collecte gebed waarmee we vandaag de collectegebeden begonnen staat: “opdat wij openlijk en zonder schroom voor Uw Aangezicht mogen staan”. Openlijk en zonder schroom, dat is op-recht.
Op-Recht voor iemand staan is niet gebogen; het is niet krom gebogen onder lasten of angstig wegkijkend. Nee als je iemand oprecht aankijkt, dan kijk je elkaar recht in de ogen. Dan heb je niets te verbergen, geen schroom. Dan kan je elkaars waarde en waarheid zien zonder dat er woorden nodig zijn. Ogen spreken boekdelen en liegen niet als je zelf bereid bent er open en zonder eigen oordeel in te kijken. Bij oprechtheid gaat het volgens mij niet zo zeer om zonder fouten of tekortkomingen te zijn, maar veeleer om onze eigen waarde én onze tekortkomingen te zien en ze niet te verbergen. Niet voor jezelf en niet voor anderen.
Leef ergens voor en wees d

aar niet lui in zullen we straks zingen in de eerste regel van het slotlied. Leef zó, dat je je eigen waarde én je eigen tekortkomingen ziet en ook de waarde van anderen én hun tekortkomingen en beheers de tong zodanig dat je niet vervalt in veroordelingen. Dat is volgens mij ijn het kort de les van de beide lezingen; opdat wij zoals het beschreven is in het laatste couplet van het slotlied: we may abide in union with each other and the Lord. Dat wij mogen blijven in eenheid met elkaar en met de Heer.
Één gemeenschap met elkaar in Christus. Elkaar en Christus oprecht in de ogen kijkend, in liefde, zonder woorden vuil te maken.
Moge dat zo zijn.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling 2e zondag na Driekoningen, Doop van onze Heer             15-01-2023
De Doop van Onze Heer is te lezen in Mattheus 3: 1 t/m 17.

Johannes de Doper predikte in de woestijn van Judea.
Hij droog een kleed van kameelhaar en zijn voedsel bestond uit sprinkhanen en wilde honing.
Hij doopte met water en ook Jezus liet zich dopen met water. Dit gebeurde in de rivier de Jordaan. Metafysisch staat de Jordaan voor het water dat van hoofd naar voeten stroomt.
Een stroom, een zuivering die nodig is om de doop met de Heilige Geest, het vuur, te kunnen ontvangen. Johannes de Doper geneerde zich dat hij Jezus moest dopen. " Ik moet door U gedoopt worden en niet andersom" was het antwoord van Johannes op verzoek van Jezus.
Jezus geeft hem aan dat hij, Johannes, de gerechtigheid de kans moet geven om vervuld te worden.
In deze mededeling komt heel erg naar voren dat je een ander nooit de weg waar hij voor kiest mag onthouden.
Hoe herken je nu dat iemand een bepaalde weg kiest. Je kan zeggen dat je naar Amsterdam wil, maar dat kan je maar aangepraat zijn, of door allerlei gebeurtenissen "duidelijk" geworden. Als je alle invloeden van buitenaf van je af kan schudden, zou het wel eens kunnen zijn dat je in je diepste wezen naar Rotterdam wilt.
De taxi naar Amsterdam staat klaar, maar je zegt tegen de chauffeur dat hij naar Rotterdam moet. Daar snapt die man helemaal niets van.
Je legt hem uit, dat iedereen maar vindt dat je naar Amsterdam moet, maar je wil naar Rotterdam omdat daar een hele grote taak op je wacht. Dan begrijpt hij het en brengt je naar Rotterdam.
Wij moeten met z'n allen heel erg oppassen dat wij niet de levensweg voor een ander proberen in te vullen. Wij moeten ook heel erg oppassen dat anderen dat niet voor ons doen. In zekere zin ondergaan wij onze lessen, alhoewel wij dat niet helemaal door hebben. Het lijkt er wel heel erg op dat je kennelijk de weg gaat die je moet gaan. Jezus moest voor de vervulling van het grote plan een traject afleggen en daar hoort de doop bij.

Johannes de Doper is een fascinerend mens. Hij leeft in de woestijn. Wij hebben allemaal perioden dat wij in de woestijn leven. De geestelijke woestijn. Waar is dit alles voor nodig? Ik weet niet meer wat mijn geestelijke weg is. Ik ervaar God helemaal niet meer.
Ik mis inspiratie. Ik kan alleen nog maar voor de televisie hangen en naar "niets" kijken. Alles wat iedereen zegt gaat nergens over. Deze gevoelens hebben we allemaal wel eens in zekere mate. Een gevoel die gevaarlijk is voor mensen met een geestelijk ambt en die er wel eens toe kan leiden dat men de pij aan de wilgen hangt. Dat men stopt, zonder een andere bestemming te hebben. Wij hebben de neiging te verstarren, terwijl je je eigenlijk moet ontdoen van de verstarring en daadwerkelijk op zoek moet gaan naar voedsel.
De woestijn, doodeng, wonderschoon, ontberend. De woestijn geeft je hoofd heel veel ruimte. Daar moet je maar tegen kunnen. Er is nauwelijks voedsel. Als je echter toegeeft aan de omgeving waar je in zit, ga je je beter voelen. Je gaat op zoek naar voedsel. Het zit er dik in dat het een sprinkhaan wordt. . Misschien is dat wel een onderdeel van een plaag waar wij innerlijk last van hebben. Opeten dus, met tegenzin misschien, maar het draagt bij tot geestelijke groei. Je kan ervan leven. Het geeft je kracht. Er zijn er genoeg. Aanpassen aan de woestijn helpt. Neem het voor wat het is en herken je voedsel. De wilde honing zou je leed wel eens kunnen verlichten. Het maakt je verblijf zoet. De boodschap uit dit verhaal van Johannes de Doper is misschien wel de volgende. Als je voor je gevoel geestelijk helemaal op dood spoor zit, God nergens meer in herkent en je uitgedoofd voelt, is het belangrijk om in die woestijn de Stilte, de leegte te beminnen. De dingen die met je gebeuren vormen een hoeveelheid onverwacht voedsel. Dat voedsel is meestal niet alledaags. Als je dat herkent als geestelijke verrijking, komt de dankbaarheid als zoete vlagen van wilde honing over je. Dit is het begin van je weg naar de Jordaan en zal de levensstroom weer gaan vloeien. Ik wens je smakelijk eten.

+ Parcival

Bespiegeling Driekoningen, openbaring van onze Heer,                         08-01-2023
Dierbare zusters en broeders in Christus.
Vandaag vieren wij het octaaf van de Openbaring van onze Heer oftewel Driekoningen. En bij de voorbereiding voor deze bespiegeling kreeg ik steeds meer vraagtekens in mijn hoofd.
Eigenlijk net als alle verhalen rondom de geboorte van het Christus Kind, de geboorte van Jezus, is ook dit verhaal een heel apart verhaal. Als je puur naar het verhaal kijkt zonder enige achtergrond, dan gaan drie wijzen, drie magiërs op pad na het zien van een ster. Ze verlaten hun huis en hun omgeving. Het zijn wijzen of magiërs en zullen zeker aanzien gehad hebben en misschien hadden ze in hun eigen land ook wel een koning of vorst die ze dienden. En bij het zien van een ster laten ze alles en iedereen achter en gaan op weg, op zoek naar een pasgeboren koning. Waarom? Waarom gaan ze op pad? Wat moeten zij bij een andere koning? Wat motiveert hen om op weg te gaan?
Antwoorden hierop krijgen we natuurlijk niet, het blijft gissen, maar we kunnen het wel naar ons zelf spiegelen. Wat motiveert ons op onze levensweg? Waarom lopen we de weg die we lopen?

De drie magiërs vertrouwen op een Licht, een ster die ze zagen. Wat maakt dat die ster een reden is om te gaan reizen? Ze vertrouwden in elk geval zo veel op hun eigen uitleg dat dit een belangrijk signaal was, dat ze daadwerkelijk op reis zijn gegaan.
Als we dit doortrekken naar onszelf: Welk Licht, welke ster volgen wij? Volgen wij de reclame lichten die vertellen wat goed voor ons is? Volgen wij een dwaallicht van iemand die denkt dat hij of zij het beter weet. Of zijn wij in staat ons innerlijk licht te volgen?

En wat is onze motivatie om dat licht dat we volgen ook daadwerkelijk te volgen? Is dat logica? Is het Intuïtie, een gevoel van geleid worden of is het misschien toch wat anderen van ons verwachten?

De Magiërs komen na een lange reis aan in Jeruzalem en daar is koning Herodus die het verhaal hoort. De koning heeft het Licht niet gezien of misschien niet kunnen interpreteren en is verbaasd én verontrust. Hij vraagt ze naar de plek waar het kind geboren zou zijn om het zelf ook hulde te kunnen gaan brengen. Echter zijn vraag was niet bepaald oprecht, hij had een dubbele agenda. Waar de wijzen het Licht als een kans zagen om hun wijsheid te vergroten ziet de koning het als een bedreiging voor zijn macht.
Ook hier kunnen we een spiegel zien voor onszelf: Zoeken en volgen wij oprecht een Licht of lopen wij de weg met een dubbele agenda? Zijn wij eerlijk in wat we zoeken en willen volgen? Ook als het lastiger blijkt te zijn dan we dachten?

En dan komen de drie wijzen aan bij de stal. Een omgeving die ze vast niet verwacht hadden voor een koningskind en toch ze brengen het onschuldige pure kind hun hulde met dure geschenken. Ze weten dan nog niet hoe dat kind zich zal gaan ontwikkelen, de toekomst ligt open. Toch vertrouwen ze zozeer op het licht dat deze armoedige omstandigheden ze er niet van weerhoudt om kostbare gaven te schenken aan het Kind.
Het Licht, het innerlijke of Christus Licht kan ons geopenbaard worden in de meest wonderlijke omstandigheden. Kunnen wij het dan herkennen, er op vertrouwen en het hulde brengen?
Kunnen wij dankbaar zijn voor wat ons geopenbaard wordt? Kunnen wij van harte dankbaar zijn en God hulde brengen voor de weg die wij lopen?
Het hele wonderlijke verhaal zette mij aan tot introspectie met vragen, heel veel vragen. Dat geldt voor jullie wellicht ook. Moge dit soort vragen ons helpen om onszelf en wie weet ook de ander beter te leren begrijpen.
Amen Pr. Jose Versteeg

Bespiegeling Nieuwjaar 2023                                                                 1-1-2023
Broeders en zusters,
Vandaag is het Nieuwjaar, het is een Feestdag en doorgaans verwachtingsvol vragen wij ons af wat dit jaar de wereld en onszelf zal brengen. Misschien vragen we net als de oude man in het Epistel wat onze plaats in het komende jaar en in de verdere toekomst zal zijn. In het Epistel wordt ook vanuit een breder perspectief naar deze vragen gekeken. Het Evangelie van Thomas laat steeds Jezus zelf spreken. Als Jezus zegt dat voor levensvragen terecht kunnen bij een kind van 7 dagen, dan kun je je afvragen wat Hij daarmee bedoeld zou kunnen hebben. Wij moeten ons bedenken dat Jezus sprak voor Joden. In de Joodse samenleving was het gebruikelijk jongetjes op de achtste dag na hun geboorte te besnijden. In Genesis staat: “ Al uw mannelijke kinderen moeten als ze acht dagen oud zijn besneden worden. Iedere onbesnedene moet uit zijn stam verwijderd worden”. Jezus zegt in logion 4 in feite dat een onbesneden kind nog de plaats in het leven kent, juist omdat het niet besneden is! Dit is een totaal ander verhaal. Na de besnijdenis valt de identiteit van het kind niet meer met zichzelf plaats. Het wordt lid van een stam en krijgt de identiteit van een “ besnedene”. Vanaf de besnijdenis behoort het kind als het ware tot de collectiviteit van de stam en vanaf dat moment wordt de kiem gelegd van de vervreemding van het kind van zichzelf. Voor de gebeurtenis is het kind nog zichzelf, het heeft nog geen identiteit van “buiten” gekregen, en kent daarom nog de “plaatst van het leven”. Erna wordt het kind door zijn identificatie met de stam van “buiten” en van de “wereld”, feitelijke een onwetende van zichzelf. Het heeft zijn oorspronkelijke gelaat vanaf nu verborgen met het masker van zijn sociale identiteit. Later in Thomas wordt over dat sociale masker in Logion 84 gezegd:
Als je je oorspronkelijk gelaat ziet dat al bestond voor jij er was, en dat niet sterft, noch ontstaat, hoeveel vreugde zul je dan ervaren!’

Thomas zegt dus dat we weer moeten worden als het kind. Ook in het Nieuwe Testament kunnen we bij Mattheus iets soortgelijks lezen:
Hij (Jezus) riep een kind bij zich en zette het midden in de kring. Ik verzeker jullie, zei hij, het hemelse koninkrijk kom je alleen binnen als je van gezindheid verandert en wordt als kinderen. De belangrijkste in het hemelse koninkrijk is dus hij die zich zo onbelangrijk vindt als dit kind.’

Worden als een kind wordt zowel door Thomas als door Mattheus uitgelegd “als jezelf onbelangrijk vinden”, het ego dat met de stamidentiteit is verworven dient te worden opgegeven. De kudde wordt verlaten en je volgt vanaf dat moment je eigen individuele bestemming en je toont de wereld je ware aard. Met je ware zelf kun je je met al je moed verenigen met je Christusnatuur. Met je ware zelf ben je deel van de tijdloze eeuwigheid, het al.
In het Evangelie van vandaag lezen we: “ De lamp van het lichaam is het oog. Wanneer dus uw oog helder is, zal heel uw lichaam verlicht zijn. Weest dus volmaakt, zoals uw Vader in de Hemel volmaakt is”.

Als ons oog helder is kijken we met vreugde naar alles wat goed is en lof verdiend. En kijken we slechts met tegenzin naar iets wat niet deugd of appelleert aan negatieve gevoelens, wij krijgen dan als het ware een afkeer van het kwade. Het zuivere kijken, hoe moeilijk dit soms ook is, houdt ons fris en houdt om zo te zeggen “ het uitzicht de hemelse schat vrij”. Vooral in onze sterk visueel ingestelde wereld moeten we leren dat het oog niet een neutraal ontvangstation is, maar een lamp voor ons lichaam. Deze lamp moet schijnen door het te richten op het Licht van God, onze enige Meester onze enige wijze Raadsheer. De lamp van ons lichaam is het oog. Als dus ons oog zuiver is, zal daarmee ons hele lichaam verlicht zijn.

Ik wens u allen een gezegend en gelukkig Nieuwjaar toe met heel veel Liefde en Licht!

Amen. Pr. Gerard Jansen

***********************************************************************************************


Kerkgemeente Naarden St. Michael and All Angels Meentweg 9, 1411 GR Naarden